Verslag van de Openbare vergadering van de deelraad Prins Alexander gehouden op donderdag 27 april 2006 in het deelgemeentekantoor aan het Prins Alexanderplein 6.
Aanwezig: Mevr. G.J. Brand (Leefbaar Rotterdam), mevr. J.L. van Drongelen (CDA), mevr. M.A. Huisman (VVD), mevr. A.R. van der Veen (PvdA), mevr. A.M. Zimmerman-Smit (CDA) en mevr. N.A Zin'kova (SP), alsmede de heren H.L.E. Blanck (PvdA), M. Boer (SP), P.J. van Brenkelen (Leefbaar Rotterdam), R. Choenni (PvdA), J.H. van Dijk (VVD), A.A.P. Eekhof (PvdA), J. Kooijman (PvdA), P. Meijer (Leefbaar Rotterdam), D.J. van Pelt (Leefbaar Rotterdam), A. Salhi (PvdA), B. van Schaik (Leefbaar Rotterdam), J.A. Schippers (CU/SGP), A. Siebel (Leefbaar Rotterdam), C. Snijders (GroenLinks), L. Sörensen (Leefbaar Rotterdam), J.C.M. Soijer (Leefbaar Rotterdam), P. Veenstra (PvdA) en W. Veldhuijzen (Leefbaar Rotterdam).
Afwezig met kennisgeving: D.J.J. van Lottum (CDA).
Griffie: R.D. Weststrate (griffier)
Notulist: P.J. Hoepel, Alpha Talen Nederland BV Waddinxveen
Dagelijks bestuur: R. Krul (voorzitter van het dagelijks bestuur en de deelraad vanaf de hervatting na de schorsing bij punt 13), E.G. van Duin (voorzitter tot schorsing bij punt 13, portefeuillehouder), mevr. G. Boekhoudt (portefeuillehouder), P.C. Paulusma (portefeuillehouder) en J. Noeverman (portefeuillehouder).
Ambtshalve aanwezig: A.M.C. Besters (secretaris)
Belangstellenden: ca. 60 belangstellenden.
Insprekers: mevr. Bienveld (namens de dameploeg gymnastiek in het Pijl), de heer K. Ruberg, de heer Van der Tol, de heer Herber (bewoner van de Maria Wesselingstraat aan de Ringvaartplas), mevr. F. Leeflang (bestuurslid SBO)
1. Opening
De voorzitter opent de vergadering om 19:00 uur en heet iedereen welkom.
2. Benoeming commissie tot onderzoek van de geloofsbrieven van de te installeren raadsleden en leden van het dagelijks bestuur.
De voorzitter deelt mee dat de raadsleden Boekhoudt, Krul, Paulusma en Van Duin hun ontslag als raadslid hebben ingediend. Het voorstel is de leden Brand, Huisman en Zimmerman te installeren in de commissie. De deelraad stemt in met het voorstel tot benoeming van de leden in de commissie.
3. Onderzoek geloofsbrieven van de te installeren raadsleden.
Mevrouw Huisman geeft aan dat de commissie geen bezwaren heeft tegen de te installeren raadsleden.
4. Installatie raadsleden
De voorzitter noemt: mw. Zin'kova, de heren Veenstra, Blanck en Van Dijk als namen van de te installeren personen. Vervolgens spreekt hij de volgende tekst uit:
“Ik verzoek alle aanwezigen op te staan voor de te installeren leden van de deelraad. Ik verzoek u, nadat ik de tekst van de eed heb voorgelezen en nadat ik uw naam heb genoemd als u de eed wilt afleggen, twee vingers van uw rechterhand op te steken en te zeggen "Zo waarlijk helpe mij God almachtig". Geeft u er de voorkeur aan de belofte af te leggen, dan kunt u, zonder uw vingers op te steken, volstaan met te zeggen "Dat verklaar en beloof ik".”
Vervolgens leest de voorzitter de tekst van de eed (verklaring en belofte) voor:
“Ik zweer (verklaar) dat, om tot lid van de deelraad benoemd te worden, rechtstreeks noch middellijk onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd.
Ik zweer dan wel verklaar en beloof, dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen.
Ik zweer dan wel beloof dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als lid van de deelraad naar eer en geweten zal vervullen.”
De voorzitter gaat vervolgens over tot het afnemen van de eed of de belofte.
Mevrouw Zin'kova en de heer Veenstra leggen de belofte af. De heren Blanck en Van Dijk leggen de eed af.
De voorzitter verklaart de hiervoor genoemde personen geïnstalleerd als lid van de deelraad en wenst hen veel succes en plezier in het vervullen van hun ambt.
5. Vaststelling agenda
De agenda wordt goedgekeurd en vastgesteld.
6. Gelegenheid tot het stellen van vragen door het publiek over onderwerpen die niet op de agenda staan.
Mevrouw Bienveld spreekt namens de damesgymnastiek over de eventuele privatisering van de gymnastiek. In de eerste plaats feliciteert zij de geïnstalleerde leden van de deelraad. Ze wenst de nieuwe portefeuillehouder Sport en Recreatie veel succes bij zijn of haar taken en vooral een succesvol beleid. Spreekster doelt hier vooral op de sportstimulering van ouderen. Dit beleid bestaat al in het Peil waar ruim veertig jaar damesgymnastiek wordt gegeven. Het succes hiervan is te danken aan twee factoren: betaalbaarheid en de locatie. Het Peil ligt midden in de wijk en is daarom voor iedereen goed bereikbaar. Daarnaast geeft het wijkgebouw een soort 'huiskamergevoel'. De gezelligheid na de gymnastiek is een reden voor veel mensen om de gymnastiek vol te houden en te blijven komen. De tweede factor is de betaalbaarheid. Veel ouderen moeten voorzichtig omspringen met hun geld. Stopzetten van de subsidie zou dan ook afbraak betekenen. Verdere argumentatie staat vermeld in de brief die is gestuurd aan de voorzitter van de deelraad. Ze roept de deelraad op om te kiezen voor sportstimulering en niet voor sportafbraak.
De heer Ruberg sluit aan bij de woorden van mevrouw Bienveld. Hij badmintont bij Wion. Daar wordt door ongeveer honderdvijftig ouderen (55+) deelgenomen aan het badminton. Spreker heeft van Sport en Recreatie begrepen dat dit wellicht op een zijspoor zal worden gezet. Er is gevraagd of het meer kan worden verzelfstandigd. Wanneer hier sprake van is, zou spreker graag enkele handreikingen krijgen om hier aan te kunnen voldoen. Hij benadrukt dat het badminton voor ouderen moet blijven bestaan.
De voorzitter antwoordt dat de nieuwe portefeuillehouder contact zal opnemen met de beide sprekers.
De heer Van der Tol merkt op dat de achterkant van zijn woning is gelegen aan de Weegschaalhof. Hij heeft meerdere keren contact gehad en klachten ingediend bij de politie in verband met basketballende jeugd op de Weegschaalhof. Op de Weegschaalhof is een basketbalveld aangelegd waar het is toegestaan om te basketballen. Wel zijn hier volgens spreker bepaalde tijden aan verbonden. Hij heeft vernomen dat er tot 22:00 uur mag worden gebasketbald. Er wordt echter ook na 22:00 uur gebasketbald. Na 22:00 uur is de lokale politie niet meer bereikbaar en heeft hij gebeld met het landelijke nummer 112. Daar geeft men echter geen prioriteit aan de overlastveroorzakende basketballers op de Weegschaalhof. Er is sprake van een hiaat in de tijd. Hij vraagt hoe het college dit gaat oplossen.
