Verslag van de Openbare vergadering van de deelraad Prins Alexander gehouden op maandag 18 juni 2007 in het deelgemeentekantoor aan het Prins Alexanderplein 6
Aanwezig:mevr. G.J. Brand (Leefbaar Rotterdam), mevr. M.A. Huisman (VVD), mevr. J.L. Ton (CDA), mevr. A.R. van der Veen (PvdA) en mevr. A.M. Zimmerman-Smit (CDA) evenals de heren H.L.E. Blanck (PvdA), M. Boer (SP), P.J. van Brenkelen (Leefbaar Rotterdam), R. Choenni (PvdA), AA.P. Eekhof (PvdA; vice-voorzitter deelraad), D. Graafland (SP), H.C.G. Koedijk (VVD), J. Kooijman (PvdA), D.J.J. van Lottum (CDA), P. Meijer (Leefbaar Rotterdam), J.A. Schippers (CU/SGP), A. Siebel (Leefbaar Rotterdam), J.C.M. Soijer (Leefbaar Rotterdam), E.J.B. Stapelkamp (GroenLinks), L. Sörensen (Leefbaar Rotterdam), P. Veenstra (PvdA) en W. Veldhuijzen (Leefbaar Rotterdam).
Afwezig:
Griffie:R.D. Weststrate (griffier)
Notuliste: E.C.M. van Duuren-Dorrepaal, Alpha Talen Nederland BV Waddinxveen
Dagelijks Bestuur:R. Krul (voorzitter van het dagelijks bestuur en de deelraad), mevrouw G. Boekhoudt (portefeuillehouder), P.C. Paulusma (portefeuillehouder), E.G. van Duin (portefeuillehouder) en J. Noeverman (portefeuillehouder).
Belangstellenden: ca. 20 belangstellenden
1. Opening
De voorzitteropent de vergadering om 19.00 uur. Hij deelt mee dat mevrouw Huisman later zal aanschuiven.
2. Vaststelling agenda
De agenda wordt ongewijzigd goedgekeurd en vastgesteld.
3. Gelegenheid tot het stellen van vragen door het publiek over onderwerpen die niet op de agenda staan
Van de gelegenheid wordt geen gebruik gemaakt.
Het doet mevrouw Tondeugd dat de PvdA voltallig aanwezig is maar zij verzoekt, gezien alle commotie in de pers, om een kleine toelichting.
De voorzitterwenst dit verzoekt te honoreren bij agendapunt 7.
De heer Sörensenvraagt zich af of men te maken heeft met de PvdA of met de Partij Veenstra.
Mevrouw Tonverzoekt om antwoord op haar vraag aangezien zij zich afvraagt of men in de toekomst te maken krijgt met een aparte lijst.
In vervolg op het voorstel van de voorzitter dient de heer Sörenseneen ordevoorstel in, voor. behandeling van het verzoek van mevrouw Ton bij het voorliggende agendapunt.
De heren Stapelkamp, Schippers, Koedijk, Boer en Kooijmangaan niet akkoord met het ordevoorstel.
De voorzitterconcludeert dat het ordevoorstel is verworpen.
-
Beleidskader Buitenruimte 2007-2011
Mevrouw Tongeeft namens haar fractie een reactie op het Beleidskader Buitenruimte 2007-2011.
Voorzitter,
Kadernota's zijn nota's die uitwerkingen geven voor de middellange termijn. Zowel voor Welzijn als voor Buitenruimte zijn beide nota's kaderstellend voor de lopende bestuursperiode.
Voorzitter,
Kadernota's worden
jaarlijks in de Voorjaarsnota - zowel beleidsmatig als financieel -
vertaald richting Begroting: zo concreet en hard mogelijk voor het
komende begrotingsjaar en de daarop volgende drie jaren indicatief,
de zogeheten Meerjarenraming.
Voorzitter,
In een kort tijdsbestek - zoals de behandeling van de Kadernota nu gebeurt - is het niet mogelijk om de volledige inhoud en de gevolgen van de geactualiseerde Kadernota Buitenruimte te bezien.
Voorzitter,
Het CDA stelt daarom voor - in het belang van de kwaliteit van de Buitenruimte en dus in het belang van de burgers van Prins Alexander - om de Kadernota Buitenruimte niet in juni vast te stellen, maar via de nog in te stellen commissie Buitenruimte en Ruimtelijke Ordening (zoals het er naar uit ziet 8 oktober a.s.), en te behandelen op een wijze waarop een Kadernota recht heeft.
Hiermee blijft de volgorde: vaststellen Jaarrekening/Jaarverslag 2006 en dan pas bestemmen wat er met het overschot gaat gebeuren, in tact.
Voorzitter, de Kadernota Buitenruimte:
De Buitenruimte is van ons allemaal is al verschillende keren in deze deelraad door diverse partijen geroepen. Het CDA is het met deze stelling volledig eens.
Daarom bevreemdt het ons zo dat de deelgemeenteraad de Kadernota Buitenruimte op deze wijze wil behandelen en afdoen. Wij willen met u daarom de volgende gedachtegang doorlopen:
Door middel van de Voorjaarsnota 2008 gaan wij het gewijzigde beleid voor de Buitenruimte in 2008 uitspreken, zodat in de Begroting voor 2008 de nieuwe koers voor de Buitenruimte, zowel beleidsmatig als financieel, wordt vastgelegd.
Voorzitter,
Laat het duidelijk zijn, het CDA is blij met de lijn die nu wordt ingezet om extra gelden beschikbaar te stellen voor de Buitenruimte. Daar dringen wij immers al jaren op aan. Maar laten wij het dan vooral goed en zorgvuldig doen.
Zorgvuldig is ook wanneer de bewoners erbij betrokken worden. De wijze waarop u nu het e.e.a. voorstelt is dit niet goed te vertalen naar bewoners. En u heeft dit altijd als hoge prioriteit aangegeven.
Voor de Kadernota Welzijn hebben wij de tijd genomen om deze met elkaar te bespreken en de deelnota's de aandacht gegeven die ze nodig hebben en verdienen. In vergelijking met de behandeling Kadernota Welzijn krijgt deze Kadernota Buitenruimte echter niet de aandacht die het verdient.
In de vorige bestuursperiode heeft de Commissie Buitenruimte uitgebreid over de inhoud gediscussieerd en met Gemeente Werken belangrijke zaken kunnen bespreken en overleggen.
In die Commissie vergaderingen waren bewoners en instellingen aanwezig en hebben zij hun zegje kunnen doen. Waarom dan nu deze haast? Ons inziens is daar geen doorslaggevend argument voor.
Voorzitter,
In het belang van de Buitenruimte, ENin het belang van de verantwoordelijke taken die deze deelgemeenteraad heeft op het gebied van sturing en controlering, ENin het belang van participatie en communicatie met de bewoners, verzoekt het CDA een goede behandeling van deze belangrijke Kadernota Buitenruimte.
Wij stellen daarom voor een splitsing te maken tussen2008 - waar wij NUeen besluit over nemen - EN DE DRIE DAAROP VOLGENDE JAREN, waardoor wij als deelgemeenteraad beter kunnen functioneren.
De heer Veldhuijzengeeft een reactie op het Beleidskader Buitenruimte 2007-2011:
Mijnheer de voorzitter, geachte aanwezigen!
Buitenruimte buitenspel?
Op 12 februari van dit jaar waren wij hier ook bijeen en luisterden aandachtig naar de boeiende presentatie van het team van Gemeentewerken. Die indruk had althans de fractie Leefbaar Rotterdam.
Wij hadden óókhet gevoel dat iedereenin deze raad ervan overtuigd was, dat er hoognodig en dringend het een en ander aan de buitenruimte in onze deelgemeente moet worden gedaan en dat daar nu eenmaal een forse som geld voor nodig is.
Bij de behandeling van het rapport van Gemeentewerken in deze raad op 5 maart daaropvolgend kwam dat ook duidelijk tot uitdrukking.
Dit werd óókdoor de coalitiepartijen verwoord, onder meer door collega Kooiman namens de PvdA, die terecht benadrukte dat moet worden voorkomen dat het motto gaat worden “matige wijk blijft matige wijk”!
Als wij evenwel de aan de orde zijnde nota “Beleidskader Buitenruimte Prins Alexander 2007-2011” lezen, krijgen wij toch de indruk dat ons Dagelijks Bestuur die bewuste avonden niet helemaal bij de les was.
Toegegeven, de heren van Gemeentewerken promoten hun eigen product, maar zij wisten wel feilloos de ernst van de situatie te schetsen en de belangrijkste aandachtspunten in het beheer van de buitenruimte aan te geven.
Maar niet alleen Gemeentewerken, ook het coalitieakkoord VISIE EN VAART zegt onder het hoofd “Visie op ontwikkeling”, u weet wij citeren daar altijd graag uit:
“Het op peil houden van het sociaal, fysiek en economisch kapitaal dat in deze deelgemeente in ruime mate aanwezig is, vereist toekomstgerichtheid”.
Voorzitter, deze toekomstgerichtheid missen wij in de voor ons liggende kadernota, die echter wel bedoeld is om het beleid ten aanzien van de buitenruimte voor de periode tot 2011 uit te stippelen.
Weliswaar heeft het Bestuur zijn bezorgdheid geuit in zijn reactie op de Stadsvisie Rotterdam, ik citeer nogmaals, nu uit bladzijde 8 van deze kadernota:
“wij vrezen dat onze wijken bij niet tijdige ingrepen op termijn zullen verworden tot achterstandswijken en willen dit proces tijdig tot staan brengen door extra impulsen om de kwaliteit van onder meer de buitenruimte te behouden en waar mogelijk te verbeteren.”
Voorzitter, de fractie Leefbaar Rotterdam is van mening dat die broodnodige extra impulsen in deze kadernota onvoldoende tot uitdrukking komen en wij willen dit met een aantal voorbeelden illustreren:
-
Ten aanzien van wegen:
Gemeentewerken geven aan dat de forse zorgwekkende kwaliteitsachteruitgang van de wegenmoet worden omgebogen met projectmatig onderhoud van structureel € 1.850.000 per jaar.
Ons Bestuur acht die zorgwekkende kwaliteitsachteruitgang daarentegen op grond van de beeldkwaliteitniet aan de orde.
Men meent te kunnen volstaan met een bedrag van € 300.000 per jaar extra naast de budgetten voor verbetering van voetpaden, trottoirs en fietspaden.
Wij van Leefbaar Rotterdam vragen ons daarom af: Vindt het Bestuur de Beeldkwaliteit belangrijker dan de Veiligheid?
-
Ten aanzien van groen:
Hier wordt door Gemeentewerken voor plantsoen- en gazonherstel € 1.370.000 nodig geacht.
Ofschoon wij het toejuichen dat het Bestuur het voorstel van Gemeentewerken overneemt en de onderhoudsnorm van “minimaal” naar `basisonderhoud` ombuigt, achten wij de voor 2008 en 2009 in te zetten bedragen onvoldoende om het nodige herstel te bewerkstelligen.
-
Ten aanzien van water:
Gemeentewerken doet voorstellen voor het herstellen van duikers (€ 2,2 miljoen) en beschoeiingen (€ 1 miljoen).
In deze kadernota wordt echter voorgesteld voor de aanpak van gevaarlijke beschoeiingsituaties in 2009 eenmalig een bedrag van € 300.000 in te zetten.
Ter wille van de veiligheid achten wij het onjuist tot 2009 te wachten en vinden wij dat dit bedrag reeds in 2008 moet worden in gezet.
Zo kunnen we nog wel even doorgaan, maar het moge al duidelijk zijn dat wij van Leefbaar Rotterdam dit zeker géén toekomstgerichtheid, maar eerder korte termijn politiek vinden!
Daarbij vinden wij het opvallend dat het Bestuur regelmatig het argument gebruikt dat de onderhandelingen met het Gemeentebestuur nog gaande zijn of nog niet het gewenste resultaat hebben bereikt.
Welnu, voorzitter, wij stellen vast dat zowel dit Bestuur als het huidige Gemeentebestuur inmiddels bijna 15 maanden aan de slag zijn. Bovendien bestaan beide besturen grotendeels uit politieke geestverwanten.
Me dunkt, dat daaruit toch al betere onderhandelingsresultaten behaald hadden moeten worden dan wat thans wordt aangegeven.
Voorzitter, tot slot…Leefbaar Rotterdam vindt het onderhoud van de buitenruimte en infrastructuur belangrijk voor de uitstraling van onze stad en onze deelgemeente. Gesloopte en versleten inrichting van de openbare ruimte moet zo snel mogelijk hersteld worden.
Rotterdam, maar vooral Prins Alexander moet schoon, heel en veilig!
Verder is de grote hoeveelheid groen één van de belangrijkste kwaliteiten van onze deelgemeente. Dit groen moeten we koesteren. Behalve kijk- en recreatiegroen is dit groen, samen met de singels en sloten, belangrijk voor de afvoer van overvloedig hemelwater. Allemaal goede redenen om te stellen dat het groen ook groen moet blijven!
Wij willen de buitenruimte niet buitenspel laten staan!
Gelet op het grote belang (zowel financieel als beleidsmatig) van het uit te stippelen beleid voor de periode tot 2011 en het grote aantal vragen, onduidelijkheden en onzekerheden die deze kadernota nog oproept ondersteunt de fractie Leefbaar Rotterdam daarom het voorstel om:
-
Het overschot van de Jaarrekening 2006 niet aan de Algemene Reserve, maar aan de bestemmingsreserve Verplichtingen Buitenruimte toe te voegen.
