Verslag van de Openbare vergadering van de deelraad Prins Alexander gehouden op maandag 13 november 2006 in het deelgemeentekantoor aan het Prins Alexanderplein 6.
Aanwezig: Mevr. M.A. Huisman (VVD), mevr. J.P. van Schaik-Van der Torre (Leefbaar Rotterdam), mevr. J.L. Ton (CDA), mevr. A.R. van der Veen (PvdA) en mevr. A.M. Zimmerman-Smit (CDA) alsmede de heren H.L.E. Blanck (PvdA), M. Boer (SP), P.J. van Brenkelen (Leefbaar Rotterdam), R. Choenni (PvdA), J.H. van Dijk (VVD), A.A.P. Eekhof (PvdA), D. Graafland (SP), J. Kooijman (PvdA), D.J.J. van Lottum (CDA), P. Meijer (Leefbaar Rotterdam), D.J. van Pelt (Leefbaar Rotterdam), A. Salhi (PvdA), B. van Schaik (Leefbaar Rotterdam), J.A. Schippers (CU/SGP; vanaf 18:45 uur), A. Siebel (Leefbaar Rotterdam), C. Snijders (GroenLinks), L. Sörensen (Leefbaar Rotterdam), J.C.M. Soijer (Leefbaar Rotterdam), P. Veenstra (PvdA) en W. Veldhuijzen (Leefbaar Rotterdam).
Griffie: R.D. Weststrate (griffier)
Notulist: P.J. Hoepel, Alpha Talen Nederland BV Waddinxveen
Dagelijks bestuur: R. Krul (voorzitter van het dagelijks bestuur en de deelraad), E.G. van Duin (portefeuillehouder), mevr. G. Boekhoudt (portefeuillehouder), P.C. Paulusma (portefeuillehouder) en J. Noeverman (portefeuillehouder).
Ambtshalve aanwezig: A.M.C. Besters (secretaris)
Belangstellenden: ca. 15 belangstellenden.
1. Opening
De voorzitter opent de vergadering om 14:00 uur.
2. Benoeming commissie tot onderzoek van de geloofsbrieven
De voorzitter stelt voor de leden Veenstra, Van Pelt en Zimmerman te installeren in de commissie. De deelraad stemt in met het voorstel tot benoeming van de leden in de commissie.
3. Onderzoek geloofsbrieven van het te installeren raadslid de heer D. Graafland (SP) en het tijdelijk, in de plaats van mevrouw G.J. Brand, voor een periode van zestien weken te installeren raadslid mevrouw J.P. van Schaik-Van der Torre (Leefbaar Rotterdam)
4. De heer Veenstra brengt, als eerst benoemd lid, namens de commissie tot onderzoek van de geloofsbrieven verslag uit aan de deelraad
De heer Veenstra geeft aan dat de commissie geen bezwaren heeft tegen de te installeren raadsleden.
5. Installatie raadsleden
De voorzitter noemt de namen van de te installeren personen. Vervolgens spreekt hij de volgende tekst uit:
“Ik verzoek alle aanwezigen op te staan voor de te installeren leden van de deelraad. Ik verzoek u, nadat ik de tekst van de eed heb voorgelezen en nadat ik uw naam heb genoemd als u de eed wilt afleggen, twee vingers van uw rechterhand op te steken en te zeggen "Zo waarlijk helpe mij God almachtig". Geeft u er de voorkeur aan de belofte af te leggen, dan kunt u, zonder uw vingers op te steken, volstaan met te zeggen "Dat verklaar en beloof ik".”
Vervolgens leest de voorzitter de tekst van de eed (verklaring en belofte) voor:
“Ik zweer (verklaar) dat, om tot lid van de deelraad benoemd te worden, rechtstreeks noch middellijk onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd.
Ik zweer dan wel verklaar en beloof, dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen.
Ik zweer dan wel beloof dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als lid van de deelraad naar eer en geweten zal vervullen.”
De voorzitter gaat vervolgens over tot het afnemen van de eed of de belofte.
Mevrouw Van Schaik-Van der Torre legt de eed af en de heer Graafland de belofte.
De voorzitter verklaart de hiervoor genoemde personen geïnstalleerd als lid van de deelraad en wenst hen veel succes en plezier in het vervullen van hun ambt.
6. Vaststelling agenda
De voorzitter doet namens de heer Schippers het verzoek om de bijdrage van de heer Schippers in de eerste termijn uit te stellen tot 18:45 uur in verband met drukke werkzaamheden in de middag.
Mevrouw Ton tekent hier bezwaar tegen aan. De datum van de vergadering staat al geruime tijd vast, zodat werkzaamheden van raadsleden hier op aangepast kunnen worden. Ieder raadslid moet tijd vrijmaken om de vergaderingen bij te kunnen wonen ook wanneer deze ‘s middags beginnen. Ze is principieel tegen het verzoek en wanneer de deelraad akkoord gaat, wil ook zij haar eerste termijn in verband met familieomstandigheden na de pauze uitspreken.
De fractie van Leefbaar Rotterdam sluit zich aan bij het CDA.
De heer Van Dijk kan de emotie en de woorden van mevrouw Ton begrijpen, maar vindt dat er met betrekking tot een eenmansfractie een uitzondering mag worden gemaakt.
Ook de fracties van GroenLinks, SP en PvdA stemmen in met het verzoek van de heer Schippers. Daarmee staken de stemmen en wordt het verzoek afgewezen.
7. Gelegenheid tot het stellen van vragen door het publiek over onderwerpen die niet op de agenda staan
Er wordt van deze mogelijkheid geen gebruik gemaakt.
8. Mededelingen en rondvraag
De heer Graafland maakt een opmerking over de rubriek ‘Raadsleden aan het woord’ in de Havenloods. Dit stuk is erg lastig te lezen door de donkere achtergrond achter de tekst. Daarnaast geeft hij aan dat de krant zeer slecht wordt bezorgd.
De heer Meijer brengt naar voren dat er is afgesproken om vragen ten minste twaalf uur voor de vergadering bekend te maken. Dat is in deze niet gebeurd.
De voorzitter antwoordt dat die afspraak betrekking heeft op agendapunt 9 en niet op de rondvraag voor de deelraad zelf.
De heer Van Lottum wijst op het besluit dat twee jaar geleden is genomen om van wijkblad te veranderen in verband met de slechte bezorging van het toenmalige wijkblad. Hij vraagt zich af of er niet een evaluatie moet worden gehouden om eventueel over te stappen op een ander wijkblad voor de mededelingen van de deelraad.
De voorzitter reageert dat de opmerkingen zullen worden neergelegd bij de afdeling communicatie.
9. Vragenhalfuur raadsleden en informatieverstrekking door het dagelijks bestuur
De heer Van Lottum wijst op de toezegging van portefeuillehouder Noeverman om bij voorkeur eind oktober te komen met een lijst van suggesties voor de twee resterende locaties voor dak- en thuislozen. Deze zou in een besloten vergadering bekend worden gemaakt. Er is echter nog geen datum voor een dergelijke vergadering bekend. Hij vraagt wanneer dit bekend wordt.
De voorzitter maakt duidelijk dat de vraag van de heer Van Lottum minimaal twaalf uur voor aanvang van de vergadering moet worden aangemeld. Dit is niet gebeurd.
De heer Noeverman stelt voor de vraag bij de behandeling van het verslag te beantwoorden.
10. Behandeling Programmabegroting 2007 en de 2e Bestuursrapportage 2006
1etermijn deelraad
De heer Meijer leest de volgende speech voor:
“Na ongeveer 6 maanden oppositie maken we een tussenbalans op van wat tot nu toe bereikt is door Leefbaar Rotterdam. Het is ons helaas gebleken dat wij weinig bijval hebben gekregen voor voorstellen van onze kant. Hierbij dient te worden opgemerkt dat Leefbaar Rotterdam wel een aantal keren positief is meegegaan in voorstellen van andere politieke partijen. We zouden het zeer betreuren voor de bewoners van de deelgemeente als onze constructieve opstelling zou moeten omslaan in een destructieve houding. Desalniettemin hebben wij dit stadium nog niet bereikt en gaan wij ervan uit dat de voorzichtige snuffelfase nu voorbij is en dat de afzonderlijke coalitiepartijen zich ook van hun aaibare kant gaan laten zien.
Bij de voorjaarsnota 2006 werd ons verweten geen constructieve bijdrage te leveren. Dit keer hebben wij het anders aangepakt. Wij beseffen dat het stellen van meer dan honderd technische vragen de nodige belasting van het ambtelijk apparaat oplevert. Wij hebben dit niet gedaan om de zaken te frustreren. Wij hebben oprecht geprobeerd duidelijkheid te verkrijgen over de in de begroting omschreven doelstellingen.
Gelooft u maar dat ons het constructief oppakken van de programma begroting na het lezen van de eerste pagina van de nota van aanbieding niet echt mee viel.
Het is namelijk niet leuk om te lezen, dat er feitelijk alleen maar iets gevonden kan worden over de bestekding van zeven ton. We hebben het hier over slechts twee procent van de begroting. Nog schokkender is dat dit bestuur de loftrompet blaast om dit bedrag in 2010 te verruimen naar maar liefst vijf procent. Dit terwijl op pagina 71 van de programmabegroting kunnen lezen dat de uitgaven voor modern bestuur, dus voor raad en dagelijks bestuur, ongeveer drie miljoen bedraagt. Wij willen hier dan ook onder het genot van een warme bak koffie, een vers broodje en wat sinaasappelsap tijdens een van de ontbijtjes over van gedachten wisselen met leden van het DB.
Wat ons bevreemdt, is dat er in de beantwoording van de technische vragen naar voren komt dat het op sommige terreinen onmogelijk is om hoofddoelstellingen toetsbaar te maken middels objectiveerbare indicatoren. En dat er momenteel nog geen deelkwantificaties ontwikkeld zijn die mogelijk wel van toetsbare aard zijn. Als u dit weet en ook aangeeft uw beleid inzichtelijk en toetsbaar te willen maken, waarom formuleert u deze deeldoelstellingen en indicatoren niet in uw productraming? In sommige gevallen moeten wij zelfs constateren dat voor wat betreft de samenhang tussen de programmabegroting en productraming er slechts sprake is van het betere knip- en plakwerk. Mede daardoor is er zeker geen sprake van een verdere kwantificering van hetgeen bereikt dient te worden in 2007.
Voor uitvoering van haar beperkte taken heeft onze deelgemeente een budget van 40 miljoen. Het gaat hier om belastingcenten. Met geld uit de portemonnee van de ander dient het DB zorgvuldig om te gaan . Het is de taak van het DB om met zo min mogelijk uitgaven het beoogde resultaat te behalen. Dit lijkt logisch, maar levert wat ons betreft wel het eerste knelpunt van de voorgelegde begroting bloot.
In de begroting ontbreekt het structureel aan SMART-geformuleerde resultaten. Uit de meer dan honderd door ons gestelde vragen blijkt daarnaast ook, dat het inzicht in de huidige stand van zaken structureel ontbreekt. U doet dus niets meer dan sturen op intenties. Ik zal u een voorbeeld niet onthouden. In principe kan ik vrijwel iedere willekeurige pagina van de programmabegroting gebruiken. Om het mijzelf in de tweede termijn wat makkelijker te maken kies ik echter voor ‘wonen’ op pagina 30.
U wilt bereiken dat er in onze deelgemeente passende woonruimte is voor alle categorieën inwoners. Prima, maar wij willen dan natuurlijk wel weten hoe groot de huidige mismatch is. Dan blijkt ineens dat u geen idee heeft welke categorieën bewoners er nu eigenlijk zijn. Laat staan dat u de omvang van deze categorieën kent. Verder kunt u zonder het benoemen van de verschillende categorieën ook de woonbehoeften niet bepalen. Tot overmaat van ramp geeft u aan geen woonbeleid te hebben en, nog erger, dat het beleid in deze bepaald wordt door de gemeenteraad en de woningcorporaties. Leest u zelf de antwoorden 94 tot en met 98 maar eens door. Wat wilt u nu eigenlijk echt bereiken?
U gaat de kwaliteit van de woningen aan laten sluiten op de hedendaagse woonwensen. U zult niet verbaasd zijn dat ik dan, als gedreven volkshuisvester, graag van u wil weten wat volgens u de hedendaagse woonwensen zijn. Daarnaast wil ik weten wat u nu precies wilt gaan doen om de aansluiting van de huidige woningvoorraad te realiseren. In antwoord 100 geeft u enkele voorbeelden van aanpassingen die u kennelijk in de bestaande woningvoorraad wilt realiseren. Tot mijn niet geringe verbazing noemt u hier het aanpassen van keukenblokken en badkamers, dubbel glas en veiligheidsmaatregelen. Kortom goed nieuws voor alle woningcorporaties en andere verhuurders! Helaas, helaas, in antwoord 101 blijkt dan, dat u toch niet deze aanpassingen verricht, maar dat het opnieuw de verantwoordelijkheid van een ander is. Wat gaat u nu concreet doen?
We gaan gewoon nog even verder op pagina 30 van de programmabegroting. U gaat het aanbod voor starters vergroten. Aangezien u het huidige aanbod wil vergroten, gaan wij er vanuit dat u het huidige aanbod kent. Helaas, bij de vraag over de omvang van het voor starters geschikte woningenaanbod komt u in antwoord 104 niet verder dan dat starters in Rotterdam redelijk goed terecht kunnen. Maar goed, u gaat het woningenaanbod voor starters vergroten, dus vragen wij ons af hoe groot het aanbod voor starters in 2007 moet zijn. Tot onze niet geringe verbazing antwoordt u in antwoord 105, dat er voor de deelgemeente geen aanleiding is om hier specifiek beleid voor te maken. En het wordt nog gekker: u telt vervolgens dat er momenteel in de deelgemeente voor starters een redelijk aanbod is. U gaat het woningaanbod voor starters dus kennelijk niet vergroten. Wat doet u nu eigenlijk wel?
Om u bij uw werkzaamheden te helpen, hebben wij een motie over de noodzakelijke nulmeting opgesteld. Een goed begin is immers het halve werk. Mede daarom vragen wij ook voor deze motie om een hoofdelijke stemming.
U maakt zich zorgen over de beperkte middelen die stedelijk voor het realiseren van aanvullende kwaliteit in de buitenruimte beschikbaar worden gesteld. Dat treft, dat doen wij ook. Ook wij struikelen onder andere over de door wortels omhoog gedrukte tegels van het winkelcentrum Lage Land. Zo zijn er nog talloze locaties in onze deelgemeente aan te wijzen waar strijkijzeren echt niet meer helpt.
Vanzelfsprekend moeten er keuzes worden gemaakt. Wat ons echter verbaast, is dat u verder niet veel anders met dit gegeven doet dan bij de Coolsingel aandringen op meer geld. Waarom niet kijken naar de middelen die we hebben? En dan niet alleen binnen de geijkte kaders kijken, maar echt eens kijken naar de middelen die we hebben.
Waarom niet eens een herijking van de verdeling buitenruimte en sociaal? Maar ook wij zijn ons ervan bewust dat deze visionaire blik momenteel ‘not done’ is binnen onze bestuurlijke en ambtelijke organisatie. Voor nu beperken wij ons tot het uitdelen van een speldenprik.
Een fris en gezond winkelbestand doet wonderen voor een wijk. Het schept werkgelegenheid, brengt mensen op straat, brengt geld in de la van de ondernemer en geeft een wijk een zet in de goede richting. Daarnaast doen veel jongeren hun eerste werkervaring op binnen het MKB. Mede in dit daglicht verbaast ons uw tomeloze inzet om de vestiging van de ALDI in winkelcentrum Binnenhof tegen te houden. Bij deze agenderen wij de komst van de ALDI dan ook voor de volgende vergadering en laten dit nu graag in de notulen opnemen.
Ook de zondagopeningen van winkels dragen bij aan de werkgelegenheid in onze deelgemeente. Het Alexandrium is een boven regionaal winkelcentrum. Het Alexandrium, en ook andere grotere winkels in onze deelgemeente, moet concurreren met de winkelvoorzieningen in de stad. Gelukkig zijn wij niet de enige die hier zo over denken. In het verkiezingsprogramma van de VVD vinden wij een zeer heldere motivatie voor het soepel toepassen van de zogenaamde ‘situatieregeling’ en ruimhartig om te gaan met de toewijzing van koopzondagen. Wij maken in onze motie dan ook dankbaar gebruik van de zinsneden uit het verkiezingsprogramma van de VVD.
Het gaat hier om een keuze tussen de genoemde maatschappelijke kansen en werkgelegenheid en religieuze overwegingen. Omdat eventuele religieuze overwegingen de gelederen van de verschillende fracties doorsnijden, verzoeken wij om een hoofdelijke stemming over deze motie.
Wij zijn verheugd te zien dat het gebiedsgericht werken hoog op de politieke agenda van dit DB staat. Wij delen de mening dat gebiedsgericht werken de zichtbaarheid in wijken en de integraliteit van producten en diensten en de kwaliteit van de uitvoering ten goede komen.
Gebiedsgericht werken is een van de hoofdthema’s in ons verkiezingsprogramma en Leefbaar Rotterdam heeft er dan ook alle baat bij dat gebiedsgericht werken op een goede, snelle en effectieve manier wordt geïmplementeerd. Wij zijn echter ook bezorgd.