De voorzitter reageert dat de nieuwe portefeuillehouder Wijkveiligheid contact zal opnemen met spreker en wijst tevens op de aanwezigheid van hoofd wijkpolitie Kralingen/Crooswijk en Prins Alexander, de heer Den Hollander, die in de pauze de heer Van der Tol te woord zal staan..
7. Verslagen van de vergaderingen van de deelraad van 13 en 16 maart 2006.
De verslagen worden goedgekeurd.
8. Mededelingen.
De voorzitter deelt mee dat hij een bericht heeft ontvangen met de mededeling dat de heer Groeneweg (oud-raadslid) aan een zeer ernstige ziekte lijdt. Hij stelt voor namens de deelraad een attentie te sturen.
9. Voorstel (van de PvdA, VVD, SP, GroenLinks en CU/SGP) tot het benoemen van de vice-voorzitter van de deelraad.
De heer Van Dijk brengt naar voren dat de onderhandelende partijen, op dit moment bestaande uit de coalitiepartijen, unaniem hadden besloten om de functie van vice-voorzitter van de deelraad toe te laten komen aan een raadslid van Leefbaar Rotterdam. Toen Leefbaar Rotterdam aangaf deze functie niet te aanvaarden, hebben de coalitiepartijen gekozen voor de heer Salhi van de op een na grootste partij uit de deelraad, de PvdA.
Voor het onderzoeken van de schriftelijke stemmingen wordt een stembureau ingesteld bestaande uit de heren Van Brenkelen (voorzitter), Kooijman en Boer.
De heer Van Brenkelen maakt de uitslag van de stemming bekend: vijftien voor, een tegen, zeven blanco en een ongeldige stem.
De heer Salhi geeft aan zijn verkiezing te aanvaarden. De voorzitter feliciteert hem met zijn verkiezing als vice-voorzitter van de deelraad.
10. Presentatie coalitieakkoord.
Mevrouw Van der Veen refereert aan de titel van het boek van Wouter Bos die als ondertitel zou kunnen dienen bij het coalitieakkoord ‘visie en vaart’: ‘PA kan zoveel beter en anders’. Uitgangspunten voor het coalitieakkoord zijn openheid, respectvol, helder, communicatief, resultaat gericht en krachtdadig en streeft naar toegankelijkheid, kwaliteit en duurzaamheid. Het coalitieakkoord streeft naar een moderne samenleving waarin geen groepen in de samenleving worden buitengesloten. Vooral het armoedebeleid heeft een duidelijke plaats gekregen in het akkoord. Daarnaast zal er aandacht zijn voor jongeren en ouderen. Het akkoord is het resultaat van visionaire, enthousiaste en positieve discussies. De coalitiepartijen blijken op een goede manier te kunnen samenwerken. Ondanks de brede coalitie geeft dit vertrouwen voor de komende periode. Er is afgesproken dat het DB zoveel als mogelijk met concrete doelstellingen zal komen. De deelraad zal deze controleren. Verder zal er meer in contact worden getreden met burgers, bedrijven en instellingen. Tot slot zal er op verschillende beleidsterreinen worden gestreefd naar een integrale aanpak. Zo zullen beleidsterreinen als buitenruimte en wonen worden aangepakt in samenspraak met bewoners en organisaties. Voorts geeft spreekster aan tevreden te zijn met het akkoord, omdat veel punten van het PvdA-verkiezingsprogramma daarin zijn verwerkt.
Verder gaat spreekster in op de totstandkoming van het akkoord. Op 14 maart heeft de PvdA-fractie een eerste gesprek gehad met Leefbaar Rotterdam. Er was overeenstemming over het feit dat de PvdA en Leefbaar Rotterdam als grootste partijen deel zouden moeten gaan uitmaken van het nieuw te vormen college. Leefbaar Rotterdam had toen nog geen verkiezingsprogramma, maar deed de toezegging het deelgemeentebestel niet als thema te zullen kiezen en/of het op te heffen. De PvdA-fractie ziet na het eerste gesprek voldoende aanknopingspunten voor verdere onderhandeling. Steeds heeft de PvdA de terugkoppeling gemaakt naar de fractie en hun adviezen meegenomen naar de onderhandelingen. Op 23 maart vindt het tweede gesprek tussen de PvdA en Leefbaar Rotterdam plaats. Leefbaar Rotterdam heeft aangegeven niet alleen met de PvdA te spreken, maar ook met het CDA. Op het tweede gesprek wordt afgesproken een intentieverklaring op te stellen. Voorts geeft Leefbaar Rotterdam aan alleen met de PvdA verder te zullen spreken. Inhoudelijk bleken er geen grote verschillen te zijn tussen de PvdA en Leefbaar Rotterdam. Op het derde gesprek van 26 maart wordt de intentieverklaring door Leefbaar Rotterdam afgewezen. Leefbaar Rotterdam kan zich niet voldoende vinden in de intentieverklaring en zal voor dinsdag 28 maart met een alternatieve verklaring komen. Deze intentieverklaring wordt door de PvdA-fractie afgewezen waarna andere partijen zouden moeten worden benaderd in plaats van de PvdA. Tevens verschijnt op dinsdag 28 maart een krantenartikel waarin Marco Pastors afstand neemt van de intentieverklaring van de PvdA. Vervolgens wordt besloten de onderhandelingen met Leefbaar Rotterdam af te breken. Door de PvdA-fractie zijn er vervolgens op vrijdagavond 31 maart oriënterende gesprekken geweest met de fractievoorzitters van de VVD, SP, GroenLinks en CU/SGP. Op vrijdag 7 april vonden er met deze partijen positieve gesprekken plaats. Op vrijdag 14 en zaterdag 15 april vonden de tweede en derde onderhandelingsronden plaats. Deze gesprekken hebben het akkoord van dinsdag 18 april tot stand gebracht. Een goede verdeling van de dagelijks bestuurders heeft enige moeite gekost. Er zijn honderd vierenveertig formatie uren gebleven die zijn verdeeld over vijf personen: de voorzitter van het DB en deelraad van de PvdA voor vierendertig uur, een bestuurder PvdA voor tweeëndertig uur, een bestuurder voor de VVD voor dertig uur, een bestuurder voor de SP voor vierentwintig uur, een bestuurder CU/SGP voor vierentwintig uur tot 2008 en een bestuurder voor GroenLinks voor vierentwintig uur vanaf 2008. Voorts brengt spreekster naar voren dat voor de realisering van het coalitieakkoord een beroep is gedaan op ambtelijke ondersteuning. Zij bedankt het ambtelijke apparaat voor de ondersteuning.
