Direct naar hoofdmenu / zoekveld

Wijkvisie Zevenkamp




Zevenkamp 3 keer beter














Wijkvisie Zevenkamp

Zevenkamp 3 x beter



WAfbeelding 1Afbeelding 2

7-kamp 3x beter

ijkvisie Zevenkamp




I

Gerrichhauzen en Partners

Advies, management en training
bij veranderingsprocessen in stedelijke gebieden


Postbus 546

3300 AM Dordrecht


t (078) 6 144 166

f (078) 6 144 420

n opdracht van
Deelgemeente Prins Alexander

G & P
23 december 2004
Projectnummer


Artikel Titel Pagina


Inleiding 5

1. De Hoofdlijnen 7

1.1. Typering van de wijk 7

1.2. Wonen in Zevenkamp 10

1.3. De beelden 11

1.4. Zevenkamp 3xbeter 13

2. Naar een prettiger samenleving 14

2.1. Actieve wijkbewoners 14

2.2. Jongeren 14

2.3. Botsende leefstijlen 15

2.4. Veiligheid 16

2.5. Organisatie 17

2.6. Gebiedsgericht werken 20

3. De weg naar een betere buitenruimte 21

3.1. De wijkstructuur 21

3.2. Locaties 22

3.3. Beeldbepalende locaties 22

3.4. Onderhoud 23

4. De weg naar een zonnige toekomst. 26

4.1 Kansen op kwaliteit 26

4.2 Het Centrum 27

4.3 De Zevenhuizer Plas 28

4.4 Een beter imago 29

5 Routekaarten 30

5.1 Route 1: Naar een prettiger samenleving 30

5.2 Route 2: Naar een betere buitenruimte 31

5.3 Route 3: Naar een zonnige toekomst 32

5.4 Vervolgstappen 33

6 Bijlagen 36

6.1 Bijlage A: Plattegrond Zevenkamp 36

6.2 Bijlage B: Bronnen 37

6.3 Bijlage C: Lijst van betrokken personen/instellingen 38


Inleiding


De wijken in de Rotterdamse deelgemeente Prins Alexander behoren tot de meest leefbare van de stad. Goed beheer en aandacht voor knelpunten (preventief beleid) zorgen ervoor dat dat zo blijft. Dit beleid van de deelgemeente wordt vastgelegd in wijkvisies. In 1997 verscheen de eerste wijkvisie voor Zevenkamp en sindsdien zijn diverse nota’s en studies verschenen die licht werpen op de gewenste ontwikkeling van de wijk. Het gevoel is dat alles wel bekend is en dat de bevolking van de wijk niet zit te wachten op weer een discussie over de leefbaarheid in hun wijk. De voorliggende wijkvisie vormt daarom een beknopte actualisatie van de oude visie en een samenvatting van de grote stapel rapporten en studies, die sinds 1997 zijn verschenen (zie litteratuurlijst). Daarnaast is vooral met professionals en vrijwilligers (zie lijst gesprekspartners) in de wijk gepraat over knelpunten en kansen. Hun dagelijkse ervaringen zijn in gesprekken geordend tot waardevolle informatie over de vraag hoe de wijk er nu aan toe is en welke mogelijkheden er zijn voor verbetering.


Werken aan de oplossing van problemen kan een vertekend beeld van de wijk opleveren. Wie dag in dag uit geconfronteerd wordt met problemen verliest soms het zicht op de kwaliteiten van de wijk. In een wijkvisie gaat het erom een evenwichtig beeld van de wijk te schetsen en een daarbij passende aanpak voor te stellen. Problemen moeten onder ogen worden gezien en worden aangepakt, maar het zijn juist de kwaliteiten van de wijk, de veerkracht van de bewoners en de betrokkenheid van de mensen die in de wijk werken, die bepalend zijn voor de kwaliteit van wonen en leven in Zevenkamp.


De resultaten van dossierstudie, gesprekken en observatie (fietstocht met professionals) zijn samengevat in drie thema’s:

  • samenleving

  • buitenruimte

  • toekomstige wijkontwikkeling.


Deze thema’s worden in deze wijkvisie uitgewerkt in drie “routekaarten”. Routekaart is een metafoor, die ook in de communicatie goed gebruikt kan worden, voor een stelsel van afspraken over een gemeenschappelijke koers (de wijkvisie), de weg die moet worden bewandeld om de gestelde doelen te bereiken en afspraken over samenwerking en taakverdeling. De routekaarten bieden de komende jaren houvast voor alle partijen die zich dagelijks inspannen voor een prettige en leefbare wijk.


Zevenkamp is een prettige en leefbare wijk, met een gevarieerd woningaanbod, waar uiteenlopende bevolkingsgroepen graag wonen. Het voorzieningenniveau en de bereikbaarheid zijn goed, de woonomgeving is groen en er is een intensief verenigingsleven. Die kwaliteiten moeten gekoesterd en uitgebouwd worden. Daarom is het nodig om alert te zijn op zaken, die de kwaliteiten van Zevenkamp kunnen aantasten. Ook is het goed om na te denken hoe de wijk op langere termijn aantrekkelijk kan blijven voor diverse bevolkingsgroepen. Met name de onvermijdelijke vergrijzing stelt nieuwe eisen aan het woningaanbod, de voorzieningen en de woonomgeving. Ook is het nodig het imago van de wijk te verbeteren. Naar mate de woonconsument meer keuzes krijgt, zal de concurrentie tussen wijken toenemen. Zevenkamp moet die concurrentie aankunnen en zich profileren als een wijk met enkele unieke kwaliteiten: uitstekende voorzieningen, een gevarieerd woningaanbod, recreatiemogelijkheden, enzovoort. Die unieke kwaliteiten moeten wel behouden en versterkt worden en de wijk zal zich op onderdelen moeten voorbereiden op de toekomst: met name de groeiende groep senioren zal verwachten, dat er geschikte woningen zijn, dat de woonomgeving schoon, heel en veilig is en dat er voldoende en bereikbare voorzieningen zijn.

De lokale overheid is niet de enige partij die de leefbaarheid van de wijk moet bewaken en verbeteren. De deelgemeente zoekt samenwerking met bewoners, met woningcorporaties en met instanties in de wijk. Door gebiedsgericht te werken binnen een gezamenlijk wijkprogramma worden afzonderlijke activiteiten beter op elkaar afgestemd en winnen ze aan effectiviteit. Het moet lukken om Zevenkamp nog beter te maken, drie maal beter om precies te zijn.


1.De Hoofdlijnen


In dit hoofdstuk zijn de feiten en waarnemingen over de wijk op een rijtje gezet. Het blijkt, dat Zevenkamp een wijk is, waar men met plezier woont. Natuurlijk zijn er knelpunten en is het nodig op sommige punten in te grijpen. Daarom is het goed deze punten te benoemen, te analyseren en een actieve aanpak voor te stellen. Het hoofdstuk wordt afgesloten met een aantal conclusies, die richtinggevend zijn voor de uitwerking van de drie thema’s: samenleving, buitenruimte en wijkontwikkeling.


1.1.Typering van de wijk


1.1.1.De woningen


Afbeelding 3

Grafiek 1: Eigendomsverhoudingen in Zevenkamp en Rotterdam in geheel


Eigendomsverhouding

Gemeente/corporatie

Particulier

Koop/eigenaar

onbekend

Zevenkamp

51%

16%

33%

0%

Rotterdam

57%

21%

21%

1%

Tabel 1: Eigendomsverhoudingen in Zevenkamp en Rotterdam in geheel

(Bron: COS Rotterdam: Buurten in cijfers 2001 uit: Gezamenlijke corporatievisie Zevenkamp)


In totaal telt Zevenkamp ruim 7000 woningen. Meer dan de helft daarvan zijn eengezinswoningen. De wijk heeft naar Rotterdamse maatstaven veel koopwoningen.