Bezorgd om het feit dat de gebiedsgerichte teams al een tijdje aan de slag zijn. Dit zonder dat de deelraad ooit fatsoenlijk op de hoogte is gebracht van de voortgang. Bezorgd omdat de implementatie van het gebiedsgericht werken gepaard gaat met een forse reorganisatie.
Uit stukken moeten wij vernemen dat de organisatie gekanteld dient te worden en dat het ‘sectormodel’ plaats moet maken voor een ‘directiemodel’. Voor ons zijn dit slechts mooie, maar betekenisloze woorden. Betekenisloos omdat wij simpelweg niet fatsoenlijk op de hoogte worden gehouden.
Nog erger is, dat de bekendheid van deze gehele ommezwaai onder de bewoners van PA nihil is. Tot overmaat van ramp lezen wij op pagina 68 van de programmabegroting dat het DB mogelijk, eventueel voorzichtig, beziet of de mogelijkheid bestaat om naast de portefeuille een coördinatorschap van een gebied op zich te nemen.
Beste bestuurders, waarom deze twijfel, deze voorzichtige benadering? Is dit wat u bedoelt met open resultaatgericht en daadkrachtig besturen? Is dit de visionaire blik die uw partijgenoten u toedichten?
Kom op! U weet dat het gebiedsgericht werken de toekomst heeft. Handel hier dan ook naar. Adopteer een gebied en schreeuw dit publiekelijk van de daken. Om u een steuntje in de rug te geven, zullen wij hiervoor een daadkrachtige motie indienen. Omdat wij weten dat er binnen deze deelraad ware visionairen zijn die zich niet altijd willen laten leiden door partijpolitiek, verzoeken wij ook bij deze motie om een hoofdelijke stemming.
Wij zijn verheugd om te zien dat het DB de ernst van huiselijk geweld erkent en bereid is extra middelen ter beschikking te stellen voor de preventie. Leefbaar Rotterdam wil echter ook u op de hoogte stellen van een andere vorm van geweld. Een vorm van geweld dat vaak ten onrechte wordt vergeleken met huiselijk geweld, namelijk eergerelateerd geweld. Eergerelateerd geweld lijkt veel op huiselijk geweld. Zowel bij huiselijk geweld als bij eergerelateerd geweld kan iemand worden geslagen, uitgescholden, misbruikt of kan het voorkomen dat die persoon dingen moet doen die hij of zij niet wil. Bij huiselijk geweld kan dat zonder specifieke reden gebeuren, maar bij eergerelateerd geweld gebeurt dit nooit zomaar. Iemand die een ander mishandelt, doet dit omdat hij of zij vindt dat de ander straf verdient. De persoon die mishandeld wordt ‘verdient’ straf omdat hij of zij de eer van de ander of van de familie heeft geschonden. De persoon en/of de familie heeft het gevoel niet meer over straat te kunnen zonder dat anderen gaan roddelen. Daarom moet de eer worden gezuiverd.
Eerwraak is onlangs gelukkig weer uitgebreid op de politieke agenda gezet. In 020, (een echte Rotterdammer blijft het moeilijk vinden om de ware naam van onze hoofdstad uit te spreken), heeft er een groot onderzoek plaatsgevonden. In Rotterdam wordt er een lokale pilot gestart met landelijke allure. Het is een thema waarbij alle politieke stromingen de handen ineenslaan. Zo wil men met vereende krachten hulpverleningaanbod creëren voor de met name jonge meisjes die slachtoffer worden.
Je zult het maar meemaken, dat je als 15-jarig meisje het huis uit moet vluchten, omdat je niet kan en wil voldoen aan het verwachtingspatroon van je familie. Dat je als 15-jarig meisje in anonieme opvanghuizen moet wonen, omdat je bang bent dat je eigen broer zijn familie-eer wil wreken. Nee mensen, dit is geen onderwerp waar geacht wordt politiek te bedrijven. Dit is een onderwerp waarbij wij onze handen ineen moeten slaan en met vereende krachten doen wat in onze mogelijkheid ligt om te zorgen dat mensen die te maken hebben met eergerelateerd geweld op zo’n adequate mogelijk manier geholpen worden.
Vanaf het zomerreces experimenteert de deelraad met het ‘anders vergaderen’. Naar onze mening voldoet het ‘anders vergaderen’ niet aan de verwachtingen. Vergaderingen worden geannuleerd, bewoners en belanghebbenden is het niet duidelijk wanneer zij wel of niet de raad kunnen informeren en het besluitvormingsproces voor zaken die er echt toe doen is niet korter geworden. Kortom de gesignaleerde knelpunten zijn door het ‘anders vergaderen’ niet verdwenen. Voor Leefbaar Rotterdam is het duidelijk: terug naar vergaderen met twee of drie commissies. Met hierbij de kanttekening dat er zodanige afspraken gemaakt moeten worden, dat de commissievergaderingen in de raad niet nog eens dunnetjes overgedaan worden.
Leefbaar Rotterdam is van mening dat tijdens de raadsvergaderingen het DB meer aandacht moet schenken aan het verstrekken van informatie omtrent lopende, actuele zaken, zodat de raad beter geïnformeerd wordt. Dit mede ook in het kader van de controlerende taak die de raad tenslotte heeft.”
Vervolgens leest de heer Meijer een viertal moties voor. Deze zijn als bijlage toegevoegd aan de notulen.
Motie 1: Nulmeting
Motie 2: Koopzondagen
Motie 3: Gebiedsgericht werken
Motie 4: Eergerelateerd geweld
Mevrouw Ton leest de volgende speech voor:
“Voorzitter, politiek is keuzes maken en deze helder, concreet en afrekenbaar aan de bewoners duidelijk maken. Immers, bewoners moeten kunnen zien waar ze wel of niet voor gekozen hebben tijdens de verkiezingen. Doordat dit nu niet is gebeurd, is er veel onduidelijkheid gerezen die door de organisatie moest worden opgevangen en opgelost. Meneer Besters, wij als CDA vinden het heel vervelend voor de organisatie wanneer een bestuur het laat afweten bij het maken van duidelijke keuzes en het neerzetten van toekomstlijnen voor beleid. Namens het CDA wil ik de organisatie dan ook excuses aanbieden voor het enorme beslag dat wij op hun reguliere werkzaamheden hebben gelegd door het grote aantal schriftelijke vragen die wij over deze begroting en productenraming hebben ingediend.
De begroting 2007 gaat over het dagelijks leven in onze deelgemeente: gezin, jeugd, ouderen, werk, welzijn, veiligheid, wonen en buitenruimte. Het CDA heeft daarover een duidelijke en consistente mening, hetgeen hierna zal blijken.
Het CDA PA kiest voor inspraak en actieve betrokkenheid van bewoners en organisaties bij het ontwikkelen en voeren van beleid. De eerste ervaringen met het anders vergaderen in deze ruimte hebben ons wat dit betreft niet vrolijk gestemd en wij zijn dan ook van mening dat de afgesproken evaluatie hiervan niet snel genoeg kan plaatsvinden. We zagen de afgelopen vergaderingen helemaal geen bewoners meer op de tribune en dit argument was een van de hoofdredenen om te komen tot een andere manier van vergaderen, met als doel politiek meer onder de aandacht van bewoners te brengen en hen meer te betrekken bij het deelgemeentelijk beleid.
Wij zien dan ook uit naar het opnieuw instellen van bijvoorbeeld een tweetal technische commissies, waardoor de deelraad zich alleen met de politieke kant van vraagstukken hoeft te bemoeien.
Wij hopen verder dat als resultaat van de twee pilots in Zevenkamp en Oosterflank de bewoners van deze wijken zich meer thuis zullen voelen in de eigen straat en buurt en zich actiever opstellen voor de samenleving in onze Polder. Want voorzitter, samenleven doen we tot nu toe eigenlijk veel teveel alleen en niet samen. Wij kijken dan ook met belangstelling uit naar de voortgang bij deze pilots en verwachten da u ons daarvan op de hoogte houdt.
Zo kijken wij ook met belangstelling uit naar de eerste resultaten van de wijkteams en hun interactie met bewoners bij het verbeteren van de leefbaarheid en het oplossen van problemen in hun woonomgeving. De recente opening van de Stadswinkel in onze deelgemeente vindt zijn ratio met name in de wens om tot nog betere dienstverlening te komen aan onze bewoners. Wij gaan ervan uit dat velen de weg hiernaar zullen vinden, en niet alleen voor hernieuwing van paspoort en rijbewijs.
Voorzitter, de werving, samenstelling en functie van het zogeheten burgerpanel dat als klankbord zou moeten gaan fungeren voor het DB is ons nog niet helemaal duidelijk geworden. Wij denken dat deze deelraad als klankbord zou dienen te fungeren. Kunt u hier nader op ingaan? En voorzitter, wij hebben ook nog een suggestie; in het kader van een preventieve aanpak denken wij dat de huidige kosten voor tolkkosten beter zouden kunnen worden besteed aan taallessen voor betrokkenen.
Voorzitter, even een uistapje maken naar de landelijke politiek. We hebben vernomen dat de heer Bos een voorkeur heeft voor een coalitie met VVD en GroenLinks. Mogelijk dat er contact is geweest met de heer Krul. Deze zal dan ongetwijfeld de suggestie hebben gedaan om de SP en CU/SGP erbij te halen. Immers politiek mag wat kosten als men maar op het pluche komt.
Ouderen
Voorzitter, de lijn die mede door het CDA in het verleden is uitgezet om ouderen een volwaardige positie in de samenleving te geven, heeft vruchten afgeworpen. Wij willen dit blijven steunen, omdat we willen dat ouderen in die samenleving zo goed mogelijk blijven functioneren. Aan ouderen moet geen standaard zorgpakket worden aangeboden, er dient te worden gekeken naar de behoefte van een oudere. De zorgsector moet hierop inspelen. Iedere oudere die dat wenst en waarvoor de mogelijkheid bestaat, moet zelfstandig kunnen blijven wonen. Ouderen moeten niet ongewild in een sociaal isolement geraken, maar juist zo lang mogelijk zelfstandig in hun leefomgeving kunnen blijven functioneren.
Het is daarom te betreuren dat op onze ouderen steeds weer nieuwe onzekerheden afkomen, zoals recent de discussie over de invoering van de WMO. De vertragingen in de afronding van het wetgevingsproces in Den Haag en de discussie over de uitwerking door de Coolsingel van de daarop stoelende verordening in Rotterdam geeft met name ouderen niet veel gemoedsrust. Voorzitter, in de zogeheten eerste vijf prestatievelden van de wet die onder de regie van de deelgemeente komen, zullen met name het faciliteren van de rol van mantelzorgers en voorzieningen op het terrein van signalering en een wegwijs maken in het hulpaanbod veel van uw proactieve regie vragen. Een suggestie van het CDA betreffende dit onderwerp aan andere politieke partijen is om de WMO te benutten als onderwerp voor bijeenkomsten met bewoners. Onze ervaring is dat bewoners dit erg op prijs stellen en op deze manier wordt een goede invulling gegeven aan politiek dicht bij mensen te brengen.
Een belangrijk thema bij ouderen vormt veiligheid, waarbij wij opnieuw aandacht vragen voor veiligheid achter de voordeur. Geweld jegens ouderen is een uitwas in onze samenleving. Schaamte van slachtoffers – daar vaak familie en vrienden een belangrijke rol spelen – is vaak de oorzaak van het feit, dat niet direct aangifte wordt gedaan. Het zou ons inziens daarom helpen als er een meldpunt zou komen waar ouderen terecht kunnen, bijvoorbeeld bij het MDA, liefst in samenspraak met Pluspunt, en dat daaraan regelmatig bekendheid wordt gegeven op de deelgemeentelijke pagina’s.
Voorzitter, wij vinden het tevens belangrijk dat waar in buurthuizen en/of wijkcentra contactgroepen van ouderen actief zijn – zoals bijvoorbeeld in Zjaak waar iedere twee weken een bijeenkomst is met spreker – deze groepen zonder meer worden gefaciliteerd, ook financieel, door de bewonersorganisaties in die centra.
Jongeren
Voorzitter, het CDA blijft van mening dat ouders hoofdverantwoordelijken zijn bij de opvoeding. Maar voorzitter, de overheid moet wel zorgen voor een zo veilig mogelijke, kansrijke en leefbare omgeving. En daarin wil het CDA dan ook investeren: in leefomgeving, onderwijs, begeleiding en vrijetijdsbesteding en steunen wij het DB in zijn beleidsvoornemens op dit punt. Kinderopvang, zowel vroegschools als voorschools, ziet het CDA als een goede aanvulling op het gezinsleven. En voorzitter, bezoekjes aan een coffeeshop en krachtig gebruik van breezers rekenen wij daar beslist niet onder. In dit verband willen wij graag de pilot betreffende een blowverbod in de buitenruimte welke is geweest in Amsterdam onder uw aandacht brengen. De resultaten hiervan zijn positief, bewoners vinden hun leefomgeving verbeterd en er is sprake van een verhoogde veiligheid. Mogelijk dat bijvoorbeeld op het Ambachtsplein, waar een alcoholverbod is, ook een blowverbod kan komen.
Voorzitter, na lezing van uw uitleg over instrumenten gericht op sociale activering zoals OK bank, vragen wij ons af of hierbij ook niet gedacht zou kunnen worden aan ‘help ik heb een baan’ naar voorbeeld van het Tv-programma. Op een geheel andere maar ludieke wijze worden jongeren aan een baan geholpen en we hoeven het wiel niet opnieuw uit te vinden wanneer gebruik willen maken van dit originele idee.
Vrijwilligerswerk
In de huidige samenleving waar individualisering een steeds grotere rol speelt, zien wij het vrijwilligerswerk als tegenpool van deze ‘ik’ houding. Vrijwilligers zijn mensen die niet aan de kant staan. Maatschappelijke organisaties waaronder buurtverenigingen, kerken, sportverenigingen en dergelijke zijn belangrijke ‘leveranciers’ van vrijwilligers en verdienen daarom terecht uw en onze steun. Het CDA vindt het nuttig als er bij de informatie van de Stadswinkel ook een centraal meldpunt voor vrijwilligers gekoppeld zou worden.
Armoede
Voorzitter, het Armoedeplatform heeft terecht aandacht gevraagd voor het feit dat zelfs in onze fraaie deelgemeente armoede voorkomt. Dat het DB bij de aanpak een rol voor dit Platform ziet weggelegd en dit ook wil faciliteren, kan het CDA onderschrijven, maar dat neemt niet weg dat wij ervan uitgaan dat u zorgvuldig kijkt naar hun voorstellen en daaraan gerelateerde kosten. Maar voorzitter, wij zijn van mening dat wij op het gebied van armoedebeleid en armoedebestrijding niet achterover kunnen leunen door te verwijzen naar het gebrek aan deelgemeentelijke bevoegdheden. Juist bij gebrek aan bevoegdheden wordt de roep om meer creativiteit belangrijker en volstaat ons inziens niet de invulling en uitwerking van dit thema exclusief bij het armoedeplatform neer te leggen. In dit verband willen wij bijvoorbeeld nog maar eens herinneren aan ons voorstel van zes maanden terug om een equivalent van ‘Dress for Success’ voor jongeren te onderzoeken. Wij wachten het resultaat van dit onderzoek nog steeds af. Tot slot over dit onderwerp, graag zouden wij uitleg krijgen over het inzetten van vrijwilligers bij het treffen van energiebesparende maatregelen (pilot project Leve Leven?).
Sport
Voorzitter, het moge duidelijk zijn dat sport voor het CDA een belangrijk bindmiddel is in onze samenleving. Daar komen mensen om elkaar te ontmoeten, buiten het werk om voor ontspanning, voor gezelligheid en om iets aan het lijf te doen. Veel vrijwilligers steken de handen uit de mouwen om hun kluppie draaiende te houden. Wij zijn er trots op dat binnen PA het sportgedrag van de bewoners boven het gemiddelde van de Rotterdammer ligt. Het CDA zal een uitbreiding van sportevenementen zoals ‘Wednesday Night Skate’ in PA van harte ondersteunen. Mogelijk dat het bestuur gaat bekijken waar hier de uitdagingen voor liggen.
Zorgelijk vinden wij de opmerking dat de instellingen die wij subsidiëren zelf primair verantwoordelijk zijn voor de kwaliteitszorg. Wij vinden dat wij als deelgemeente daar sterker de vinger aan de pols moeten houden, zodat wij weten dat het geld op de juiste wijze wordt besteed, zoals wij dat hebben bepaald. Het geeft teveel vrijblijvendheid aan instellingen, indien wij dat alleen maar doen door een Notitie van Uitgangspunten, waarbij de uiteindelijke uitvoering alleen voor verantwoordelijkheid is van de instellingen.
Dat sporten niet alleen plaatsvindt op sportverenigingen is een uitgangspunt dat het CDA al jaren handhaaft. Wat ons betreft mogen er nog veel meer geasfalteerde c.q. kunstgrasveldjes komen. Voorwaarde daarbij moet dan wel zijn dat er sprake is van goed onderhoud. Alleen die combinatie kan leiden tot een goede samenwerking en afstemming tussen wijk en gebruikers van deze veldjes.