De heer Van Dijk maakt duidelijk dat het coalitieakkoord ‘visie en vaart’ is besproken binnen de VVD-fractie en wordt gezien als vooruitstrevend, sociaal en consoliderend. Hij benadrukt dat er wat de VVD-fractie betreft, blijvende aandacht moet worden geschonken aan de bewoners. Alle vijfentwintig raadsleden zijn gekozen voor en door de bewoners. Daarom moeten zij door de deelraad zeer serieus worden genomen. Daarvoor moet er respect zijn en blijven voor de verschillende opvattingen van de deelraadsleden.
De dag na de verkiezingen van 7 maart heeft de VVD-fractie vergaderd. Er is toen unaniem vastgesteld dat de VVD de verliezer van de verkiezingen was en daaruit consequenties moest trekken. Dit betekende dat de VVD zich terughoudend zou opstellen richting zowel PvdA als Leefbaar Rotterdam, en er bij hen op aan zou dringen op samen tot een coalitie te komen. Tijdens het eerste overleg heeft dit plaatsgevonden. Er is daarnaast aan Leefbaar Rotterdam gevraagd om een verkiezingsprogramma zodat punten van overeenkomst konden worden bekeken. Leefbaar Rotterdam beschikte niet over een verkiezingsprogramma en heeft alleen het boek van Pim Fortuyn overhandigd. Op 21 maart heeft de VVD-lijsttrekker informeel gesproken met de informateur, aangesteld door Leefbaar Rotterdam. Vervolgens heeft er nog een tweede gesprek plaatsgevonden waarna er door de VVD niets meer werd vernomen van Leefbaar Rotterdam. Eind maart en begin april is er onderhandeld met de coalitiepartijen en is er snel een akkoord bereikt.
Voorts geeft spreker aan dat de VVD-fractie tevreden is met het gesloten akkoord. Een aantal punten uit het verkiezingsprogramma zijn terug te vinden in het coalitieakkoord. Zo zal er worden doorgegaan met de ontwikkeling van de centrumfunctie, het ontwikkelen van de wijkvisies en is er aandacht voor de sportaccommodaties.
De heer Boer legt uit dat de SP meedoet met de coalitie omdat een aantal voor de SP belangrijke punten zijn terug te vinden in het akkoord. Een van die punten is de bewonersparticipatie. Buurtbeheer met bijbehorende buurtbudgetten zijn een grote stap in de richting van volledige participatie. Een tweede belangrijk punt uit het coalitieakkoord is de armoedebestrijding en het voorkomen van sociale uitsluiting van vooral gezinnen met kinderen. In de derde plaats zal de coalitie meer in gesprek gaan met bewoners en minder, maar efficiënter vergaderen.
De heer Snijders geeft aan dat de fractie van GroenLinks zich na de verkiezingen terughoudend heeft opgesteld. Ook GroenLinks werd door de informateur van Leefbaar Rotterdam uitgenodigd voor een informatief gesprek. In het gesprek zijn de punten van overeenkomst en verschil uitgewisseld. Na het eerste gesprek heeft spreker niets meer vernomen van Leefbaar Rotterdam. Nadat de gesprekken tussen PvdA en Leefbaar Rotterdam waren gestaakt, is GroenLinks uitgenodigd door de PvdA. Er is toen snel een akkoord bereikt.
GroenLinks doet mee met de coalitie omdat zij de verbetering en het op peil houden van de sociale visie en het economische kapitaal belangrijk vindt. Daarnaast heeft GroenLinks aangegeven zich hard te zullen maken voor een aantal zachte waarden zoals die in het akkoord zijn vermeld. Net als de SP verzet GroenLinks zich tegen sociale uitsluiting. Het akkoord ‘visie en vaart’ getuigt van respect en is integer en gericht op resultaat.
Tot slot is hij van mening dat voor een goede uitwerking van het akkoord alle partijen die zijn vertegenwoordigd in de deelraad nodig zijn.
De heer Schippers merkt in de eerste plaats op dat de CU/SGP na de verkiezingen van 7 maart er de voorkeur aan gaf dat de PvdA en Leefbaar Rotterdam tot een akkoord zouden komen. Na het mislukken van de onderhandelingen tussen PvdA en Leefbaar Rotterdam was de CU/SGP in een sleutelpositie beland: men kon ‘linksom’ en ‘rechtsom’. Er zijn met beide partijen twee gesprekken gevoerd, waarna er een inschatting is gemaakt over de vraag in welke coalitie de CU/SGP belangrijke punten zou kunnen verwezenlijken. Daarnaast is gekeken welke coalitie het beste past bij de stijl van politiek bedrijven van de CU/SGP. Er is voor gekozen om eerst in gesprek te gaan met PvdA, VVD, SP en GroenLinks. Wanneer er geen akkoord zou worden bereikt, zou er verder worden gesproken met Leefbaar Rotterdam. Voorts geeft spreker aan verheugd te zijn met het feit dat er wel een akkoord is gesloten waarin de CU/SGP zich goed herkent. Armoedebestrijding neemt daar een grote plaats in. Daarnaast zal de nuloptie voor koffieshops worden voortgezet. Ook de aandacht voor de oorzaken van armoede, zoals verslaving, vindt hij belangrijk. Een volgend punt is de communicatie met bewoners waar de komende periode aan zal worden gewerkt. Verder is het niet verder uitbreiden van de koopzondagen en evenementen op zondag een belangrijk punt uit het akkoord. Tot slot zal er aandacht worden geschonken aan de kwaliteit van wonen in PA. Het mag niet gebeuren dat gezinnen met kinderen wegtrekken uit de deelgemeente vanwege een slechte kwaliteit van wonen. Voor alle genoemde punten is de samenwerking vereist van alle partijen in de deelraad.
Mevrouw Van Drongelen heeft met belangstelling kennis genomen van het coalitieakkoord ‘visie en vaart’. Ze is echter zeer teleurgesteld in het akkoord en vreest dat er de komende periode zal worden bestuurd in de stijl van de jaren zeventig. Wouter Bos zou zich schamen voor het voorliggende akkoord. Het akkoord is ‘oubollig’, ‘oudsocialistisch’ en er is sprake van ‘oude wijn in een gerecyclede fles uit de jaren zeventig’. Ze vraagt zich af of de bewoners zitten te wachten op de plannen van de coalitie. In Rotterdam zijn grote problemen en verschillende bevolkingsgroepen moeten elkaar hervinden.
Met betrekking tot de onderhandelingen meent spreekster dat het niet is gegaan om de inhoud, maar dat men personen een plaats op het pluche heeft willen bezorgen. Het is een gemiste kans om bewoners weer vertrouwen te geven in de politiek. Via de krant heeft spreekster moeten vernemen dat de onderhandelingen tussen PvdA en Leefbaar Rotterdam waren stukgelopen, onder andere omdat Leefbaar Rotterdam ook met het CDA in gesprek was. Spreekster ontkent dit nadrukkelijk. Ze vindt het opmerkelijk dat de heer Krul geen enkele poging heeft ondernomen om te controleren of dit een correcte weergave was. ‘De leugen regeert’ aldus spreekster.
Voorts is spreekster teleurgesteld in de CU/SGP, een partij met christelijke principes. Ze vindt het onbegrijpelijk dat de CU/SGP de gemaakte afspraak met het CDA om inhoudelijk over zaken te spreken, afzegde omdat er al een andere coalitie was gevormd. Spreekster vindt het onbehoorlijk, onfatsoenlijk en onchristelijk van CU/SGP om op deze manier met anderen om te gaan.