Afbeelding 4

Grafiek 2: Type woningen in Zevenkamp

(Bron: COS Rotterdam: Buurten in cijfers 2001)


Zevenkamp telt relatief veel eengezinswoningen.




1.1.2.De bewoners


Afbeelding 5

Grafiek 3: Aantal inwoners per leeftijdsklasse in Zevenkamp en Prins Alexander in geheel

(Bron: COS Rotterdam, 2004)


Zevenkamp telt op dit moment relatief weinig ouderen.


1.1.3.De huishoudens


Afbeelding 6

Grafiek 4: Type huishoudens in Zevenkamp

(Bron: COS Rotterdam, 2004)



Prins Alexander

%

Zevenkamp

%

totaal aantal huishoudens

39.855

100%

7.168

100%

aantal alleenstaanden niet inwonend

17.978

45%

2.691

38%

aantal eenoudergezinnen

3.552

9%

1.041

15%

aantal echtparen met kinderen

9.313

23%

2.186

30%

aantal echtparen zonder kinderen

9.012

23%

1.250

17%

Tabel 2: Type huishoudens in Zevenkamp en Prins Alexander in geheel

(Bron: COS Rotterdam, 2004)


1.1.4.De inkomens


Afbeelding 7

Grafiek 5: Gemiddeld huishoudeninkomen in Rotterdam, Prins Alexander en Zevenkamp

(Bron: COS Rotterdam 2003)


Gemiddeld inkomen per huishouden (x1000 euro)

Zevenkamp

24,6

Prins Alexander

24,9

Rotterdam

21,8

Tabel 3: Gemiddeld huishouden inkomen in Rotterdam, Prins Alexander en Zevenkamp

(Bron: COS Rotterdam 2003)


1.2.Wonen in Zevenkamp


Zevenkamp is een wijk, die is bedacht in de zeventiger jaren en grotendeels gebouwd in de tachtiger jaren. De opzet is relatief eenvoudig: vier deelplannen zijn gescheiden door groen en water en verbonden door een ontsluitingsweg (Zevenkampsering). In het hart van de wijk ligt het winkelcentrum met een compleet winkelaanbod, horeca, een zwembad en een wijkcentrum. Een kleinere winkelstrip ligt aan de westzijde van de wijk. Drie metrostations garanderen een snelle verbinding met de rest van Rotterdam. Door de concentratie van het groen in de parkstroken is er relatief weinig groen in de deelplannen zelf. Aan de noordzijde ligt het Wollefoppepark en daarachter de Zevenhuizerplas. Een volkstuinencomplex, een grote speeltuin en sportterreinen bieden ruime recreatieve mogelijkheden. De woningen zijn gemiddeld van goede kwaliteit. De sociale huurwoningen zijn ruim maar niet goedkoop. Naar Rotterdamse verhoudingen zijn er veel koopwoningen en weinig appartementen. In Zevenkamp wonen relatief veel gezinnen met kinderen en op dit moment zijn er weinig ouderen, maar dat zal snel veranderen. Al met al is Zevenkamp een complete wijk met een compleet voorzieningenpakket, goede verbindingen, een gevarieerd woningbestand en een gevarieerde bevolkingsopbouw.


Uit de gegevens en uit de waarnemingen blijkt, dat er weinig objectieve argumenten zijn voor het zwakke imago van de wijk, maar als gevolg van het matige imago en de relatief hoge huren zou Zevenkamp bij een meer ontspannen woningmarkt de concurrentie met andere wijken kunnen gaan verliezen.


Zevenkamp is een wijk, waar het goed wonen is, maar het is ook een wijk die aandacht behoeft om te voorkomen dat het verval toeslaat. Het is opvallend, dat in grote delen van de wijk nauwelijks sprake is van klachten over overlast, onveiligheid en dergelijke. De meeste knelpunten zijn verbonden aan bepaalde plekken in de wijk. Door op deze plekken gerichte maatregelen te treffen zal het aantal incidenten afnemen.


O

Precies kijken en doelgericht handelen is veel effectiever dan het treffen van algemene maatregelen.

p basis van incidenten kunnen geen generieke uitspraken over de wijk worden gedaan. Zij zouden bovendien het imago van de wijk schaden. Generieke maatregelen (maatregelen die de gehele wijk betreffen) zullen de knelpunten niet oplossen. Het gaat immers om een beperkt aantal locaties en thema’s. Die moeten nauwkeurig bestudeerd worden om te achterhalen wat er aan de hand is.


TAfbeelding 8er voorbereiding van deze wijkvisie zijn veel gesprekken gevoerd. In de gesprekken krijgen incidenten, zoals ongeregeldheden tussen hangjongeren en de politie, veel nadruk. Ook worden er plekken in de wijk aangewezen waar het “niet pluis” is. De nadruk op problemen kan ten onrechte een negatief beeld van de wijk doen ontstaan.


De knelpunten in Zevenkamp op het gebied van leefbaarheid zijn deels aan de sociale en deels aan de fysieke structuur van de wijk gerelateerd. Een belangrijk deel van de knelpunten is terug te voeren op algemene maatschappelijke ontwikkelingen en het feit, dat Zevenkamp een woonwijk van een grote stad is. De mogelijkheden van een deelgemeente om die knelpunten aan te pakken zijn beperkt. Reeds in de wijkvisie uit 1997 is het merendeel van de wijkgebonden knelpunten benoemd en zijn maatregelen aangekondigd om ze op te lossen. Inmiddels kan worden geconstateerd, dat een aantal maatregelen, waaronder de herinrichting van het Zuidelijk Wijkpark en de Zevenkampsering zijn of worden uitgevoerd. Waar mogelijk zijn 30 km zones ingesteld en er is een begin gemaakt met de noodzakelijke verbeteringen van de onderhoudstoestand van bestratingen. Ook is er een veiligheidsplan opgesteld en zijn er diverse maatregelen getroffen met betrekking tot kinderopvang en jeugdbeleid. Voor zover nu meetbaar is daarmee een begin gemaakt met de verbetering van de leefbaarheid van de wijk op die punten. De opgaande lijn moet worden vastgehouden.



1.3.De beelden


Zevenkamp presenteert zich als een doorsnee wijk uit de zeventiger en tachtiger jaren. De architectuur is weinig opwindend en er zijn weinig beeldbepalende gebouwen. Op plaatsen waar de wijk een eigen gezicht zou kunnen krijgen (entree, centrum, doolhof) blijkt het beeld negatief te zijn. Deze beelden blijven hangen: door het ontbreken van bijzondere, positieve beeldbepalende situaties springen de negatieve beelden eruit en verzwakken op die manier het imago.