Buitenruimte
Het moge duidelijk zijn dat dit onderdeel wederom op een grote en warme belangstelling van het CDA kan rekenen, iets dat we de afgelopen jaren ook hebben gedaan onder andere vanwege het feit dat veel bewoners de buitenruimte als zeer belangrijk ervaren voor hun leefgenot. De ontwikkelingen betreffende een verzorgde buitenruimte in PA baart ons zorgen. Wij zijn met dit DB van mening dat door de vele bezuiniging die de afgelopen jaren al zijn gerealiseerd op buitenruimte de rek bij een aantal beleidsterreinen eruit is en tegelijker tijd er situaties ontstaan die zorgwekkend c.q. onacceptabel zijn. Het collegebeleid 2006-2010 gaat, zoals het er nu naar uitziet, geen extra gelden beschikbaar stellen voor PA, zeker niet voor de buitenruimte. Wij zullen dan ook binnen onze eigen begroting oplossingen moeten zoeken voor problematische buitenruimtesituaties. Dit zullen moeilijke keuzes moeten gaan worden en het CDA zal hierbij het DB ondersteunen om tot juiste keuzes te komen. Immers, hoewel dit DB vaak roept om hulp van de Coolsingel bij het zoeken naar oplossingen van problemen, heeft het inmiddels ook begrepen dat op het gebied van buitenruimte men niet teveel kan verwachten van de Coolsingel en wij zullen, nogmaals voorzitter, het DB hierbij helpen.
Een eerste stap naar oplossingen kan zijn om gelden die niet zijn gebruikt ter uitvoering van projecten in de buitenruimte, deze niet terug te laten vloeien naar de Algemene Reserve maar te oormerken voor buitenruimte, net zoals men dit wil gaan doen bij intensivering van gebiedsgericht werken. Heel nieuwsgierig zijn wij naar de uitwerking van het besluit van de gemeenteraad om de normen van schoon van 3 naar 4 te verhogen en die van heel van 3 naar 3,5. En dat zonder vermelding van de financiering, heel bijzonder.
Het CDA blijft de poging van het DB om extra gelden voor de buitenruimte vanuit de stadsgemeente te krijgen een mooi streven vinden, maar gaat er vanuit, dat PA zelf z’n broek moet ophouden. Waterhuishouding vraagt hierbij stevig onze aandacht. Immers ook in de polder willen bewoners met droge voeten zitten.
Voorzitter, wij begrijpen dat de uitvoering van de door het CDA ingediende, en door de deelraad overgenomen motie voor extra aandacht voor voet- en fietspaden, op zijn eind loopt. Maar het zal u en geen der deelraadsleden zijn ontgaan dat er nog veel achterstallig werk op dit terrein om een oplossing vraagt. Het CDA ziet dan ook graag dat u hiervoor de nodige gelden zult vrijmaken.”
Mevrouw Van der Veen leest de volgende speech voor:
“Meneer de voorzitter, altijd weer een veelomvattende klus om een begroting tot stand te brengen. Voor alles zo samengebracht in een boekwerk kan alleen maar waardering worden uitgesproken. Ook is het bijzonder plezierig dat we als nieuwe deelraadsleden medio oktober 2006 een avond kregen aangeboden, waardoor het lezen van een begroting aanzienlijk werd vereenvoudigd. Dank hiervoor!
Voor de vakantie hebben we met veel elan het voor elkaar gekregen dat we ‘anders gaan vergaderen’. De achterliggende gedachte was gebaseerd op het coalitieakkoord ‘Visie en vaart’. We hebben als bepalend genoemd begrippen als open, integer, respectvol, helder, communicatief, resultaatgericht en krachtdadig. Ook efficiency en effectiever werken waren een doelstelling, zoals geformuleerd in het Bestuursprogramma 2006-2010 maar…
Ondanks dat de begroting nu veel licht werpt op hoe zaken zullen worden opgepakt, is het stuk geen weegave van ambitie en innovatie. Er is sprake van een ambtelijke en breedsprakige wijze van schrijven. Wij vragen het DB de inspanningsverplichting op zich te nemen tot een helder en bondig taalgebruik te komen. De Commissie Programmabegroting zou de opdracht kunnen worden mee gegeven te komen tot een helder en daadkrachtig taalgebruik.
Voorbereiding begrotingsbehandeling
De inspanning die het ambtelijk apparaat en bestuur hebben moeten leveren om deze begrotingsbehandeling van vandaag voor te bereiden is bepaald niet gering geweest. Een compliment is op zijn plaats aangezien de antwoorden op alle technische vragen toch op tijd zijn geleverd. Tot vorige week konden technische vragen worden ingediend, maar ofschoon we gezamenlijk hebben besloten te komen tot een efficiënte manier van vergaderen, verdient dit niet bepaald de schoonheidsprijs. Een van de oppositiepartijen vond het nodig meer dan honderd technische vragen in te dienen. Of de inwoners van PA nu zitten te wachten op een dergelijk mis-/gebruik van de ambtenaren, waag ik te betwijfelen. Ook past een dergelijke handelswijze niet bij een partij die eigenlijk vindt dat een deelgemeente wel opgeheven kan worden. Hier is duidelijk sprake van het maken van misbruik van de algemene middelen. Het lijkt me essentieel dat we dergelijk gedrag moeten voorkomen en naar meer efficiënte wegen moeten zoeken om de vragen van deze politieke partij beantwoord te krijgen. Een mondeling spreekuur over de begroting bij de controller van de deelgemeente, lijkt me een suggestie die te overwegen is. Een samenvattend verslag van dit spreekuur kan dan verstrekt worden aan aal deelraadsleden. Kan het bestuur aangeven welke werkzaamheden niet zijn uitgevoerd door de beantwoording van deze vragen?
Afspraak is afspraak!
Als deelraadsleden moeten we niet schuwen om aan zelfreflectie te doen! In het Presidium hebben wij besloten dat uiterlijk donderdag 9 november 2006 om 12.00 uur eventuele moties ingediend zouden zijn. Natuurlijk heeft elke partij de vrijheid om op elk moment een motie in te dienen, maar we hadden vooral uit respect voor de ChristenUnie/SGP besloten niet tot ver in het weekend moties in te dienen, omdat deze partij zich dan niet goed kon voorbereiden (zondagsrust). Alle politieke partijen, die moties indienden, hebben dit te laat gedaan. Dit is tegenover de inwoners en ambtenaren van PA een vreemd gedrag, want als een inwoner te laat bezwaarschriften indient of te laat een vergunning aanvraagt, zijn we als overheidorgaan altijd buitengewoon formeel en onvermurwbaar. Als we vinden dat de ambtenaren niet snel en adequaat reageren, weten we daar altijd wel wat over op te merken. Graag wil ik de collega-politieke partijen oproepen zich te houden aan afspraken, omdat we een voorbeeldfunctie vervullen en betrouwbaar moeten blijven overkomen. Aangezien de inhoud en kwaliteit van het bestuur wat onze partij betreft voorgaat, zijn de ingediende moties hierop beoordeeld.
Naar aanleiding van de Begroting 2007
Verminderde bureaucratie
Als PvdA-fractie hebben we uiteindelijk negentien technische vragen ingediend. Verhelderend was in het bijzonder uw antwoord waarin wordt uiteengezet dat de functionele indeling van de deelgemeente van sectorniveau wordt vervangen door het directiemodel. Dit model zal veel kunnen bijdragen aan het gebiedsgericht en geïntegreerd werken. Dat dit zal leiden tot verminderde bureaucratie, kunnen we als PvdA alleen maar toejuichen. De verdere ontwikkelingen zien we met belangstelling tegemoet. Een voorbeeld dat het ambtelijk apparaat nu nog bureaucratisch te werk gaat, blijkt uit onze vraag 8, waarbij we vragen om aan te geven (voor het historisch perspectief) en omdat we als veelal nieuwe deelraadsleden dit gewoon niet weten, welke politieke partijen welke moties hadden ingediend. Het antwoord: ‘dit doen we al jaren zo en welke moties bedoelt u’ ervaren wij als storend.
Nota bene: Vanaf pagina12 in de begroting is vier bladzijden besteed aan een hoofdstuk genaamd: ‘Stand van zaken moties en amendementen’. Over welke moties en amendementen hadden we het nu?
Buitenruimte
Bij het bestuursprogramma 2006-2010 hebben we onze bezorgdheid middels een motie uitgesproken over de extra middelen, die beschikbaar zouden moeten komen voor de buitenruimte. Inmiddels is gebleken dat de buitenruimte van PA geen prioriteit is van het gemeentebestuur op de Coolsingel. Toch worden we als deelgemeente voortdurend aangesproken op de buitenruimte. Hiervoor hoef ik alleen maar te verwijzen naar de bij deze vergadering gevoegde lijst van ingekomen stukken. Op papier ziet onze buitenruimte er nog goed uit, maar de beleving is inmiddels al regelmatig anders bij de inwoners van PA. Mede door de verzakkingen en het laag gelegen zijn, vraagt de buitenruimte aanhoudend aandacht om verloedering te voorkomen. Wij moeten voorkomen dat binnenkort een van onze oudere inwoners gewond raakt door een ongeval met zijn/haar scootmobiel als gevolg van schot- en scheef of losliggende tegels!? Met andere woorden, geacht bestuur, wij willen u met nadruk blijven activeren om bij het gemeentebestuur te pleiten voor meer middelen voor de buitenruimte. Als suggestie willen wij u graag meegeven dat in navolging van een andere gemeente in den lande voor 2008 een stappenplan wordt gemaakt om alle stoepen op te knappen in de deelgemeente.
Vrije ruimte
Inhoudelijk kunnen we onze waardering uitspreken dat het bestuur voornemens is om geleidelijk aan de ‘vrije ruimte’ in de begroting te verhogen van 700.000 naar 2 miljoen euro. Een financiële ruimte geeft beleidsvrijheid. Ofschoon onlangs de discussie over het bestaansrecht van de deelgemeente opnieuw is aangewakkerd door minister Remkes tijdens een uitzending van Buitenhof op zondagmiddag, biedt juist eigen financiële middelen perspectief voor de toekomst. Door de directe contacten met de inwoners van PA (wijkgericht of zo u wilt gebiedsgericht werken) kan met ruimere eigen middelen adequaat worden gereageerd en zaken worden gerealiseerd. Het dicht bij de burger staan en het hebben van intensieve contacten met de inwoners zijn de omstandigheden die waarborgen dat de veiligheid en sociale betrokkenheid in de deelgemeente groot is. Uiteindelijk wil iedere inwoner van PA wonen in een deelgemeente die veilig is, waar geen overlast is, het schoon en heel is en er evenwicht is tussen werk, school en vrije tijd (sbesteding). Al deze aspecten zijn door het nabij bestuur van een deelgemeente met minder bureaucratie en korte lijnen goed te realiseren. De afstand naar de Coolsingel is zowel fysiek als gevoelsmatig vaak te groot voor de inwoners van PA. De samenwerking met het gemeentebestuur is momenteel zo, dat voorgenomen beleid wordt besproken met het DB van de deelgemeenten en daarna opdracht wordt gegeven aan de verschillende gemeentelijk diensten. Dit is een geleidelijke vorm van wijziging in de omgangsvormen. Wellicht kan deze wijze leiden tot een grotere efficiency. Uiteraard is de PvdA bereid om de discussies te vieren over welke bestuursvorm het meest efficiënt is. Of dit ooit zal leiden tot een andere vorm van het deelgemeentelijke bestel of zelfs opheffen hiervan moet altijd na zorgvuldige afweging van de diverse motieven en overwegingen besloten worden. Op dit moment is geen reëel, haalbaar en nuttig alternatief voorhanden en is PA heel goed in staat om dicht bij de bevolking noodzakelijk beheer en beleid te realiseren. Door de eigen middelen van 2 miljoen euro kunnen hierin ook heel persoonlijke en gebiedseigen zaken worden opgepakt.
WMO
Op 1 januari 2007 is het dan zover. De Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO) treedt in werking. De deelgemeente staat voor de uitdaging van een compleet nieuwe taak. Wat wel eens wordt vergeten is dat de WMO in het leven is geroepen om de betrokkenheid van de burgers bij de samenleving te vergroten. Een verder bredere samenwerking van onderwijs, zorg, woningcorporaties en deelgemeente is voor de uitvoering van deze wet absolute noodzaak. Ook is de eigen verantwoordelijkheid een van de kernbegrippen, dat geldt voor alle betrokkenen.
Voor PA betekent het concreet dat de inwoners die aangewezen zijn op individuele zorg dit ook gewoon behouden. Dit gebeurt door de gemeente Rotterdam en dat blijft zo. Het lokale gebiedsgerichte welzijnswerk blijft een volledige verantwoordelijkheid van de deelgemeente. Wij zullen als PvdA deze aanpak nauwgezet volgen. We hebben als PvdA het sociale beleid hoog in het vaandel staan en zullen in welke vorm dan ook altijd blijven opkomen voor de zwakkeren in de samenleving. Dit geldt ook voor PA. Het bestuur heeft aangegeven binnenkort met de Kadernota Welzijn te komen. Wij zien deze nota met interesse tegemoet.
Voorgenomen en gerealiseerd beleid in relatie tot het vastgestelde coalitieakkoord Visie en Vaart
Kijkend naar het Bestuursprogramma 2006-2010 en de vertaling daarvan naar de Begroting van 2007, moeten we vaststellen dat veel zaken uit het coalitieakkoord en daarmee vanuit het verkiezingsprogramma van de PvdA nadere concretisering heeft gekregen. In dit verband wil ik noemen:
Lokaal bestuur
De versterking van het deelgemeentelijk bestel zal een positief effect hebben, doordat het wijkgericht werken en de functionele indeling van de deelgemeente zich verder zal ontwikkelen. Ook het anders vergaderen kan de kwaliteit ten goede komen.
Prins Alexander als woonplaats
In dit kader kan in het bijzonder genoemd worden het versneld tot uitvoering brengen van het programma ‘Veiligheid rondom scholen’. De krachtige aanpak van overlast is waarneembaar. Zo werd bijvoorbeeld de overlast die zich onlangs in Ommoord voordeed in de kiem gesmoord. Wel specifieke aandacht vraagt de verbetering van de doorstroming van het verkeer en een verbetering van de veiligheid van de metroverbinding. Voorstellen in deze zien wij met belangstelling tegemoet.
De voorzieningen
Het huidige voorzieningenniveau blijft in stand en zal ook eventueel in het kader van de uitvoering van de WMO nader worden uitgewerkt. De armoedebestrijding is een belangrijk onderwerp dat absolute aandacht moet blijven houden. Er zijn financiële middelen in de Begroting terug te vinden dat ook initiatieven van de inwoners van PA kunnen worden gehonoreerd bij inventieve en creatieve ideeën op het gebied van armoedebestrijding. Het streven is en blijft dat alle inwoners moeten kunnen blijven deelnemen aan het maatschappelijke verkeer en niet in een sociaal isolement mogen raken vanwege een gebrek aan middelen. Wanneer er in 2010 geen voedselbanken zijn in PA, dan hebben we het goed gedaan.
De verdere ontwikkelingen van de Brede Scholen in PA is een goede kwalitatieve voorziening. Een brede school heeft een positief effect op de directe omgeving en de leefbaarheid van een buurt. Dit concept maakt de wereld socialer!
In PA zouden de zwambaden wat problemen hebben zowel financieel als qua onderhoud. Het zwemonderwijs mag hier niet onder lijden. De wachtlijsten zijn nu al te lang. Of het zo zal zijn dat het beheer van de zwembaden zal worden ondergebracht bij de gemeente Rotterdam is op dit moment wat onduidelijk. Een artikel in het AD van vorige week suggereerde dat dit mogelijkerwijs geen deelgemeentelijke verantwoordelijkheid meer zal zijn. De PvdA stelt zich op het standpunt, dat in beginsel voordat besloten wordt dat het beheer van de zwembaden terug moet naar het stadhuis, eerst de problemen helder gemaakt moeten worden. Graag vernemen wij van u als DB uw reactie!
Het voorgaande bevestigt dat doordat veel zaken van het coalitieakkoord Visie en Vaart tot nadere uitwerking zijn gekomen. Uiteraard kunnen we ervoor kiezen om tot in detail de Begroting nu te gaan bespreken. Dit is niet de keuze van de PvdA. We willen sturen op hoofdlijnen en het vertrouwen kunnen hebben in het bestuur en het ambtelijk apparaat dat er in overeenstemming met het bestuursprogramma 2006-2010 wordt gehandeld.
Ad conclusio
Het belangrijkste wat we als PvdA willen is dat het Coalitieakkoord wordt gerealiseerd en dat betekent onder andere:
veel aandacht voor de buitenruimte,
veel aandacht voor een efficiënte bureaucratie/bedrijfsvoering,
veel aandacht voor wijkgericht werken middels burgernabij bestuur,
veel aandacht voor terugdringen van de armoede,
veel aandacht voor sociale ontwikkeling en instandhouding van het voorzieningenniveau,
veel aandacht voor de ontwikkeling van PA met een levendig stadshart met zo mogelijk een bioscoop en meer aantrekkelijke evenementen,
veel aandacht voor veiligheid en tegengaan van overlast etcetera etcetera.
Wanneer aan de hier genoemde punten blijvend aandacht wordt besteed met voortdurend als doelstelling het verbeteren, zullen we als PvdA vooralsnog geen moties en amendementen indienen. Met een reactie op de vanmiddag ingediende moties wil ik even wachten tot de 2e termijn, omdat we ook eerst de reactie van u als DB willen vernemen. Ons inziens zijn de hiervoor opgesomde punten in hoofdlijnen allemaal terug te vinden in de Begroting.”