Verder complimenteert spreekster de VVD die zich eveneens een plaats in de coalitie heeft verworven ondanks de grootste nederlaag uit de geschiedenis van PA. Ze vraagt zich opnieuw af of dit de wil van de burger is. Daarnaast vraagt ze wat de VVD-achterban vindt van de coalitie. De heer Van Gent nam na het verlies van de VVD zijn verantwoordelijkheid door af te treden. In PA is er na het verlies van vijf zetels niemand afgetreden.
Spreekster is van mening is dat de PvdA en Leefbaar Rotterdam samen een coalitie hadden moeten vormen. Er had dan een brug geslagen kunnen worden tussen de grote verschillen die er zijn in de deelgemeente. De coalitie is een ondemocratisch en onverantwoord signaal naar de kiezer. Het is een bevestiging van oude politiek waarbij spel en pluche belangrijker zijn dan het luisteren naar de kiezer.
Ook de inhoud van het coalitieakkoord is voor spreekster niet verheugend. Uitgangspunt voor het CDA is dat zij altijd constructief meedenkt en meewerkt. De hoop op deze samenwerking die de coalitie uitspreekt op pagina 2 van het akkoord is dan ook overbodig. Het uitgangspunt van een goed bestuur is in de huidige situatie wel moeilijk. Het huidige bestuur en coalitie kunnen gezien de totstandkoming niet goed worden genoemd. Leugens zijn de onderleggers voor het huidige bestuur en coalitie en daarom kan er geen sprake zijn van een goed bestuur. Het CDA zal zich inzetten om van het bestuur van PA iets goeds te maken. De coalitie gaat ervan uit dat zij vier jaar zal regeren. Spreekster twijfelt hier sterk aan gezien de ervaringen met de PvdA uit het verleden. De PvdA heeft er blijk van gegeven niet op een nette manier afscheid te kunnen nemen van haar bestuurders. De inhoud van het akkoord is volgens spreekster zeer vaag. Op pagina vier van het rapport wordt gesproken over de stijl van besturen: ‘openheid, respectvol, helder, communicatief, resultaat gericht en krachtdadig’. Verder wil de coalitie meer de wijken in. Dit vindt zij een goed punt, maar ze vraagt zich daarbij wel af waarom de heer Krul en de heer Van Duin de achterliggende periode niet de wijken zijn ingegaan. Ook kunnen de wijkvisies geen vernieuwing zijn omdat die altijd in een coalitieakkoord staan. Voorts ontbreekt de visie met betrekking tot de WMO, armoedebestrijding en bewonersparticipatie. Het CDA heeft weinig vertrouwen in de coalitie. Ze sluit af met een alternatieve slogan voor het akkoord ‘visie en vaart’: ‘als de leugen regeert’.
De heer Meijer stelt dat Leefbaar Rotterdam een professionele partij is die opkomt voor de belangen van alle bewoners van Rotterdam en PA. Hij geeft aan dat Leefbaar Rotterdam de verwachting had serieus te worden genomen. Spreker gaat niet verder in op de onderhandelingen die hebben geleid tot de naar zijn zeggen ‘toverballencoalitie’.
Op pagina 3 van het akkoord stelt de ‘toverballencoalitie’ dat er sinds de verkiezingen een verschuiving in het politieke krachtenveld heeft plaatsgevonden. Men gaat echter toch op de oude weg voort door gezamenlijk Leefbaar Rotterdam buiten te sluiten. De ‘toverballencoalitie’ geeft voorts aan dat zij niet veel waarde hecht aan partijpolitieke discussies, maar meer waarde hecht aan een krachtig bestuur van de deelgemeente. Er zal de komende periode niet worden bestuurd vanuit de optiek van verschillende kampen. Dit is volgens spreker zeer suggestief. Leefbaar Rotterdam zal stevig oppositie voeren en is in tegenstelling tot de coalitie wel inhoudelijk.
Voorts is volgens spreker de deelgemeente geen koninkrijk met ‘krul’ als primaat. Hij benadrukt dat het niet in de eerste plaats moet gaan om de belangen van de deelgemeente, maar om de belangen van de stadsgemeente en de rol die de deelgemeente daarin kan spelen.
Het coalitieakkoord is zeer globaal geschreven, zodat ook Leefbaar Rotterdam er in principe voor zou kunnen zijn. Het zou tevens in andere deelgemeenten kunnen worden toegepast. Spreker gaat er daarom vanuit dat er concrete doelstellingen zullen komen. Wat betreft de bestuursstijl wil Leefbaar Rotterdam vooral de resultaatgerichtheid terugzien. Met het coalitieakkoord krijgt het DB de mogelijkheid om doelstellingen te formuleren die vervolgens door de deelraad kunnen worden gecontroleerd. Dit is naar zijn mening niet de bedoeling van het dualisme. Verder ziet hij met belangstelling uit naar de targets van het DB voor de bestrijding van armoede. Er zal met vijf coalitiepartijen gewaakt moeten worden dat het coalitieakkoord ‘visie en vaart’ niet uitmondt in ‘stuurloos dobberen’.
11. Voorstel (van de PvdA, VVD, SP, GroenLinks en CU/SGP) tot het benoemen van het dagelijks bestuur, inclusief de voorzitter van het dagelijks bestuur en de deelraad.
Mevrouw Van der Veen stelt voor namens de PvdA-fractie de heren R. Krul (tevens voorzitter) en P. Paulusma.
De heer Van Dijk stelt voor namens de VVD-fractie de heer Van Duin.
De heer Boer stelt voor namens de SP-fractie mevrouw G. Boekhoudt.
De heer Schippers stelt voor namens de CU/SGP-fractie de heer J. Noeverman tot 28 april 2008. De GroenLinks fractie zal in maart/april 2008 mevrouw M.A.M. Sedney-Appeldoorn vanaf 28 april 2008 voorstellen.
Er wordt gestemd.
De heer Van Brenkelen maakt de uitslag van de stemming bekend.
Voor de heer R. Krul: 13 voor en 11 tegen.
Voor de heer P. Paulusma: 13 voor en 11 tegen.
Voor de heer E. G. van Duin: 13 voor en 11 tegen.
Voor de heer J. Noeverman: 13 voor en 11 tegen.
Voor mevrouw G. Boekhoudt: 13 voor en 11 tegen.
12. Onderzoek benoembaarheid van de te installeren leden van het dagelijks bestuur.
Mevrouw Huisman deelt namens de commissie mee dat er geen bezwaren zijn tegen de te installeren leden van het dagelijks bestuur.
13. Installatie leden van het dagelijks bestuur.
Alvorens de voorzitter overgaat tot de installatie van de leden van het dagelijks bestuur ontbindt hij de commissie tot onderzoek van de benoembaarheid.
Vervolgens verzoekt de voorzitter de te installeren leden naar voren te komen, alle aanwezigen op te staan en spreekt hij de volgende tekst uit:
“Ik zweer (verklaar) dat, om tot lid van het dagelijks bestuur benoemd te worden, rechtstreeks noch middellijk onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd.