(Wij komen daar uiteraard bij de behandeling van de Voorjaarsnota nader op terug).
-
De in hoofdstuk 6 van de kadernota en het conceptraadsbesluit vermelde beslispunten thans nog niet vast te stellen.
-
De kadernota voor wat betreft de jaren 2009-2011 nogmaals te laten bezien door de in te stellen commissie Buitenruimte en Ruimtelijke Ordening.
Ik dank u voor uw aandacht!
De heer Kooijmangeeft een reactie op het Beleidskader Buitenruimte 2007-2011:
Voorzitter,
Tijdens de meningsvormende bespreking in de deelraadsvergadering begin maart van het ‘Meerjarenplan Gemeentewerken voor het beheer en onderhoud van de buitenruimte in de deelgemeente Prins Alexander 2007 - 2010’ heb ik namens de fractie van de PvdA de hoop uitgesproken dat het voor wat betreft onze buitenruimte niet zal neerkomen op pappen en nathouden.
Zoals bekend is onze fractie van mening dat het welbevinden van bewoners niet alleen wordt beïnvloed door sociale omstandigheden, maar ook door fysieke omstandigheden. Ofwel een goed verzorgde woon- en leefomgeving werkt sterk mee aan het sociaal welbevinden ván en de sociale cohesie ónder bewoners.
Welnu voorzitter,
Het verheugt mijn fractie te kunnen constateren dat het Beleidskader Buitenruimte beslist niet neerkomt op pappen en nathouden. Integendeel, samen met het te nemen raadsbesluit biedt het in onze ogen voldoende zekerheid om de komende jaren de toekomst van de buitenruimte vooralsnog met vertrouwen tegemoet te zien. Het streven is om de kwaliteit ervan te verhogen.
Ik wijs hierbij onder meer concreet op het onderhoud van wegen, in het bijzonder de stoepen en fietspaden, op het structurele groenonderhoud, op de zo door ons gewenste aanpak van het Wollefoppenpark en het Semiramispark en op de voortvarende aanpak van een aantal onveilige situaties op het gebied van de waterhuishouding.
Ik spreek namens mijn fractie nog de wens uit, dat wat ons betreft niet vlug genoeg kan worden begonnen het Alexanderplein zodanig aan te pakken dat het de infrastructuur krijgt die nodig is om te kunnen uitgroeien tot bruisend, sociaal en cultureel middelpunt van onze deelgemeente.
Voorzitter,
Na het uitspreken van mijn tevredenheid wil ik namens de PvdA-fractie toch ook een kritische kanttekening plaatsen.
Die betreft de dotatie van 3,8 miljoen aan de bestemmingsreserve Verplichtingen Buitenruimte en de verklaring van het dagelijks bestuur daarover, dat de doelmatigheid van opdrachtverstrekking veel tijd en afstemming vraagt en mogelijk zelfs uitbreiding van personele capaciteit. Opdrachtverstrekking en voorbereiding van een klus kosten nu te veel tijd. Volgens ons moet dat toch anders en vooral vlotter kunnen.
Kennelijk is het op dit moment niet altijd mogelijk om via eventuele extra inzet de buitenruimte in onze wijken direct, adequaat op orde te krijgen en te houden, omdat bepaalde diensten dit niet zouden kunnen bijbenen. Ofwel: veel werk dat verricht moet worden en waarvoor voldoende geld voorhanden is, kan niet worden uitgevoerd, omdat er niet genoeg mankracht is om het uit te voeren, of omdat de dienst die het moet uitvoeren het te druk heeft.
Voorzitter,
Als u dit in een gewone winkel zou overkomen, dan zou u meteen naar een andere winkel gaan om daar te gaan shoppen.
En daarom, voorzitter,
geeft mijn fractie het dagelijks bestuur sterk in overweging om eens te onderzoeken, of die zogeheten verplichte winkelnering die tot nu toe (dwingend?) gebruikelijk was, niet op de een of andere wijze valt te omzeilen als dat noodzakelijk is.
Alles wat kan meehelpen om de kwaliteit van onze woon- en leefomgeving te verhogen door middel van het wegnemen van ergerniswekkende manco’s uit straten, pleinen, parken, wegen, struiken en singels is wat mijn fractie betreft welkom. Dat versterkt, zoals eerder opgemerkt, het zich welbevinden van de bewoners in onze wijken.
Mijn fractie zal via de nog in te stellen commissie Buitenruimte de vinger kritisch aan de pols blijven houden op dit gebied. En dat geldt eveneens voor de besteding van de eerder genoemde 3,8 miljoen, die wij tot aan 2010 nauwlettend zullen volgen.
Voorzitter,
Het DB is nu vijftien maanden bezig. Voor wat betreft de buitenruimte is er voor zover wij kunnen beoordelen gekozen voor voortvarende kwaliteit en niet voor haastige kwantiteit. Het beleidskader kent een hoog ambitieniveau. Daarbij is mijn fractie wel kritisch over de nogal late verschijning van dit beleidskader. Wij spreken de wens uit dat dit met andere nota’s beter gaat.
Misschien is door de late verschijning het grote aantal vragen, dat door sommige fracties is gesteld, enigszins verklaarbaar. En ook de soms wat beknopte of flauwe manier van antwoorden daarop.
Toen ik nog voor de klas stond in het middelbaar onderwijs zei ik altijd welgemeend tijdens de eerste les tegen mijn leerlingen: “Vragen stellen is goed. Domme vragen bestaan niet.” En dan was er altijd wel één leerling die dacht slim te zijn door al maar vragen te stellen om daardoor de les op te houden of zelfs helemaal onder die les uit te komen. Ik maakte daar over het algemeen vrij vlot korte metten mee door een dergelijke wijsneus (het was in de meeste gevallen een zittenblijver die de antwoorden op de vragen allang wist) er vriendelijk op te wijzen dat het steeds maar vragen naar de bekende weg niet bevorderlijk was voor een doelmatig en gezellig leerklimaat. Vaak was dat niet eens nodig, omdat de medeleerlingen zelf al hun ongenoegen lieten blijken over zoveel verkeerd aangewend talent.
Hoe het ook zij, ik dank de deelgemeentelijke organisatie voor het geduldig beantwoorden van onze vragen, ook al maakt het onderdeel uit van haar werkzaamheden.
Daarnaast geef ik de fracties de suggestie om te bekijken of wij ons bij het stellen van technische schriftelijke vragen niet kunnen gaan beperken. Bijvoorbeeld door het op een of andere manier stellen van een quotum per fractie. Ik schat in dat het bevorderlijk zal zijn voor het niveau van de vragen, omdat dan mogelijk alleen de écht relevante vragen zullen worden gesteld. Ik wissel daarover graag in een later stadium nog eens met u van gedachten.
Voorzitter,
Ten slotte nog dit. In het door ons te nemen Raadsbesluit, dat wij dus steunen, staan geen bedragen genoemd. Het zal duidelijk zijn dat de fractie van de PvdA voornemens is bij de behandeling van de Voorjaarsnota alsnog haar licht te laten schijnen over de financiële invulling van een en ander.
De heer Koedijkgeeft een reactie op het Beleidskader Buitenruimte 2007-2011:
Voorzitter,
Voor ons ligt het beleidskader Buitenruimte. Wat is een kadernota? Volgens de VVD-fractie hoort er in een kadernota geen bedrag te worden genoemd, omdat het om de hoofdlijnen van beleid gaat. Jammer genoeg hebben wij moeten constateren dat in dit beleidskader naast het beleid toch bedragen worden genoemd. Jammer, alhoewel wij ons kunnen voorstellen dat het Dagelijks bestuur dit nodig geacht heeft om bij de op handen zijnde bespreking van de Voorjaarsnota 2008 meer inzicht te geven in gemaakte keuzes. Met deze constatering willen, en zullen wij niet meer op dit schoonheidsfoutje terugkomen.
Het gaat in zo’n nota toch om het maken van beleidskeuzes? Waarom doen we iets en wat is onze prioriteit bij bezuinigingen en bij beschikbaarheid van extra middelen? Dus het is een visie van de raad over wat het DB bij de jaarlijkse financiële afwegingen moet kiezen op het terrein van de buitenruimte. Niet meer en niet minder. In de kadernota schrijf je bijvoorbeeld, dat je het onderhoud groen voortaan volgens de normering “basis” wilt doen (het beleid dus). Vervolgens stel je in de voorjaarsnota voor extra middelen beschikbaar te stellen in de begroting 2008 om dat beleidsvoornemen te realiseren. Logisch toch?
Daarom begrijpen wij niet, dat op het allerlaatste moment de CDA-fractie een voorstel op tafel heeft gebracht om vanwege de complexiteit van de materie het nu niet het geschikte moment te vinden om de kadernota Buitenruimte te behandelen.
Wat wij niet begrijpen is dat door het CDA in de vorige raadsvergadering en in het presidium met klem is verzocht om de kadernota Buitenruimte vast te stellen alvorens de Voorjaarsnota 2008 aan de orde komt in de raad.
Vervolgens ligt er nu een nota op tafel, waarvoor dank aan het Dagelijks bestuur en het ambtelijk apparaat, en dan worden er, omdat de nota niet helder zou zijn, ontelbaar veel, zowel technische, maar voor het merendeel politieke vragen gesteld.
Hierdoor wordt de organisatie lam gelegd. Met de nodige inspanning zijn de gestelde vragen beantwoord, en wat schetst onze verbazing op vrijdagavond, zonder dat daar een dag eerder in het Presidium door het CDA op is aangedrongen, bereikt ons het verzoek om de nota niet vast te stellen, dan alleen de taken die te maken hebben met de voortgang voor 2008.
Kortweg is het door het CDA gehanteerde mechanisme als volgt: je eist dat er een nota moet komen, vervolgens moet er op de vragen gereageerd worden en uiteindelijk zegt het CDA: Toch nog maar even niet behandelen. En dat noemt het CDA dan helder en transparant politiek voeren ten gunste van de bewoners en gebruikers?? Nee, dan kiest de VVD er toch maar voor om basis van inhoud te kiezen voor “Visie en vaart” van het DB.
Door het raadsbesluit uit te stellen wordt er nu nog niets gedaan aan de herinvesteringen die moeten plaatsvinden voor het verbeteren van de slechte lichtkwaliteit. Ook zal er nu nog geen sprake zijn van blijvende aandacht voor fietsroutes en maatregelen voor de verkeersveiligheid. Als we het CDA volgen in haar gedachtegang, dan zal er op dit moment geen extra inzet komen voor het opknappen van trottoirs en voetpaden middels een Stoepenplan. En er zal ook nog geen extra geld komen voor het onderhoud van de wegen. Is dat wat het CDA echt wil? Is dat in het belang van de bewoners? Waar blijft de inzet van het CDA voor de veiligheid van onze bewoners.
De VVD is het hier absoluut niet mee eens en gaat daarom niet in op het voorstel van het CDA. De VVD denkt wel aan het belang van de bewoners van Prins Alexander en wil wel betere wegen, betere verlichting, opgeknapte trottoirs en meer fietspaden.
Voorzitter, onze verbazing wordt alleen nog maar nog groter als blijkt dat het CDA in het aan de fractievoorzitters toegezonden voorstel prima in staat blijkt te zijn om duidelijk te maken wat zij wil. Ook blijkt duidelijk dat het CDA het wel eens is met de procedure zoals die is gelopen tot op dit moment, want zij heeft zelf aangedrongen op een snelle behandeling in de raad. Uitstel van behandeling van de kadernota op dit moment was wat ons betreft niet en ikherhaal NIETaan de orde.
Voorzitter, gezien het geringe aantal technische vragen die de VVD-fractie heeft gesteld kunt u concluderen dat de VVD-fractie de kadernota Buitenruimte in hoofdlijnen een duidelijke nota vindt die geen nadere en langdurige studie vergt.
Dit is overigens wat anders dan een voorbarige conclusie dat de VVD-fractie daarom automatisch op alle punten inhoudelijk met de in de nota aangekondigde uitwerkingen van het beleid mee zal gaan.
Voorzitter, terugkomende op de inhoud van de kadernota Buitenruimte moet ons van het hart dat hij niet direct schokkend of hemelbestormend is, maar wel een indrukwekkend beeld geeft van wat de deelgemeente allemaal doet om de buitenruimte in Prins Alexander zo goed mogelijk in te richten en te beheren.
Wij vinden het jammer dat in de nota de geformuleerde prioriteiten, door de wijze van presenteren in de nota, onderbelicht blijven. Wellicht dat het zinvol is om de beleidsdoelstellingen nader te onderbouwen en daarbij aan te geven met gebruik van welke meetbare indicatoren het behalen van de gestelde beleidsdoelstellingen in beeld gaan worden gebracht.
Voorzitter, de fractie van de VVD is blij dat het Beleidskader Buitenruimte op tafel ligt, is het eens met de geformuleerde prioriteiten, zal volgende week bij de behandeling van de Voorjaarsnota ingaan op de middelen, die het DB hiervoor beschikbaar wil stellen en is erg benieuwd naar de nadere uitwerking van het een en ander in de begroting 2008.
De heer Graaflandgeeft een reactie op het Beleidskader Buitenruimte 2007-2011:
Groen en bomen
Voorzitter,
Voor de SP-fractie is het groen in onze deelgemeente een zeer belangrijk gegeven. Mensen hebben groen nodig om in te wandelen en de zorgen van alle dag hierdoor even van zich af te kunnen laten glijden.