Afbeelding 9 Afbeelding 10




Afbeelding 11 Afbeelding 12

Groen en rustig wonen Een centrum zonder uitstraling


1.4.Zevenkamp 3xbeter


Er zijn in Zevenkamp in grote lijnen drie aandachtgebieden met kansen om de leefbaarheid te verbeteren en de aanwezige kwaliteiten te versterken. Deze aandachtsgebieden zijn: de samenleving, de buitenruimte en de verdere ontwikkeling van de wijk. De kansen worden de komende jaren benut. Samenwerking met corporaties en met de in de wijk actieve organisaties en bewoners is noodzakelijk om de gewenste resultaten te bereiken. Daarom worden de routes, die moeten leiden naar een optimale benutting van die kansen in deze wijkvisie uitgezet. In samenhang met deze drie aandachtsgebieden ligt er ook nog de noodzaak om het imago van de wijk te versterken. Dat gebeurt als het beeld van de wijk letterlijk wordt verbeterd en als de kwaliteiten van de wijk overtuigend over het voetlicht worden gebracht.



Afbeelding 13 Afbeelding 14


2.Naar een prettiger samenleving


Niet alleen in Zevenkamp staat het sociale klimaat onder druk. Het gehele land gaat gebukt onder verruwing van omgangsvormen. Deze algemene tendens kan niet door lokaal wijkgericht beleid worden omgebogen. Daar staat tegenover, dat zorgvuldig wijkbeheer en aandacht voor de samenleving op wijkniveau een belangrijke bijdrage kan leveren aan de kwaliteit van wonen in de wijk. We beperken ons tot de relatie tussen de wijk, de mensen die er wonen en het wijkgerichte beleid van de deelgemeente en de instanties die zich met de wijk bezig houden.


Zoals in elke wijk zijn er klachten over (hang)jongeren, vandalisme, drugshandel, zwerfvuil, enzovoort. In algemene termen verwoorde klachten zeggen weinig over de werkelijkheid. Door er dieper op in te gaan kan een beter inzicht worden verkregen in de aard en omvang van samenlevingsproblemen die specifiek zijn voor Zevenkamp en kan de vraag gesteld worden of de huidige aandacht voor de problemen effectief is en waar kansen liggen voor verbetering.


2.1.Actieve wijkbewoners


I

Samenlevingsopbouw is het meest kansrijk door mensen te organiseren rondom concrete thema’s, dicht bij huis die een beperkte, doelgerichte inzet van bewoners vergen.


n beginsel wordt de kwaliteit van het samenleven in een wijk bepaald door het gedrag van de bewoners. Het gaat beter naarmate bewoners beter in staat zijn verantwoordelijkheid te nemen voor een schone en veilige woonomgeving. De relatief hoge woonlasten, de lage werkloosheid en het feit, dat het gemiddelde inkomen per huishouden relatief hoog is, doet vermoeden, dat er veel werkenden en tweeverdieners in de wijk wonen. Gevolg is, dat veel wijkbewoners het druk hebben en op zoek zijn naar een balans tussen werk, gezin, vrijetijdsbesteding en maatschappelijke activiteiten. De bereidheid om zich in te zetten voor de buurt of voor de wijk zal dan misschien wat minder zijn. Er is zeker geen sprake van algemene desinteresse. Er zijn 44 Opzoomergroepen in Zevenkamp, er is een florerend verenigingsleven en vooral voor kortlopende activiteiten lukt het wel om bewoners te activeren.


Voor de deelgemeente en de corporaties is er alle aanleiding om zakelijk om te gaan met de verantwoordelijkheid van bewoners voor hun woonomgeving. Natuurlijk blijven deelgemeente en corporaties aanspreekbaar voor de basiskwaliteit van de woonomgeving. In sommige gevallen wordt door bewoners gevraagd om extra voorzieningen zoals speelplekken en aanvullende verlichting. Tegenover extra investeringen van corporaties en deelgemeente in de kwaliteit van de directe woonomgeving mag een actieve inbreng van belanghebbende bewoners staan. Daarbij moet ook aan de orde komen, in hoeverre bewoners bereid en in staat zijn verantwoordelijkheid voor het dagelijks beheer te nemen. Deze betrokkenheid moet georganiseerd worden en dat vereist professionele ondersteuning van bewonersgroepen.


2.2.J

  • Jongeren zijn meer dan een probleem.

  • Wangedrag moet worden bestraft, maar het gaat vooral om het bieden van kansen.

  • Zo nodig worden jongeren individueel begeleid. De betrokken instanties moeten daarvoor op wijkniveau goede afspraken maken.



ongeren


In de wijk Zevenkamp zijn na de bouw veel jonge gezinnen komen wonen. Na ruim twintig jaar is de leeftijdsgroep 12 – 18 jarigen sterk vertegenwoordigd. Dit is de leeftijd waarop men zich aan het ouderlijk gezag en toezicht onttrekt, grenzen verkent en mobiel is. meestal loopt dat goed af en soms ook niet. Rondhangen hoort daarbij. Hangjeugd is dus niet een specifiek Zevenkamps probleem, maar een verschijnsel waarmee elke wijk in meer of mindere mate mee te maken heeft. De wijk moet daar ruimte voor bieden, net als voor andere gewone activiteiten als honden uitlaten en auto’s parkeren. Excessieve overlast moet uiteraard wel bestreden worden.


Ernstiger is het wangedrag en de criminaliteit waaraan een kleine groep (30 – 50 jongeren) zich schuldig maakt. Deze groep is bekend bij de politie en dat maakt het mogelijk op maat aan oplossingen te werken. De oorzaak van het afglijden van jongeren wordt veelal in de thuissituatie gezocht. Te weinig ouderlijk gezag en verwaarloosde gedragsproblemen leiden van kwaad tot erger. Sommige kinderen hebben een intensieve begeleiding nodig om een kans te maken in het leven. In Zevenkamp zijn voorzieningen en instanties beschikbaar die de nodige aandacht en begeleiding kunnen bieden. Voor zover verbetering in de aanpak wenselijk is, moet die gezocht worden in een meer geïntegreerde benadering. Afstemming tussen de inzet van scholen, (sport)verenigingen, jeugdzorg, jongerenwerk, politie, enzovoort, kan er voor zorgen, dat gedragsproblemen tijdig worden onderkend en dat een adequate begeleiding kan worden georganiseerd.


Inmiddels is op het niveau van de deelgemeente een start gemaakt met de organisatie van een dergelijke persoonsgebonden aanpak. De DOSA (Deelgemeente Organisatie Sluitende Aanpak) zorgt voor de organisatie op maat van de keten van (zorg)instellingen die de persoonsgebonden aanpak verzorgen.



2.3.Botsende leefstijlen


De grote diversiteit aan bevolkingsgroepen is een kwaliteit van Zevenkamp. De onvermijdelijke keerzijde bestaat uit conflicten die voortkomen uit botsende leefstijlen en buren die last van elkaar hebben. De woonbuurten kennen een relatief hoge dichtheid en in de appartementen leven veel gezinnen, waardoor de kans op overlast toeneemt. Anders dan verondersteld zijn de huizen echter niet bijzonder gehorig. Uit cijfers van de corporaties blijkt bovendien, dat het klachtenpatroon (burenruzie, overlast, vervuiling, enzovoort) niet sterk afwijkt van andere wijken in de deelgemeente.


Op sommige plekken in Zevenkamp is gekozen voor menging van woningtypes binnen één complex of in elkaars directe nabijheid. De daaruit voortkomende confrontaties dragen niet bij aan de kwaliteit van het wonen. Een van “bovenaf” opgelegde confrontatie, die ontstaat als verschillende groepen de zelfde leefruimte moeten delen, zonder daar voor te kiezen, is dus geen goed uitgangspunt gebleken.