Ik zweer dan wel verklaar en beloof, dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen.
Ik zweer dan wel beloof dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als lid van het dagelijks bestuur naar eer en geweten zal vervullen.”
De voorzitter gaat vervolgens over tot het afnemen van de eed of de belofte.
De heer Noeverman legt de eed af.
Mevrouw Boekhoudt en de heren Paulusma en Krul leggen de belofte af.
De voorzitter verklaart de hiervoor genoemde personen geïnstalleerd als lid van het dagelijks bestuur. Vervolgens overhandigt hij de voorzittershamer aan de heer Krul.
Vervolgens gaat de voorzitter over tot de installatie van de heer Van Duin als lid van het dagelijks bestuur en spreekt de bovenstaande tekst uit.
De heer Van Duin legt de belofte af.
De voorzitter verklaart de heer Van Duin tot lid van het dagelijks bestuur en feliciteert de leden van het dagelijks bestuur.
Na de schorsing krijgt de heer Meijer het woord. Namens de fractie van Leefbaar Rotterdam overhandigt hij een toverhoed met toverballen aan de voorzitter. Voorts krijgen alle dagelijks bestuurders en de leden van de deelraad van de coalitie een potje met toverballen overhandigd.
Vervolgens dient hij een motie van wantrouwen in (deze is als bijlage toegevoegd).
Mevrouw Van der Veen geeft aan dat de PvdA-fractie tegen de motie is en stelt voor deze in stemming te brengen.
De heer Van Dijk brengt naar voren dat hij de motie had verwacht. In de deelraad moet er met respect voor elkaar worden omgegaan. De motie schaart hij onder de noemer ‘ludiek’. Ook wat hem betreft mag de motie in stemming worden gebracht, waarbij de VVD-fractie tegen zal stemmen.
De heer Snijders sluit zich aan bij vorige sprekers.
Mevrouw Van Drongelen reageert op de heer Van Dijk dat de motie wel inhoudelijk moet worden opgevat en dat er blijkbaar nu al sprake is van een verschil van interpretatie.
Er wordt hoofdelijk gestemd. De motie wordt met 13 tegen 11 stemmen verworpen.
De voorzitter dankt de deelraad voor het getoonde vertrouwen in het gekozen dagelijks bestuur. Het dagelijks bestuur zal een bestuursprogramma gaan maken waarbij ook de door Leefbaar Rotterdam aangereikte punten zullen worden meegenomen.
14. Burgerinitiatief ‘Happy man’.
De heer Herber feliciteert in de eerste plaats de geïnstalleerde leden van de deelraad. Vervolgens maakt hij een aantal opmerkingen over de plaatsing van het kunstwerk ‘Happy man’ in de Ringvaartplas. Een groot aantal bewoners van de Ringvaartplas is tegen de plaatsing. Namens deze bewoners doet hij een beroep op de deelraad om het kunstwerk niet te plaatsen. Hij bedankt de heer Moren voor de hulp bij het verzamelen van de handtekeningen (meer dan 200) en het indienen van de bezwaarschriften.
Voorts vraagt hij het DB welk advies zij heeft gevraagd/gekregen van het Hoogheemraadschap Schieland en de Kunstraad Rotterdam en welke plaats er is aangewezen voor het kunstwerk. Verder vraagt hij de deelraad of er rekening wordt gehouden met de kosten voor het dagelijks onderhoud en de jaarlijkse verhogingen daarvan. In de derde plaats maakt hij enkele opmerkingen over het burgerinitiatief. Het lijkt democratisch maar dat is het volgens hem niet. Twee of drie mensen kunnen een burgerinitiatief nemen dat voor veel mensen nadelige gevolgen heeft. Deze mensen worden niet in de gelegenheid gesteld mee te beslissen en worden daardoor met een voldongen feit geconfronteerd. Hij vraagt zich af of het DB vindt dat het burgerinitiatief in democratisch opzicht moet worden aangepast.
De voorzitter antwoordt dat het DB het voorstel doet om de besluitvorming uit te stellen tot de volgende vergadering wanneer zij beschikt over alle gevraagde adviezen. Hij verzoekt de heer Herber op die volgende vergadering terug te komen.
Wat betreft het burgerinitiatief wordt er in PA afgeweken van andere deelgemeenten. Er is door het DB en de deelraad voor gekozen het burgerinitiatief bewust laagdrempelig te houden. Verder wijst hij erop dat een burgerinitiatief van twee of drie personen niet automatisch leidt tot een definitief besluit. Zo zijn er mogelijkheden om in de vergadering in te spreken en zijn de direct omwonenden middels een brief geraadpleegd.
De heer Herber interrumpeert dat de bewoners van het Mia van IJperenplein geen brief hebben ontvangen.
De voorzitter reageert dit te zullen uitzoeken.
De besluitvorming over het burgerinitiatief ‘Happy man’ wordt uitgesteld tot 29 mei.
15. Wijkvisie Oosterflank.
Mevrouw Leeflang maakt duidelijk dat zij al zes jaar met plezier woont in Oosterflank. Ze voelt zich zeer betrokken bij de wijkvisie Oosterflank. In verband met de vele nieuwe raadsleden is het 10-puntenplan opnieuw op papier gezet. Het plan is opgenomen in de wijkvisie en spreekster hoopt dat het ook een plaats krijgt in het wijkactieplan. Daarnaast wil de bewonersorganisatie bij het opstellen van dit actieplan worden betrokken. Tot slot merkt ze op dat de komende periode in de wijkvisie de periode van het zaaien is.
Door een aantal dames worden bloemzaadjes uitgedeeld.
Eerste termijn.
Mevrouw Huisman stelt dat de wijkvisie een conserverend karakter heeft,en een goed leesbaar document is geworden, waarin met hulp van bewoners en professionals de juiste onderwerpen worden besproken. Ze brengt vervolgens de aanpak van Tilburg onder de aandacht. Ook in Oosterflank kan er worden gekozen voor een dergelijke aanpak. Spreekster wijst op de ontwikkeling van het centrumgebied waar een voorziening kan worden getroffen voor jongeren uit een groter gebied.
Wat betreft ‘sociaal vitaal’ wordt in de wijkvisie aangegeven dat de deelgemeente niet doet aan inkomenspolitiek. Daarnaast wordt er gesproken over afstemming tussen SBA, Bijdehand en de drie basisscholen. De VVD-fractie pleit ervoor de 2e Kamer-moties Aarts/Bos en Hamer (in het kader van het "peuterspeelzaalwerk heeft de toekomst") als einddoel te formuleren. De voorzieningen en activiteiten met betrekking tot de sociale binding moeten ‘low proof’ zijn. Zo moeten ontvangende organisaties de voorwaarden scheppen. Voorts wil de VVD-fractie dat Oosterflank als proeftuin wordt aangewezen bij de uitvoering van de WMO.
Communicatie en participatie zijn voor de VVD-fractie noodzakelijk bij de formulering van het actieplan.
Mevrouw Van Drongelen vindt de wijkvisie een goed stuk. Er moet tempo blijven bij het opknappen van de wijk Oosterflank. Ze verwacht dan ook op korte termijn een wijkactieplan en een begroting van de kosten.