De heer Van Dijk spreekt de volgende speech uit:
“Voorzitter, vandaag bespreken wij de Begroting 2007 van de Deelgemeente Prins Alexander. Dit is ook het moment waarop wij terugkijken naar het voorliggende jaar. Een jaar dat voor de politieke partijen vreugde en teleurstelling heeft gegeven. Vreugde wegens verkiezingswinst en teleurstelling door de verkiezingsnederlaag. Vreugde door deelname aan een coalitie en teleurstelling door buiten de coalitie te vallen.
Er werd altijd gelachen als Rudy Uda namens D’66 in de raad sprak en het dan had over “zijn fractie”. Daar waar ik het nu heb over mijn fractie, wil ik benadrukken dat er veel mensen zijn die ons helpen en aan wie wij dank zijn verschuldigd.
Ik wil hier wel kwijt dat daar waar wij in het begin grote scepsis hadden over de fractie van Leefbaar Rotterdam, ik constateer dat zij altijd en overal aanwezig zijn, positief kritisch zijn met een eigen geluid.
In zijn algemeenheid zou ik nog willen zeggen dat wij met elkaar goed moeten blijven kijken waar wij hier nu voor zijn. Wij allen zijn gekozen namens de inwoners van de deelgemeente Prins Alexander, ongeacht politieke voorkeur, ras, geloof, etc.
Na de vorming van de nieuwe coalitie is gekozen voor een andere vorm van vergaderen. Eén van de argumenten daarachter was de cultuur van het met elkaar omgaan. Ik vraag aan een ieder om daar toch nog eens over na te denken hoe wij het laatste half jaar met elkaar zijn omgegaan.
Voorzitter, de VVD-fractie heeft de begroting 2007 getoetst aan de inbreng tijdens de Voorjaars- nota c.q. het Bestuursprogramma. De VVD-fractie is over het algemeen tevreden over de begroting, maar heeft altijd wensen.
Dat wil zeggen dat wij waar nodig nieuwe ideeën zullen inbrengen met de vraag waar deze ingepast kunnen worden in het beleid en dat wij deze gaarne ingepast zouden zien en indien dat niet mogelijk is, wij tijdens de Voorjaarsnota 2008 hierop terug zullen komen. De VVD-fractie zal geen enkele motie of amendement indienen.
Namens de VVD-fractie wil ik het Dagelijks Bestuur en de ambtenaren danken voor de beantwoording van de Technische Vragen.
De VVD stelt de mens centraal, daarom spreekt ons de discussie in deze raad aan over de Veiligheid rondom scholen, een initiatief van de PVDA, maar waarbij ook ter sprake is gekomen het verkeersgedrag van ouders en hun kinderen. Door het CDA is naar voren gebracht om meer verkeerslessen op de basisscholen te geven, iets wat echter al lang en nog steeds gebeurt en wordt afgesloten met een Verkeersexamen. De VVD-fractie wijst in dit verband op initiatieven o.a. binnen de deelgemeente Feijenoord waar men een permanente Verkeerstuin aanlegt. De voornamelijk kleine kinderen krijgen daar spelenderwijs onderricht in de verkeersregels. Een initiatief dat volgens ons zeer zeker navolging verdient.
De VVD-fractie verzoekt het DB om vanaf de begroting 2008 de uitkomsten van discussie in de Commissie Programma Begroting zichtbaar te maken. Ik zal hier later nog op terugkomen.
Betreffende de afhandeling van de moties, missen wij een lang gekoesterde wens de uitwerking van motie 16, begroting 1998 betreffende een mobiele Jongeren Ontmoetings Plaats. Doelstelling van die motie was om slagvaardig met alle partijen binnen het Jongerenwerk outreachend te kunnen werken. Wij hebben geconstateerd dat er in 2006 aan deze motie uitvoering is gegeven en dat ook de jongeren daar een belangrijk aandeel in hebben gehad. Wij zijn blij met het resultaat en wat ons betreft verdienen alle partijen die hieraan hebben meegewerkt een pluim.
Voorzitter, na vele jaren vergaderen is in Den Haag het besluit gevallen over de aansluiting Rijksweg A16 – A13. De VVD-fractie heeft tijdens de begroting 2000 motie 25 ingediend die pleitte voor een volledige aansluiting van de Hoofdweg op de A16. In de lokale media lezen en horen wij een eventuele discussie over een aansluiting op de President Rooseveltweg. Voor alle helderheid, de VVD houdt vast aan haar idee van een volledige aansluiting op de Hoofdweg en dus NIET op de President Rooseveltweg.
Voorzitter, nog deze maand krijgt de raad volgens de planning van het DB ter vaststelling voorgelegd een actualisatie van de Kadernota Welzijn. De VVD-fractie zal deze kadernota toetsen aan de WMO. De Voorzitter van het DB heeft tijdens en interview gezegd dat de WMO onze deelgemeente vele miljoenen extra gaat kosten om het Welzijnswerk op peil te houden. De VVD-fractie vindt hierover niets terug in de begroting en vraagt zich af op welke basis de Voorzitter deze uitspraak heeft gedaan?
Betreffende het WMO-proof zijn van de Kadernota Welzijn hebben wij best wel vragen, maar op maandag 20 november 2006 is er een informatieavond over alles wat verband houdt met de WMO en wij verwachten dat wij daar genoeg informatie vandaan krijgen.
De VVD-fractie zal bij vaststellen van deze kadernota ook veel aandacht besteden aan de daarbij behorende beleidsnota’s. Wij herinneren het DB graag aan haar toezegging tijdens de Voorjaarsnota om ook de nota “Jeugd aan zet” te actualiseren. Deze vraag wordt mede ingegeven omdat enige weken geleden de VVD op het Poolsterplein heeft gestaan en aan de passanten heeft gevraagd wat hen voornamelijk bezighield. De belangrijkste problemen die bewoners aangaven waren jongerenoverlast en onveiligheid. Aan dit onderwerp wordt in de begroting relatief weinig aandacht geschonken, anders dan de mededeling dat de uitgaven aan de DOSA-regisseur (volgens mededelingen op de bladzijden 50 en 51) zou worden beëindigd. Gelukkig lazen we in de beantwoording van de technische vragen dat dit niet aan de orde is.
In dit verband verzoeken wij u ook aandacht te besteden aan de problematiek van de dakloze jongeren. Daar waar jongeren onder de 18 jaar nog gebruik kunnen maken van de hulp van de jeugdinstellingen kunnen jongeren tussen de 18 en 24 jaar dat niet meer. Mogelijk kan de deelgemeente Prins Alexander in samenwerking met de stad mogelijkheden onderzoeken om de ergste nood te lenigen.
Voorzitter, in de discussie aangaande het gebiedsgericht werken steekt het DB goed in door hierbij te denken aan de dienstverlening van de deelgemeente aan de bewoners, bedrijven en instellingen. De VVD steunt deze gedachtengang van harte. De VVD-fractie rekent erop dat in een raadsdebat met alle partijen een goede keuze gemaakt zal worden over de vorm van het gebiedsgericht werken. De VVD-fractie vindt het opnemen van dit voornemen in de begroting een goede zaak, maar wil hierover een aparte discussie in de raad, waarbij voor- en nadelen van de diverse varianten zichtbaar worden. Gevolg van dit gebiedsgericht werken is de herinrichting van de Ambtelijke Organisatie. Een vraag die de VVD-fractie hierbij heeft, is of de opdracht van de Raad aan de Cie PB als gevolg van deze veranderende werkwijze niet moet worden aangepast. Wij verzoeken de overige fracties hierover na te denken en deze te betrekken bij de komende discussie.
Voorzitter, in de Nota van aanbieding op bladzijde 7 geeft u aan dat de verhouding tussen het stadsbestuur en de deelgemeenten verbeterd is. U schrijft: “Dit college erkent de meerwaarde van deelgemeenten en wil gezamenlijk vormgeven aan de toekomst van de stad”. Op bladzijde 10 schrijft u dat op basis van eerdere uitspraken de verwachting gerechtvaardigd is, dat er geen sprake zal zijn van een discussie die de grondvesten van de deelgemeenten aan het wankelen zal brengen. Intussen lijkt alleen de scheidend Minister van Binnenlandse Zaken nog op de koers van afschaffen van deelgemeenten te zitten. Voorzitter, de VVD is tegen het afschaffen van deelgemeente, maar voor het verbeteren van de totale Rotterdamse overheidsorganisatie. Wij gaan er vanuit dat u, samen met de andere deelgemeenten, de kans die de opstelling van het huidige college biedt met beide handen aangrijpt om te komen tot een beter Rotterdams bestuur, ingegeven door de inhoud en niet door cosmetische operaties, zoals die in de vorige periode voorgesteld werden.
Op bladzijde 8 geeft u aan dat de beperkte middelen die stedelijk beschikbaar worden gesteld voor het realiseren van aanvullende kwaliteit in de buitenruimte u zorgen baart. Wij verzoeken u in de nieuwe Kadernota Buitenruimte de mogelijkheden te onderzoeken voor externe samenwerking. Voorzitter, al een aantal jaren zoemt bij tijd en wijle het geluid rond dat de gemeenten die liggen op de lijn Gouda centrum - Rotterdam centrum, een extra uitkering uit het gemeentefonds krijgen in verband met de slechte bodemgesteldheid. Prins Alexander ligt op die lijn, maar heeft nimmer een extra uitkering uit het deelgemeentefonds gehad voor deze problematiek. Wij vragen het Dagelijks Bestuur daarom na te gaan of het waar is dat Rotterdam een extra uitkering uit het gemeentefonds krijgt in verband met de bodemgesteldheid en indien dit het geval is, samen met die deelgemeenten die tevens op die lijn liggen er bij het college op aan te dringen dat, via de verdeling van het deelgemeentefonds, het geld dan ook daar terecht komt waar het bedoeld is.
In dit verband wijzen wij ook op de discussie betreffende de bodemgesteldheid in Kralingseveer. Wij hopen op een extra uitkering uit het deelgemeentefonds daar waar het gaat over de bodemgesteldheid in Kralingseveer. Wij wensen u morgen in de vergadering van het Dagelijks Bestuur over deze problematiek veel wijsheid toe.
De kwaliteit van de Buitenruimte hangt nauw samen met de beleving van schoon, heel en veilig. In onze deelgemeente hebben wij positieve ervaringen met geschilderde vuilniscontainers, de tunnel hier onder het spoor bij Alexander en zo zijn er nog meer projecten te noemen. Wij verzoeken het DB na te gaan of meer van dergelijke projecten met externe partners, zoals ENECO, mogelijk zijn en dit mee te nemen in de nieuwe kadernota Buitenruimte.
Voorzitter, in het kader van de Buitenruimte doet het ons een genoegen dat het DB fantastisch heeft ingezet op de 2 onderwerpen die de laatste jaren tot veel onrust hebben geleid bij de bewoners, te weten het Speelplekkenbeleid en het Hondenpoepbeleid. Door dit DB is goed geluisterd naar de wensen van de Raad en die van de bewoners, waardoor er nu rust is en kennelijk een ieder tevreden. Wat ons nog wel verontrust is dat voor de 2e keer in de wijk Ommoord een speelplek geen genade kan vinden in de ogen van bewoners. Wij vragen ons af of ook in dit 2e geval bij de bewoners sprake is van de Nimby-gedachte of dat er andere argumenten zijn.
Motie 1, begroting 2003. Voorzitter, bij het genoemde onder stand van zaken ondervind ik vreugde maar ook teleurstelling. Vreugde omdat het college van B&W gelden heeft vrijgemaakt voor de aanleg van een kunstgrasveld met verlichting. Weliswaar is hiermee niet het capaciteitsprobleem opgelost, maar krijgt het complex wel meer mogelijkheden. De teleurstelling geldt voor de houding van het college van B&W te Capelle aan den IJssel. Wetende dat meer dan 50% van de leden uit Capelle aan den IJssel komt en dat ook het complex wordt gebruikt door de scholen uit de Capelse wijk ’s-Graveland, doet bijna de vraag oproepen of wij nog wel moeten meewerken aan Capelse activiteiten op het complex van CKC. Keerzijde van deze gedachte is dat dan de kinderen de dupe worden van de Capelse starheid.
Op bladzijde 40, programma Vrije Tijd, spreekt u over het zwembad aan het Bramanteplein. U zegt het rapport van S&R inhoudelijk niet te hebben behandeld, maar het stedelijk onderzoek naar de meest wenselijke vorm van exploitatie af te wachten. Dit onderzoek is afgerond en beveelt aan om de zwembaden te verzelfstandigen. De VVD heeft al eerder aangegeven dat wij graag zouden zien dat het zwembad een 50-meterbad gaat worden. Deze wens was ingegeven omdat er in onze regio geen dergelijk zwembad is, maar waar wel grote behoefte aan is. Tevens zorgt een dergelijk bad ook voor meer zwemwater, waardoor de wachtlijsten op zwemonderwijs zal verminderen. Wanneer wordt het overleg hierover met het college voortgezet? De wens van de VVD fractie blijft een 50-meterbad.
Voorzitter,de VVD-fractie heeft net als Leefbaar Rotterdam en het CDA technische vragen gesteld over uw aankondiging om nadere richtlijnen te maken voor georganiseerde markten en braderieën. De VVD-fractie onderschrijft uw beantwoording, maar wij willen aangeven dat wij de regelgeving willen verminderen in plaats van vermeerderen. Het beschermen van winkelcentra tegen grootschalige marktactiviteiten van buiten heeft onze instemming, maar wij verzoeken u geen extra regeltjes te maken.
Voorzitter, gewoontegetrouw sluit de VVD-fractie af met verwijzing naar gelijkheid voor iedereen. Op dit moment wil ik wederom aandacht vragen voor de 2900 daklozen. Het nieuwe college van Burgemeester en Wethouders ziet zich gesteld voor een enorme opgave hier iets aan te doen en heeft de ambitieuze doelstelling om aan het eind van deze raadsperiode 60% van deze mensen een dak en thuis te bieden. Bed, brood en bad is echter onvoldoende om deze mensen werkelijk perspectief te bieden. Er zal ook begeleiding moeten zijn naar activering, zoals dagactiviteiten, werk of scholing. De opgave is dus groot de komende jaren en het college zal haar ambities niet kunnen waarmaken zonder de medewerking van de deelgemeenten. De VVD in Prins Alexander is bereid die medewerking te verlenen, enerzijds omdat wij vinden dat het niet aanvaardbaar is dat medemensen op straat moeten leven, anderzijds om de overlast die een aantal van deze mensen geven in de stad te verminderen. Naast de in voorbereiding zijnde voorziening aan de Romanohof wil de VVD meewerken aan nog twee dergelijke voorzieningen in Prins Alexander. Door goede beheerafspraken met omwonenden te maken, blijken dit soort voorzieningen in de buurt nauwelijks tot geen overlast te veroorzaken en wordt aan nagenoeg kansloze mensen weer een perspectief geboden.
Voorzitter, normaal gesproken zou ik nu klaar zijn, echter ik heb nog 1 vraag. Op donderdag 21 september 2006 is ons oud-lid Marijke van der Wal overleden. Marijke was, voordat zij tot de Deelraad toetrad een vrijwilliger pur sang in de wijk Prinsenland. Zij wist tevens anderen te motiveren iets te doen aan hun eigen woonomgeving en zeker de jongeren. Door de inzet van Marijke wisten jongeren de weg te vinden naar de Deelraad en ondersteunde Marijke hen om te pleiten voor een Skatevoorziening. Dankzij de inzet van Marijke en de jongeren en het luisterend oor van de toenmalige portefeuillehouder Henk Lengkeek is de skatevoorziening er gekomen.
Het verzoek van de VVD-fractie aan het dagelijks Bestuur is om te overwegen de naam van Marijke van der Wal te verbinden aan de Skatevoorziening.”
De heer Boer spreekt de onderstaande speech uit:
“Voorzitter
De fractie van de SP is tevreden over de begroting 2007. De SP beseft terdege dat voor het uitvoeren van nieuw beleid een grondige zoektocht nodig is binnen onze financiële mogelijkheden. Dat u het aandeel nieuw beleid in de komende jaren wilt verhogen van 2% naar 5% heeft onze stemming. Zoals u aangeeft lijkt deze begroting op het eerste gezicht weinig ambitieus, maar de SP beseft dat er keuzes gemaakt moeten worden en wij lopen daar niet voor weg.
De SP-fractie is verheugd dat de verhouding tussen het stadsbestuur en de deelgemeenten verbeterd is en dat het stadsbestuur de deelgemeenten een cruciale rol toedicht. Wij delen uw zorg over het feit dat er misschien te weinig geld naar onze deelgemeente komt, omdat wij hier redelijk tot goed scoren op het gebied van schoon, heel en veilig. Het mag niet zo zijn, dat je gekort wordt, of minder extra krijgt omdat je het goed doet. Wij verwachten van het DB dat zij hier extra alert op zal zijn.