EAfbeelding 15en deel van de conflicten kan worden opgelost door de inzet van “Buurtbemiddeling”, waarbij een beroep kan worden gedaan op (getrainde) vrijwilligers om bij burenruzies te bemiddelen. Ook kunnen door zorgvuldige woonruimteverdeling door corporaties voorspelbare botsingen tussen leefstijlen worden voorkomen. Ongewenste confrontaties kunnen binnen het woningbezit van corporaties worden voorkomen, door huishoudens met conflicterende leefstijlen niet bij elkaar binnen één complex te huisvesten. Eén van de corporaties in Zevenkamp (Woonbron/Maasoevers) is gestart met het beschrijven van leefstijlen en tracht op basis daarvan enige invloed uit te oefenen op de mate waarin conflicteren leefstijlen met elkaar worden geconfronteerd.


Een deel van de overlast is terug te voeren op huishoudens met meerdere problemen. Voor deze huishoudens is begeleiding op maat als resultaat van samenwerking binnen het zorgnetwerk de aangewezen weg.


D

Zevenkamp kent een grote variëteit aan leefstijlen. Dat draagt bij aan de kwaliteit van de samenleving in de wijk. Onnodige confrontaties tussen leefstijlen moeten echter worden vermeden.

e plaatsing van “probleemgevallen” en de aanwezigheid van diverse opvanghuizen vraagt veel van de wijk. In vergelijking met andere wijken blijkt het aantal echter normaal te zijn. Ex-psychiatrische patiënten, daklozen, verslaafden, etc. worden zoveel mogelijk evenredig verspreid over de Rotterdamse wijken. Deze bewoners worden begeleid. Dit feit is echter niet altijd bekend bij omwonenden en het is niet altijd duidelijk welke instantie daarop aanspreekbaar is.



2.4.Veiligheid


Zevenkamp is naar Rotterdamse begrippen een veilige wijk.



Aantal meldingen overlast

% meldingen overlast t.o.v. bevolking

% aangiften criminaliteit t.o.v. bevolking

Zevenkamp

667

3,8%

5,6%

Rotterdam

48.785

8,1%

10,0%

Tabel 4: Overlast in Zevenkamp en Rotterdam (Bron: COS Rotterdam, 2003)



Buurt

Veiligheidsindex

Zevenkamp

6,9

Prins Alexander

7,5

Rotterdam

5,6

Tabel 5: Veiligheidsindex 2002 (Bron: Programmabureau Veilig)


Er zijn echter plekken waar sommige bewoners zich niet veilig voelen. Deze plekken zijn als volgt te benoemen.


  • De aanwezigheid van (hang)jongeren in het winkelcentrum Ambachtsplein, in onderdoorgangen van sommige complexen en bij het winkelcentrum Nieuw Verlaat.

  • Drugshandel bij de metrostations.

  • Vandalisme en kattenkwaad bij het Doolhof.

  • De veiligheid in de wijk wordt bevorderd door uitvoering te geven aan het wijkveiligheidsactieprogramma;

  • Op een beperkt aantal locaties zijn fysieke maatregelen nodig om de veiligheidssituatie daar te verbeteren;

  • Op aangeven van bewoners worden onveilige situaties in de woonomgeving aangepakt door corporaties en deelgemeente.



Het vroeger veelvuldig genoemde verkeersgedrag op de Zevenkampsering is inmiddels ondervangen door een herinrichting van de weg en ook de overige verkeersveiligheidsaspecten zijn grotendeels verbeterd door de invoering van 30 km. zones.


Minder duidelijk te lokaliseren zijn gevoelens van onveiligheid, die voortkomen uit slecht ingerichte, slecht onderhouden en slecht verlichte openbare en collectieve ruimtes. Door inspanningen van de corporaties en de deelgemeente zijn de laatste jaren veel van die situaties in samenspraak met de bewoners verbeterd. In het kader van het thema buitenruimte wordt die aanpak nader besproken.


Sinds een aantal jaren beschikt de deelgemeente over een Wijkveiligheidsactieprogramma. Daarin staat ook een aanpak van de veiligheid in Zevenkamp beschreven. In het Wijkveiligheidsprogramma zijn op basis van probleemsignalering vier veiligheidsproblemen aangewezen die het meest urgent zijn bevonden:


1. Jongerenoverlast:

handhaving (repressie), maar ook aandacht voor preventie en voorlichting.

2. Geweld:

gerichte surveillance, maar ook verbetering van de communicatie en de aanpak van de buitenruimte (zien en gezien worden).

3. Verpaupering en vervuiling:

Schoon, heel en veilig is de norm

4. Verkeer:

Invoering van 30 km zones volgens de principes van duurzaam-veilig verkeer (reeds uitgevoerd)


De uitvoering van het Wijkveiligheidsprogramma wordt zoveel mogelijk geïntegreerd in de uitwerking van de voorliggende wijkvisie.


Ook het aanbrengen van inbraakwerende voorzieningen in en om wooncomplexen draagt bij aan de verbetering van de objectieve en subjectieve veiligheid. De corporaties in Zevenkamp zijn daar in hun eigen tempo mee bezig.


Afbeelding 16 Afbeelding 17



2.5.Organisatie


Uit de gesprekken blijkt, dat de organisaties, die bezig zijn met de kwaliteit van de samenleving in Zevenkamp in hoge mate dezelfde visie op de wijk delen. Met de samenleving in de wijk als geheel is niet zoveel mis, maar er zijn knelpunten, die gericht aangepakt moeten worden. Het gaat daarbij om het gedrag van mensen, maar ook de inrichting van de openbare ruimte speelt daarbij een rol. Die visie is richtinggevend voor de inzet van de deelgemeente en andere organisaties, die actief zijn in de wijk. De afstemming van die activiteiten vindt nu grotendeels op ad hoc basis plaats. Daarbij blijven de schotten tussen organisaties in stand en is het in de praktijk wel eens moeilijk snel iets te regelen, hoewel iedereen vindt dat het nodig is. Van sturing op wijkniveau is onvoldoende sprake.


De inzet van beschikbare capaciteit en middelen zou effectiever kunnen zijn, als er niet allen sprake is van een breed gedragen visie op de wijk, maar ook van een gemeenschappelijk programma van noodzakelijke activiteiten. Binnen dat programma worden doelen en middelen op elkaar afgestemd en worden de schotten tussen de instanties verlaagd.


Er is maar één instantie die kan zorgdragen voor de totstandkoming van een wijkprogramma en dat is de deelgemeente. Als het gaat om de uitvoering van het programma, dan behouden de verschillende instanties hun eigen verantwoordelijkheid, met dien verstande, dat onderlinge afstemming bij de uitvoering erg nuttig kan zijn.


Dit impliceert een vorm van gebiedsgericht werken, die voor Zevenkamp op maat moet worden uitgewerkt. Op de volgende pagina is schematisch weergegeven hoe een gedeelde visie moet worden omgezet in een gezamenlijk programma.



W

Afbeelding 18

erken aan Zevenkamp



2.6.Gebiedsgericht werken


Door elke organisatie op basis van de wijkvisie de eigen inzet in de wijk te laten uitwerken ontstaat een optelsom van activiteitenplannen, die elk op zich weliswaar een nuttige bijdrage leveren, maar vooral in de onderlinge afstemming tekort schieten. Door op een niet-vrijblijvende wijze aan een gebiedsprogramma te werken kan de inzet van elke organisatie afzonderlijk effectiever zijn. De deelgemeente moet zijn verantwoordelijkheid nemen om zo’n programma tot stand te brengen.