Mevrouw Zin’kova geeft aan dat de wijkvisie door de SP-fractie zal worden gesteund. Voorts verwacht zij dat net als bij het opstellen van de wijkvisie ook bij de uitvoering de bewoners zullen worden betrokken. Het 10-puntenplan van de bewonersorganisatie moet worden opgenomen in het actieplan. Verder moet het aantal bereikbare huurwoningen in de wijk worden gehandhaafd. Daarnaast moet er worden gekeken naar het verkoopbeleid van de grote woningcorporaties. Tot slot vraagt ze het DB of er meer duidelijkheid kan worden gegeven over de termijnen.
Ook de heer Van Pelt spreekt zijn complimenten uit voor de wijkvisie. In Oosterflank bestaat er op buurtniveau redelijke harmonie. Op het hogere wijkniveau bestaat er echter weinig binding en is de volkssamenstelling divers. Vooral de omgeving van de Shanghailaan, Kobelaan, het gedeelte tussen de Grote Beer, Varnasingel, de Bordeauxdreef en de Evenaar zorgen voor de grootste problemen. Deze wijk verdient extra aandacht, omdat er grote risico’s aanwezig zijn die de aantrekkelijkheid van de wijk verder kunnen aantasten. Er moet de bereidheid zijn bij professionals om samen te werken. Op dit moment bestaat er echter geen structuur waardoor organisaties elkaar zouden kunnen ontmoeten, activiteiten afstemmen en samenwerken. Het is volgens spreker wenselijk en noodzakelijk dat er structuur en coördinatie komt om de sociale samenhang te vergroten. Hij verzoekt het DB voor de wijk Oosterflank een wijk- of gebiedsgerichte ambtenaar aan te stellen die onder het DB functioneert. Deze ambtenaar moet de professionals in de wijk aansturen en/of coördineren en krijgt daarvoor een eigen budget. Om dit te bevestigen dient hij vervolgens een motie in die het DB vraagt deze ambtenaar aan te stellen (de motie is als bijlage toegevoegd).
De heer Eekhof bedankt iedereen die heeft meegewerkt aan de totstandkoming van de leesbare wijkvisie. Hij ziet met belangstelling uit naar de vaststelling en uitwerking van de wijkvisie en de rol van de bewoners daarin. Ook noemt hij het coalitieakkoord waarin ‘vaart’ een belangrijke rol heeft naast communicatie en participatie. De tijdspaden kunnen volgens hem scherper worden gesteld. Het advies dat is uitgebracht door het Wijk Natuurteam is door de PvdA-fractie als zeer waardevol ervaren. Het uitbreiden van de mogelijkheden van het park zou wat hem betreft ook het plaatsen van een pannenkoekenhuis kunnen inhouden. Daarnaast zouden de overlast veroorzakende jongeren van de omliggende scholen kunnen helpen bij de realisatie van het park. Wat betreft de aanpak van de buitenruimte, de bestrating, enzovoorts is zeven of acht miljoen euro nodig. Dit is volgens spreker een onmogelijke opgave. Straten die niet goed zijn moeten direct worden aangepakt.
De heer Van Duin merkt in de eerste plaats op, dat door de verkiezingen en de wisseling van het bestuur er enkele maanden vertraging is opgelopen met betrekking tot de realisatie van het actieprogramma. Deze actieprogramma’s worden door het DB vastgesteld en niet door de deelraad. In reactie op mevrouw Leeflang antwoordt de heer Van Duin dat het 10-puntenplan ook zijn uitwerking zal hebben in het actieprogramma omdat het actieprogramma een uitwerking is van de wijkvisie waarin het 10-puntenplan is opgenomen. Met mevrouw Huisman beaamt hij dat de wijkvisie wat betreft het fysieke een conserverend karakter heeft. In vergelijking met Ommoord, Het Lage Land en Zevenkamp is er weinig commotie geweest in de wijk omdat er geen grote fysieke ingrepen zijn geweest. In Oosterflank moeten de sociale opgave en het beheer meer nadruk krijgen. De sociale binding tussen bewoners en de verschillende organisaties moet worden verbeterd. Er zijn door het opstellen van de wijkvisie initiatieven en samenwerkingsverbanden ontstaan die zonder het opstellen van de wijkvisie nooit zouden zijn ontstaan. De jongerenaanpak zoals die in Tilburg plaatsvindt, is niet geschikt voor Oosterflank. Wel kan er met de portefeuillehouder jeugdbeleid over deze gedachte worden gesproken. Bij de ontwikkeling van het centrumgebied zijn er wellicht mogelijkheden, maar spreker wil deze niet vastkoppelen aan de wijkvisie.
Voorts reageert hij op mevrouw Zin’kova dat bij het opstellen van de actieprogramma’s er ook overleg zal worden gevoerd met de woningbouwcorporaties. Hierbij zal ook het verkoopbeleid aan de orde worden gesteld.
In reactie op de indiening van de motie door Leefbaar Rotterdam geeft hij aan dat er met betrekking tot het gebiedsgerichte werken al veel is gedaan. Er is een ambtenaar aanspreekbaar voor de wijk Oosterflank. De motie is daarom voor negentig procent overbodig. De motie is voor tien procent onwenselijk omdat het niet de bedoeling is dat een ambtenaar overheidsgeld gaat uitgeven zonder dat daar democratische controle over bestaat.
De heer Meijer interrumpeert dat de aangevoerde punten uit het coalitieakkoord zijn gehaald.
De heer Van Duin antwoordt dat hij het voor een groot deel eens is met de inhoud van de motie, maar dat de invoering daarvan al in werking is gezet.
De heer Meijer interrumpeert nogmaals en stelt dat de motie voor honderd procent uit het coalitieakkoord is gehaald. Het verbaast hem daarom dat de portefeuillehouder het slechts voor negentig procent eens is met de motie.
Tot slot gaat de heer Van Duin in op de opmerkingen van de heer Eekhof. Hij ziet het advies van het Wijk Natuurteam als zeer waardevol en noodzakelijk voor de wijk Oosterflank. Er wordt gewerkt aan de aanpak van het waterpeil. Dit is erg lastig omdat Oosterflank veel bebouwing en verharding heeft.
Tweede termijn.
Mevrouw Huisman bedankt de heer Van Duin voor de beantwoording van de vragen. Ze vraagt de portefeuillehouder om een reactie op het voorstel van de VVD-fractie om Oosterflank aan te wijzen als een proeftuin in het kader van de WMO versus het uitvoeren/opstellen van de actieplannen voor Oosterflank.
De voorzitter antwoordt dat hij hier later op terug zal komen.
Mevrouw Van Drongelen geeft aan tegen de motie van Leefbaar Rotterdam te zullen stemmen. Wel verbaast haar de reactie van de portefeuillehouder op de motie. De inhoud komt namelijk uit het coalitieakkoord waar wordt gesproken over buurtbudgetten.
De heer Van Duin interrumpeert dat de motie vraagt om ambtenaren met een bepaald budget in tegenstelling tot de in het coalitieakkoord genoemde buurtbudgetten.