Dat de mensen in onze deelgemeente redelijk tevreden zijn over de kwaliteit en hoeveelheid groen zegt toch wel iets. Waar wij ons toch zorgen om maken is het gegeven dat 20% van deze zelfde mensen aangeven dat het onderhoud wel wat beter kan. De SP-fractie is blij dat het onderhoudsniveau van minimaal wordt opgetrokken naar basis onderhoud. Wij gaan ervan uit dat de tevredenheid zal toenemen.
Voorzitter,
Wat de SP-fractie toch wat zorgen geeft is de beantwoording op een technische vraag over klachten over de inzet van (te) groot materieel, dat u zegt Klachten over te groot materieel zijn ons niet bekend, wel klachten dat het gebruik van bepaalde machines (soms) schade kan veroorzaken.
Voorzitter,
De SP heeft hier al eens vragen over gesteld, ( i.v.m. het Semiramus park).
U geeft in de beantwoording aan dat GW daarover regels heeft opgesteld, waar aannemers zich aan te houden hebben en op worden aangesproken. Daarnaast vinden wij dat ook van de kant van de deelgemeente meer inzet op controle noodzakelijk is.
Voorzitter,
Bomen spelen in het kader van groen een zeer belangrijke rol, in onze deelgemeente zijn er circa 27.000 bomen. Wij zijn hier blij mee en willen dit aantal graag in stand houden.
Voorzitter, ik had het genoegen om kortgeleden bij de uitleg aanwezig te zijn betreffend het opknappen van het noordelijk deel van de zevenkampsering. Dat hier het principe een boom voor een boom niet gehandhaafd kan worden is ons duidelijk, maar wij willen er wel voor pleiten om daar waar mogelijk is dit principe absoluut vast te houden. Wij zijn het met u eens dat kwaliteit het uitgangspunt moet zijn.
Voorzitter,
Onze deelgemeente is een waterrijk gebied en omdat we ook laag liggen is het beheer en afvoeren van water zeer belangrijk. U geeft aan dat 10,73% van de beschoeiing in slechte staat is, wij vinden dit een zorgelijke ontwikkeling. De SP-fractie is in ieder geval blij dat u aan geeft om bij gevaarlijke situaties extra middelen beschikbaar te stellen.
Voorzitter,
Het verhaal van de duikers is weer een typisch voorbeeld van wie nu verantwoordelijk is - gemeente of deelgemeente? Wij zijn het met u eens dat wanneer de deelgemeente verantwoordelijk is hierbij ook de nodige middelen naar de deelgemeente moeten komen.
Voorzitter,
Over het baggeren nog een kort woord. U geeft aan dat wij op basis van het baggerbeleid 2001-2012 beduidend minder inspanningen hoeven te plegen. Na deze periode geeft u aan dat er dan wel een forsere verplichting kan ontstaan. Wij vragen ons af of het niet verstandig zou zijn om hier van te voren rekening mee te houden, om te voorkomen dat we weer voor hoge uitgaven komen te staan.
Wegen.
Voorzitter,
Van een eerdere door GW aangegeven zorgwekkende verslechtering is geen sprake en dat is voor iedereen verheugend nieuws. Bij een bestedingspakket van 3,3 miljoen euro op jaar basis houd u de kwaliteit vast van 60% goed of matig en kan er zelfs gedacht worden aan enige verbetering.
Bijzonder verheugend is toch wel dat u prioriteit geeft aan de voet- en fietspaden en dat u de norm zo mogelijk in 2010 wilt verhogen tot 75% goed of matig.
Ook het door u op te stellen stoepenplan kan meewerken aan de verbetering van de voetpaden in onze deelgemeente. Wij zien hier dan ook met belangstelling naar uit.
Speelplaatsen.
Voorzitter,
Voor de SP-fractie zijn speelplaatsen een belangrijk onderwerp, wijken veranderen: mensen trekken weg, jonge gezinnen met kinderen komen er vaak voor terug. In dit kader wil de SP-fractie ervoor pleiten dat speeloké flexibel wordt toegepast. Wanneer blijkt dat er in een bepaalde buurt op enig moment kinderen komen wonen, dan moet er de mogelijkheid zijn om in zo’n buurt een speelplaats te creëren volgens de uitgangspunten van speeloké, ook als daar in het recente verleden een speelplaats is weggehaald.
Voorzitter, tot slot: de SP-fractie beseft dat niet alle zaken benoemd zijn die in de kadernota buitenruimte benoemd staan maar de nota was over het algemeen helder en duidelijk.
Voorzitter,
De SP-fractie bedankt het DB en de ambtelijke organisatie voor de beantwoording van de vragen. Wij hebben ons verbaasd over het aantal vragen die met name door de CDA-fractie zijn gesteld. Deze fractie bestaat als enige huidige fractie uit ervaren mensen (zeker met de achtergrond van mevrouw Ton als voormalig DB-er buitenruimte). Naar onze mening moet het stellen van vragen een verhelderend doel hebben. Vragen stellen vanwege de vragen heeft ons inziens geen nut en bezorgt de organisatie onnodig veel werk.
De heer Stapelkampgeeft een reactie op het Beleidskader Buitenruimte 2007-2011:
Namens GroenLinks wil ik hierbij mijn dank uitspreken voor de aangeleverde Kadernota. Niet nadat ik toch van mijn ongenoegen blijk heb gegeven door er op te wijzen dat de deelraad wel in een erg laat stadium zich over het stuk kon buigen.
Ik ga ervan uit dat dit eens maar nooit weer is.
Voorzitter,
Als ik in algemene zin op de nota inga dan valt mij op dat er wel gesproken wordt over ‘herschikking’ € 2.000.000,- aan het vrijmaken van middelen, maar dat ik nergens iets concreets lees over zoeken naar kostenbesparingen.
Het doet GroenLinks goed dat er meer geld vrijkomt, maar als het ons weer eens een keertje tegenzit in financieel opzicht, dan kunnen we dat maar beter voor zijn door nu al de besparingen te zoeken.
GroenLinks heeft bij de presentatie van het Meerjarenplan van Gemeentewerken hier al aandacht voor gevraagd. Denk aan de besparingen op civiele kunstwerken en met betrekking tot het groen.
Als ik dan in herinnering terughaal wat Gemeentewerken heeft geadviseerd over de kosten van alle knelpunten dan lijkt mij het vinden van kostenbesparingen een meer dan noodzakelijke opdracht voor het Dagelijks Bestuur.
Voorzitter,
Ik loop met uw goedvinden de onderwerpen langs waarvan GroenLinks vindt dat de uiteenzetting van het DB ondermaats is dan wel vragen heeft opgeroepen.
Ik begin, hoe kan het ook anders, met GROEN.
GROEN
GroenLinks spreekt zijn waardering uit voor het feit dat u van ‘minimaal’ onderhoud naar ‘basis’ onderhoud gaat.
Voor ons een teken dat u het Groen in onze deelgemeente serieus neemt. Zie ook de investering in het Wollefoppenpark en het Semiramispark.
Wel constateert GroenLinks een groot verschil in bedragen tussen enerzijds het advies van Gemeentewerken € 350.000,- en uw voorstel om slechts € 160.000,-
vanaf 2008 extra in te zetten op Groen.
Ik zou graag met het Dagelijks Bestuur willen afspreken dat als er bezuiniging kunnen worden gevonden in bijvoorbeeld de Civiele Kunstwerken (bruggen tunnels) dat dat geld dan ten goede komt aan het Groen in onze deelgemeente.
Als we kijken naar het onderdeel BOMEN dan is het ons opgevallen dat een derde van het areaal in Ommoord is gelegen. Zoals ik al eerder heb aangegeven is het bomenbestand erg eenzijdig en dat geldt ook voor Ommoord. Is het toeval dat juist Ommoord slecht scoort met bestrating op wegen en voetpaden? Ik denk het niet!
GroenLinks ziet graag variatie. Als we minder platanen en populieren, hebben dan is dat goed voor de vermindering van de veiligheidsrisico’s, hoeft de Roteb minder blad te verwijderen in de herfst, hoeft Gemeentewerken minder te snoeien en komt dit alles ook nog eens de beeldkwaliteit van de buitenruimte ten goede.
Let wel, GroenLinks bepleit hiermee niet de vermindering van het aantal bomen, zeker niet met de drukke rijkswegen om ons heen, maar wil wel serieuze aandacht vragen voor het nadenken over de vraag welke boomsoorten er nog meer zijn om te planten. Denk aan diverse coniferensoorten en wellicht palmbomen aan het strand van Nesselande (ik kijk meneer Van Duin hier speciaal aan).
Dat brengt mij op het volgende.
In de nota lees ik:
-
Dat Gemeentewerken “een planmatige snoei van het bomenbestand” adviseert;
-
Dat bij het bomenbeheer de boomhoofdstructuur nog steeds onduidelijk is;
-
Dat er nog nadere criteria moeten worden ontwikkeld bij de zorgplichtrapportages;
-
Dat u, bij gebrek aan adequate gegevens, thans geen voorstellen kunt doen betreffende extra inzet ten behoeve van het verzorgen van bomen;
-
Dat er bij aanvragen van kapvergunningen door particulieren nog nadere richtlijnen moeten komen, (denk aan monumentale bomen!).
Als ik naar dit lijstje kijk dat ik hier heb opgesomd, dan is er nog veel onduidelijk, en dat maakt mijn fractie er niet geruster op!!
GroenLinks wil van het Dagelijks Bestuur graag vernemen, of zij het met haar eens is dat het DB op korte termijn een flinke beleidsmatige inspanning dient te verrichten inzake het bomenbeheer in onze deelgemeente.
Op geen enkel onderdeel in de Kadernota is, naar onze mening, nog zoveel onduidelijkheid als bij het onderdeel beheer en onderhoud bomen..
Voorzitter,
In uw beantwoording op de vraag van GroenLinks over het natuurlijke beheer van bermen en groenstroken met wilde planten en geen of veel minder onderhoud, merkt u op dat er “geen trend” is in die richting. Een motivatie ontbreekt, maar erger nog het doet ons vermoeden dat u dit onderwerp niet serieus neemt.
GroenLinks spreekt hier onomwonden haar teleurstelling over uit!
Graag alsnog een onderbouwde argumentatie.
Voorzitter, nog een laatste opmerking.
U schrijft op pagina 20 dat u niet langer wil vasthouden aan het adagium “een boom voor een boom”. U motiveert dit met het argument dat niet de kwantiteit, maar de kwaliteit de norm is. Mag ik u er bij deze op wijzen dat er ook nog zoiets bestaat als EN/EN. Met andere woorden, het een hoeft het ander niet uit te sluiten.
VERLICHTING
Er is bij de openbare verlichting nog heel veel niet goed.
Een schrale troost is dat dit voor alle deelgemeentes geldt. Dat neemt niet weg dat er wel serieus aandacht aan moet worden geschonken.
Eén van de problemen was de onduidelijkheid van bevoegdheden. Die zou nu opgelost zijn. Er zijn duidelijke afspraken gemaakt over de herinvesteringen.
U laat zich echter niet uit over de vraag hoe u de klachtenstroom wilt beteugelen.
CityTec hanteert servicenormen en dient daarop keihard aangesproken te worden.
Kunt u met de verantwoordelijke wethouder niet in overleg gaan en met hem de mogelijkheden bespreken om sancties aan CityTec op te leggen in geval van toerekenbare niet-nakoming van de servicenormen?
Ik las in de krant dat onze gemeente bij niet tijdige reactie naar de inwoners ook een soort schadevergoeding wil gaan betalen.
Het lijkt mij dat wij van onze opdrachtnemers toch hetzelfde mogen verwachten??
En tenslotte, hoe zit het met de energiezuinige lampen? Wat gaat u hier aan doen?
REINIGING
Met enige verbazing heeft GroenLinks kennis genomen van het ontbreken van een meerjarenplan bij de Roteb. Hoe kan een dienst als de Roteb werken zonder een visie te hebben op de komende jaren?
Ik mag aannemen dat het Dagelijks Bestuur hier werk van gaat maken?
VERKEER EN VERVOER
Voorzitter,
Een heel klein puntje.
Het schoonmaken van de bebording in de deelgemeente wordt gedaan volgens planning.
Is het een idee om (uit kostenbesparing, hoe bescheiden ook) hier gebruik te maken van bureau HALT zodat jongeren die over de schreef zijn gegaan met bijvoorbeeld hun scooters, deze kunnen schoonmaken? Wellicht leren ze dan ook dat er borden langs de weg staan en snappen ze ook de betekenis ervan.
WATERGANGEN
GroenLinks is tevreden over hetgeen geschreven staat over de watergangen.
Minder tevreden zijn wij over het verhaal over het baggeren.
Als ik de kranten erop na sla hoe het Dagelijks Bestuur zich opstelt met betrekking tot de uitbreiding van het bagger- zanddepot in Ommoord (denk aan de wel zeer dubieuze kap aldaar) dan begrijp ik niet dat de zaak daar stilgelegd wordt, als u in de kadernota schrijft dat de baggeropgave behoorlijk minder zal zijn.
U stelt, met als enige motivatie het milieu?, dat u wilt uitbreiden, terwijl de behoefte om te storten met een aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid zal afnemen? Als u het aan mij niet kunt uitleggen, doet u dit dan alstublieft wel aan de bewoners van Ommoord. Alvast mijn dank.
Voorzitter,
Nog een klein puntje inzake rioleringen.