In het programma wordt de nodige afstemming tussen activiteiten van organisaties geregeld. Dat betekent ook, dat de noodzakelijke inzet van middelen en capaciteit binnen het programma wordt geregeld. Daarmee wordt voorkomen, dat het initiatief van één organisatie vastloopt op de noodzakelijke, maar niet geregelde inzet van een andere organisatie.


H

Door de invoering van een “lichte” vorm van gebiedsgericht werken (programmasturing) kan de effectiviteit van de inzet van afzonderlijke organisaties verbeteren.

et opstellen van een programma moet niet leiden tot een omvangrijke bureaucratische procedure. De jaarplannen van de verschillende organisaties vormen de basis. In een beperkt aantal sessies worden deze plannen doorgelicht en worden dwarsverbanden benoemd. Alleen over onderlinge afhankelijkheden worden aanvullende afspraken gemaakt. De afzonderlijke organisaties moeten wel voor de afgesproken inzet garant staan. In feite maken de samenwerkende organisaties “prestatieafspraken” en is de deelgemeente naast deelnemer, die zelf ook prestaties levert, verantwoordelijk voor de totstandkoming en bewaking van de afspraken.


Gebiedsgericht werken op basis van een wijkprogramma vraagt om de volgende inzet:

  • De benoeming van een programmaleider die rechtstreeks kan communiceren met het management van organisaties die in de wijk actief zijn.

  • Het beschikbaar stellen van een budget waarmee acute knelpunten versneld kunnen worden aangepakt.

  • Het beschikbaar stellen van een budget voor informatie en communicatie.


De programmaleider heeft als taak:

  • Het verzamelen van de sectorale jaarplannen

  • Het signaleren van noodzakelijke samenhang

  • Het in overleg doen aanvullen van de jaarplannen

  • Het in overleg opstellen van uitvoeringstrajecten

  • Het signaleren, beoordelen en faciliteren van nieuwe initiatieven

  • Het beheren van een budget voor de oplossing knelpunten en voor de communicatie in het kader van de wijkvisie en het wijkprogramma.






3.De weg naar een betere buitenruimte


De kwaliteit van de woonomgeving bepaalt een belangrijk deel van de leefbaarheid. In beginsel is Zevenkamp een wijk met voldoende basiskwaliteiten. Er is voldoende groen, er is speelruimte en de woonstraten zijn duurzaam veilig ingericht. De tevredenheid met de directe woonomgeving ligt in Zevenkamp echter beduidend lager dan het gemiddelde in de deelgemeente. Deze kwalitatieve problemen moeten worden benoemd. Daarbij wordt een onderscheid gemaakt tussen structurele (voor de gehele wijk geldende) knelpunten en duidelijk locatiegebonden knelpunten. Overigens bieden het Beleidskader Buitenruimte (2003) en het Speelplekkenbeleid houvast bij het vaststellen van het ambitieniveau.


Afbeelding 19

Grafiek 6: Bewoners en de schoonheid van de buurt (Bron: Meldingen Buitenruimte 2003; uit Nota Beleidskader Buitenruimte, Prins Alexander 2004)


Afbeelding 20

Grafiek 7: Bewoners en achteruitgang van de buurt (Bron: Meldingen Buitenruimte 2003; uit Nota Beleidskader Buitenruimte, Prins Alexander 2004)


3.1.De wijkstructuur


Een deel van de knelpunten hangt samen met de structuur van de wijk en zijn alleen door grote ingrepen te veranderen.


  • De hoofdopzet van de wijk voorziet in een ruime mate aan groen. Deze groenvoorzieningen liggen echter tussen de vier woonbuurten die samen de wijk vormen. Binnen deze buurten is er weinig groen.


  • De route, die de vier buurten verbindt, de Zevenkampsering, is niet eenduidig vormgegeven. Hierdoor ontbreekt in het noordelijk deel van de wijk de nodige samenhang.


  • De inrichting van straten en pleinen is inmiddels ruim twintig jaar oud en niet meer overal in goede staat. Bovendien is het autobezit de laatste twintig jaren explosief gestegen. De destijds gehanteerde parkeernorm is daar niet op berekend.


  • Het groen en de stedenbouwkundige ruimtes dragen weinig bij aan de herkenbaarheid van de wijk. Hoofdroutes en secundaire routes zijn moeilijk van elkaar te onderscheiden.


Deze structurele eigenschappen van de wijk zijn niet zonder omvangrijke investeringen te veranderen. Het gaat er om, door slim in te spelen op de wijkstructuur toch een aantal minder positieve eigenschappen te verzachten of te compenseren.



3.2.Locaties


Meer locatiegebonden zijn de volgende zaken:


  • In de directe omgeving van een aantal wooncomplexen komen pleintjes en binnenterreinen voor, die intensief gebruikt worden zonder daarvoor adequaat ingericht te zijn. (binnenterreinen, doorgangen, entreegebieden).


  • Door de toepassing van onderbeplanting wordt het overzicht in straten doorbroken, waardoor het doolhofeffect versterkt wordt.


  • De waardevolle vrij liggende fiets- en voetpaden zijn niet optimaal onderhouden en niet overal sociaal veilig.


Voor deze locatiegebonden zaken moet in de jaarplannen (en daarmee het programma voor gebiedsgericht werken) van verantwoordelijke organisaties een op elkaar afgestemde aanpak worden opgenomen.



3.3.Beeldbepalende locaties


Er zijn plekken in de wijk waarvan het onderhoud en de inrichting beeldbepalend zijn voor de wijk als geheel. Op vier locaties kan een nieuwe of aangepaste inrichting in belangrijke mate bijdragen aan het beeld van de wijk.


  1. De entree van de wijk.

De Capelseweg en de Zevenkampseweg zijn omzoomd met Populieren, die nu, na 25 jaar aan het einde van hun levenscyclus zijn. Tijdige vervanging door meer duurzame bomen zal het beeld positief beïnvloeden: van landweg naar oprijlaan


  1. Het winkelcentrum Ambachtsplein

Van buitenaf is het winkelcentrum nauwelijks herkenbaar als centrum van de wijk. Vooral de routes naar het winkelhart zijn slecht ingericht en de directe omgeving van het metrostation is sociaal onveilig. Door de naar binnen gerichte structuur van het winkelcentrum wordt de omgeving gedomineerd door achterkanten en parkeerterreinen.


  1. De winkelstrip Nieuw Verlaat

De binnenruimte van dit blok vormt een centrale ontmoetingsruimte voor de jeugd. Het ontbreken van een behoorlijk plein in de wijk wordt hier gecompenseerd door een autovrij binnenterrein met een trapveld en speelgelegenheid. In potentie kan dit ook een prima ontmoetingsruimte voor jong en oud opleveren.


  1. Het Doolhof

Ooit bedoeld als kunstwerk heeft dit groengebied zich ontwikkeld tot avontuurlijke speelplek. Door de ligging aan de Zevenkampsering heeft de rommelige uitstraling een negatief effect op het totaalbeeld van de wijk. Het aanliggende complex van groepswoningen ondervindt overlast van jeugd, die gebruik maakt van deze avontuurlijke plek. Door de inrichting aan te passen op de (voor de wijk onmisbare) functie als speelplek kan de uitstraling worden verbeterd en de overlast beheersbaar gemaakt worden.




Afbeelding 21 Afbeelding 22



Vervanging van de bomen langs de Capelseweg en Zevenkampseweg is onvermijdelijk. De keuze voor een meer duurzame beplanting ligt dan voor de hand.