Voorzitter, de SP staat voor goede en leefbare wijken en wil dat ook zo houden. Een belangrijk instrument daarvoor is de wijkvisie. Wij juichen het dan ook toe, dat er voor de wijken Kralingseveer en Prinsenland nu ook een wijkvisie komt. Met het opstellen (en uitvoeren) van een wijkvisie kan de participatie en de interactie van bewoners bevorderd worden. Op deze manier worden bewoners zich meer bewust van het feit, dat zij wel degelijk meer inbreng kunnen hebben binnen onze deelgemeente.
Een mooi voorbeeld hiervan is de betrokkenheid van een groep bewoners in de Oosterflank die een werkgroep zijn gestart voor de aanpak van het Semiramispark, een van de belangrijke punten uit de wijkvisie Oosterflank.
Het zal niemand verbazen wanneer ik zeg, dat de SP blij is met de pilot bewonersinitiatieven. Bewonersinitiatieven zoals hier voorgesteld, kunnen ook een goede bijdrage leveren aan de leefbaarheid van wijken. Wij verwachten dat deze vorm van wijkbeheer in de toekomst bij zal dragen aan een socialer leefklimaat in alle wijken van de deelgemeente.
Voorzitter, het onderhoud van de buitenruimte is een voortdurende bron van zorg. Wij vinden een percentage van 60% goed of matig, zorgwekkend. Wij hopen dat dit percentage de komende jaren opgetrokken kan worden. Een andere bron van zorg is de kwaliteit van de opgeleverde projecten en het aantal klachten daarover. Net als vorig jaar wil de fractie van de SP het DB in overweging geven hier iets aan te doen, bijvoorbeeld door het instellen van een controlerende functie binnen de organisatie die er op toeziet dat projecten ook inderdaad goed uitgevoerd worden.
U geeft aan dat er voor alle categorieën bewoners in onze deelgemeente geschikte woningen moeten zijn. Wij zijn het daar mee eens. Toch maken wij ons zorgen over het feit dat er, onder andere door de verkoop van woningen, steeds minder huurwoningen in onze deelgemeente zullen zijn. Mensen die deze woningen wel kunnen huren zullen vaak niet in staat zijn deze te kopen.
Voorzitter, vrije tijd is belangrijk en vaak ook schaars. Daarom moeten wij in onze deelgemeente er voor zorgen dat mensen deze vrije tijd goed kunnen besteden. Vrijetijdsbesteding moet bereikbaar zijn voor iedereen, dus ook voor mensen met lagere inkomens. Sport brengt mensen samen. De SP wil dat er meer op breedtesport ingezet wordt. De SP wil niet dat een mogelijke privatisering van de zwembaden leidt tot het verdwijnen van de zwembaden in onze deelgemeente. Mensen moeten in hun nabije omgeving naar een zwembad kunnen gaan; daarnaast zijn de zwembaden belangrijk voor het schoolzwemmen en specifieke groepen.
Het Alexanderbad moet een ontmoetingsplek blijven. Moderniseren moet, maar de sociale functie moet blijven bestaan.
Het realiseren van meer sportdagen is volgens de SP een goede stap om kinderen op een gezonde manier te laten sporten en ontspannen.
Naast sport kunnen ook kunst en cultuur een zinvolle vrijetijdsbesteding zijn, bovendien leveren kunst en cultuur een zinvolle bijdrage aan de ontwikkeling van vooral kinderen. De SP vindt dat het aanbod van kunst en cultuur uitgebreid moet worden en betaalbaar moet zijn voor iedereen. Ook deze vorm van vrijetijdsbesteding kan een bijdrage leveren tot ontmoetingen en een beter leefklimaat. De mogelijkheden van een podium als de Little Cave bijvoorbeeld, moeten ten volle benut worden.
Voorzitter, over opgroeien en grootbrengen is de SP van mening dat dit het fundament is van de maatschappij, hierin wordt al veel bepaald. De jeugd is de toekomst. Het is belangrijk dat kinderen op een goede, plezierige en veilige manier in hun directe woonomgeving kunnen spelen. Ook is het belangrijk dat ouders, scholen en jongerenwerk beter met elkaar gaan samenwerken.
Daarnaast is het belangrijk dat duidelijk wordt aangegeven welke faciliteiten men waar kan vinden, denk bijvoorbeeld aan Doc.shop.
De SP vindt de combinatie van opgroeien, school, sport en cultuur erg belangrijk. Op deze manier kun je kinderen leren elkaar te respecten.
Het DB moet niet de illusie hebben om alle jongeren te kunnen bereiken. Jongeren willen niet gepushed worden. Houdt het simpel; jongeren willen duidelijkheid en snelheid. Het is belangrijk om jongeren te betrekken bij projecten, ook jongeren kunnen een goede bijdrage leveren bij bijvoorbeeld het opstellen van wijkvisies (het gaat ook om hun buurt).
Door de faciliteiten waarover wij beschikken beter aan de man te brengen, zijn wij in staat kansarme jongeren beter te helpen hun weg te vinden en problemen op te lossen en mogelijk te voorkomen.
Kinderen mogen niet de dupe worden van wat ouders, hun omgeving en de politiek wel of niet gedaan hebben.
De SP hecht een groot belang aan peuterspeelzalen. Peuterspeelzalen bieden alle kinderen de kans om een gelijke start te kunnen maken op de basisschool.
Voorzitter, de ontwikkeling en implantatie van nieuwe arbeidsmarktinstrumenten, zoals bijvoorbeeld gemeenschapsbanen, participatiebanen, werkstages e.d. is nog altijd gaande. Wat hierbij de rol van de deelgemeente zal zijn is nog niet duidelijk. De fractie van de SP wil dat het DB de deelraad hiervan op de hoogte stelt, zodra duidelijk is welke rol de deelgemeente toebedeeld krijgt.
De voornemens van het DB t.a.v. modern bestuur kunnen wij onderschrijven. Wij verwachten dat bijvoorbeeld het gebiedsgericht werken een wezenlijke bijdrage zal leveren aan een beter burgernabij bestuur.
Even zo belangrijk (en misschien nog wel belangrijker) is het voornemen van het DB om de wijkontbijten een vervolg te geven.
Wij onderstrepen het belang dat ook de deelraad hierbij een duidelijke inbreng krijgt.”
De heer Snijders spreekt de onderstaande speech uit:
“Voorzitter, vandaag houdt de raad zich vol Visie en Vaart bezig met de begroting 2007. Onze fractie mag constateren dat belangrijke programmapunten van alle coalitiepartijen zijn terug te vinden in deze begroting. Naar ons oordeel zien ook de oppositiepartijen een aantal standpunten uit hun programma’s terug.
Dit neemt echter niet weg dat GroenLinks sommige accenten graag aangescherpt ziet, zeker in de uitvoering een extra politieke inspanning van het bestuur verwacht om een aantal zaken te gaan realiseren in de nabije toekomst. Deze bijdrage zal zich richten op die zaken, die GL voor deze begroting van belang acht. Wij stippen niet alles aan, simpel omdat hier de tijd voor ontbreekt en al door anderen naar voren zijn gebracht.
Voorzitter, wij danken het DB en met hen het ambtelijk apparaat voor het op een efficiënte en heldere wijze beantwoorden van de vele technische vragen. Dit brengt ons direct bij één van de hoofdkritieken op de stukken die voor ons liggen. Visie en vaart veronderstelt helderheid, doorzicht en analyse. De visie van de raad op de situatie in onze deelgemeente is bekend. Tijdens de behandeling van de voorjaarsnota zijn immers de financiële kaders aangegeven en zijn de piketpaaltjes geslagen. De duidelijkheid en visie treffen wij vooral aan in de paragraaf bedrijfsvoering. Programma- en productenbegroting laten een consistent beeld zien, waarvoor waardering.
Bedrijfsvoering brengt ons bij modern bestuur en dat brengt ons bij het eerste hieraan verwante onderwerp, en bij de portefeuille van de heer Krul.
Voorzitter, uit de besluitenlijsten van het DB blijkt dat er over de positie en toekomst van de deelgemeente niets valt te melden. GroenLinks interpreteert dit als volgt: er zijn geen ontwikkelingen. (programbegroting pag. 10 deelgemeentebestel)
Echter, uit onze informatie blijkt dat er wel degelijk iets te melden valt. Dit mede naar aanleiding van de opmerkingen van de minister van Binnenlandse zaken, de heer Remkes, over het bestuur van onze regio en de rol van de deelgemeenten in dezen. Sterker: bestuurders moeten juist nu alert zijn. Wij vragen de heer Krul dan ook wat zijn bijdrage, positionering en inzet is bij het overleg dat momenteel gaande is tussen vertegenwoordigers van de verenigde deelgemeenten en de verantwoordelijke wethouders van Rotterdam.
Onze fractie heeft meerdere malen in dit huis aandacht gevraagd voor de situatie van de deelgemeente in verband met de verantwoordelijkheid die zij draagt voor haar werknemers en mate van haar bestuurskracht.
Voorzitter, GroenLinks vraagt voortdurend aandacht voor mensen met een sociaal en economisch zwakkere positie in onze deelgemeente. In die zin vindt mijn fractie het opvallend dat een organisatie als de SDW als partner alleen genoemd wordt bij het product Verzorgde Buitenruimte (pag.19 productenraming ). Allen hier aanwezig weten dat de SDW een belangrijke rol speelt in veiligheidsketen op het Alexandrium, dat SDW preferred supplier is van deelgemeente, dat de SDW een belangrijke rol speelt als werkgever voor die mensen die het wat moeilijker hebben dan de meesten van ons. Het bevreemdt mijn fractie om de SDW vermeld te zien bij een paragraaf over het verlagen van een bijdrage in de paragraaf Vrijwilligerswerk over 2005, maar verder niets. De vraag is dan: Zet dit college onaangekondigd het beleid t.a.v. de SDW in de koelkast?
Dit laatste zou door GroenLinks als een ongewenste aanpassing van sociaal beleid worden ervaren. GL wil graag opheldering over de plaats die de SDW nu en in de toekomst toebedeeld krijgt door het bestuur.
GroenLinks en ChristenUnie/SGP maken zich evenals andere partijen grote zorgen om de toename van de armoede in onze deelgemeente. 43,9 procent ( bron cos) van onze inwoners vallen volgens het Centrum onderzoek en statistiek onder de lage inkomens. Een groot deel van hen bevindt zich onder het minimuminkomen. De raad en het bestuur kunnen de zwaksten moeilijk helpen, simpel omdat hulp als snel wordt uitgelegd als inkomenspolitiek, wat is verboden.
Voorzitter, GroenLinks en de Christen Unie/SGP komen daarom met de motie “Subsidiemogelijkheid bestrijding van armoede of sociaal isolement”.Deze subsidie verruimt o.i. de mogelijkheden die er zijn om te komen tot instrumenten voor die mensen die in het veld staan en weten hoe we zo effectief en efficiënt mogelijk hulp kunnen verlenen.
(Motie 5: Armoedebestrijding en sociaal isolement is bijgevoegd)
Voorzitter, sport blijkt zich steeds meer af te spelen op een sportcomplexniveau.
GroenLinks heeft dit weekend van en binnen het veld vernomen dat er een passende oplossing is gevonden voor de verhuizing van de hockeyvereniging OMHC. Als onze informatie klopt, is er echt sprake van visie en vaart, omdat deze omzetting in de vorige coalitieperiode niet realiseerbaar leek. Echter een financiële terugvertaling van de mogelijk gevonden oplossing, tenzij het bestuur hier een financiële strafcornervariant voor heeft bedacht, is niet terug te vinden in de begroting. GroenLinks verneemt graag van het DB wat de politieke oplossing is geworden voor de fysieke verhuizing en de financiering hiervan. In deze verneemt mijn fractie ook graag de ontwikkelingen rond CKC.
CKC geeft de voorzet voor de klotsende ontwikkelingen in Kralingseveer.
Voorzitter, mijn fractie is benieuwd naar de gebiedsontwikkeling rond de voetbalvelden en de speeltuin. Daarnaast vraagt mijn fractie zich af welke beleidsvisie het bestuur hanteert op het gebied van de wateroverlast in Kralingseveer. Het gaat ons niet om de vraag met wie overlegt u, maar wat wilt u bereiken en welke middelen zet u hiervoor in?
Voorzitter, mensen willen in DPA wonen omdat het hier groen is. Wij willen dat graag zo houden en de kwaliteit van het groen verbeteren.
Met ons is het bedrijfsleven het eens dat groen en groenvoorziening van steeds groter belang zijn voor het welbevinden van mensen. Meerdere onderzoeken hebben inmiddels aangetoond dat groen, m.n. de aanwezigheid van bomen in de directe woonomgeving, een bijdrage levert aan het verminderen van stress en daarmee een bijdrage levert aan de gezondheid van mensen. Het bedrijfsleven vraagt steeds duidelijker om een groene omgeving en wil ook investeren in groen en zich vestigen in een groene omgeving. Daar zijn wij blij mee. Echter uit de productenraming mogen wij afleiden dat de oppervlakte met bomen afneemt in onze deelgemeente.
GroenLinks pleit er daarom voor dit niet te laten gebeuren. GroenLinks wil dat het verlies van de 150m2 bomen wordt gecompenseerd.
Tevens vraagt GroenLinks aandacht voor de aanplant van dubbele rijen bomen rond de doorgaande wegen en rijkswegen. Hiermee willen wij twee zaken bereiken: enerzijds is het een natuurlijk geluidsscherm en anderzijds blijkt het een goed antwoord te zijn op fijnstof en CO2, grotendeels veroorzaakt door het autoverkeer. Zoals u weet, is de Randstad het zwaarst getroffen door de uitstoot en zijn er ook maatregelen nodig. Het bomenprogramma geeft het bestuur hier alle mogelijkheden.
Wij zouden het ook op prijs stellen indien werk wordt gemaakt van het accentueren van de visuele kenmerken van de singels in de deelgemeente.
Het college van Rotterdam heeft op aanvraag van GroenLinks eenmalig € 650.000,- beschikbaar gesteld voor kwalitatief beter groen in de buitenruimte. Het lijkt ons logisch dat het DB aanhaakt op deze ontwikkeling.
Voorzitter, de vis, in ons geval de energierekening, wordt duur betaald. GroenLinks mist in deze een paragraaf over het zuinig omgaan met energie in onze deelgemeente. Wij treffen niets aan over gebruik van energiezuinige lantaarnpalen, energiebesparing in de kantoren en de stadswinkel. Een gemiste kans. GroenLinks wil van het DB weten hoe het komt dat we hier niets over aantreffen en natuurlijk willen we wel weten wat u toch van plan bent op dit gebied.
Een plaats die slecht verlicht is, is het Alexanderplein. De bomen zijn leuk uitgespot, echter zodra het schemerig en donker wordt, ontpopt het plein zich als een groot donker en unheimische plek. Een plaats waar mensen zich niet veilig voelen. GroenLinks vraagt nadrukkelijk aandacht voor deze situatie en vraagt de raad en het dagelijks bestuur om toezegging hier iets te ondernemen.
Voorzitter, lantaarnpalen hebben te maken met gebiedsinrichting,dit brengt mijn fractie tot twee vragen:
Het bestuur geeft aan dat er een centrumvisie moet komen, los van de ontwikkeling van Oosterflank. Een visie die mijn fractie deelt. GroenLinks wil echter graag weten wanneer wij deze mogen ontvangen?
Voorzitter, afgelopen week zijn op de Coolsingel twee moties aangenomen die ook van belang zijn voor de stedelijke mobiliteit. Er is door de coalitie daar € 2.500.000 miljoen beschikbaar gesteld voor een proef gratis OV voor 65-plussers in daluren. GroenLinks gaat er van uit het DB zich onmiddellijk aanmeldt om voor onze ouderen hier de vruchten van te plukken. Daarnaast is er € 650.000 bestemd voor veilige fietsroutes naar scholen. U en wij begrijpen dat deze actie een goede ondersteuning is bij de initiatieven die in dit huis zijn ontwikkeld in het kader van de veiligheid rond de scholen. GroenLinks zou ook graag gebruikmaken van de mogelijkheden die hier liggen en vraagt het bestuur om haar reactie op beide onderdelen.
Nu we het toch over fietsen hebben, wil mijn fractie de raad en bestuur erop wijzen dat de fietsenstallingen bij de scholen in een erbarmelijke staat verkeren en ook de fietsenstallingen op de sportcomplexen, de winkelcentra, buurthuizen, kerken en ons lokaal cultureel centrum kunnen meedoen in de wedstrijd deplorabele toestand.
Wij weten dat er goed werk is verricht rond de metrostations. GroenLinks vraagt dit karwei af te maken op de door ons aangegeven plaatsen.
GroenLinks vraagt de raad en het bestuur om op deze plaatsen na herinrichting van b.v. het Wollefoppencomplex extra aandacht te besteden aan de fietsenstallingen.
Indien nodig dient GroenLinks hier in een later stadium een motie over in.
Voorzitter, Christenunie/SGP en GroenLinks dienen samen de motie bevordering cultureel erfgoed in Prins Alexander (motie 6 is bijgevoegd) in. Er is naar onze mening terecht € 15.000 uitgetrokken om de historie van dit gebied vast te leggen. Wij vinden dat de cultuurhistorische informatie en objecten een prominentere presentatie verdienen en beter toegankelijk moeten zijn en vragen u hieraan mee te werken. In deze wijs ik u er op dat er een breed gedragen motie op de Coolsingel is aangenomen, waarin een combinatie van een museum voor Stadsgeschiedenis met een oorlogs- en verzetmuseum moet worden onderzocht (ChristenUnie/SGP, VVD, CDA, D66, PvdA, SP, Leefbaar Rotterdam, GroenLinks). Mijn fractie vraagt de raad en het dagelijks bestuur positief te reageren op deze motie en te onderzoeken of deze functies kunnen worden gecombineerd.
