Direct naar hoofdmenu / zoekveld

2007-11-29 Verslag


Verslag van de Openbare vergadering van de deelraad Prins Alexander gehouden op maandag 29 november 2007 in het deelgemeentekantoor aan het Prins Alexanderplein 6.


Aanwezig: Mevr. G.J. Brand (Leefbaar Rotterdam),mevr. L. van Bijsterveld (PvdA), mevr. M.A. Huisman (VVD), mevr.  J.L. Ton (CDA), mevr. A.R. van der Veen (PvdA) en mevr. A.M. Zimmerman-Smit (CDA) evenals de heren H.L.E. Blanck (PvdA), M. Boer (SP), P.J. van Brenkelen (Leefbaar Rotterdam), R. Choenni (PvdA), D. Graafland (SP), H.C.G. Koedijk (VVD), P. Kroon (PvdA) P. Meijer (Leefbaar Rotterdam), D.J. van Pelt (Leefbaar Rotterdam), A. Salhi (PvdA), B. van Schaik (Leefbaar Rotterdam; vice-voorzitter deelraad), J.A. Schippers (CU/SGP), A. Siebel (Leefbaar Rotterdam), E.J.B. Stapelkamp (GroenLinks), L. Sörensen (Leefbaar Rotterdam), P. Veenstra (Lijst Veenstra) en W. Veldhuijzen (Leefbaar Rotterdam).


Afwezig: D.J.J. van Lottum (CDA) en J.C.M. Soijer (Leefbaar Rotterdam).


Griffie: R.D. Weststrate (griffier)


Notulist: P.J. Hoepel, Alpha Talen Nederland BV Waddinxveen


Dagelijks bestuur: R. Krul (voorzitter van het dagelijks bestuur en de deelraad), mevr. G. Boekhoudt (portefeuillehouder), J. Noeverman (portefeuillehouder) en P.C. Paulusma (portefeuillehouder).


Afwezig dagelijks bestuur: E.G. van Duin (portefeuillehouder)


Belangstellenden: ca. 15 belangstellenden.



1. Opening


De voorzitter opent de vergadering om 18.00 uur. Hij deelt de deelraad mee dat er ’s middags in de vergadering van de stadsgemeente een tweetal moties werd ingediend die door alle politieke partijen is ondertekend. Het betreft twee moties die de bebouwing op het Ommoordseveld en het Wollefoppepark zouden moeten tegenhouden. De voorzitter toont zich verheugd over deze vorm van samenwerking en spreekt de wens uit dat ook de deelraad op deze avond op een zelfde wijze zal samenwerken zodat een goede en prettige vergadering mogelijk is.


De heer Koedijk reageert hierop dat alle plannen zijn ingetrokken en daarmee de genoemde moties overbodig waren geworden.


2. Benoemen commissie tot onderzoek van geloofsbrieven


De voorzitter benoemt in de commissie tot onderzoek van de geloofsbrieven de leden Veldhuijzen, Stapelkamp en Zimmerman.


3. Onderzoek geloofsbrieven van de te installeren raadsleden de heer P. Kroon (PvdA) en mw. L. van Bijsterveld (PvdA)



4. Commissie tot onderzoek van de geloofsbrieven brengt verslag uit aan de deelraad


De heer Veldhuijzen deelt mee dat de commissie geen aanleiding heeft gevonden dat de installatie van de heer Kroon en mevrouw Van Bijsterveld in de weg staat.


Op persoonlijke titel doet de heer Veldhuijzen vervolgens een oproep aan de heer Kroon. Hij herinnert hem en de deelraad aan zijn afscheidsspeech die naar het oordeel van Leefbaar Rotterdam voor tweeërlei uitleg vatbaar is. Leefbaar Rotterdam heeft deze speech betreurd en spreker vraagt de heer Kroon terug te komen op deze speech.