De aanpak van het winkelcentrum Ambachtsplein is een omvangrijk project en vergt een lange voorbereidingstijd. In overleg met de eigenaren en ondernemers moet bekeken worden in hoeverre maatregelen op korte termijn en de op langere termijn gewenste totale herstructurering van het winkelcentrum op elkaar afgestemd kunnen worden.


Voor de overige locaties (aanpak Doolhof en Nieuw Verlaat) zou in eerste instantie een ontwerpstudie moeten worden uitgevoerd om de mogelijkheden te verkennen.


3.4.Onderhoud


Budgettaire problemen verhinderen dat op korte termijn alle plekken waar de bestrating versleten is, worden aangepakt. In plaats daarvan zijn twee vaste onderhoudsploegen bezig de ergste problemen op te lossen. Via deze aanpak wordt noodzakelijk groot onderhoud nog enkele jaren uitgesteld. Op onderdelen is wel begonnen met een vernieuwing van de straatinrichting. In samenhang met de bouw van de nieuwe wijk Nesselande is een deel van de Zevenkampsering opnieuw ingericht. Door deze herinrichting ontstaat een duidelijke en herkenbare hoofdroute door de wijk, die Ommoord met Nesselande verbindt.


De buitenruimte is dankzij intensief beheer redelijk schoon. Dit intensieve beheer is onmisbaar, zeker zolang er sprake is van achterstallig onderhoud.


Werken aan een betere inrichting van de buitenruimte is vooral prioriteiten stellen. Het “verlanglijstje” is te uitgebreid om alle wensen binnen de beschikbare budgetten en binnen een korte tijd te honoreren. Voorgesteld wordt van de volgende prioriteiten uit te gaan.


EAfbeelding 23erste prioriteit: schoon en veilig.

De huidige intensieve inspanningen om de buitenruimte schoon te houden moeten voortgezet worden om te voorkomen, dat achterstallig onderhoud en vervuiling elkaar gaan versterken. Corporaties leveren hun bijdrage door het schoonhouden van de terreinen bij hun wooncomplexen. Regelmatig wordt getracht ook bewoners actief te betrekken bij het schoonhouden van de directe woonomgeving (Opzoomeren).


Op die plekken waarvan vastgesteld wordt, dat ze onveilig zijn, of gevoelens van onveiligheid oproepen moeten bij voorrang passende maatregelen getroffen worden. Dat geldt in ieder geval voor de doorgaande fiets- en voetpaden: slecht wegdek, slechte verlichting en sociaal onveilige situaties worden aangepakt.


Tweede prioriteit: plekken aanpakken

Sommige plekken in de wijk zien er slecht uit. Deze plekken beïnvloeden het totaalbeeld van de wijk op een negatieve manier. Naast een beperkt aantal grotere locaties, zoals het Doolhof gaat het om locaties met graffiti, kapot straatmeubilair, etc. Snel reageren werkt preventief. Beschadiging lokt vandalisme uit.


Derde prioriteit: onderhoud

De bestrating en het straatmeubilair in Zevenkamp is na ca. 25 jaar niet meer in optimale conditie. De komende jaren is vernieuwing noodzakelijk. Dat legt een claim op de beschikbare middelen.



DAfbeelding 24wars door de prioriteitsstelling heen, moet het mogelijk zijn situaties, die door bewoners urgent genoemd worden bij voorrang aan te pakken. Dat kan gaan om de verbetering van verlichting, de herinrichting van een binnenterrein, het opknappen van een onderdoorgang of een entree van een woonblok. Om te voorkomen, dat initiatieven van bewoners doodlopen op dichtgetimmerde onderhoudsschema’s moet het mogelijk zijn relatief kleine ingrepen snel uit te voeren. Hoewel corporaties en deelgemeente het daar over eens zijn, ontbreekt het nog aan heldere afspraken: wie betaalt wat, hoe wordt de activiteit begeleid en welke voorwaarden gelden eventueel ten aanzien van de betrokkenheid van bewoners. Deze afspraken kunnen relatief snel worden afgeleid uit recente ervaringen waar met enig succes een binnenterrein en diverse onderdoorgangen zijn aangepakt. Helaas bleek het steeds moeizaam om tot een soepele samenwerking te komen tussen corporatie en deelgemeente door het ontbreken van afspraken op dit punt. Het wijkprogramma en het gebiedsgericht werken moet dit in de komende jaren voorkomen.

4. De weg naar een zonnige toekomst.


Een woonwijk ontwikkelt zich voortdurend, omdat in de loop der jaren woonwensen veranderen, de gebouwen en de woonomgeving verouderen en er in de omgeving allerlei zaken veranderen. Verwacht wordt, dat woonwensen de komende jaren steeds belangrijker worden en dat woonconsumenten meer keuzevrijheid krijgen. Door het oplossen van het woningtekort zal de prijs/kwaliteit verhouding van een woning een steeds kritischer factor worden bij de beslissing een bepaalde woning te kopen of te huren. De woningen in Zevenkamp zijn relatief nieuw. De kwaliteit is vooral te beïnvloeden door de kwaliteit van de woonomgeving (en de wijk als geheel) op een hoger peil te brengen. In de concurrentiestrijd om de voorkeur van de woonconsument speelt de kwaliteit van het woonmilieu en het imago van de wijk een belangrijke rol. Lukt het niet de kwaliteiten van Zevenkamp uit te bouwen en over het voetlicht te brengen, dan zal Zevenkamp in toenemende mate te maken krijgen met selectieve migratie: huishoudens met hogere inkomens verlaten de wijk en huishoudens met een lager inkomen stromen in. De opgave is, de huidige bewoners goede argumenten te geven om voor Zevenkamp te blijven kiezen. Daarnaast is het ook nodig mogelijkheden te creëren voor bewoners om in de wijk te blijven wonen, ook als hun huidige woning niet meer passend is.


Door het gevarieerde aanbod aan woningen en woonmilieus is de wijk voor veel verschillende doelgroepen aantrekkelijk. In potentie zal er in de toekomst dus voldoende vraag naar woningen in Zevenkamp zijn mits de geboden kwaliteit goed is en afgestemd op specifieke eisen van de genoemde doelgroepen. Voor ouderen biedt Zevenkamp nog weinig (luxe) appartementen en hoogwaardige voorzieningen (restaurants, wandelgebieden, culturele voorzieningen). Voor de ouderen die aangewezen zijn op enige vorm van zorg zal de komende jaren gewerkt moeten worden aan uitbreiding van het aantal seniorenwoningen en een netwerk dat zorg op maat kan bieden.



  1. Kansen op kwaliteit


De komende jaren doen zich diverse kansen voor om de kwaliteit van de wijk te verbeteren.

  • Door de bouw van Nesselande wordt het draagvlak voor voorzieningen groter.

  • Het moet mogelijk zijn het winkelcentrum Ambachtsplein te herontwikkelen en een betere uitstraling te geven.

  • Door de vergrijzing ontstaat behoefte aan woningen en voorzieningen voor ouderen. Zevenkamp kan daar op inspelen.

  • De ligging aan de Zevenhuizer Plas kan beter worden benut.


De kansen voor het centrum en de relatie met de Zevenhuizer Plas worden nog nader uitgewerkt (§ 4.2 en § 4.3).