Als er rioleringswerkzaamheden worden verricht, ligt hier dan een beleid onder waar OOK in bestaande wijken het rioolwater wordt afgekoppeld van het hemelwater?
Overal in den lande zijn hierin ontwikkelingen gaande en het zou onze deelgemeente sieren als we hier stevig op gaan inzetten.
Ik verneem graag wat u hier van vindt!
WEGEN
Voorzitter,
GroenLinks kan zich bijna geheel vinden in uw passages over de inhaalslag met betrekking tot wegen. Alleen met betrekking tot de fietsroutes vraagt GroenLinks zich af of u wat minder globaal kunt zijn. Liggen er al concrete en geprioriteerde uitvoeringsprogramma’s?
Dat geldt ook voor de opmerkingen die door het Dagelijks Bestuur zijn gemaakt over de betrokkenheid van en de communicatie naar bewoners.
In de vorige deelraadsvergadering is maar weer eens aangetoond dat hier nog wel een verbeterslag te maken is.
Dus wat GroenLinks betreft is hier het motto “Eerst zien, dan geloven”.
KUNSTWERKEN
Voorzitter,
Hier zijn naar ons oordeel relatief grote besparingen te realiseren.
Niet alle bruggen zijn noodzakelijk.
Graag zien wij een overzicht tegemoet van bruggen waarvan Gemeentewerken de noodzaak hebben onderzocht.
Voorzitter,
Ik dank u voor de aandacht.
De heer Schippersgeeft een reactie op het Beleidskader Buitenruimte 2007-2011.
Voorzitter,
In de eerste plaats wil ik personeel en bestuur dankzeggen voor de vragenbeantwoording.
Het Beleidskader Buitenruimte voor 2007 tot en met 2011 is een document van en voor deze deelraad. Een beleidskader dat er mag zijn. We hebben als deelraad enig geduld moeten uitoefenen. Ook is er al een voorverkenning geweest ter gelegenheid van de presentatie van het meerjarenplan van Gemeentewerken.
De fractie van ChristenUnie-SGPheeft zich verontrust getoond naar aanleiding van de toestand en de negatieve ontwikkeling van de kwaliteit van de buitenruimte in onze deelgemeente. Daarom steunen wij de plannen die in dit beleidskader worden geschetst van harte. Het zijn realistische plannen die passen binnen een behoedzaam begrotingsbeleid. Het doel is om een ommekeer te bewerkstelligen, zodat de buitenruimte gaandeweg zichtbaar en merkbaar zal verbeteren. Dit is niet van dag één op dag twee te realiseren, dat zal iedereen begrijpen.
Voor twee punten wil de fractie van ChristenUnie-SGP nader aandacht vragen. Ten eerste de visie op Reinigen. Via de griffie bereikte mij een notitie van uitgangspunten van de Roteb voor 2006. Hierin staat mijns inziens een goede aanzet voor een visie op reinigen. Wanneer dit document als vertrekpunt wordt genomen, kan die Reinigingsvisie snel worden gerealiseerd.
Het tweede en belangrijkste punt betreft het groenonderhoud. De kwaliteit van het openbaar groen loopt terug, dat zien we, dat merken we ook aan de lagere scores in de monitor. Bij de behandeling van het meerjarenplan van Gemeentewerken heeft mijn fractie reeds gepleit voor een Groennota oftewel Kwaliteitskaart Groen, waarin wordt vastgelegd wat de beeldbepalende groenplekken in deze deelgemeente zijn. Van daaruit kan werk worden gemaakt van een differentiatie in het niveau van groenonderhoud. Op deze wijze kan de deelgemeente efficiënter omgaan met haar euro’s. Het hogere onderhoudsniveau op beeldbepalende plekken draagt eraan bij dat de waardering van de kwaliteit van het openbaar groen in belangrijke mate kan stijgen. De fracties van GroenLinks en ChristenUnie-SGP stellen daarom via een amendement op het besluit voor om naar analogie van de gemeente Den Haag drie niveaus te onderscheiden: minimaal, basis en premium-onderhoudsniveau.
Als algemeen uitgangspunt kiezen we voor het basisonderhoudsniveau, zoals in het voorliggende beleidskader staat. Er zijn beeldbepalende groenplekken, bijvoorbeeld parken, waar bewoners vrijwel dagelijks in wandelen en waar kinderen vaak spelen. Deze groenplekken zouden extra intensief onderhoud kunnen krijgen. Maar je kunt ook denken aan groenplekken die niet direct in het zicht liggen, daarvoor is wellicht minimaal-onderhoud voldoende.
Er komt een commissie Buitenruimte. In de motie stellen we voor dat het Dagelijks Bestuur in samenspraak met deze commissie in het najaar 2007 met dit idee aan de slag gaat. De financiële consequenties hiervan zijn op dit moment niet direct te overzien, maar zullen wat ons betreft beperkt moeten zijn.
Verder zijn we als deelgemeente ook bezig met ‘gebiedsgericht werken’. Het lijkt GroenLinks en ChristenUnie-SGP daarom voor de hand liggend om via dit instrument de bewoners en haar organisaties te betrekken bij de aanwijzing van plekken met beeldbepalend groen. Dat benadrukken we dan ook in onze motie. Een grotere betrokkenheid van bewoners bij de totstandkoming van een Kwaliteitskaart Groen heeft als voordeel dat zij wellicht ook met andere ogen naar het openbaar groen gaan kijken en dat gaan zien als het groen van ons allemaal waar we ook met z’n allen voor verantwoordelijk zijn.
Een belangrijke overweging voor de motie is dat in het document Stadsvisie van Rotterdam plannen staan om het Wollefoppenpark en het Ommoordse Veld te gaan bebouwen. Wanneer in samenspraak met bewoners deze plekken als beeldbepalend groen worden aangemerkt, kan dit de positie van de deelgemeente versterken tegenover deze grootstedelijke plannenmakerij.
De heer Schippersleest de motie aangaande de Kwaliteitskaart Groen voor:
De raad van de deelgemeente Prins Alexander, in vergadering bijeen op 18 juni 2007,
overwegende:
-
dat de kwaliteit van het openbaar groen in deelgemeente terugloopt;
-
dat in de deelgemeente diverse groenplekken zouden kunnen worden aangemerkt als beeldbepalend groen, waarbij gedacht kan worden aan bijvoorbeeld het Semiramispark, het Prinsenpark, de singels in de wijk Zevenkamp, het Wollefoppenpark en het Ommoordse Veld;
-
dat in de onlangs uitgebrachte stadsvisie Rotterdam plannen staan om de twee laatstgenoemde ‘groenplekken’ te bebouwen;
-
dat door de status van beeldbepalend groen in overleg met bewoners (-organisaties) aan onder andere deze gebieden toe te kennen, de positie van de deelgemeente tegenover de genoemde bouwplannen van de stad kan worden versterkt;
besluit:
-
het Dagelijks Bestuur te vragen om in het voorjaar 2008 in samenspraak met de in te stellen commissie Buitenruimte en Ruimtelijk Ordening te komen tot een plan van aanpak zodat in het najaar van 2008 een Kwaliteitskaart Groen voor de wijken in Prins Alexander wordt opgesteld, inclusief de financiële consequenties;
-
in het plan van aanpak (in aansluiting op het gebiedsgericht werken) nadrukkelijk aandacht te besteden aan de betrokkenheid van bewoners (-organisaties) bij het opstellen van de kwaliteitskaart;
-
bij de begroting 2008 rekening te houden met het opstellen van de kwaliteitskaart Groen.
en gaat over tot de orde van de dag.
Deze motie dient hij samen met de heer Stapelkampin.
Vervolgens leest de heer Schippers het amendement op het Ontwerp-raadsbesluit Beleidskader Buitenruimte 2007-2011, betreffende het punt Groen voor:
(wijzigingen/aanvullingen zijn onderstreept weergegeven)
-
Wij gaan tot en met 2008 het openbaar groen onderhouden volgens het basis-onderhoudsniveaupakket;
-
Wij gaan na de zomer van 2007 een kwaliteitskaart Groen ontwikkelen, waarin wordt vastgelegd welke ‘beeldbepalende groenplekken’ er zijn in de wijken die vragen om een intensiever onderhoudsniveau dan basisonderhoud, en welke groenplekken met een minimaal onderhoudsniveau toch voldoende kwaliteit kunnen behouden;
-
Wij gaan met ingang van 2009 het openbaar groen gedifferentieerd onderhouden (minimaal, basis en premium-onderhoudsniveaupakket), met als algemeen uitgangspunt het basis-onderhoudsniveaupakket, behalve de uitzonderingen op basis van de kwaliteitskaart Groen;
Dit amendement wordt samen met de heer Stapelkampingediend.
Schorsing
De heer Paulusmavangt aan met de beantwoording en beaamt dat de buitenruimte van iedereen is. In het beleidskader is de bestuurlijke continuïteit en de aandacht voor de buitenruimte aangegeven. Niet alles uit het vorige beleidskader is gehonoreerd. Toch is het aan het vorige bestuur te danken dat het baggeren en het project Speeloké kan worden afgesloten waarbij de kwaliteit is gewaarborgd. In het huidige beleidskader zijn hogere ambities neergelegd, in navolging van de wensen van de stad: de financiële kaders voor de bezetting worden daartoe opgerekt. Eveneens is de wens uitgesproken om 2 miljoen in heroverweging te nemen. De stad geeft nog geen zekerheid.
Hij beaamt dat het beleidskader niet schokkend en hemelbestormend te noemen is. Genoemde zaken zijn voor bewoners niet interessant; de financiële vertaling in voorjaarsnota vormt de uitvoering voor een goede toekomst.
Het CDA sprak haar waardering uit over met name het stoepenplan. Spreker dankt voor de waarderende woorden.
Opmerkingen ten aanzien van het proces acht het bestuur primair een zaak voor de deelraad.
Spreker brengt de heer Veldhuizen in herinnering dat in het voorjaar is gesproken over de adviserende rol die gemeentewerken vervult. Daarbij is verzocht om het advies in een politiek licht te plaatsen hetgeen in het slotakkoord tot uitdrukking is gekomen. Uit de bijeenkomsten over de buitenruimte zijn geen ideeën voortgekomen die het beleidskader hebben beïnvloed. De gelegenheid voor suggesties is wel geboden.
Ten aanzien van wegen merkt spreker op dat het bestuur te maken heeft met financiën. Gemeentewerken let op de technische kwaliteit. De raad zal prioriteiten moeten aangeven: is er voorkeur voor een groot aantal projecten i.p.v. straat-voor-straatprojecten? Daarbij dient men de beschikbaarheid van de financiële middelen in het oog te houden. Het bestuur heeft voorgesteld om in 2009 straat-voor-straat op een technisch verantwoorde wijze in een goede beeldkwaliteit tot zijn recht te laten komen.
Beschoeiingen komen in het tijdsbestek niet op de eerste plaats aangezien het onbekend is welke informatie gemeentewerken voor handen heeft. Een en ander vraagt nl. om inventarisatie.
In reactie op de wens van de PvdA “niet pappen en nathouden” reageert spreker dat de wensen groter zijn dan de deelraad kan behappen.
Hij beaamt dat de Verplichting Buitenruimte ad € 3,8 miljoen , als gevolg van de regelgeving Besluiten en Verantwoording, op de balans is terug te vinden onder Onderbesteding. Dit wekt de indruk dat de gemeente aan het oppotten is. Dit is niet het geval.
De SP toont zich tevreden met minimaal basisonderhoud. Spreker vestigt de aandacht op de gevolgen van de aannemerij. Hij hecht eraan gemeentewerken te laten weten ontevreden te zijn. De bestekken zijn uitstekend, helaas wordt dit onvoldoende aangestuurd. Hij komt er later bij de raad op terug.
Het is onmogelijk om aantallen bomen vast te leggen maar het en-en-principe zal worden gehanteerd.
De beschoeiing is zorgelijk, het onderhoud van bruggen en duikers vraagt om herhaaldelijke bestuurlijke druk bij het bestuur van de stad.
Een nieuw plan voor het baggeren is onder handen. Met bewoners zal overleg worden gevoerd en zal uitleg worden gegeven over het baggerdepot.
Spreker toont zich verheugd over het realiseren van het stoepenplan: een andere doelgroep wordt middels dit plan benaderd.
De indruk wordt gewekt dat op ieder moment een speelplek kan worden ingericht. Dit is niet juist: men is zorgvuldig, in overleg met de bewoners, tot een plan gekomen waarbij het onderhoud is geborgd. Het is mogelijk om in een later stadium, na twee à drie jaar, te evalueren.
De door GroenLinks genoemde kostenbesparing zal op korte termijn in een plan van aanpak, heroverweging van taken, in beeld gebracht worden.
Vanavond werd een pleidooi gevoerd voor variatie in groen; spreker zal zich laten leiden door het advies van gemeentewerken maar is niet in voor heesterachtige beplanting.
Spreker neemt aan dat de meldingen van Citytec zullen afnemen. Vervanging van geel licht voor wit licht zal waarschijnlijk energielasten besparen. In een later stadium komt dit onderwerp uitgebreid aan de orde.
Besluiten omtrent het afkoppelen van hemelwater van de riolering ligt niet in de bevoegdheid van het bestuur. Daarnaast levert dit hoge kosten op. Initiatieven van gemeentelijke zijde zijn niet terecht. Overleg over het vervangen van bruggen is gaande.
Spreker stelt voor om, in de vorm van preadvisering, te overleggen over de ingediende motie en het amendement. Een aantal elementen kan in het najaar door een van de vakcommissies worden onderzocht.