De voorzitter merkt op dat het nieuwe DB doorgaat op de door het oude DB ingeslagen weg. Er is in de huidige situatie een ambtenaar aanspreekbaar. Dit moet niet worden verstoord door nog een ambtenaar aan te stellen.
De heer Eekhof vindt dat de deelraad het aan de bewoners verplicht is om gemaakte afspraken na te komen.
De heer Schippers vraagt de portefeuillehouder wat nu precies wordt gedaan met het 10-puntenplan. Op een bewonersbijeenkomst van de bewonersorganisatie Oosterflank werd aangegeven dat de communicatie tussen de deelgemeente en de bewoners zou moeten worden verbeterd. Vooral de klachtenopvolging zou aandacht moeten krijgen. Hij suggereert om de resultaten van de wijkschouwen voor een deel op te volgen. Wat betreft de financiën zullen er prioriteiten moeten worden gesteld. Voorts doet hij het voorstel om in het kader van de waterhuishouding een vijver te maken in het Semiramuspark met daarin een pannenkoekenboot. Tot slot gaat hij in op het groen in de wijk. Er is veel beeldbepalend privaat groen dat het aanzien van de wijk ontsiert wanneer dit niet goed wordt onderhouden. Hij beseft dat het lastig is om privaat groen aan te pakken, maar vraagt zich af of er gezocht kan worden naar een bepaald drukmiddel.
Spreker is tegen de motie ingediend door Leefbaar Rotterdam omdat ambtenaren dan budgetten zouden ontvangen. Wel zou hij voor een traject zijn waarbij bewoners meer inspraak krijgen over de besteding van de wijkbudgetten.
De heer Snijders is tegen de motie van Leefbaar Rotterdam. Alleen al de zinsnede ‘dat er nu nog een gedifferentieerde bevolkingssamenstelling in de Oosterflank is’, is voor hem voldoende reden om tegen de motie te stemmen.
De heer Meijer citeert uit het coalitieakkoord: “We willen vorm geven aan bewonersparticipatie waarbij bewoners gestimuleerd worden om zelf actiever te worden, zelf te participeren en zelf verantwoordelijkheid te nemen. Om dat te bereiken zal de overheid in staat moeten zijn om actief in te spelen op de participatie van bewoners. Dat betekent dat de deelgemeente actief moet zijn in de communicatie met bewoners, dat er korte lijnen zijn om in te spelen op vragen en suggesties vanuit de bewoners. Dat er middelen, geld en capaciteiten nodig zijn om daadwerkelijk bewonersparticipatie te faciliteren. In dit kader willen we tevens bezien in hoeverre bij wijze van experiment de participatie van bewoners kan worden verhoogd door het gericht overdragen van budgetten en daarbij behorende verantwoordelijkheid aan bewoners/organisaties. Bevordering van bewonersparticipatie heeft ook tot gevolg dat de ambtelijke organisatie zich nog nadrukkelijker zal moeten manifesteren als een organisatie die voortdurend en intensief in contact is met onze bewoners, instellingen en bedrijfsleven en andere overheden. De ambtelijke organisatie moet goed in wijken en buurten vertegenwoordigd zijn om op die manier enerzijds de optimale adviseur te zijn voor het bestuur en anderzijds een slagvaardige partner voor bewoners, bedrijven en instellingen.”
De heer Van Duin reageert op de heer Meijer dat hij het voor een groot deel eens is met de overwegingen en constateringen uit de motie. Het uiteindelijke verzoek aan het DB heeft echter niets te maken met de inhoud van het coalitieakkoord. Er zullen experimenten worden uitgevoerd met buurtbudgetten en niet met ambtenaren die een budget zouden moeten krijgen. Buurten zullen onder het primaat van de politiek budgetten krijgen die zij zelf binnen door de deelraad vastgestelde kaders kunnen besteden.
In reactie op de heer Schippers maakt hij duidelijk dat het 10-puntenplan uitwerking heeft gekregen in de wijkvisie. Het actieprogramma wordt gemaakt naar aanleiding van de wijkvisie. Het 10-puntenplan heeft daardoor ook uitwerking in het actieprogramma. Wat betreft de financiën zullen er prioriteiten worden gesteld. Wel heeft het verleden bewezen dat wanneer er naar aanleiding van de wijkvisie een concreet plan is opgesteld, er vaak geld beschikbaar is bij de stadsgemeente. Zo is bijvoorbeeld voor Ommoord en de Parkas in het Lage Land geld beschikbaar gesteld door de stadsgemeente.
Mevrouw Van Drongelen interrumpeert dat er met betrekking tot toekomstvisie Ommoord steeds een bijstelling van de financiën moest worden gedaan vanwege een eerdere misrekening.
De heer Van Duin antwoordt dat de toekomstvisie Ommoord een periode van tien jaar bestrijkt en dat deze periode nog niet is verstreken.
Tot slot merkt hij op dat de overheid zich niet moet inmengen met het privé-terrein van bewoners totdat er sprake is van verpaupering. Wanneer dat wel het geval is moet er tevens worden gekeken of het gaat om privé-bezit of bezit van woningbouwcorporaties.
De motie wordt met 9 tegen 15 stemmen verworpen.
De wijkvisie wordt unaniem aangenomen.
16. Voorstel kostenraming Stadswinkel
De voorzitter wijst op de brief van de heer Besters. Hij stelt voor de behandeling uit te stellen tot de volgende vergadering.
Mevrouw Van Drongelen stemt in met het voorstel, maar vindt dat alle partijen die ook in de stadsgemeente zijn vertegenwoordigd hun vertegenwoordigers daar moeten aanspreken op de gang van zaken met betrekking tot de Stadswinkel.
De heren Eekhof en Van Dijk stemmen in met het verzoek van mevrouw Van Drongelen. De heer Van Dijk is van mening dat de Stadswinkel ook in het belang is van de stadsgemeente.
De heer Sörensen maakt duidelijk dat de fractie van Leefbaar Rotterdam wel een besluit wil nemen onder voorbehoud dat de gemeente eerst de zaken op orde heeft gebracht.
De behandeling van het voorstel wordt doorgeschoven.
17. Instelling commissie voor de Jaarrekening.
De voorzitter deelt mee dat het voorstel is de leden Van Dijk (voorzitter), Soijer (Leefbaar Rotterdam), Van der Veen (PvdA), Van Drongelen (CDA), Huisman (VVD), Boer (SP), Schippers (CU/SGP) en de heer Snijders (GroenLinks) te benoemen als leden van de commissie voor de Jaarrekening.
Er wordt schriftelijk gestemd.
De heer Van Brenkelen maakt de uitslag van de stemming bekend. Het voorstel wordt met 21 stemmen voor en drie stemmen blanco aangenomen.
18. Instelling commissie Programmabegroting.
De heer Eekhof amendeert het voorstel. Uit artikel 3 lid 3 van het raadsbesluit wil hij de woorden ‘en uit’ verwijderd zien worden. Het artikel luidt dan als volgt:
“De voorzitter en zijn plaatsvervanger worden door de deelraad benoemd.”
De heer Meijer geeft aan dat het lid en het plaatsvervangend lid van Leefbaar Rotterdam in het voorstel zijn omgedraaid. In het voorstel zou de heer Veldhuijzen als lid en de heer Soijer als plaatsvervangend lid moeten worden benoemd.