Het feit, dat het draagvlak voor voorzieningen groter wordt door de bouw van Nesselande biedt kansen voor bestaande en nieuwe voorzieningen. Ook kunnen bewoners van Zevenkamp voorzieningen gaan gebruiken in Nesselande (bv de nieuwe boulevard, die van Nesselande een badplaats moet maken). Voor bewoners in het zuidelijk deel van Nesselande ligt het winkelcentrum Ambachtsplein dichterbij dan het geplande nieuwe centrum van Nesselande. Bovendien loopt één van de belangrijke ontsluitingsroutes en de metrolijn naar Nesselande langs het winkelcentrum.


Het wijkcentrum de Scheg heeft de status van Lokaal Cultureel Centrum verworven, waardoor de programmering wordt uitgebreid en het culturele aanbod in de wijk kan worden verbreed.


De bewoners van Zevenkamp worden ouder. Gegeven de leeftijdsopbouw van de huidige wijkbevolking zal het aantal 50 plussers al binnen tien jaar explosief groeien. Over 15 á 20 jaar zal de wijk waarschijnlijk van een jonge wijk veranderd zijn in een wijk met relatief veel oudere bewoners. Tenminste, als de wijk zich de komende jaren ook op die doelgroepen gaat richten. Aanpassing van het woningaanbod en versterking van de zorginfrastructuur is nodig om Zevenkamp aantrekkelijk te houden voor ouderen.


Als het uitgangspunt gehanteerd wordt, dat bewoners in principe in elke levensfase een passende woning in de wijk moeten kunnen vinden, dan heeft dat op termijn gevolgen voor het woningbestand. Door nieuwbouw en aanpassing van bestaande complexen (opplussen) wordt het aantal woningen dat geschikt is voor ouderen uitgebreid.


In het woningbestand blijven eengezinswoningen en koopwoningen een belangrijke positie innemen. Deze karakteristiek, waarmee Zevenkamp zich onderscheid van een groot aantal Rotterdamse wijken, zorgt ervoor dat gezinnen en middeninkomens een belangrijke doelgroep voor het wonen in Zevenkamp blijven. Deze doelgroep zal echter steeds meer te kiezen krijgen omdat in veel wijken getracht wordt voor middeninkomens te bouwen. Zevenkamp moet die strijd om de woonconsument in de toekomst aankunnen en dat vereist vooral aandacht voor de woonomgeving, de voorzieningen en de uitstraling van de wijk.



  1. Het Centrum


Hoewel het winkelcentrum Ambachtsplein in het detailhandelsbeleid van de deelgemeente geen prioriteit heeft gekregen werden er in de nota “Kader en actieprogramma voor de toekomstige detailhandelsstructuur in Rotterdam Prins Alexander (2002)” al diverse problemen gesignaleerd. Op het niveau van de deelgemeente is toen echter niet gekozen voor ingrijpende maatregelen. Gepleit is voor het vergroten van de supermarkten, en de verbetering van de veiligheid. Verder zou de organisatie van ondernemers moeten worden versterkt en moet een centrummanager/ beheerder worden aangesteld.


Afbeelding 25 Afbeelding 26


Structurele problemen worden hiermee niet aangepakt. Door de opzet van het centrum rondom een plein presenteert het winkelcentrum zich vanaf de hoofdroutes, Zevenkampsering, Imkerstraat en Rietdekkerweg met achterkanten en de gesloten gevels van het zwembad. Rond het metrostation is soms sprake van overlast van hangjongeren en drugshandel. De aanlooproutes zijn weinig aantrekkelijk (tunnel onder het metrostation). Het wervend vermogen van het winkelcentrum is daardoor niet optimaal. Een deel van de horeca functioneert niet goed en het winkelaanbod verliest geleidelijk kwaliteit. Zonder maatregelen dreigt het winkelcentrum langzaam af te glijden. Door te investeren in een nieuwe opzet met meer uitstraling kan geprofiteerd worden van het groter wordend klantenpotentieel. Ook is het mogelijk volume in de vorm van seniorenwoningen toe te voegen waardoor de financiële uitvoerbaarheid van de ingreep wordt verbeterd.


Een groter draagvlak voor voorzieningen kan zich vertalen in een betere presentatie van het centrum. Door bebouwing toe te voegen en een nieuwe “plint” met winkels langs de Zevenkampsering te realiseren krijgt het winkelcentrum een herkenbaar gezicht. De ruimte voor nieuwbouw kan gevonden worden door het parkeren in parkeergarages onder te brengen.



  1. De Zevenhuizer Plas


Door vergroting van de Zevenhuizer Plas is een fantastische mogelijkheid ontstaan om de recreatieve potenties van de wijken Zevenkamp en Nesselande te vergroten. In de stedenbouwkundige opzet van Nesselande wordt daar op ingespeeld. De studie ‘Het blauwe hart” van dS+V worden die potenties gesignaleerd, maar die moeten voor Zevenkamp verder worden uitgewerkt. Op dit moment is de aanwezigheid van de Plas in de wijk niet voelbaar. Het Wollefoppenpark en de Wollefoppedijk vormen een barrière tussen de wijk en de plas. De barriërewerking wordt nog vergroot door het feit, dat de dijk en de aanliggende dijkbebouwing tot de gemeente Zevenhuizen-Moerkapelle behoren.

Herinrichting van een relatief omvangrijk gebied (het Wollefoppenpark en omgeving, inclusief het Doolhof) is nodig om de barrièrewerking om te zetten in een vruchtbare relatie. In de verwachting dat het moeilijk zal zijn voldoende middelen vrij te maken voor de herinrichting van het park, kan ook gedacht worden aan het principe Groen voor Rood, waarbij een klein deel van het nu onbebouwde gebied wordt “opgeofferd” om middelen te genereren voor de herinrichting van het gehele gebied.


De oevers van de plas bieden fantastische mogelijkheden voor dagrecreatie. Het ontbreekt echter volledig aan voorzieningen. Er is zelfs geen steiger.


Afbeelding 27 Afbeelding 28

Rood voor groen


  1. Een beter imago


Het is van groot belang dat Zevenkamp een betere naam (imago) krijgt. Uiteraard is verbetering van de kwaliteit de meest voor de hand liggende manier om het imago te verbeteren. De huidige matige reputatie van Zevenkamp is echter niet alleen terug te voeren op gebrek aan kwaliteit. De volgende aspecten spelen daarbij ook een rol.


  • Op plaatsen waar het “gezicht” van Zevenkamp getoond wordt is sprake van een matige uitstraling (winkelcentra, entree van de wijk) .

  • Incidenten uit de afgelopen jaren worden breed uitgemeten.

  • De kwaliteiten van de wijk worden onvoldoende geëtaleerd.

  • Successen worden niet gevierd.


Werken aan een beter imago kost tijd en discipline. Het aanpakken van beeldbepalende plekken is binnen het totale pakket aan maatregelen de meest concrete en waarschijnlijk effectiefste vervolgstap uit deze wijkvisie, als het gaat om de versterking van het imago. Deze maatregel moet ondersteund worden in een communicatietraject waarin het “goede nieuws” over Zevenkamp centraal staat. Op langere termijn kan de Zevenhuizer Plas een belangrijke bijdrage leveren aan het beeld van Zevenkamp als een wijk, waar je alle recreatieve mogelijkheden die de plas levert, binnen handbereik hebt. Daarbij hoort, dat ook mensen van buiten de wijk op die kwaliteiten af komen, het gemakkelijk kunnen vinden, daar goede voorzieningen aantreffen en besluiten terug te komen.


Ook bestaande voorzieningen zoals het zwembad en het wijkcentrum kunnen bijdragen aan het imago van Zevenkamp. Door de naam Zevenkamp te verbinden aan hoogwaardige evenementen ontstaan positieve associaties, die de kwaliteit van de wijk ondersteunen.