De deelgemeente heeft in een reactie op de stadsvisie reeds afstand genomen van de hoeveelheid nieuwbouw in Ommoord. Hij verzoekt derhalve eventueel een aparte motie op te stellen.
De vraag van de voorzitterof het amendement en de motie beiden in het preadvies besproken worden, beantwoordt de heer Paulusmabevestigend.
Schorsing
Tweede termijn
De heer Schippersdeelt mee het amendement in te trekken en de motie te handhaven.
Mevrouw Ton dankt voor de beantwoording. Spreekster noemt het verbazingwekkend dat anderhalve pagina van de bijdrage van de VVD handelt over het CDA. Zij reageert met de uitspraak: “Laat ze ons maar haten, als ze ons maar vrezen”.
De heer Koedijkreageert dat een goed christen zijn vijand de rechterwang toekeert wanneer hij op de linkerwang geslagen wordt.
Mevrouw Tonvervolgt en noemt de motie sympathiek. Toch vraagt zij zich af of deze aansluit op datgene wat is afgesproken in de stad met betrekking tot de motie Groen en de bestaande kwaliteitskaart. Spreekster ziet dit onderwerp graag terug in een commissie.
De heer Koedijkinterrumpeert dat er een beeldkwaliteitsplan beschikbaar is waaraan de stad eventueel bijdraagt.
Mevrouw Tonreageert op de kadernota. Het CDA heeft moeite met het proces: een en ander heeft zich in het weekend moeten afspelen.
Ondanks dat zij zich niet met de inhoud kan vereenzelvigen, gaat spreekster akkoord met de Kadernota Buitenruimte. De ingezette lijn, meer geld voor de buitenruimte ten behoeve van de bewoners, is dermate belangrijk dat het CDA instemt met de nota.
Het verheugt de heer Paulusmadat het CDA de motie sympathiek noemt. De consequenties zullen worden onderzocht. Er bestaat inderdaad op stedelijk niveau een kwaliteitskaart Groen; dit is reden voor nader onderzoek van o.a. de financiële consequentie. Dit punt wordt meegenomen in het preadvies.
De heer Veldhuizensluit zich aan bij voorgaande spreekster en dankt de heer Paulusma voor de uitvoerige uitleg. Spreker onderschrijft het belang van het inkaderen van de financiële middelen. Het is echter zo dat het stellen van prioriteiten en de onderlinge samenhang van projecten van even groot belang zijn.
Spreker verzoekt om grotere nadruk op veiligheid dan op beeldkwaliteit. Het is belangrijk om met bewoners in overleg te treden over bruggen etc. Overleg met experts lijkt spreker meer zinvol. Derhalve verzoekt hij de wethouder te vragen wanneer deze over de brug komt. Daarnaast tipt hij de PvdA om met de Centrumraad te overleggen over gedwongen winkelnering: hij heeft o.a. oplossingen gevonden op het gebied “schoon”.
Spreker spreekt de voorkeur uit, in tegenstelling tot de heer Stapelkamp, om de gemeente een inventarisatie van de bruggen te laten uitvoeren.
De aanpak van de heer Koedijk doet spreker denken aan de aanpak van zijn voorganger: “hakken en zagen”.
Alvorens zich uit te spreken over de motie, luistert de heer Veldhuizennaar de reacties van de overige partijen.
Spreker staat kritisch tegenover het raadsbesluit maar gaat schoorvoetend akkoord.
De heer Paulusmadankt voor de schoorvoetende steun. Spreker reageert dat men niet verder kan springen dan de financiële polsstok op dit moment lang is. Bij de voorjaarsnota is er gelegenheid om het onderwerp financiën te bespreken. Toch gebeurt dit bij voorkeur bij de behandeling van de begroting. Op dat moment is meer informatie beschikbaar en is het mogelijk om een prioriteitsstelling te maken.
Veiligheid gaat voor alles; dit krijgt prioriteit op alle vlakken. Na overleg met bewoners en experts zullen 15 bruggen vervangen worden en zal gemeentewerken de opdracht ontvangen.
De heer Kooijmantoont zich niet geïnteresseerd in een overleg met de Centrumraad over alternatieven voor gedwongen winkelnering..
De heer Meijerreageert hierop dat de Centrumraad op voortvarende wijze is omgegaan met diverse onderwerpen en derhalve een goede overlegpartner is.
De heer Kooijmanvervolgt en speelt de opmerking door aan het Dagelijks Bestuur. Spreker verzoekt om reactie op de vragende voorzet.
De heer Paulusmais verheugd over het feit dat deze vragen omtrent het aansturen van diensten en de voortgang ter tafel komen. De vragen komen voort uit het huidige stelsel waarbij de deelraad zich in een afhankelijkheidspositie bevindt. Preferente winkelnering is een onderwerp van de Centrumraad. Hij wacht de beantwoording af op de rapportage van gemeentewerken op welke wijze de aansturing van projecten via gemeentewerken te verbeteren is.
De heer Meijerverzoekt om toelichting op de niet bemoedigende resultaten van het rapport.
De heer Van Lottumziet in de wijken onderaannemers die betaalde werkzaamheden verrichten. Spreker concludeert dat gemeentewerken wel degelijk zaken uitbesteden.
De heer Sörensenlas op internet over het omvormen van het bestuurlijke stelsel waarbij de gedwongen winkelnering aan de kaak werd gesteld. Dit artikel was ondertekend door de heer Paulusma.
De heer Paulusmawenst niet in de samenstelling van deze avond, de discussie over het bestuurlijke stelsel te voeren. De discussie richt zich op de zeer lange keten die in werking treedt bij het aannemen en uitbesteden van werken.
Mevrouw Ton merkt op dat deze discussie reeds gedurende vele jaren wordt gevoerd. De kern is dat de diensten met twee opdrachtgevers te maken hebben: de deelgemeente en de stad. Er is een rapport over gedwongen winkelnering beschikbaar. De hamvraag is of men het deelgemeentebestel wenst te handhaven. Spreekster adviseert om dit onderwerp op de partijagenda te plaatsen.
De heer Paulusmaverklaart zich hiermee akkoord.
De heer Kooijmansteunt de motie en het raadsbesluit.
De heer Koedijkbetreurt het feit dat het proces onnodig veel commotie heeft veroorzaakt.
Mevrouw Tonverzoekt om toelichting op deze opmerking.
De heer Koedijkontving vrijdag jl. het verzoek om af te zien van het raadsbesluit. Hij meent dat, gelet op de huidige houding van het CDA, dit niet nodig is geweest.
Mevrouw Ton meent dat zij slechts handelde conform de in het presidium afgesproken handelswijze omtrent wijzigingen, moties en amendementen.
De heer Koedijkgaat ervan uit dat men in de uitwerking van het beleidskader bij de behandeling voorjaarsnota 2008 voldoende ruimte biedt om in te gaan op bepaalde zaken.
Spreker heeft bij een aantal werven een kort onderzoek laten uitvoeren waaruit bleek dat Prins Alexander de beste situatie van wegenonderhoud heeft.
Desgevraagd door mevrouw Ton antwoordt hij dit onderzoek te hebben uitgevoerd als VVD-raadslid.
Mevrouw Tonverzoekt om een afschrift van dit rapport.
De heer Koedijkzegt dit toe.
De heer Koedijksteunt de motie en het raadsbesluit.
De heer Graaflandreageert dat de SP het CDA niet haat maar evenmin vreest.
Spreker licht toe dat de SP niet de bedoeling heeft voor ieder kind een nieuwe speeltuin aan te leggen. Wel verzoekt spreker om een flexibele opstelling ten opzichte van veranderende omstandigheden.
De heer Paulusmazegt een flexibele opstelling toe.
De heer Van Lottumneemt aan dat een eventueel verzoek door bewoners te allen tijde om behandeling in de commissie Buitenruimte vraagt, waarna de commissie een advies uitbrengt aan de deelraad en het bestuur.
De heer Paulusmaheeft geen bezwaar tegen de zienswijze van de heer Van Lottum. Desondanks kan een voorstel niet per speelplek worden overlegd. Het is een zaak van het Dagelijks Bestuur. Het verzoek wordt, slechts ter behandeling van het kostenplaatje, aan de commissie voorgelegd.
De heer Graaflandverzoekt om een onderzoek naar de mogelijkheid om een controlerend ambtenaar aan te stellen. Voorts informeert spreker naar de kostendrager in het geval dat gemeentewerken slecht werk levert.
De heer Paulusmahecht eraan op te merken dat gemeentewerken geen slecht werk leveren. Teneinde dit te bevestigen zal toetsing plaatsvinden waarna dit punt terugkomt in de raad. Er is soms sprake van nalatigheid door aannemers die door gemeentewerken onvoldoende worden aangestuurd.
Op verzoek van de voorzitterkomt dit onderwerp terug op de agenda van een vakcommissie.
De heer Meijerplaatst vraagtekens bij het feit dat de voorzitter dit onderwerp neerlegt bij een commissie aangezien de vaststelling van de Kadernota Buitenruimte op dit moment aan de orde is. De commissie kan, na vaststelling, geen invloed uitoefenen op het genomen besluit.
De voorzitterbeaamt dit.
De heer Graaflandsteunt de motie en het raadsbesluit.
De heer Stapelkampconstateert een beleidsmatige achterstand hetgeen GroenLinks zorgen baart. Hij verzoekt derhalve om een beleidsmatige opbouw van bestuursbesluiten. Hij betreurt het feit dat gevarieerd groen geen trend is. Wederom rijst de vraag waarom men hiervan geen werk maakt.
Spreker toont zich verheugd over het feit dat voor het baggerdepot een aangepast plan in aantocht is.
De heer Stapelkampsteunt de motie en het raadsbesluit.
De heer Paulusmaantwoordt dat de beleidsmatige achterstanden van verschillende orden zijn en alle aandacht hebben van het bestuur. Er is geen zware motivering te geven voor het huidige standpunt ten aanzien van gevarieerd groen. Het accent in de afweging is anders gelegd. De suggesties worden meegenomen en spreker constateert dat enkele ideeën besloten liggen in de motie. Wanneer men serviceverplichtingen niet nakomt, zal dit consequenties tot gevolg hebben. Het bestuur is hier bevattelijk voor.
De heer Van Duinvult aan dat de gezamenlijke portefeuillehouders Buitenruimte dit onderwerp reeds besproken hebben.
Mevrouw Tonverzoekt om een toelichting op de genoemde beleidsmatige achterstand.
De voorzitterreageert hierop dat dergelijke opmerkingen in de vakcommissie van september aan de orde kunnen komen.
De heer Schippersdankt de fracties voor de betuigde steun. Daarnaast verzoekt hij om de motie als aanvulling te beschouwen op het plan van aanpak ten behoeve van de groenkaart. De intentie achter de motie is om met het beschikbare budget maximaal resultaat te boeken zodat burgers de kwaliteit van het groen als goed ervaren. Groen waarmee de burger het meest in aanraking komt, dient men goed te onderhouden.
De heer Schippersondersteunt de motie en het raadsbesluit.
De voorzitterconcludeert dat het raadsbesluit Beleidskader Buitenruimte 2007-2011 unaniem is aangenomen.
Alle partijen hebben zich eveneens uitgesproken voor de motie, met een beraad van Leefbaar Rotterdam.
De heer Sörensenverzoekt om een hoofdelijke stemming.
De voorzitterverklaart zich akkoord met dit verzoek.
de heer Van Schaik: voor
de heer Schippers: voor
de heer Siebel: voor
de heer Sörensen: voor
de heer Soijer: voor
de heer Stapelkamp: voor
mevrouw Ton: voor
mevrouw Van der Veen: voor
de heer Veenstra: voor
de heer Veldhuizen: voor
mevrouw Zimmerman-smit: voor
de heer Blanck: voor
de heer Boer: voor
mevrouw Brand: voor
de heer Van Brenkelen: voor
de heer Choenni: voor
de heer Eekhof: voor
de heer Graafland: voor
mevrouw Huisman: voor
de heer Koedijk: voor
de heer Kooijman: voor
de heer Van Lottum: voor
de heer Meijer: voor
de heer Van Pelt: voor
de heer Salhi: voor
De voorzitterconcludeert dat de motie unaniem is aangenomen.
-
Jaarverslag en –rekening 2006 (programmaverslag en –rekening 2006) en het Burgerjaarverslag (1e fase, vervolg in vergadering van 25 juni 2007)
De heer Sörensenspreekt de volgende speech uit:
Mijnheer de voorzitter,
In eerste instantie willen wij het ambtelijke apparaat bedanken voor de beantwoording van de vele technische vragen. In deze en vooral ook moeilijke tijden een hele opgave.
Ik zal in mijn betoog eerst stilstaan bij de rechtmatigheid van de jaarrekening om vervolgens in te gaan op de doelmatigheid en efficiëntie van het jaarverslag. Ik rond mijn betoog af met een motie die een directe afgeleide is van een constatering in het burgerjaarverslag
Rechtmatigheid:
Als het gaat om de rechtmatigheid en getrouwdheid van de jaarrekening zijn wij tevreden met het feit dat er een positieve accountantsverklaring ligt. Goed om te lezen dat begrotingswijzigingen tijdig gemeld worden en goed dat er uitvoerig is stilgestaan bij de integriteit. Naast lof willen we echter ook nog een passage de revue laten passeren:
Wat ons wel opviel en waar de VVD ook expliciet vragen over heeft gesteld, is het tabelletje over begrotingsonrechtmatigheden, op blz. 77 onder het kopje wonen en woonomgeving.