De heer Van Schaik merkt op dat Leefbaar Rotterdam tegen het amendement van de heer Eekhof is. Er zijn vijfentwintig geschikte kandidaten in de deelraad. Hij vraagt zich af waarom er dan iemand van buiten de deelraad in de commissie zou moeten worden benoemd. Spreker heeft geen persoonlijke bezwaren tegen de heer Zwijnenburg, maar vindt het niet acceptabel dat iemand van de grootste verliezende partij op een dergelijke belangrijke positie wordt benoemd.
Mevrouw Van Drongelen vraagt of Leefbaar Rotterdam het voorstel amendeert door een andere kandidaat naar voren te schuiven.
De heer Van Schaik antwoordt bevestigend en draagt namens Leefbaar Rotterdam de heer Veldhuijzen voor als voorzitter van de commissie.
Door een fout in de stembriefjes en de voordracht van niet-raadsleden als lid van de commissie wordt er niet over het voorstel gestemd. De voorzitter geeft aan dat er twee kandidaten zijn voor de functie van voorzitter van de commissie en stelt voor de stemming uit te stellen tot de volgende vergadering.
19. Aanpassing regeling fractievergoedingen.
De heer Soijer maakt duidelijk dat de fractie van Leefbaar Rotterdam tegen iedere verhoging van kosten van fracties of afsplitsingen is. De burger heeft naar zijn mening geen behoefte aan verhoging van kosten die niet in de begroting zijn opgenomen. Leefbaar Rotterdam is principieel tegen het afsplitsen van raadsleden van partijen. Hij beseft dat hier een wetswijziging voor noodzakelijk is en roept daarom alle leden op er bij hun vertegenwoordigers in de Tweede Kamer op aan te dringen de wet spoedig te wijzigen. Spreker steunt dan ook het gedeelte van het voorstel dat verhoging van kosten tegenhoudt.
Wat betreft het tweede gedeelte is Leefbaar Rotterdam een voorstander van het terugdringen van de kosten van de fracties. De kosten dienen binnen de begroting te blijven, zoals dat eerder is afgesproken. Omdat er met het nieuwe DB en daarmee de uitbreiding van het aantal dagelijks bestuurders een flinke overschrijding van het budget heeft plaatsgevonden, wil Leefbaar Rotterdam de bezuinigingen niet ongedaan maken en zal daarom tegen het voorstel stemmen.
De heer Eekhof deelt mee dat de PvdA-fractie zich kan vinden in de besluiten.
Het voorstel wordt aangenomen zonder de steun van Leefbaar Rotterdam.
20. Lijst van ingekomen stukken.
Brief nr. 1
De heer Van Pelt merkt op dat het aan te leggen fietspad tussen de Cole Porterstraat in Zevenkamp en de wijk Haag en Park wordt aangelegd twee volkstuincomplexen door midden snijdt. Spreker geeft aan dat Leefbaar Rotterdam niet is overtuigd van de noodzaak van de aanleg van het fietspad. Er zijn andere ontsluitingen en ook de Wollefoppeweg is een goed alternatief. Volgens het rapport van de heer Pot zouden problemen met hangjongeren, vandalisme, enzovoorts geen aanleiding moeten zijn om de aanleg van het fietspad tegen te gaan. Hij vraagt zich af waarom er in het rapport geen verslag van een gesprek met de wijkcoördinator van de politie of met de wijkagent is weergegeven. Volgens spreker is de politie geen voorstander van de aanleg van het fietspad. Er is overlast van hangjongeren op de parkeerplaats bij de volkstuinen, er is een toename van vandalisme en door de aanleg van de metroverbinding worden de complexen gebruikt als slaapplaats voor daklozen. Ook in de commissievergadering van 16 januari is er door de heer Van der Torre gevraagd om duidelijke argumenten voor de aanleg van het fietspad aan de portefeuillehouder. Sinds 1999 is de situatie van het fietspad flink veranderd. Ook heeft de heer Krul gevraagd het inrichtingsplan nogmaals te bekijken. Spreker is van mening dat de portefeuillehouder deze vragen niet heeft beantwoord en dat de mening van de bewoners voor hem blijkbaar niet belangrijk was. Tot slot geeft hij aan dat Leefbaar Rotterdam tegen de aanleg van het fietspad is en vraagt de deelraad een standpunt in te nemen.
De heer Van Duin antwoordt dat het DB er niet is om voorgenomen besluiten aan de deelraad of commissie voor te leggen. Het DB heeft een besluit genomen. Wel ligt er een bezwaarschrift van een aantal bewoners bij de commissie beroep en bezwaar. Na uitspraak zal er door het DB een heroverweging worden gemaakt. Er is in het verleden flink gediscussieerd over de toekomst van Nesselande. Er is toen afgesproken dat het een milieubewuste wijk zou moeten worden waarvoor een fijnmazig fietspad nodig zou moeten zijn. Dit heeft de deelraad besloten en het DB voert deze besluiten uit. Hij heeft begrip voor de eigenaren van de volkstuinen. De bewoners waren bij de koop van hun huis op de hoogte van de aanleg van het fietspad.
Brief nr. 5
Mevrouw Zimmerman heeft geconstateerd dat er honderdduizend euro zal worden bezuinigd bij de Roteb. Dit geld zal worden weggehaald bij het bedrag dat is gereserveerd voor het verwijderen van hondenuitwerpselen. Ze vraagt zich af of dit in strijd is met het hondenpoepbeleid.
De voorzitter antwoordt dat ze schriftelijk antwoord krijgt van het DB.
Brief nr. 16
Mevrouw Van Drongelen vraagt portefeuillehouder Noeverman naar een discrepantie tussen de toeristische bepaling voor het centrumgebied van Nesselande, pagina 2, en het coalitieakkoord, pagina 14. Het gaat daarbij niet over het aantal koopzondagen maar over de uitbreiding van het aantal winkels. De heer Noeverman zou hier principieel op tegen moeten zijn.
De heer Schippers maakt duidelijk dat de CU/SGP-fractie het genomen besluit betreurt. Wel vraagt hij het DB er op aan te dringen de openstelling te beperken tot de zomermaanden wanneer er daadwerkelijk sprake is van toerisme.
De heer Van Duin antwoordt op de heer Schippers dat hij er niet vanuit gaat dat de winkels tweeënvijftig zondagen per jaar open zullen gaan. Er zal waarschijnlijk van mei tot september gebruik van worden gemaakt. Voorts wijst hij op het coalitieakkoord waarin is afgesproken dat er geen uitbreiding van het aantal koopzondagen zal plaatsvinden.
Mevrouw Van Drongelen interrumpeert en vraagt een reactie van de heer Noeverman.
De voorzitter reageert dat er sprake is van collegiaal bestuur en dat de heer Van Duin heeft gesproken voor het gehele DB, inclusief de heer Noeverman.
21. Vragenhalfuur raadsleden.
Er wordt geen gebruik gemaakt van dit punt.
22. Rondvraag.
Er wordt geen gebruik gemaakt van dit punt.
23. Sluiting.
De voorzitter sluit de vergadering om 23:00 uur.