Voorzitter, in het kader van de pilot gebiedsgericht werken spreekt mijn fractie uit, dat er een goede aanzet wordt gemaakt. Echter daar het gaat om een pilot, benadrukken wij de noodzaak van het afstemmen van de gekozen communicatie-/participatievorm met het doel dat men wenst te bereiken. Daarnaast willen wij niemand mandateren, wel kan er worden gedelegeerd. Bij mandaat raken immers DB en raad haar sturingsmechanismen kwijt. Op dit moment gaat mijn fractie nog uit van het primaat van de politiek en het afleggen van verantwoordelijkheid.
Voorzitter, het LCC is ontwikkeld om op een laagdrempelige wijze in contact te komen met cultuur. Laagdrempelig wil in onze visie ook zeggen goedkoop en waar mogelijk gratis. Het vragen van entreegelden voor een “dansen met politici” als gladijsvariant op “dancing with the stars” is naar ons idee een verkeerd signaal. Niet het dansen, wel de entreeheffing!
Voorzitter, zo wals ik voorzichtig naar een afsluiting. GroenLinks kan zich vinden in de begroting zoals deze opgesteld. GroenLinks wil op een aantal accenten een aanscherping van het beleid. Met ons heeft ook Leefbaar Rotterdam gevraagd om reactie op haar moties.
De motie over eerwraak, omdat eerwraak in de motie wordt gezien als een specifieke vorm van huiselijk geweld; GroenLinks deze motie opvat als een ondersteuning van het beleid van coalitie op de Coolsingel en het ziet als een directe uitnodiging slachtoffers te helpen, zullen wij deze steunen.
Mishandelde vrouwen, meisjes en jongens vanwege hun seksuele geaardheid moeten altijd op de steun van GroenLinks kunnen rekenen.
Met betrekking tot de motie gebiedswerken wachten wij het antwoord van het bestuur af.
De motie koopzondagen kan GroenLinks vanwege haar coalitieafspraken niet ondersteunen. De motie nulmeting wordt naar ons idee al voor een deelvorm gegeven in de commissie voor de programmabegroting en is daarom momenteel niet aan de orde.
Voorzitter, afrondend, de visie moet wat GroenLinks betreft in de volgende begroting zeker in de Productenraming explicieter worden verwoord. Houdt u met de raad de vaart er in. En zorg voor een juiste terugkoppeling naar bewoners en raad. Dan bent u in staat het goede werk voort te zetten.”
Schorsing van 16:00 uur tot 18:45 uur.
1e termijn DB
De heer Krul spreekt in de eerste plaats zijn waardering uit voor de fractie van Leefbaar Rotterdam. Als er activiteiten zijn in de deelgemeente dan is Leefbaar Rotterdam vrijwel altijd aanwezig.
Ook de werkwijze waarbij de moties van tevoren worden rondgezonden en de bijdragen in eerste termijn in papieren versie worden uitgereikt, bevalt hem zeer.
Het DB wil wat betreft het ‘anders vergaderen’ buiten de discussie blijven. Dit is een zaak die in het presidium zou kunnen worden besproken.
Het DB heeft kennis genomen van de technische vragen. De beantwoording van de vragen ziet spreker in het licht van de dienstverlening.
De opmerkingen die zijn gemaakt door Leefbaar Rotterdam over het eergerelateerd geweld zijn terecht. Het gaat om een grote problematiek. Ook in de stadsgemeente is het aan de orde geweest. In PA is er eveneens overleg geweest over deze problematiek met de politie en de DOSA-regisseur. Het blijft echter lastig om de omvang van het probleem in kaart te brengen. Er is contact geweest met de stedelijke coördinator. Het DB vindt het noodzakelijk om hier bij aan te sluiten. De motie van Leefbaar Rotterdam heeft de steun van het DB onder voorwaarde dat de genoemde datum in de motie wordt geschrapt.
Vervolgens gaat de heer Krul in op de vragen van het CDA. Ook het DB vindt het een goede zaak dat er bijeenkomsten worden georganiseerd over de WMO. Diverse organisaties en partijen organiseren bijeenkomsten. Ook de deelgemeente is in contact getreden met de ouderenplatforms om met hen het proces van participatie en meedenken te bespreken. Op korte termijn zal er een bijeenkomst zijn waarbij ook veel vrijwilligersorganisaties zullen worden uitgenodigd. Met betrekking tot het meldpunt brengt spreker naar voren dat er een stedelijk meldpunt zal komen waarbij ook de instellingen van de deelgemeente kunnen aansluiten.
Er zijn bij het DB geen signalen bekend van overlast door overmatig blowen. Wanneer deze signalen het DB bereiken dan zal over de suggestie van het CDA worden nagedacht.
Hij bedankt het CDA voor de steun voor het jongerenbeleid. De suggestie voor een centraal meldpunt voor vrijwilligers bij de Stadswinkel spreekt hem aan. Wel moet dit worden gezien in het kader van de bestaande vrijwilligersbanken die bij verschillende instellingen al bestaan.
Bij het armoedebeleid moet niet alleen worden gedacht aan het platform armoedebeleid. Instellingen als het MBA en SDA hebben hier ook een belangrijke taak. Voorts wijst hij op de cursussen ‘administratieve ondersteuning’ en ‘inkomen uitkomen’ die zijn gehouden. Ook vindt er maandelijks op ambtelijk niveau overleg plaats met SoZaWe. Tot slot is er door het DB overleg geweest met de wethouder en SoZaWe.
Voorts maakt spreker duidelijk dat kwaliteitszorg door het DB wordt gezien als bedrijfsvoering dat een primaire verantwoordelijkheid is van de instellingen. Hij stemt in met een verbetering van de notitie van uitgangspunten.
In reactie op de PvdA brengt hij naar voren dat wanneer partijen er prijs op stellen dat bekend wordt gemaakt door wie de moties zijn ingediend, dan zal dit worden gedaan. Hij vindt het een goede suggestie om in de toekomst een spreekuur te houden.
Met betrekking tot de Brede School zal er worden ingesprongen op de stedelijke activiteiten die plaatsvinden. De scholen zijn benaderd door de stichting Meeuw. In PA zijn ook alle scholen actief benaderd.
In een verslag over de WMO heeft spreker gezegd dat er sprake is van een financieel tekort. Hij heeft toen niet gedoeld op een tekort van vier miljoen voor de deelgemeente, maar voor de vier grote steden bij elkaar. Met betrekking tot PA heeft het DB het standpunt dat zij de eigen broek op moet houden. Wanneer er extra taken bijkomen, zal er ook om extra middelen worden gevraagd.
Vervolgens geeft de heer Krul aan dat er in het DB is gesproken over het deelgemeentelijk bestel. Er is een overleg geweest van de voorzitters. Voorts is er een stuurgroep ingesteld waarin naast de wethouders Baljeu en Kriens ook de heer Rook van IJsselmonde en de heer Van Duin plaatshebben.
Het DB zal meewerken aan het verbinden van de naam van Marijke van der Wal aan de skatebaan.
In reactie op vragen van de SP en GroenLinks antwoordt spreker dat jongeren bij de wijkvisie zullen worden betrokken. SBA gaat een grote jeugdmanifestatie organiseren in Prinsenland. Ook de deelgemeente zal daarbij aanhaken.
De percentages die door de heer Snijders zijn genoemd moeten enigszins worden bijgesteld. Er is geen sprake van een percentage van 43% van mensen die onder de armoedegrens leven, maar van 8-9%. Dat is ongeveer het Nederlandse gemiddelde en onder het Rotterdamse gemiddelde. Hij vindt de motie dan ook overbodig. Er worden maatregelen genomen voor armoedebestrijding. Dit is zichtbaar in de begroting waarin de mogelijkheid wordt gegeven voor instellingen om gelden aan te vragen.
De heer Van Duin gaat in de eerste plaats in op de vragen van Leefbaar Rotterdam. Hij is van mening dat op een aantal beleidsterreinen doelstellingen zeer SMART geformuleerd kunnen worden. Op een aantal andere gebieden is dat niet mogelijk. Het voorbeeld dat de heer Meijer noemde over wonen is daar een voorbeeld van. Op dat gebied heeft de deelgemeente een regisserende rol. Door diverse landelijke instellingen en organisaties die zich bezighouden met volkshuisvesting, wordt het signaal afgegeven dat starters het moeilijk hebben op de woningmarkt. Deze signalen worden door het DB overgenomen. De deelgemeente heeft echter niet de macht en positie om woningen te realiseren, maar doet dit samen met woningcorporaties.
Op het gebied van de zondagsopenstellingen kan er wel zeer SMART worden geformuleerd. Er zijn twaalf koopzondagen en vier koopfeestdagen en niet meer. De deelraad heeft in meerderheid een bestuursprogramma vastgesteld. Het zou dan ook vreemd zijn om daar plotseling van af te wijken.
Naar aanleiding van vragen van de PvdA brengt spreker naar voren dat er een grootschalig verkeersonderzoek wordt gehouden. Daarbij wordt gekeken naar het centrum, maar ook naar de bereikbaarheid van de wijken. Alle bestuurslagen in Nederland werken mee aan dit onderzoek. De resultaten worden in het eerste kwartaal van 2007 bekend gemaakt.
Er zullen geen voorstellen komen voor de veiligheid van de metro. Na aanleg van de AHBO’s zijn andere vormen van verkeer onveiliger dan de metro. De wens om de metro ondergronds te doen, ziet hij dan ook niet in het kader van de verkeersveiligheid maar in het kader van verdere centrumontwikkeling. De motie van de VVD uit 2002 is niet vergeten. Het DB blijft daar aan vasthouden.
Voorts maakt hij duidelijk richting de VVD dat het niet mogelijk is om winkelcentra te beschermen tegen markten en dergelijke door geen regels te stellen. Wel zal hij proberen dit met zo min mogelijk regels te bewerkstelligen.
Er wordt in de begroting niet gesproken over een centrumvisie zoals de heer Snijders naar voren bracht, maar over een ruimtelijk economische visie. Het centrumgebied heeft daarin een belangrijke rol. Midden 2007 moet deze visie gereed zijn.
Wat betreft het Alexanderplein geeft spreker aan dat er wordt voldaan aan de gestelde eisen. Er is gekozen voor het dag en nacht laten branden van het licht in de Stadswinkel. Dit zal de heer Snijders echter niet op prijs stellen.
Met betrekking tot de opmerkingen over het gratis openbaar vervoer ziet de heer Van Duin geen taak weggelegd voor het DB.
De situatie van de fietsenstallingen is niet zo slecht als door de heer Snijders is betoogd. Er moet een onderscheid worden gemaakt tussen de fietsenstallingen die onder het beheer van de deelgemeente vallen en die daar niet onder vallen. De deelgemeentelijke fietsenstallingen worden goed onderhouden.
Tot slot gaat hij in op de situatie bij OMHC. Er moet nog een aantal zaken worden geregeld. Hij heeft er vertrouwen in dat dit goed gaat komen. Na veel overleg is de situatie in positieve zin omgeslagen.
De heer Paulusma spreekt in de eerste plaats over de begroting. De ombuiging van € 700.000 naar twee miljoen euro is een keuze van het DB. Deze keuze moet niet worden onderschat. Het is een begin van een ombuiging van het eigen beleidskader. Hierdoor wordt het mogelijk om zelf keuzes te maken. Hij is blij met de positieve ondersteuning voor dit plan door de PvdA-fractie.
Hij legt de nadruk op het feit dat de begroting van de deelraad is. Daarom is er ook een Begrotingscommissie met deze problematiek bezig. De vraag die in de motie van Leefbaar Rotterdam ligt besloten zou een enorme aanslag betekenen op het ambtelijk apparaat. Voorlopig ligt de opgave bij de Begrotingscommissie. Iedereen in de deelraad vindt dat de begroting beter zou kunnen. Hij zal dan ook proberen om met de Begrotingscommissie te zorgen voor een andere begroting voor het volgende jaar. Spreker prijst Leefbaar Rotterdam om haar inzet voor het meetbaar maken van de voorgenomen plannen en doelstellingen. Er moet echter voor worden gewaakt dat er een ‘overkill’ plaatsvindt. De heer Paulusma citeert uit het blad Binnenlands Bestuur: “Professionals in de publieke sector worden opgejaagd en afgerekend door de fatale combinatie van doorgedreven marktwerking en een door de ongeduld opgejaagde overheidssturing die hen het leven zuur maakt.” Door de voorzitter van de WRR wordt een sociaal infarct voorspeld. De wereld is niet maakbaar door middel van meten en indicatoren. Er zijn ook kwalitatieve instrumenten die gebruikt kunnen worden om de samenleving te controleren. Er moet ook plezier en ondernemingszin blijven. Het zijn niet alleen de cijfers.
Vervolgens gaat hij in op de buitenruimte. Hij benadrukt dat PA een fantastische deelgemeente is. De buitenruimte ziet er groen en goed uit. Er moet voor worden gewaakt dat er een te negatief beeld wordt geschetst van de buitenruimte. Spreker is trots op de deelgemeente.
De gemeente heeft geen geld gegeven in het kader van het programma-akkoord. De aandacht gaat naar de achterstandswijken in Rotterdam-Zuid en Rotterdam-Noord. Er is vijftien miljoen euro voor de buitenruimte uitgetrokken. Dit is veel minder dan werd verwacht. Hij wijst erop dat de deelgemeente zich bewust is van haar eigen verantwoordelijkheid. De keuze om de vrije ruimte te vergroten van € 700.000 naar twee miljoen euro moet in dat kader worden gezien. Voor de buitenruimte waren extra middelen van essentieel belang om te voorkomen dat er achteruitgang plaatsvindt. Spreker vestigt zijn hoop op de verdeelsleutel van het deelgemeentefonds. De bodemgesteldheid is een criterium voor de verdeling van de gelden. Met zijn ambtelijke staf heeft hij onderzoek gedaan naar mogelijkheden om aan extra gelden te komen. Er is een kaart uit 1994 gevonden waarop bijvoorbeeld Prinsenland en Kralingse Veer nog niet zijn aangegeven. Dit zou een argument kunnen zijn bij het vaststellen van de verdeling van het deelgemeentefonds. Ook moet er rekening worden gehouden met eventuele doeluitkeringen. Via die weg kan er ook worden geprobeerd om geld binnen te halen. Tot slot kan ook de samenwerking met de woningbouwcorporaties geld opleveren. De suggestie van de PvdA-fractie over het ‘Stoepenstappenplan’ wordt door spreker meegenomen. De vraag van het CDA of de middelen die overblijven niet naar de algemene reserve moeten afvloeien, is volgens de heer Paulusma een bevoegdheid van de deelraad.
De suggestie van de VVD-fractie met betrekking tot de verkeerstuin wordt meegenomen in het kader van het beleidskader.
Vervolgens gaat hij in op de controlerende functie van de diensten. De toetsende functie over het geleverde werk ligt bij de opdrachtnemer. Dit heeft de aandacht van het DB.
Het rapport Kralingse Veer wordt in het DB besproken en vervolgens zo spoedig mogelijk aan de deelraad gestuurd. Op korte termijn wordt er een bewonersavond georganiseerd.
Naar aanleiding van opmerkingen over de bomen in de deelgemeente brengt spreker naar voren dat er 27.000 bomen zijn in de deelgemeente. Bij de Zevenkampsering staan de bomen te dicht op elkaar en moet er soms een aantal worden gekapt. Er wordt altijd zo veel als mogelijk overgegaan tot herplanting.
In het kader van de sport maakt de heer Paulusma duidelijk dat Rotterdam de sportstad van het jaar is en PA de sportiefste deelgemeente van de stad is. Wat betreft het zwemwater in de deelgemeente wordt er door wethouder Bolsius te snel een centralisatiekwestie achter het probleem gelegd. Hij zal zich daartegen enigszins verzetten. Verheugd is hij over het feit dat een motie van D66 in de gemeente is afgewezen die verzocht om recentralisatie. In een tweede motie werd gevraagd om eerst de problematiek in kaart te brengen. Recentralisatie is niet de oplossing. Spreker wil graag met de deelraad in discussie over het ambitieniveau met betrekking tot het Alexanderbad. Hier zal een notitie over verschijnen die in januari of februari kan worden besproken.
De aanleg van het kunstgrasveld van CKC wordt mogelijk. Hij zal in dit verband de gemeentelijke voetbalvisie bezien. Tot slot legt hij uit dat de Servicedienst goede producten levert die de deelgemeente afneemt. Dit zal in de toekomst zo blijven.
Mevrouw Boekhoudt sluit in de eerste plaats aan bij de woorden van het CDA. Ze is zeer benieuwd naar de uitkomsten van de pilots over burgerinitiatieven. Samen leven doe je niet alleen. Wanneer burgers gezamenlijk verantwoordelijkheid nemen, kan hier invulling aan worden gegeven. Voorstellen zullen in januari naar de deelraad worden gezonden.
De markten en braderieën zouden in de deelgemeente voor extra levendigheid moeten zorgen en niet, zoals de VVD suggereert, voor extra regels.