Aangegeven wordt dat als maatregel om herhaling te voorkomen de ombuiging naar een inkoop relatie met de SDW teniet wordt gedaan.
U onderbouwt dit, door aan te geven dat de oorspronkelijk overtuiging van oneerlijke marktconcurrentie is afgezwakt en dat de aanbesteding gezien de aard en omvang van de werkzaamheden Europees aanbesteed zouden moeten worden. De volgende vragen hierover:
-
Wat is er mis met een Europese aanbesteding? Immers vele reïntegratie diensten maken hier dankbaar gebruik van.
-
Hoe komt u erbij dat het aangaan van een subsidierelatie met SDW niet leidt tot oneerlijke marktconcurrentie?
- Hoe komt u erbij dat een inkooprelatie de inzet van werkzaamheden onzeker maakt, zeker gezien het feit dat deze instelling in Capelle middels aanbestedingen werkt?
-
En kunt u deze keuze afzetten tegenover de overtuiging van uw eigen dagelijks bestuurder Buitenruimte, die mede een PvdA-pamflet heeft geschreven waarin wordt aangegeven dat er juist moet worden gestreefd naar het opheffen van verplichte winkelnering en dat er meer gekeken moet worden naar de kracht van aanbesteden.
Voorzitter,
Het resultaat na bestemming van ruim € 1.1 miljoen (€ 1.164900) stemt ons tevreden. Wij zullen dan ook tijdens de behandeling van de voorjaarsnota goed kijken naar het voorstel om € 250.000 alsnog te oormerken voor het Wollefoppenpark. Daarnaast gaan we constructief mee kijken op welke manier het overige geld het beste ten goede kan komen aan de bewoners. Dit doen we door bijvoorbeeld te kijken of er een aantal projecten middels een extra financiële input versneld kunnen worden.
Wij denken bijvoorbeeld aan het stoepenplan.
LR sluit echter ook niet uit dat we met voorstellen willen komen om het geld direct door de bewoners te laten besteden. Door bijvoorbeeld het budget voor het project Bewonersinitiatief te verhogen. In deze staan wij volledig achter de visie van de SP fractie.
Kortom: LR is positief gestemd over de rechtmatigheid van de jaarrekening en zal zeker constructief meedenken met het oormerken van het geld wat extra kan worden besteed.
Doelmatigheid en efficiëntie
Voorzitter,
Eerlijkheidshalve moeten wij ook na de beantwoording van de technische vragen de conclusie trekken dat het erg moeilijk is om de doelmatigheid en efficiëntie van het gevoerde beleid te controleren. Het jaarverslag geeft naar onze mening te weinig inzicht in de mate waarop resultaten worden behaald.
Ook de beantwoording van de Technische vragen heeft niet geleid tot het gevraagde.
Wij doelen dan vooral op de vragen gericht op de verantwoording van geclaimde maatschappelijke effecten.
Veel vragen worden terugverwezen naar de commissie programmabegroting of er wordt aangegeven dat effecten niet te meten zijn. Ook zijn we meerdere malen tegengekomen dat antwoorden letterlijk geknipt en geplakt worden. Waarbij het ook voorkwam dat het geknipte en geplakte geen antwoord geeft op de gestelde vraag.
Ook meent u in de paragraaf Toetsbaarheid en Meetbaarheid van de nota van aanbiedingen op blz. 12 te moeten aangeven dat niet alle beleidsterreinen en samenhangende producten meetbaar te maken zijn. Wederom wordt de discussie rond de wijkbus aangehaald.
Voorzitter,
LR wil dat de discussie over meetbaarheid plaats vindt in de commissie programmabegroting. Echter door de beantwoording van de technische vragen en de paragraaf meetbaarheid en toetsbaarheid is LR geprikkeld, geprikkeld om opnieuw aan te geven waarom wij steeds hameren op het brede onderwerp meetbaarheid.
Voorzitter,
Als u de bijdrage van LR nu echt eens goed zou bestuderen, dan kunt u constateren dat ook wij vinden dat niet alles te meten valt. Dat niet alles gemeten moet worden en dat het middel geen doel op zich moet worden.
Nogmaals.
-
Niet alles valt te meten;
-
Niet alles moet je willen meten;
-
Het middel moet geen doel worden.
U kunt zich afvragen waarom LR dan toch steeds met dit soort vragen blijft komen. Ik zal trachten dit uit te leggen
Wij zijn van mening dat de beleidskeuzes die worden gemaakt en activiteiten die worden ingezet,”en dan met name op het beleidsterrein welzijn”, nagenoeg altijd een politieke lading hebben.
Het zijn keuzes en activiteiten waarvan verwachtwordt dat het resulteert in een aantal maatschappelijke effecten.
In het jaarverslag wordt echter niet gesproken over verwachtingen maar over hetgeen er bereikt is. In dit jaarverslag zien wij te vaak dat de verwachtingen ook daadwerkelijk als bereikt effect worden geclaimd.
Dat mag, maar onderbouw het,.. kun je het niet onderbouwen, laat het dan weg.
Voorzitter,
Ik zal kort deze stelling met een voorbeeld onderbouwen.
Ik neem u mee naar de paragraaf Kunst en Kultuur op blz. 35 Hier geeft u aan dat de sociale samenhang, participatie en integratie vergroot is door kunst en (inter-)culturele activiteiten.
Om dit te bereiken, geeft u aan de volgende acties te hebben ondernomen:
-
de realisatie van de deelnotitie kunst en Cultuur;
-
het financieren van (inter-)culturele activiteiten.
Mijnheer de voorzitter,
Wij van LR zijn van mening dat door de inzet van de benoemde activiteiten de sociale samenhang en participatie alswel de integratie helemaal niet vergroot wordt. Sterker nog, wij denken dat met het continu benadrukken van de culturele diversiteit er juist meer tegenstellingen in de hand worden gewerkt.
Als ik wil, kan ik de stelling van LR onderbouwen met allerlei politieke veronderstellingen.
Ik kan deze stelling echter niet volledig met cijfers of indicatoren onderbouwen. Net zoals u uw veronderstelling niet met cijfers en indicatoren kan onderbouwen.
Ik zou deze stelling dus nooit als zijnde de waarheid naar buiten brengen. U daarin tegen doet dit dus wel, u doet dit op het moment dat u uw veronderstellingen als werkelijk bereikt effect opneemt in het jaarverslag.
Kijkende naar het voorbeeld, zou het dus beter zijn geweest als er in de paragraaf Kunst en Cultuur zou worden aangegeven dat door inzet van de genoemde activiteiten verwacht wordt dat dit tot de genoemde effecten leidt. Daarnaast zouden het speelveld en de voorwaarden beter in kaart gebracht kunnen worden. Wat ook kan, is simpelweg het geclaimde effect niet opschrijven.
Goed, genoeg over dit onderwerp. LR vertrouwt erop dat deze discussie in de commissie programmabegroting verder aan de orde komt.
Voorzitter,
Het burgerjaarverslag
Om te beginnen heeft LR gemerkt dat het verslag eerder in bezit was van bewoners dan bij de politieke partijen. Wij vinden dit een vreemde volgorde en gang van zaken. Wij vragen ons dan ook af hoe dit kan?
Daarnaast valt het Leefbaar Rotterdam op dat er wel bijzonder veel zaken voor verbetering c.q. vermeerdering vatbaar zijn.
Ook merkt LR op dat het verslag in zijn algemeenheid zeker niet te vroeg in het jaar is verschenen. Verspreiding in de maand april lijkt ons zelfs een betere zaak.
Voorzitter,
Zoals aangegeven in de Gemeentewet moeten twee onderwerpen zeker aan de orde komen in het burgerjaarverslag. Ten eerste de gemeentelijke dienstverlening en ten tweede de kwaliteit van de procedures voor burgerparticipatie. In dat kader zou het het dagelijks bestuur sieren als zij het burgerjaarverslag op de website zou zetten en dit interactief zou maken zodat de burgers van de deelgemeente vanuit huis kunnen reageren op de diverse stukken die vermeld staan in dit verslag. Wij denken dat het dagelijks bestuur hiermee zijn voordeel kan doen.
Wat betreft de website moet ik opmerken dat de actualiteit van de website verre van optimaal is en derhalve ook niet gerealiseerd mag worden genoemd.
Tot slot: Gelet op het feit dat er, ondanks diverse inspanningen in de afgelopen jaren van het ambtelijke apparaat nog steeds sprake is van achterstanden van het afhandelen van bezwaarschriften en klachten. Wij willen, als fractie Leefbaar Rotterdam, extra middelen beschikbaar stellen om de achterstanden voor een groot deel weg te werken en het komende jaar het afhandelingpercentage van de bezwaarschriften en klachten op 90% te krijgen.
Wij hebben hiervoor dan ook een motie opgesteld en willen deze indienen en in stemming laten brengen tijdens de volgende raadsvergadering op 25 juni 2007.
De motie luidt als volgt:
De raad van de deelgemeente Prins Alexander, in vergadering bijeen op 18 en 25 juni 2007, ter bespreking van het Burgerjaarverslag 2006;
Overwegende dat:
-
Het dagelijks bestuur in het burgerjaarverslag 2006 erkent dat er nog steeds sprake is van een termijnoverschrijding van afhandeling bezwaarschriften en klachten,
-
De gemeentelijke ombudsman in het Verslag van werkzaamheden 2006 heeft aangegeven dat de Deelgemeente Prins Alexander hardleers is m.b.t. de afhandelingstermijn en zich buiten de door de Gemeente Rotterdam gestelde norm stelt,
-
De Deelgemeente Prins Alexander de dienstverlening hoog in het vaandel heeft staan,
-
De gemeente Rotterdam en dus ook de Deelgemeente Prins Alexander “boete” gaat betalen aan burgers die niet tijdig een beslissing vernemen op aanvragen c.q. bezwaarschriften binnen de vastgestelde termijn,
draagt de raad het dagelijks bestuur op om:
-
Extra middelen in te zetten om zodoende per 1 januari 2008 90% van de klachten en 90% van de bezwaarschriften binnen de gestelde normen van respectievelijk 4 en 14 weken te hebben behandeld,
en gaat over tot de orde van de dag.
De heer Kooijmanspreekt het volgende uit:
Voorzitter,
Over het jaarverslag en de jaarrekening 2006 heeft mijn fractie twee vragen gesteld.
Eén daarvan betrof het mogelijk overschrijden van de door de Deelraad vastgestelde maximale norm voor de Algemene Reserve van acht procent.
Uit het antwoord op onze vraag, en uit de Voorjaarsnota 2008, blijkt dat de overschrijding met ongeveer drie procent een momentopname is, waardoor wij gerustgesteld zijn.
Voorzitter,
In zijn algemeenheid is de fractie van de PvdA tevreden met de drie stukken.
Dit bestuur kan zeker niet het verwijt krijgen dat het aan het potverteren is, maar aan de andere kant blijkt, gezien het bovenstaande, dat ook van ‘oppotten’ geen sprake.
Voorzitter,
Vorig jaar was in de jaarrekening het ontbreken van informatie over integriteit nog een punt van discussie. Een passage daarover staat er nu wel in. Net als een door ons gevraagde verklarende begrippenlijst en een lijst met afkortingen.
Verder heb ik begrepen dat de ASR (Audit Services Rotterdam) via de commissie van de jaarrekening heeft laten weten dat de financiële administratie van Prins Alexander er positief en goed uitziet. Zeker in vergelijking met andere deelgemeenten.
Voorwaar een groot compliment voor allen die bij het financiële beheer van onze deelgemeente zijn betrokken. Ook mijn fractie spreekt daarvoor zijn waardering uit.
Tot besluit nog een kort woord over het Burgerjaarverslag, voorzitter,
Wij vinden een dergelijk verslag over, voor en aan de bewoners van Prins Alexander van groot belang.
Het verslag ziet er aantrekkelijk uit en geeft bewoners goede, relevante informatie. Aan het eind wordt een overzicht gegeven van een aantal heldere afspraken voor 2007. Bewoners kunnen de deelgemeente daaraan houden, vindt mijn fractie.
Ik veroorloof mij toch één kritische noot: het Burgerjaarverslag leest beslist redelijk gemakkelijk weg, maar wat mij betreft wordt het, via bijvoorbeeld wat puntiger formuleren, nóg prettiger leesbaar. Het zal de toegankelijkheid en de transparantheid van de deelgemeentelijke organisatie nog meer ten goede komen.
Mevrouw Ton geeft een reactie op de jaarstukken 2006.
Voorzitter, leden van
de raad en overige aanwezigen,
Zoals u zelf al aangaf was het een jaar vol hectiek en dynamiek.
Ook in de deelraad was dit het geval. Wat opviel waren de vele
wisselingen van personen. Groen Links, VVD, SP hadden wisselingen
van deelraadsleden en ook de PvdA had de nodige veranderingen.
In een deelraad, waar bij de start van een nieuwe coalitie direct
al veel nieuwe gezichten te zien waren, geeft dit extra
instabiliteit. Wij hopen dat dit de komende jaren wat rustiger
wordt.
Voorzitter,
Wat ons ook opviel was de grote hoeveelheid vragen die gesteld
werden n.a.v. het Jaarverslag en de Jaarrekening 2006. Het CDA is
blij met het feit dat u teruggekomen bent op uw besluit om niet
meer met commissies te werken.