  1. Routekaarten


  1. Route 1: Naar een prettiger samenleving


Afbeelding 29












Afbeelding 30















Vervolgstappen en
taakverdeling









Wat?

  • Programma opstellen van noodzakelijke aanpak directe woonomgeving

  • Inzet zorgnetwerk en jeugd/jongerenwerk op wijkniveau afstemmen

  • Confrontatie van leefstijlen beperken

  • Organisatie wijkgericht werken (programmasturing) uitwerken


Wie?

  • Deelgemeente en corporaties



  • Deelgemeente i.o.m. betrokken instanties


  • Corporaties


  • Deelgemeente
















  1. Route 2: Naar een betere buitenruimte



Afbeelding 31
















Afbeelding 32















Vervolgstappen en
taakverdeling








Wat?

  • Plannen maken voor beeldbepalende locaties

  • Intensief beheer

  • Achterstallig onderhoud inhalen

  • Aanpak directe woonomgeving structureren

  • Voet- en fietspaden aanpakken


Wie?

  • Deelgemeente

  • Deelgemeente

  • Deelgemeente

  • Deelgemeente, bewoners & Corporaties

  • Deelgemeente












  1. Route 3: Naar een zonnige toekomst

Afbeelding 33












Afbeelding 34



Vervolgstappen en taakverdeling

Wie?

  • Deelgemeente

  • Deelgemeente, eigenaren en ondernemers

  • Deelgemeente en corporaties

  • Deelgemeente/dS+V

  • Allen onder regie deelgemeente


















Wat?

  • Onderzoek draagvlak voorzieningen

  • Plannen maken voor Ambachtsplein

  • Mogelijkheden woningbouw voor senioren/inrichting woon-servicezones onderzoeken

  • Studie “blauwe hart” uitwerken

  • Werken aan beter imago
















  1. Vervolgstappen


Programma samenleving


Deelprogramma

Wat

Wie


Kansen voor jongeren


Inventarisatie jaarplannen


Analyse en afstemming


Opstellen gebiedsprogramma


Deelgemeente (programmaleider) i.s.m. instellingen


Aanpak overlast (locatiegericht)

Inventarisatie locaties en mogelijke maatregelen & opstellen plan van aanpak


Uitwerken huisvestingsbeleid



Deelgemeente (programmaleider) i.s.m. corporaties en bewoners



Corporaties


Aanpak overlast (dadergericht)



Afspraken over handhaving

Deelgemeente (programmaleider) i.s.m. politie


Aanpak overlast (leefstijlgericht)



Afstemming woonruimteverdeling op leefstijlenbenadering


Begeleiding probleemhuishoudens



Corporaties




Zorgnetwerk en corporaties



Programma Buitenruimte


Deelprogramma

Wat

Wie

Intensief beheer (schoonhouden)


Huidig niveau van schoonhouden handhaven


Deelgemeente


Onderhoud



Meerjarenplan voor inlopen achterstallig onderhoud



Deelgemeente


Voet- en fietspaden



Onderzoeken en projectmatig aanpakken



Deelgemeente

Locaties directe woonomgeving






Aanpak op verzoek bewoners:

Opstellen spelregels over voordracht locaties door bewoners


Afspraken over rol- en taakverdeling, financiering en beheer.



Afspraken over ondersteuning van bewoners



Opstellen programma


Deelgemeente en corporaties


Programmaleider i.o.m. corporaties en gemeentelijke diensten


Programmaleider i.o.m. corporaties en gemeentelijke diensten


Programmaleider i.o.m. corporaties en gemeentelijke diensten


Programmaleider i.o.m. corporaties



Beeldbepalende locaties

Plannen opstellen voor:

Entree van de wijk

Winkelcentrum Ambachtsplein

Winkelcentrum Nieuw Verlaat

Doolhof



Deelgemeente i.o.m. direct betrokkenen (ondernemers, omwonenden)



Programma Wijkontwikkeling


Deelprogramma

Wat

Wie


Voorzieningen

Onderzoek draagvlakontwikkeling voorzieningen



Deelgemeente


Ambachtsplein

Plannen maken voor w.c. Ambachtsplein




Deelgemeente i.o.m. eigenaren, ondernemers en bewoners


Zevenhuizer Plas

Studie “het Blauwe hart” uitwerken




Deelgemeente


Bouw seniorenwoningen

Aanpassing/uitbreiding woningvoorraad voor senioren





Deelgemeente i.o.m. corporaties en ontwikkelaars


Imago



Communicatie en marketingplan Opstellen


Deelgemeente i.o.m. corporaties, verenigingen en instellingen





  1. Bijlagen


  1. Bijlage A: Plattegrond Zevenkamp



Afbeelding 35






  1. Bijlage B: Bronnen


Beleidskader Buitenruimte. Deelgemeente Prins Alexander, mei 2004.


Besturen in dialoog, bestuurprogramma 2002-2006. Deelgemeente Prins Alexander, januari 2003.


Blauwe Hart, Het; Zevenkamp aan de plas. Projectteam Blauwe Hart, dS+V, november 2000.


Buurtinformatie Rotterdam Digitaal. Centrum voor Onderzoek en Statistiek, 2004.


Corporatievisie Zevenkamp 2002-2010. Gezamenlijke corporaties, 2004.


Kader en actieprogramma voor de toekomstige detailhandelsstructuur in Rotterdam Prins Alexander. BRO, november 2002.


Kadernota Welzijn. Deelgemeente Prins Alexander.


Kompas 2010, Toekomstvisie Prins Alexander. Deelgemeente Prins Alexander, januari 2003.


Uitvoering Programma Wijkaanpak in Prins-Alexander – Intentioneel Plan-Concept. Deelgemeente Prins Alexander, juni 1999.


Vergelijking visies voor Ommoord en Zevenkamp. Woongoed Rotterdam en Deelgemeente Prins Alexander, oktober 1999.


Wijkveiligheidsactieprogramma, Deel B: Analyse op wijkniveau voor de wijken Zevenkamp en Nesselande. Werk- en begeleidingsgroep Wijkveiligheidsactieprogramma’s Deelgemeente Prins Alexander, december 2002.


Wijkvisie Zevenkamp. Deelgemeente Prins Alexander, oktober 1997.


Wijkvisie Zevenkamp. Woonbron Maasoevers, juni 2003.





  1. Bijlage C: Lijst van betrokken personen/instellingen


Deelgemeente Prins Alexander

Vincent Flrorijn SVWO/CES

Amber Hes Communicatie

Lies Bras SVWO/secretariaat

Adriaan van der Linden BMO

Nel Zonruiter ROB

Sandra Entrop ROB


Gerrichhauzen en Partners

Bert te Kiefte

Annemarieke Sandee

Siddharth Khandekar


Woonbron Maasoevers

Anita van Hezik


Vestia Rotterdam-Noord

Mo van de Meent


Woningbedrijf Rotterdam

Hugo ’t Hart


SBA Jongerenwerk

Astrid Luciga


Wijkcentrum Zevenkamp

Ans Dekker


Buurtbemiddeling Zevenkamp

Helma Faber


Bewonersorganisatie Zevenkamp

John More

Hennie Rosenbrand

Tineke Oomen


Politie (buurtagenten Zevenkamp)

Jan van Lienden

Maarten Poot


Sonor/ Opbouwwerk

Ben van Zanten



Zoeken
Uitgebreid zoeken