De manier waarop bewoners in Oosterflank zich op het Semiramispark hebben gestort, geeft een goed beeld van de manier waarop bewonerssamenwerking zou moeten plaatsvinden.
Tot slot gaat spreekster in op de motie van GroenLinks over cultureel erfgoed. De € 15.000 die beschikbaar is, is bedoeld voor vergroting van deelname aan culturele en kunstzinnige activiteiten en het bekendmaken van beeldende kunst in de buitenruimte. Het beschrijven van de historie van PA is een onderdeel van het te besteden bedrag. De manier waarop dit in de motie naar voren komt is te ‘prematuur’. Voorts wijst ze op een aangenomen motie in de gemeente over een huis voor de stadsgeschiedenis. Ze vraagt zich af wat de deelgemeente PA daar mee moet doen.
Spreekster is het eens met de woorden van de heer Snijders over het LCC. Ze maakt duidelijk dat het DB niet wist dat het onderdeel in een programma zou komen waarvoor entree werd geheven. Er is besloten dat dit eenmalig was en nooit meer zal voorkomen.
De heer Noeverman wijst Leefbaar Rotterdam op de vergaderingen van 9 februari 2005 en 6 april 2005, waarin uitvoerig over het gebiedsgericht werken is gesproken. Ook in de jaarplanning staan een aantal data aangegeven waarop over gebiedsgericht werken zal worden gesproken. Dit is meer dan een keer per kwartaal waar Leefbaar Rotterdam om heeft gevraagd. Hij doet de toezegging dat Leefbaar Rotterdam de stukken van eerdere vergaderingen via de griffie krijgt toegezonden. Hij stelt dan ook voor aan de deelraad om de motie te verwerpen omdat de onderbouwing niet klopt en er al invulling aan wordt gegeven.
Bij het gebiedsgericht werken moet het gaan om een betere dienstverlening naar buiten toe. Er zal dus niet moeten worden gediscussieerd over de ambtelijke structuur en organisatie. De structuurwijziging moet aan het DB en de gemeentesecretaris worden overgelaten. Het belang van de inwoners van PA moet voorop staan.
Voorts refereert hij aan de woorden van het CDA met betrekking tot het burgerpanel. Het doel van het burgerpanel is dat het DB dit panel vraagt om advies over de dienstverlening en de communicatie van de deelgemeente. Het burgerpanel zal zich in 2007 richten op het gebiedsgericht werken en de externe communicatie. Het vormt een klankbord voor het DB. De uitkomsten zullen met de deelraad worden besproken. Werving van de leden voor het panel zal via het COS worden gedaan. Deze mensen zullen ook via internet meewerken aan een vragenlijst. De bedoeling is dat er twee keer een bijeenkomst wordt georganiseerd met vijftien panelleden. Hij benadrukt nogmaals dat de werving via een onafhankelijk instituut wordt gedaan en dus volledig is uitbesteed.
Vervolgens legt hij uit dat het traject van sociale activering en OK-banken niet moet worden verward met het traject van werkgelegenheid. Het zijn twee verschillende trajecten. Wat betreft de werkgelegenheid is er sprake van een stadsbreed traject waarbij de deelgemeenten actief worden betrokken. Het is nog niet duidelijk op welke manier dit vorm gaat krijgen. Samen met SoZaWe en andere partijen zal ook de gebiedsgerichte informatie van PA hierin worden meegenomen. De deelraad zal hier nader over worden geïnformeerd.
Voorts gaat hij in op het armoedebeleid. Hij maakt duidelijk dat er nooit een toezegging is gedaan voor kinderkledingbeurzen. Wel zou er gericht worden gekeken naar de activiteiten die plaatsvinden in het kader van het armoedebeleid. Er is contact geweest met het SDW. SDW heeft negatief gereageerd op de mogelijkheid van een dergelijke winkel. Er zijn in principe voldoende kinderkledingbeurzen in de deelgemeente.
Spreker kan zich vinden in de woorden van de heer Van Lottum over de maatschappelijke opvang. In eerste instantie zou er voor november een vergadering worden gehouden. Door vertraging vanuit de stadsgemeente is de datum uitgesteld naar 1 december 2006. Intern wordt er gewerkt aan het vaststellen van de locaties. In december zal de deelraad worden geïnformeerd.
Tot slot reageert hij op de woorden van de heer Snijders. Stadsbreed worden er energiezuinige armaturen gebruikt in de lantaarnpalen. Verder is er aandacht voor energiezuinige maatregelen in het stadskantoor en de stadswinkel. Dit zou wellicht meer aandacht verdienen.
2etermijn deelraad
De heer Meijer reageert in de eerste plaats op de woorden van mevrouw Van der Veen. Spreker voelt zich ‘uitermate geschoffeerd’ en vindt het onacceptabel dat Leefbaar Rotterdam misbruik van middelen wordt verweten. Hij verwacht tenminste excuses. Misbruik van middelen is naar zijn mening het ‘verkwanselen’ van gemeenschapsgeld. Bij het stellen van vragen over een onduidelijke begroting is er geen sprake van misbruik van middelen.
Voorts spreekt hij over het indienen van de moties. De moties zouden voor het weekend worden ingediend en op verzoek van de griffie voor twaalf uur. Daarnaast werd er op die manier rekening gehouden met de CU/SGP zodat ook zij konden reageren. Alleen de motie van GroenLinks en CU/SGP is op zondag binnengekomen. Hij vindt het zeer vreemd dat uitgerekend de PvdA zich hier druk over maakt.
In reactie op de heer Van Duin maakt spreker duidelijk dat wanneer er in de begroting wordt gesproken over ‘wat gaan wij doen/bereiken’ dat ‘wij’ dat ook daadwerkelijk doen en niet anderen.
Leefbaar Rotterdam kan zich niet vinden in de beperking van het aantal koopzondagen.
Met betrekking tot de begroting legt de heer Meijer uit dat Leefbaar Rotterdam soms pas achteraf ziet wat belangrijk is. Dit betekent echter niet dat zij hun mening niet naar voren mogen brengen.
Motie 3 (gebiedsgericht werken) wordt door Leefbaar Rotterdam ingetrokken onder voorwaarde dat de toezeggingen van de heer Noeverman worden uitgevoerd. Hij wijst het DB erop dat de jaarplanning aan het presidium is voorgesteld, maar nog niet vastgesteld.
Met betrekking tot de locaties voor de maatschappelijke opvang stelt spreker voor om eerst de deelraad te informeren over de locaties en deze pas daarna aan de stadsgemeente toe te zenden. Dan kan de deelraad er nog iets over zeggen.
Motie 5 wordt door Leefbaar Rotterdam gesteund.
Tot slot legt hij uit dat er een verschil bestaat tussen markten en braderieën. Braderieën zijn regelvrij en voor markten bestaan al allerlei regels.
Mevrouw Ton reageert in de eerste plaats op het voorstel van de VVD om de Skatebaan te vernoemen naar mevrouw Van der Wal. Het CDA stemt daar van harte mee in en vindt het een prachtig initiatief.
Over de bus voor jongeren meldt spreekster dat deze kapot is. De motie is daarom nog niet afgedaan.
Het CDA ondersteunt het voorstel voor opvang van dak- en thuislozen tussen de achttien en vierentwintig jaar. Deze suggestie van de VVD kan wat haar betreft door het DB worden meegenomen.
Ook het CDA heeft zich gestoord aan de woorden ‘misbruik van middelen’. De technische vragen zouden niet nodig zijn geweest wanneer er een duidelijke Programmabegroting was opgesteld.
Net als Leefbaar Rotterdam is spreekster verbaasd over de te laat ingediende motie van de CU/SGP.
Ze is verheugd met de steun van de PvdA voor de aandacht voor de verloedering van de buitenruimte in PA.
Mevrouw Ton is verrast door de visie van de SP over het deelgemeentebestel. Deze is niet in overeenstemming met de SP-visie op stadsniveau.
Ze sluit zich aan bij de woorden van de heer Snijders over de singels. Er ligt nog een verzoek om langs de singels in Zevenkamp knotwilgen te plaatsen. Ze gaat er van uit dat dit nog in het beleid wordt gerealiseerd.
Spreekster verzoekt het DB om naast de ouderenplatforms ook de ouderenbonden te betrekken bij de WMO.
In tegenstelling tot het DB is mevrouw Ton wel van mening dat er overlast is door het gebruik van drugs. Ze wijst op de situatie bij de Capelsebrug, het pleintje bij de SPAR. De pilot in Amsterdam zou ook hier kunnen worden toegepast.
Het CDA kan zich vinden in het jongerenbeleid en spreekster is blij met de overname van de suggestie betreffende het meldpunt voor ouderen door het DB. Verder is er nog geen antwoord gegeven op de vraag naar de pilot ‘Leve leven’.
Spreekster benadrukt dat het CDA altijd heeft gepleit voor het ondergronds brengen van de metro. Daar was echter nooit geld voor en ook nu zal er geen geld beschikbaar zijn.
Wat betreft de zondagsopenstelling is mevrouw Ton teleurgesteld over de reactie van de heer Van Duin. Van een VVD’er had zij een ander antwoord verwacht.
De heer Van Duin interrumpeert dat het DB altijd met een mond spreekt.
Voorts gaat mevrouw Ton in op de reactie van de heer Paulusma. De begroting kan beter en zal in de toekomst ook beter worden. Het is vreemd dat een dagelijks bestuurder dit over zijn eigen begroting zegt.
Verder kan er een begin worden gemaakt met cijfers en doelstellingen. Er is nog geen sprake van het ten onder gaan aan cijfers zoals de heer Paulusma stelde.
Vervolgens gaat spreekster in op de woorden van de heer Paulusma met betrekking tot het zoeken naar middelen om ‘niet achteruit te gaan’. Dit is niet realistisch. De deelgemeente PA zal met de eigen middelen rond moeten komen. Naast de oppervlakte van de deelgemeente worden er nog andere criteria gebruikt om de middelen voor de buitenruimte te verdelen over de deelgemeenten. Wanneer de heer Paulusma niet houdt van doeluitkeringen dan zal hij daar met de gemeente over moeten spreken.
Spreekster stelt vervolgens de controlerende functie van de deelraad met betrekking tot de diensten aan de orde. De portefeuillehouder gaat daar naar kijken. De heer Paulusma dient echter eerst kennis te nemen van de stukken die in het verleden zijn vastgesteld.
Voorts vraagt ze wat de portefeuillehouder bedoelt met de woorden ‘enigszins tegen verzetten’ wat betreft de recentralisatie van de zwembaden. Tot slot maakt spreekster duidelijk dat de voetbalvisie van de gemeente al lange tijd bekend is. De witte broodsweken zijn voor de portefeuillehouder voorbij.
Mevrouw Van der Veen reageert op de andere partijen. In reactie op Leefbaar Rotterdam geeft spreekster aan dat de woorden ‘misbruik van middelen’ wellicht te zwaar zijn aangezet. Het DB heeft echter aangegeven de suggestie voor een spreekuur mee te nemen, zodat dit probleem in de toekomst niet meer aan de orde hoeft te komen. Wat betreft het indienen van moties dienen de gemaakte afspraken te worden nagekomen.
De heer Meijer interrumpeert dat op een motie na alle moties conform de afspraak waren toegezonden.
Mevrouw Van der Veen is verheugd over het feit dat alle partijen belang hechten aan het armoedebeleid en de buitenruimte. De pilot betreffende ‘anders vergaderen’ dient nog voortgezet te worden. Ook het blowverbod zoals door het CDA is voorgesteld, kan niet op steun van de PvdA rekenen. Er moeten niet allerlei zaken in de buitenruimte verboden worden.
Het is mevrouw Van der Veen niet duidelijk of het ‘stoepenstappenplan’ door de portefeuillehouder is toegezegd.
Tot slot merkt spreekster op dat de PvdA vooralsnog alle moties zal afwijzen.
Het bevreemdt de heer Meijer dat mevrouw Van der Veen namens de hele PvdA-fractie spreekt, aangezien er om een hoofdelijke stemming is gevraagd.
Mevrouw Van der Veen reageert dat dit het ‘gevoel’ is van de hele fractie.
De heer Snijders vindt het opmerkelijk dat de indieners van de moties niet eerst de gelegenheid krijgen deze toe te lichten of eventueel in te trekken voordat er een oordeel door de partijen wordt geveld.
De voorzitter antwoordt dat het volgens de afgesproken procedure niet mogelijk is.
Mevrouw Ton is van mening dat het niet gepast is om bij een hoofdelijke stemming de mening van de hele fractie naar voren te brengen. Dit kan de stemming enorm bemoeilijken. De heer Meijer sluit zich aan bij deze woorden.
De heer Van Dijk stelt in de eerste plaats dat ‘afspraak is afspraak’ is.
Hij gaat vervolgens in op de woorden van de heer Paulusma betreffende het 50-meterbad aan het Bramantenplein. Er zou geen steun zijn voor dit zwembad. De wethouder van de gemeente heeft op verschillende plaatsen uitzonderingen gemaakt. Hij vraagt aan de portefeuillehouder om te onderzoeken of er mogelijkheden zijn via externe bronnen. In een debat aan het begin van het jaar is duidelijk naar voren gekomen dat bijvoorbeeld het NOC NSF en het ministerie gelden beschikbaar hebben. Er moet onderzocht worden wat de mogelijkheden zijn.
Met betrekking tot het meldpunt voor ouderen maakt spreker melding van het rapport ‘Lang zullen we leven’ van de themacommissie ouderen in de Tweede Kamer. Daarin wordt voorgesteld om consultatiebureaus met meldpunten voor ouderen in te stellen. De VVD kan zich vinden in deze aanbeveling.
Het CDA heeft nadrukkelijk gewezen op het belang van jongeren- en vrijwilligerswerk. Het bevreemdt spreker daarom dat deze fractie vragen heeft gesteld over een budget van vijfduizend euro voor een jongerenproject in Roemenië. Deze jongeren hebben veel gedaan in Roemenië maar ook in de deelgemeente, zowel voorafgaand aan het project als daarna.
Motie 1 betreft een zaak die de deelraad aangaat en niet het DB. De deelraad heeft een commissie Programmabegroting ingesteld. Hij heeft de suggestie gedaan om te kijken of de opdracht aan deze commissie niet moet worden bijgesteld. Ook wat betreft motie 3 is er in de deelraad gesproken. De beantwoording van de heer Noeverman stelt spreker ten dele gerust. De deelraad heeft ingestemd met het gebiedsgericht werken. De VVD-fractie staat hier nog steeds achter, maar wil wel een discussie over de manier waarop dit plaatsvindt. Er moet gesproken worden over de kaders voor het DB.
Naar aanleiding van de bijdrage van de heer Boer over het onderhoud van de buitenruimte, daagt de heer Van Dijk de deelraad uit om een percentage vast te stellen. Ook de maatregelen om dit percentage daadwerkelijk te kunnen halen, dienen te worden besproken. Graag ziet spreker hier een concrete discussie over bij de kadernota buitenruimte.
Motie 1 wordt niet overgenomen door de heer Van Dijk. Wat betreft motie 2 geldt de uitspraak: ‘afspraak is afspraak’. De VVD-fractie zal zich aan het coalitieakkoord houden. Motie 2 zal daarom niet worden ondersteund. Motie 4 wordt door spreker ondersteund. Wat betreft motie 5 wacht spreker op de reactie van het DB. Naar aanleiding van motie 6 vraagt spreker aan de fracties van GroenLinks en CU/SGP om twee voorbeelden te noemen van cultureel erfgoed in PA. De VVD-fractie is geen voorstander voor het maken van beleid op een voorbeeld.
In reactie op het CDA brengt de heer Boer naar voren dat zolang de deelgemeenten bestaan, de SP er het maximale zal proberen uit te halen.
Mevrouw Ton reageert dat dit een sterk afwijkend standpunt is van de SP-fractie in de gemeente.
De heer Boer bevestigt dat het een deelgemeentelijke visie is van de SP, maar dat door de deelgemeenten het beste voor de burgers wordt gezocht.
Verder gaat hij in op de moties. Motie 1 wordt niet door de SP-fractie gesteund. Met betrekking tot motie 2 maakt spreker duidelijk dat er sinds korte tijd een nieuwe CAO-regeling van kracht is. De toelagen voor het werken op feestdagen, zaterdagen en ook zondagen zal komen te vervallen. Jongeren zullen daarom niet snel in de detailhandel treden omdat de 200%-regeling van de zondag komt te vervallen. Dit vindt hij een vorm van uitbuiting.
De heer Meijer brengt daar tegenin dat het niet gaat over de vraag of ze meer kunnen verdienen dan honderd procent, maar dat ze iets kunnen verdienen met een bijbaantje. Juist schoolgaande jeugd kan in het weekend bijverdienen.
De heer Boer vindt dat er opgekomen moet worden voor de jongeren en voor hun rechten op een toelage in de weekenden. Ook vanuit deelgemeenten moeten de jongeren op bescherming kunnen rekenen.
Motie 4 en 5 zullen door de SP-fractie worden gesteund.