Wij denken dat door het opnieuw instellen van commissies dit in de
toekomst verminderd zal worden, omdat in het verleden de meeste
technische vragen uitgebreid besproken konden worden in deze
commissies.
"Fatsoen moet je doen" is een veelgehoorde kreet en dat
schoot ons ook te binnen na lezing van de beantwoording van de
vragen. Het verbaast het CDA dat op een aantal vragen een antwoord
is gegeven dat o.i. niet overeenkomt met de stijl en het niveau dat
we gewend zijn. En soms staat ons iets anders voor de geest dan uit
uw beantwoording naar voren komt - zoals het overleg met bewoners
in Orion en het daarop volgend beraad van destijds – waar het de
aanpak van het Wollefoppenpark betreft. Wij zijn er nog steeds van
overtuigd dat die 250.000 E toentertijd in zijn geheel is
geoormerkt voor de herinrichting van Het Doolhof.
Voorzitter
Het lukt ons, als deelraad, nog steeds niet goed gebruik te maken
van het dualistische systeem. De mogelijkheid die ons hierbij
geboden wordt om bij onderwerpen coalities te maken - waardoor je
partijbelangen beter kunt behartigen en kunt verzilveren - wordt
met de nodige "koudwatervrees" bekeken.
Het handjes en voetjes geven aan de invulling hiervan staat hoog op
het prioriteitenlijstje van het CDA. O.i. krijg je dan een deelraad
die stuurt met een hoog democratisch gehalte,
waardoor de politiek zich uitstekend kan verantwoorden naar de
burger. Principes laten varen omdat je het bestuur in het zadel
moet houden hoeft dan niet meer.
Een duidelijk voorbeeld hiervan is het "zandbakkenbeleid"
in de Buitenruimte. Was het zo dat de SP in de vorige periode hier
voorop liep om deze te behouden - zelfs met een motie - nu wordt
dit door hen klakkeloos weggegeven. Hoe dubbel moet dit op de
burger overkomen.
Voorzitter,
Tevreden is het CDA over de ontwikkeling van de Stadswinkel. Voor
de bewoners in Prins Alexander is het een mooie toegevoegde waarde
in het serviceaanbod vanuit de deelgemeente en het feit dat velen
er de weg naar toe hebben weten te vinden geeft wel aan dat het een
goede keuze is geweest
Voorzitter,
Tevreden is het CDA over de wijkvisie Oosterflank, een wijk waarin
de afgelopen jaren fors in geïnvesteerd is en waar we nu
langzamerhand zien dat dit resultaten gaat opleveren. Hetzelfde
geldt voor Zevenkamp.
Voorzitter
Het zal u niet vreemd in de oren klinken dat wij nog steeds zorgen
hebben over de Buitenruimte. U hoort deze opmerking van het CDA al
jaren en het verheugt ons dat andere
partijen dit nu met ons zijn gaan delen.
Tevreden zijn wij over de ontwikkelingen van het speelplekkenbeleid
en de maatregelen die nu in uitvoering zijn genomen betreffende de
trapveldjes binnen onze deelgemeente.
Voorzitter,
Wij zullen met belangstelling de ontwikkelingen blijven volgen bij
het vaststellen van targets voor welzijnsorganisaties, zodat wij
als deelraad concreet kunnen zien wat er precies met het geld - dat
wij in deze organisaties hebben gestopt - is gedaan, en wat de
burger hiervoor heeft gekregen en hoe die burger dat ervaart.
Voorzitter,
Tevreden is het CDA over de ontwikkelingen van de DOSA-regisseur en
wij zijn blij met elke jongere die met deze aanpak een stukje
verder wordt geholpen in het zoeken naar "de goede
richting" in zijn leven.
Onze complimenten voor het initiatief dat u heeft genomen om
samenwerkingsafspraken te maken met diverse instellingen op het
gebied van Jeugd om hiermee te proberen kinderen in nood beter te
kunnen helpen.
Voorzitter,
Het CDA heeft het al eerder gezegd, sport is een belangrijk
bindmiddel in onze samenleving en het reeds ingezette beleid van de
afgelopen jaren gaat nu resultaten geven. Voeding en Beweging,
sportclinics op alle basisscholen, een basisscholendag en het beach
soccer weekend zijn daar voorbeelden van en hebben geleid tot een
verdubbeling van het aantal deelnemers aan evenementen.
Mijn gedachten gaan op dit moment uit naar Rona Hill, medewerkster
van de deelgemeente die op dit gebied erg veel werk heeft verricht,
met veel liefde en enthousiasme, en die wij vorige week hebben
moeten begraven. Ze zou trots zijn geweest op deze resultaten.
En onze gedachten gaan
tevens uit naar Marijke van der Wal die ons in de afgelopen periode
is komen te ontvallen. In het Prinsenpark - waar zij zoveel
voetstappen heeft liggen - wordt haar herinnering levend gehouden
door het recent plaatsen van naamborden.
Voorzitter,
Met belangstelling heeft het CDA kennis genomen van het standpunt
betreffende Toetsbaarheid en Meetbaarheid. Er wordt een opmerking
gemaakt over de rol van de deelraad gekoppeld aan de opmerking
"Wie niet zegt waar hij heen wil, moet niet gek (op)kijken als
het niet de goede kant op gaat".
Het CDA steunt deze opmerking en heeft hier al wat over gezegd aan
het begin van mijn bijdrage.
Wat betreft de meetbaarheid, is er o.i. nog wel een hele weg te
gaan in deze deelgemeente.
Te vaak zijn er geen meetmogelijkheden of zijn ze te vaag waardoor
de controlerende functie van de deelraad niet volledig tot haar
recht komt.
Voorzitter,
Wat betreft de advisering betreffende de Jaarrekening kan het CDA
hier een positief antwoord op geven.
Duidelijk is geworden tijdens de bespreking in de Commissie van de
Jaarrekening, dat Prins
Alexander een goed stuk heeft neergelegd. Onze complimenten
hiervoor. Wat we ons als deelraad wel af dienen te vragen, is of de
Jaarrekening - zoals die nu voor ons ligt - datgene is wat we als
deelraad nodig hebben om te controleren.
Het CDA doet de suggestie - om in kleiner verband - hierover een
discussie te voeren waarbij de deelraad een aantal uitgangspunten -
naast de wettelijk verplichte – neerlegt, waardoor het een beter
toetsbare en inzichtelijke Jaarrekening wordt. De Jaarrekening kan
dan de goedkeuring van het CDA krijgen.
Voorzitter,
Buitenruimte wordt door alle partijen op dit moment als belangrijk
ervaren. In Prins Alexander is sprake van een grote achterstand op
diverse gebieden in de Buitenruimte. De burgers in Prins Alexander
ervaren en weten dit allang. Zij hebben dit de afgelopen jaren op
diverse manieren kenbaar gemaakt.
Naast het CDA wordt deze mening, gelukkig, nu ook door andere
politieke partijen in deze deelraad gedeeld. Wij ervaren dat als
een enorme stap vooruit in de goede richting. Alleen, met woorden
kom je er niet en leg je ook geen straat recht.
Voorzitter, wij zouden
het dan ook een goede stap vinden als wij datgene wat overblijft op
de begroting, ruim een miljoen, niet terug laten vloeien naar de
Algemene Reserve, maar direct koppelen aan bestemmingen in de
Buitenruimte en dit doen via geoormerkte gelden voor die
Buitenruimte.
De deelraad weet dan zeker dat het beleid waar het voor kiest - nl.
het wegwerken van achterstallig onderhoud in de Buitenruimte - ook
daadwerkelijk gerealiseerd kan gaan worden.
Voorzitter,
U vroeg om het maken van keuzes. Het CDA heeft een aantal
voorstellen gedaan en wij wachten met belangstelling uw
beantwoording en de reacties van de deelraad af.
Voorzitter,
Als afsluiter de volgende opmerking:
Wij willen het Dagelijks Bestuur een schop geven, vragen de mouwen op te stropen en aan de slag te gaan zodat wij volgend jaar een verslag kunnen krijgen waarin wat meer te lezen valt over activiteiten, vooral nieuwe verfrissende activiteiten, ontsproten uit de gedachten van dit Dagelijks Bestuur zelf
Mevrouw Tonoverhandigt staande de vergadering scheppen aan het Dagelijks Bestuur om haar verzoek om de mouwen op te stropen en aan de slag te gaan teneinde een energieker jaarverslag op te stellen voor 2007, kracht bij te zetten.
Mevrouw Huismanbetoogt het volgende
Voorzitter,
Vandaag worden het burgerjaarverslag, de jaarrekening en het jaarverslag besproken. Belangrijke documenten waar het een van de taken van de raad betreft, namelijk onze controlerende taak. Maar…voorzitter…, wil je als raad een dergelijke taak goed kunnen vervullen dan dient daaraan ten grondslag te liggen een heldere en duidelijk geformuleerde opdracht aan het DB.
Ik kom hier later op terug.
Voorzitter…., stomverbaasd - en het moet mij van het hart dat ik dit in het recente verleden helaas al een aantal malen heb moeten zeggen - was ik over het aantal vragen dat is gesteld. Vragen die vaak het politieke debat hadden kunnen genereren maar nu als iets technisch werden afgedaan. Los van het feit dat het aantal vragen exorbitant hoog was, waren de vragen van een absurd niveau. En ik laat het aan de luisteraar over hoe hij of zij dit absurde niveau wenst te interpreteren. Immers een goed luisteraar heeft maar een half woord nodig.
Ik kan mij de cyclus goed herinneren van 2006. Hierin heeft zelfs Leefbaar Rotterdam prijzenswaardig geopereerd en heeft daarvoor toen ook de waardering ontvangen. Echter de wederom absurditeit aan vragen heeft op geen enkele wijze een meerwaarde gekend voor de bewoners en gebruikers. En ik meen mij te herinneren dat dat hetgeen is waarvoor wij hier zitten.
Voorzitter,
Terug naar een duidelijk geformuleerde opdracht en controle. Twee belangrijke taken van de raad. Het is echter nog steeds aan de orde dat wij, en dan bedoel ik de voltallige raad, een opdracht hebben gegeven om een aantal zaken te gaan doen. Als echter de opdracht niet helder is geformuleerd dan wordt controle een moeizaam proces. De VVD pleit er dan ook voor om bij de volgende bestuursrapportage een aantal van de conclusies en aanbevelingen die door de Programma Begrotingscommissie zijn geformuleerd al vorm te geven. Daarmee ook meer kengetallen en bereikte resultaten te formuleren en deze gegevens in haar bestuursrapportage op te nemen
Voorzitter,
Bij dit agendapunt heeft de VVD niet veel vragen gesteld. Mede gezien in het
licht van de accountantsverklaring. Waar er in 2006 nog een aantal verbeterpunten was en ik verwijs hier met name naar het integriteitvraagstuk, is de beoordeling door de accountantsdienst als goed omschreven versus de andere 10 deelgemeenten die door hen worden beoordeeld. Financieel is alles correct bevonden en zijn er geen aanwijzingen dat het DB zaken niet goed heeft weergegeven, uitgegeven dan wel verkeerd heeft verantwoord.
Voorzitter,
Het burgerjaarverslag…., immer een document waarbij men zich afvraagt of de energie die hiervoor wordt ingezet ook die effecten heeft waar wij als raad op hopen. Nog los van het feit dat het een wettelijk voorgeschreven document is.
De VVD pleit er dan ook voor om eens te kijken naar een vernieuwde opzet van het burgerjaarverslag. Denk daarbij aan interviews, of gebruik het jaarlijkse tevredenheidsonderzoek of burgerpanels hiervoor. Maar innoveer op basis van “uw en onze visie en vaart”…!!
De heer Boergeeft de volgende reactie:
Allereerst willen wij het ambtelijk apparaat bedanken voor hun inzet om de vragen te beantwoorden van de andere fracties. Dit waren er namelijk nogal wat. En dit heeft erg veel tijd gevergd.
Graag willen we toch nog de mogelijkheid benutten om een aantal dingen naar voren te brengen.In een eerder stadium hebben wij ons ook al afgevraagd waarom de jongeren niet direct benaderd worden vanuit het DB. Is er geen mogelijkheid gevonden om persoonlijk met de jongeren in contact te komen. Door b.v. naar jeugdvoorzieningen te gaan. De jeugd is immers de toekomst. Dit is belangrijk, omdat in het gehele stuk de overlastjongeren, de probleemjongeren en noem de negatieve jongeren maar op, nadrukkelijk genoemd worden. Terwijl er ook een hele grote groep jongeren is die buiten elke negatieve opvatting staan. De jongeren voelen zich vaak niet gehoord. Vandaar onze vraag. Het is goed om te zien dat het DB de sterkere sociale netwerken tussen bewoners, vrijwilligers en vrijwilligersorganisaties versterkt heeft door het creëren van ontmoetingsmogelijkheden. Zoals het bekostigen van deelgemeentelijke speeltuinen, een kinderboerderij en volkstuincomplexen. Zoals u weet zal de SP fractie zich daarin ook als waakhond blijven opstellen, omdat deze ontmoetingsplekken laagdrempelig moeten blijven. Dit om jong en oud,arm of rijk, allochtoon of autochtoon met elkaar verbonden te laten houden. Dit bevordert het begrip naar elkaar toe.We zien duidelijk dat de waardering onderhoud buitenruimte en kwaliteit speelgelegenheden van 2005 minder goed is dan in 2003. Zie figuur 1.8 blz.