De heer Snijders heeft zich beziggehouden met de motie armoedebeleid of sociaal isolement. Hij wijst met nadruk op een aantal maatregelen die hun uitwerking nog moeten hebben, en die voor vooral de lagere klassen een flinke verslechtering betekenen. De toeloop naar de voedselbanken neemt alleen maar toe. Een op de twaalf gezinnen (8-9%) heeft het slecht. De gereserveerde € 25.000 is nog niet volledig besteed in 2006. De groepen en organisaties die zich bezighouden met armoedebestrijding en de doorbreking van sociaal isolement van mensen dienen we te ondersteunen. Er is dan geen sprake van een verenging maar van een verbreding. Hij is daarom verheugd over de mededeling van de heer Krul dat daar zeer snel over beslist kan worden. De transparantie van de aanvragen kan worden bevorderd door het op een zelfde manier te behandelen als een subsidieaanvraag. Hij benadrukt nogmaals dat het daarom geen verenging maar een verbreding is. De motie wordt dan ook niet ingetrokken. Hij citeert uit de speech van mevrouw Van der Veen waarin ook melding wordt gemaakt van het opkomen voor de zwakken in de samenleving.
Voorts wijst hij op de onduidelijke relatie van de deelgemeente met SDW. Voor SDW bestaan hier nog veel onduidelijkheid. Ook in de begroting wordt hierover zeer moeilijk gedaan. Wanneer er geen duidelijkheid bestaat over visie en beleid, zou moeten worden aangegeven om welke redenen dit niet mogelijk is.
Verder acht hij het van belang dat er oog is voor energiezuinige maatregelen. De opmerkingen van de heer Paulusma over het feit dat er 27.000 bomen in de deelgemeente zijn, vindt hij een beetje ‘smalend’. Er zal weer 150m2 groen uit de deelgemeente verdwijnen. In eerdere begrotingen was dit ook het geval zodat het een trend lijkt te worden. Een minder smalende reactie van de portefeuillehouder zou op zijn plaats zijn wanneer de voordelen van groen in ogenschouw worden genomen.
Tot slot maakt hij een opmerking over de fietsenstallingen. Hij is van mening dat een extra inspanning van het DB noodzakelijk is om de fietsenstallingen te verbeteren. Het zijn voorzieningen van openbare gebouwen.
Motie 4 zal door de GroenLinks-fractie worden gesteund.
De heer Schippers spreekt zijn waardering uit voor het werk van ambtenaren en DB. Vervolgens vraagt hij naar de uitvoering van de motie over opvoedondersteuning / armoedebestrijding. Hij vraagt naar concrete mogelijkheden die kunnen voortvloeien uit het collegeprogramma of uit de versterking van de stad- of deelgemeente. Dit is voor hem niet duidelijk.
De doelstellingen met betrekking tot de waterhuishouding vindt hij vaag. Waarom wordt er niet een doelstelling van bijvoorbeeld 40% schone singels gesteld.
Bij paragraaf 5.6 vraagt hij zich af waarom kerkelijk jeugdwerk en ander jeugdwerk van identiteitsgebonden instellingen niet worden genoemd.
Mevrouw Ton interrumpeert en brengt naar voren dat de vragen die de heer Schippers stelt eigenlijk in de eerste termijn gesteld hadden moeten worden. Ze verzoekt de voorzitter om dit niet toe te laten.
De heer Schippers vervolgt zijn betoog en maakt duidelijk dat wat betreft de bomen hij het betoog van de heer Snijders ondersteunt. Bomen ontrekken CO² aan de lucht en zijn een middel tegen de fijnstofproblematiek. Ook hij vindt de woorden van de heer Paulusma ‘wat karig’. Hier zou een ruimhartiger beleid kunnen worden gevoerd.
Voorts vraagt hij of het DB bereid is de problemen van alcohol bij jongeren mee te nemen in het volksgezondheidsbeleid. Ook hier is namelijk sprake van een grote problematiek.
De CU/SGP-fractie hecht eraan dat er een beschrijving komt van de geschiedenis van PA. Daarom is er samen met de GroenLinks-fractie een motie ingediend. Voorbeelden zijn de houtwallen, polderlandschap, de cultuurhistorie rond de Rotte en de wijziging van de samenstelling van de bevolking. Wanneer het DB de intentie van de motie ondersteunt, kan de motie worden ingetrokken.
Met betrekking tot de kwantificering van de doelstellingen maakt spreker duidelijk dat hij dit alleen wil wanneer het ‘zinnig’ is. Wanneer het leidt tot oneigenlijke inzet van ambtelijke capaciteit dan moet het worden nagelaten.
Wat betreft de koopzondagen merkt hij op dat wanneer er meer dan twaalf koopzondagen worden gehouden dit in strijd is met wettelijke bepalingen.
De heer Meijer bevestigt dit, maar geeft aan dat de regeling over evenementen coulant kan worden toegepast.
De heer Schippers vraagt zich daarbij wel af hoe dit de leefbaarheid van de bewoners in Oosterflank beïnvloedt. Deze mensen hebben dan zeven dagen per week auto’s voor hun deur. Deze en andere redenen zorgen ervoor dat motie 2 niet wordt gesteund.
Mevrouw Ton vraagt naar een reactie van het DB wat betreft de leefbaarheid voor de bewoners van Oosterflank.
De heer Schippers steunt motie 4 daarbij aantekenend dat het niet gaat om religieus geweld maar cultureel geweld.
Motie 5 kon door spreker niet op tijd worden verstuurd. De heer Snijders heeft hem helaas ook niet voor de zaterdagavond doorgestuurd.
Tot slot wenst hij het DB, de deelraadsleden en alle medewerkers veel succes en Gods zegen toe bij alle werkzaamheden. De zegen van God geldt zeker ook voor de zondag.
2e termijn DB
De heer Krul gaat in op een aantal vragen van het CDA. Hij zegt toe dat ook de ouderenbonden bij het platform zullen worden betrokken. De DOSA-regisseur en de politie zijn ingeschakeld bij de jongeren die zich ophouden bij de SPAR. Dat er geblowd wordt, is niet bekend bij het DB.
De heer Van Pelt brengt naar voren dat er bij het metrostation Capelsebrug wel wordt geblowd.
De heer Krul antwoordt dat dit gebied bekend is bij de politie en de DOSA-regisseur. Bij het project ‘Leve leven’ is een aantal vrijwilligers uit de doelgroep getraind om energiezuinige maatregelen te nemen in huis. Na interruptie van mevrouw Ton zegt hij toe meer informatie schriftelijk toe te zenden.
Wat betreft het armoedebeleid en sociaal isolement is er volgens spreker geen verschil van inzicht tussen het DB en GroenLinks. Hij wijst op de toezeggingen die zijn gedaan, zoals de € 25.000 euro, het budget voor de armoedebestrijding en de toezegging dat organisaties daar een beroep op kunnen doen. Daarom blijft het DB van mening dat de motie overbodig is.
De onderwijsondersteuning is ook prioriteit in de stadsgemeente. Er is een binding gelegd met de stadsgemeente. Wanneer er aanleiding toe is, zal er meer professionele ondersteuning worden gegeven. De gezinscoaches worden wat hem betreft bij de lokale instellingen gepositioneerd. Zo is ook de DOSA bij het buurtwerk Alexander geïnstalleerd. Het knelpunt is de bestaande huisvesting van de jeugd gezondheidsinstellingen en jeugdpedagogen. Dit bemoeilijkt de vestiging van een centrum voor jeugd. Er wordt gekeken of dit kan aansluiten bij de bestaande loketten van vraagwijzer.
De heer Van Duin maakt in de richting van Leefbaar Rotterdam duidelijk dat overal waar in de begroting wordt gesproken over ‘wij’, de deelgemeente een van de partijen is. Dit kan soms alleen een regisserende rol betekenen.
Het beeld dat de heer Snijders schetst met betrekking tot de fietsenstallingen wordt niet door spreker herkend. Wanneer er mogelijkheden zijn voor verbetering dan zullen deze worden aangepakt.
Tot slot brengt hij naar voren dat het DB motie 2 ontraadt, omdat de deelraad in meerderheid op 27 april en 28 juni een uitspraak heeft gedaan die voor de komende vier jaar geldt.
De heer Paulusma merkt op dat er bij het nieuwe beleidskader zal worden teruggekomen op de singels.
Mevrouw Ton reageert dat het haar niet ging om nieuw beleid, maar om de vraag wanneer er met de uitvoering wordt gestart.
De heer Paulusma antwoordt dat hij dit nog niet weet.
Voorts geeft hij aan dat de begroting scherper kan worden geformuleerd en dat er daarom een commissie is geïnstalleerd. Wat betreft de ondernemingszin moet er niet alleen aan bedrijven worden gedacht, maar ook aan bewoners, ambtenaren en deelraad.
Hij maakt nogmaals duidelijk dat hij doeluitkeringen geen goed instrument vindt om de deelgemeente aan te sturen.
Spreker blijft van mening dat de toetsende functie bij de diensten zelf een vreemd verschijnsel is. Hij geeft er de voorkeur aan dat deze toetsende functie direct onder het bestuur komt. Er wordt hier over nagedacht.
Mevrouw Ton interrumpeert dat er ook onder het vorige bestuur vele gesprekken zijn geweest met de diensten. Er is een duidelijke scheiding tussen opdrachtgevers en opdrachtnemers. De deelgemeente heeft altijd het standpunt gehad dat er voor de controlerende functie niet voldoende capaciteit is bij de deelgemeente. Spreekster is daarom zeer benieuwd naar de oplossing van het DB.
De heer Paulusma antwoordt dat er vele mogelijkheden zijn.
Mevrouw Ton reageert opnieuw. Vanuit de stadsgemeente zullen er geen extra gelden komen voor de buitenruimte. Ze vraagt zich zeer af of zonder de extra middelen het idee van de heer Paulusma mogelijk is.
De heer Paulusma antwoordt dat hij pas rust wanneer de functie goed functioneert. Hij wil zich niet bij voorbaat bij de situatie neerleggen.
Tot slot maakt hij duidelijk dat het woord ‘enigszins’ op een understatement duidt. Hij heeft de situatie bij wethouder Bolsius zeer bekritiseerd.
Mevrouw Ton is niet tevreden met de uitspraak van de heer Paulusma. Ze vraagt om duidelijke uitspraken.
De heer Paulusma antwoordt dat hij de recentralisatie van de zwembaden als oplossing voor het probleem onjuist vindt. Eerst moet de problematiek duidelijk in kaart worden gebracht. De deelgemeente PA zal doorgaan op de ingeslagen weg. In januari zal hij terugkomen op de situatie van het Alexanderbad.
Wat betreft de voetbalvisie brengt spreker naar voren dat er geld vrij is gemaakt door het college. Dit heeft te maken met de herschikking van voetbalvelden in Rotterdam. In het kader van deze gelden kan wellicht het CKC veld worden aangelegd.
Mevrouw Ton reageert dat zij stelling nam tegen het feit dat de voetbalvisie nog niet bekend zou zijn.
De heer Paulusma is met de fracties van GroenLinks en CU/SGP van mening dat veel bomen belangrijk zijn. Uitgangspunt is dat er zoveel mogelijk tot herplanting wordt overgegaan. Dit is echter niet altijd mogelijk.
Mevrouw Ton interrumpeert dat er in de kadernota buitenruimte staat aangegeven hoe er wordt omgegaan met de bomen.
De heer Eekhof interpreteert de woorden van de heer Snijders in het licht van een deelraad uitspraak, waarin is gezegd dat voor het verwijderen van een boom er twee worden geplant.
De heer Snijders en mevrouw Ton brengen naar voren dat de planting van de nieuwe bomen niet perse in de directe omgeving zou moeten plaatsvinden. Daarnaast geeft de heer Snijders aan dat GroenLinks altijd heeft gepleit voor een verbetering van de kwaliteit van het groen. Hij wil geen trendmatige afname van kwaliteitsgroen.
De heer Paulusma merkt tot slot op dat hij positief staat ten opzichte van het stoepenplan. Bij de kadernota zal daar verder over worden nagedacht.
Met het SDW zijn meerjarige contracten afgesloten. Er is geen sprake van subsidie.
Mevrouw Boekhoudt reageert op de vraag en de ingediende motie van de heer Schippers. Het DB stemt in met de intentie van de motie.
De heer Noeverman gaat in op de vragen over de maatschappelijke opvang. Er zal geen discussie met de deelraad worden gevoerd over de gekozen locaties. Het zal gaan om actieve informatie van de zijde van het DB. Er zal geïnformeerd worden over de keuzes die het DB aan de gemeente zal doorgeven.
Er ontstaat een discussie in de deelraad over de interpretatie van het goedgekeurde verslag. De fracties van Leefbaar Rotterdam, CDA en VVD zijn de mening toegedaan dat de deelraad in een besloten vergadering met het DB is discussie zou gaan over de ‘shortlist’ die aan de stadsgemeente zou worden doorgegeven. De verschillende fracties zouden dan inspraak en kritiek kunnen hebben/geven op de gemaakte keuzes en deze eventueel nog aanpassen. Tevens zou de heer Noeverman dan niet alleen staan in de bekendmaking van de locaties, omdat dan de deelraad eveneens achter de gemaakte keuzes staat.
Het blijkt dat er verschillende interpretaties zijn van het vastgestelde verslag.
Na aandringen van de deelraad wordt besloten dat er een besloten vergadering wordt ingelast, waarin de deelraad zal worden geïnformeerd over de beargumenteerde keuzes voor de locaties die aan de gemeente worden doorgegeven. Dit voordat de gemeente door het dagelijks bestuur op de hoogte wordt gebracht. Er zal dan gesproken worden over de shortlist en niet over de uitgebreide lijst.
De heer Eekhof distantieert zich van de gevoerde discussie. Hij is van mening dat de portefeuillehouder duidelijk is geweest. Een extra vergadering vindt hij daarom niet nodig en getuigt volgens hem van het ‘in de maling nemen’ van de bevolking.
Op de vragen van de VVD-fractie over gebiedsgericht werken antwoordt de heer Noeverman dat er in de jaarplanning verschillende momenten zijn aangegeven waarop er over het gebiedsgericht werken zal worden gesproken. Ook dan zal het gaan om actief informeren.
Bij de herijking lokaal gezondheidsplan zal de alcoholproblematiek een belangrijke rol krijgen.
De heer Van Dijk reageert dat het gaat om de wijze van gebiedsgericht werken. Dit is kaderstellend en daarom gaat de deelraad daarover. Het DB kan aan de deelraad bekendmaken welke manier van gebiedsgericht werken zij heeft gekozen. Daarover kan dan worden gediscussieerd. Uiteindelijk kan de deelraad hier op worden afgerekend. Er moet dan echter wel vooraf een discussie hebben plaatsgevonden.
De heer Snijders sluit zich hier bij aan.
Vervolgens wordt er overgegaan tot besluitvorming.
Raadsbesluit 2e bestuursrapportage wordt unaniem aangenomen.
Raadsbesluit Programmabegroting 2007, inclusief de tarieven 2007 inzake de sportaccommodaties en wijkvoorzieningen, wordt eveneens unaniem aangenomen. De heer Meijer voegt er wel aan toe dat het niet zo kan zijn dat de subsidie voor de gebruikers van de accommodaties evenredig wordt verhoogd met de prijzen voor consumpties en zaalhuur.
Motie 1 wordt met 12 stemmen voor en 13 stemmen tegen verworpen.
Motie 2 wordt met 10 stemmen voor en 15 stemmen tegen verworpen.
Motie 3 wordt ingetrokken.
Motie 4 wordt unaniem aangenomen, inclusief het schrappen van “voor maaart 2007” onder het voorlaatste aandachtsbolletej..
Motie 5 wordt met 16 stemmen voor en 9 stemmen tegen aangenomen.
Motie 6 wordt ingetrokken.
11. Verslag van de vergadering van de deelraad van 2 oktober 2006, alsmede de lijst met toezeggingen
De heer Van Lottum zegt naar aanleiding van pagina 2/3 van het verslag over de actieve informatieplicht dat de portefeuillehouder een afschrift van de brief van het ‘honderd-dagenplan’ aan de deelraad zou toezenden. Dit is ondanks de toezegging nog niet gebeurd.
De heer Krul doet de toezegging dat de brief
per ommekeer aan de deelraad zal worden toegezonden.
De heer Snijders refereert aan de discussie over de veilige school en meer in het bijzonder de school De Vliedberg. Hij heeft toen gepleit voor een gemeenschappelijke aanpak. Spreker heeft vernomen dat de school plannen heeft om het plein op te knappen. De Vliedberg is tevens naar voren geschoven in het kader van de fietsveiligheid. De directie van de school is echter nog niet op de hoogte. Hij vraagt het DB of zij en contact hebben gehad met de school.
De heer Paulusma antwoordt dat dit nog niet is gebeurd, maar dat dit snel zal gebeuren.
12. Vaststelling vergaderschema 2007 tot aan het zomerreces
Het vergaderschema wordt vastgesteld.
13. Benoemen plaatsvervangend vicevoorzitter van de deelraad
De heer Veenstra maakt de uitslag van de stemming bekend. De heer Van Schaik wordt met 21 stemmen voor, 3 stemmen tegen en 1 stem ongeldig gekozen tot plaatsvervangend vicevoorzitter van de deelraad.
14. Lijst van ingekomen stukken
De voorstellen tot afdoening worden vastgesteld.
15. Sluiting
De voorzitter sluit de vergadering om 22:30 uur.
Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 4 december 2006.
de griffier, de voorzitter,
R.D. Weststrate. R. Krul