25.Maar u geeft aan in figuur 1.10 dat het oordeel groenvoorzieningen in PA in 2005 erg goed is. In figuur 1.18 geeft u aan dat de waardering van de
woonomgeving minder goed is dan in 2005. Worden groenvoorzieningen en woonomgeving los van elkaar gezien?
Ook in PA kunnen we zien dat het aantal huurwoningen verminderd is en dat de koopwoningen stijgen. Zie figuur 1.12 op bladzijde 27. Kunt u ons garanderen dat de bereikbare woningen in deze deelgemeente niet in het geding komen? We zien dat naast het Alexandrium ook gericht wordt op detailhandel op wijkniveau en een belangrijk aandachtsveld is in het programma economie. In paragraaf 2 van hoofdstuk 9 op bladzijde 48 wordt dit goed aangegeven. Door deze acties te nemen zorg je ervoor dat de diversiteit in de deelgemeente blijft en je zorgt ervoor dat minder valide mensen niet al te veel reistijd kwijt zijn. Een goede realisatie van verspreide economie zorgt er ook voor dat kleine ondernemingen meer aandacht krijgen,waardoor het interessanter wordt om iets op te gaan starten. Dit houdt ook in dat de winkelcentra er goed uit moeten blijven zien. Tot zover de toelichting van de fractie van de SP over de Jaarrekening en het Jaarverslag.
De heer Stapelkamp geeft een reactie op de jaarstukken 2006.
Voorzitter,
GroenLinks is blij te mogen constateren dat het goed gaat met de deelgemeentelijke financiën. Een voordelig saldo over 2006 na bestemming van ruim 1 miljoen Euro is naar onze mening een goed resultaat.
Het resultaat was nog weer wat beter dan in 2005, dus als die lijn doorzet dan mogen we in juni 2008 weer in onze handen wrijven.
Maar cijfers, zo heb ik geleerd, zeggen niet alles.
Immers het zou kunnen zijn dat u aan de vraag “Wat heeft het gekost?” meer waarde heeft toegekend, dan aan de vraag “Wat gaan we er voor doen?”
Als ik de programma’s doorloop heb ik toch wel enkele vragen en opmerkingen.
(Ik teken hierbij aan dat ik enkele zaken hier niet aan de orde stel, omdat die eerder op de avond bij de behandeling van de Kadernota Buitenruimte zijn besproken).
In het Programma Wonen en Woonomgevingis een paragraaf gewijd aan ‘Participatie en Sociale samenhang’.
Naar ons oordeel is het Dagelijks Bestuur op de goede weg, maar moeten er nog wel meer resultaten worden neergezet de komende jaren.
De sociale cohesie scoort in onze beleving nog te magere zesjes en enkele wijken kennen slechts een 5,6 of 5,8.
In de beantwoording op vragen van GroenLinks hierover heeft u aangegeven moeilijk verklaringen hiervoor te vinden. Betekent dit dat we volgend jaar weer mindere cijfers tegemoet kunnen zien? Ik mag hopen van niet en roep het DB op hier fors op in te zetten.
Wat betreft de wijkactiviteiten is er positief nieuws te melden, namelijk dat er bijna 4 keer zoveel activiteiten hebben plaatsgevonden. Niettemin heeft u wel ruim €18.000,-
aan middelen overgehouden.
Ik ga ervan uit dat u de pas opgerichte wijkteams nadere instructies gaat meegeven om hier voor 2007 meer op te ontwikkelen.
Voorzitter,
Hoewel niet in de Jaarrekening opgenomen , maar waar door de deelraad in de Programmabegroting aandacht voor is gevraagd, is de verlevendiging van het Centrumgebied.
U geeft in uw beantwoording toe dat er in 2006 te weinig is bereikt.
Inmiddels hebben wij kennis genomen van uw plannen voor een tijdelijke ijsbaan, maar graag willen wij extra aandacht voor dit gebied. Het heeft erg veel te bieden voor met name jongeren in onze deelgemeente.
Als particulier initiatief , zoals van de eigenaar van het Alexandrium, achterwege blijft verwacht GroenLinks van een daadkrachtig bestuur dat zij zelf de boer op gaat.
Geef desnoods Sonor , Doc shop en de buurthuizen de opdracht hier gericht over na te denken.
In het programma Vrije tijdconstateert GroenLinks een forse onderschrijding van de middelen die zijn aangewend voor het project “Tweede thuis” (€ 70.000,-).
Hoewel deze middelen structureel zijn geworden, staan er nog steeds geen lasten tegenover. Wij maken ons daar zorgen over en vragen u hier snelle aandacht voor.
In het Programma Modern Bestuuris voor wat betreft de bezwaarschrift procedures zowel het aantal toegenomen als ook de doorlooptijd.
Aanscherping van regelgeving als de toegenomen complexiteit worden als oorzaak genoemd.
Wat die complexiteit betreft geeft u aan dat bewoners niet altijd de consequenties van het bestuurlijk besluit begrijpen.
Voorzitter, is er dan geen reden voor om in communicatieve zin hier iets op te ondernemen?
Voorzitter,
Dit is wellicht niet het juiste moment om over de Algemene Reserves een uitspraak te doen, maar ik doe het toch omdat u hier op bladzijde 59 een alinea aan wijdt.
GroenLinks vindt het bedrag dat wordt aangehouden om eventuele risico’s af te dekken te hoog.
Niet alleen omdat wij de risico’s minder hoog inschatten in verhouding tot het aangehouden bedrag, maar ook omdat we het geld nu hard nodig hebben en we nu al een paar jaar een bedrag overhouden getuige ook deze jaarrekening.
Van andere deelgemeentes is bekend dat zij een lager percentage aanhouden.
Let wel, wij hebben het in Prins Alexander over maximaal 8% van de bruto begroting!
Als we dan ook nog eens bedenken dat we landelijk gezien een sterke economische groei gaan doormaken, dat is het onverstandig om als een Dagobert Duck op de berg met geld te gaan zitten!
Ik vraag bij deze de andere fracties hier ook eens goed naar te willen kijken.
Er valt immers voldoende te investeren in, om maar wat te noemen, de buitenruimte, maar ook welzijn.
Voorzitter,
Wat betreft de Bestemmingsreservesheeft GroenLinks de volgende vraag.
De bestemmingsreserve “Uitbreiding Kinderopvang” werd het financiële risico ingeschat op 1 miljoen euro als gevolg van een mogelijke terugvordering van de gemeente. Inmiddels bestaat het risico niet meer en wil u dit saldo geheel inzetten voor de dekking van het verschil tussen de kapitaallasten en de huuropbrengst van kindcluster I in Nesselande. Dat was het 2dedoel van de reserve.
Denkt u in redelijkheid nu echt dit gigabedrag nodig te hebben?
Ik verneem graag uw standpunt vanavond.
Voorzitter,
Ik besluit met de opmerking dat GroenLinks in grote lijnen haar tevredenheid uitspreekt over de geboekte resultaten, maar wij zullen u kritisch blijven volgen het komend jaar en verwachten dan ook nog een schepje erbovenop zodat Visie en Vaart ook volgend jaar zichtbaar is voor de inwoners van Prins Alexander.
Voorzitter,
Het Burgerjaarverslag ziet er goed uit en neemt mijn fractie voor kennisgeving aan.
Ik dank u wel.
De heer Schippersgeft een reactie op de jaarstukken 2006.
Voorzitter en beste collega’s ,
Allereerst dank aan personeel en bestuur voor de vragenbeantwoording. Dat was dit jaar een extra zware klus. Ik hoop dat we als deelraad in volgende jaren een wijze zelfbeperking op dit punt aan de dag leggen, zodat wij niet de voortgang van de dienstverlening aan onze bewoners al te zeer belemmeren.
Jaarrekening 2006
In de commissie voor de Jaarrekening heeft de fractie van ChristenUnie-SGP al geconcludeerd dat er met betrekking tot de rechtmatigheid geen belemmering is om de Jaarrekening over 2006 vast te stellen. Zoals de PvdA al noemde meldde de accountant dat in vergelijking met de overige tien deelgemeenten in deze stad de jaarrekening met de onderliggende stukken van de deelgemeente Prins Alexander er heel goed uitzien. Werden er in 2005 door de accountant nog kritische opmerkingen geplaatst ten aanzien van de subsidieverstrekkingen, in 2006 is dat niet het geval. De deelgemeente heeft op dit punt een belangrijke verbetering gerealiseerd en daar is mijn fractie zeer content mee. Bestuur en personeel verdienen alle lof voor deze goede prestatie.
Een punt van minder belang dat nog uitstaat, is de opname van een risicotabel in de paragraaf weerstandsvermogen. Naar ik heb begrepen, wordt deze in de tweede helft van 2007 opgesteld. Overigens heeft mijn fractie geen twijfels over het weerstandsvermogen en andere zaken van de deelgemeente. Dat is toereikend, zoals het bestuur in zijn antwoord op één van de tien vragen die mijn fractie stelde, aangaf. De opvatting over doelmatigheid van de VVD wordt gedeeld. Mijn fractie steunt het beleid om op behoedzame wijze met de algemene reserve van deze deelgemeente om te gaan.
Jaarverslag 2006
Wat in het jaarverslag 2006 opvalt, is dat de scores voor de categorieën ‘overlast’ en ‘schoon en heel’ een negatieve ontwikkeling vertonen. Het bestuur geeft in de vragenbeantwoording aan dat met name voor de categorie ‘schoon en heel’ de negatieve tendens zich in 2006 doorzet. Vooral de matige kwaliteit van de verhardingen alsook die van het openbaar groen zijn hierbij bepalende factoren. Om deze ontwikkelingen te keren, zijn extra inspanningen nodig ten aanzien van het onderhoud. Mijn fractie roept het dagelijks bestuur op om tijdens het collegebezoek op 22 juni a.s. te onderstrepen dat een eenzijdige bestuurlijke concentratie op de aandachtswijken van Rotterdam (met name in het zuiden en westen van de stad) er wel eens toe zou kunnen leiden dat op termijn in andere deelgemeenten en wijken het bestuur van de stad achter de feiten aan blijft lopen. Mijn boodschap is: voorkom dat wijken in de deelgemeente Prins Alexander onderuit glijden! Voorkomen is nueenmaal beter dan genezen. Daarin heeft deze deelraad uiteraard ook een heel belangrijke verantwoordelijkheid.
Verontrustend zijn de berichten in het landelijke nieuws over het alcoholmisbruik en de alcoholverslaving die onder jongeren ongedacht grote vormen aanneemt. Structurele preventie, ook in de deelgemeente Prins Alexander, is een zaak die wij van harte steunen en waarvan wij de noodzaak onderstrepen. Onze jongeren zijn deze zorg waard, zij hebben nog een heel leven voor zich en dat moeten ze niet bederven door onverantwoord gedrag. In de vragenbeantwoording (pag. 22) worden voorlichtingsactiviteiten op basisscholen genoemd, maar helaas lees ik niets over voorlichtingsbijeenkomsten op scholen voor voortgezet onderwijs. Zijn deze scholen buiten beeld of krijgen de leerlingen op deze scholen langs een andere route de benodigde voorlichting? Deze problematiek vraagt de nodige aandacht.
Burgerjaarverslag 2006
Over het Burgerjaarverslag zal ik kort zijn. Mijn fractie constateert dat, nadat het eerste besluit over het nieuwe gemeentelijke Hondenbeleid in maart 2006 veel protest opriep, het reparatiebesluit van september 2006 geen enkel bezwaarschrift uitlokte. Dat heeft u als dagelijks bestuur met de ambtelijke staf goed gedaan. Eén bewoner doet de suggestie om gebruik te maken van de mogelijkheid te bemiddelen bij bezwaarschriften. Dat ontlokt bij mij de vraag aan het bestuur of dit niet reeds in de praktijk gebeurt. Bemiddelen is vaak wijzer dan procederen.
De heer Schippersspreekt de hoop uit dat het Dagelijks Bestuur bij het verschijnen van de jaarrekening 2007 de scheppen overhandigt aan de deelraad zodat deze voortvarend het jaarverslag kan uitspitten.
De voorzittersluit de eerste termijn voor de inbreng van de deelraadfracties. De beantwoording zal tijdens de raadsvergadering van 25 juni vorm krijgen.
-
Mededelingen en rondvraag
De voorzitterdeelt mede dat de heer Meijer een punt heeft ingediend. Aangezien de heer Meijer niet aanwezig is, gaat de gelegenheid voorbij.
-
Vragenhalfuur raadsleden en informatieverstrekking door het Dagelijks Bestuur
De heer Sörensenwacht nog op een reactie op de opmerking van mevrouw Tonomtrent de zittingname van de heer Veenstra in de PvdA.
De heer Veenstraantwoordt deel uit te maken van de fractie van de PvdA van deze raad, hangende een onderzoek naar zijn functioneren binnen de fractie. Hij staat achter de visie van het bestuursprogramma en steunt de coalitie.
8. Verslag van de vergadering van de deelraad van 4 juni 2007, alsmede de lijst met toezeggingen
Het verslag wordt ongewijzigd goedgekeurd en vastgesteld.
De voorzitterconstateert dat de nummers 41, 42, 44 en 45 van de lijst met toezeggingen vervallen aangezien deze zijn uitgevoerd.
-
Lijst van ingekomen stukken
Hierover worden geen opmerkingen gemaakt.
10. Sluiting
De voorzittersluit de vergadering om 22.13 uur.
Vastgesteld in de openbare vergadering van 4 juli 2007.
de griffier, de vicevoorzitter,
R.D. Weststrate. A.A.P. Eekhof.
39