5. Installatie raadsleden


De voorzitter gaat over tot de installatie van de heer P. Kroon en mevrouw L. van Bijsterveld. Hij spreekt daartoe de volgende tekst uit:


““Ik verklaar dat, om tot lid van de deelraad te worden benoemd, rechtstreeks noch middellijk onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd.


Ik verklaar en beloof, dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen.


Ik beloof dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als lid van de deelraad naar eer en geweten zal vervullen.”


De voorzitter gaat vervolgens over tot het afnemen van de belofte.


Mevrouw Van Bijsterveld en de heer Kroon leggen de belofte af.


De voorzitter verklaart de hiervoor genoemde personen geïnstalleerd als lid van de deelraad en wenst hen veel succes en wijsheid toe bij het vervullen van hun ambt.


De heer Meijer overhandigt vervolgens aan beide nieuwe raadsleden een boek. Het betreft een kinderboek omdat dat goed bij de deelraad past aldus spreker.


6. Vaststelling agenda


De heer Meijer vraagt een agendapunt aan de agenda toe te voegen om te kunnen spreken over ‘vertrouwen’.


De deelraad gaat akkoord. Agendapunt 8a wordt toegevoegd aan de agenda.


7. Gelegenheid tot het stellen van vragen door het publiek over onderwerpen die niet op de agenda staan


Hier wordt geen gebruik van gemaakt.


8. Behandeling Programmabegroting 2008, inclusief Tarievenboek 2008 en de 2e Bestuursrapportage 2007


De heer Kroon reageert op de oproep van de heer Veldhuijzen. Hij betreurt het feit dat zijn speech op de verkeerde manier is uitgelegd door Leefbaar Rotterdam. Hij heeft Leefbaar Rotterdam de afgelopen anderhalf jaar ervaren als een constructieve partij. Het spijt hem dat zijn woorden op deze wijze zijn overgekomen.


De heer Veldhuijzen dankt de heer Kroon voor zijn verklaring en maakt duidelijk dat dit door Leefbaar Rotterdam zeer wordt gewaardeerd.


1etermijn


De heer Meijer bijt de spits af. Hij constateert dat er voor de derde keer wordt gepoogd om de Programmabegroting 2008 te behandelen. Tot twee keer toe is de behandeling van de begroting onmogelijk gemaakt: eenmaal door het DB en eenmaal door de coalitiepartijen. Hij doet dan ook de oproep aan de coalitiepartijen en het DB om niet voor de tweede keer weg te lopen. Bewoners zijn er niet mee gediend wanneer deelraadsleden of dagelijks bestuurders weglopen voor hun verantwoordelijkheden. Leefbaar Rotterdam zal niet weglopen voor haar verantwoordelijkheid.


Open, integer, respectvol, helder, communicatief, resultaatgericht en krachtdadig zijn de begrippen die bepalend moeten zijn voor de manier waarop de deelraad en het DB invulling moeten geven aan hun functioneren. Op deze stijlkenmerken mogen deelraadsleden elkaar aanspreken. Deelraadsleden en dagelijks bestuurders hebben een voorbeeldfunctie ten aanzien van hun gedragingen. Binnen de deelraad leidt dit echter tot een ‘welhaast kolderiek’ optreden. In de vergadering van 29 oktober spraken verschillende deelraadsfracties elkaar aan op integriteit en openheid. Tot grote verbazing van Leefbaar Rotterdam was juist dit aanspreken voor de heer Van Duin een reden om het vertrouwen in de meerderheid van de deelraad op te zeggen. Dit was voor hem een reden om zijn ontslag aan te kondigen en met hem de overige bestuurders.

Geschrokken door hun eigen daadkracht kwamen dezelfde dagelijks bestuurders binnen 24 uur in de pers terug op hun aangekondigde ontslag. Niet echt open, integer en respectvol. De deelraad heeft tot 12 november 2007 moeten wachten op de formele indiening van het op 29 oktober 2007 aangekondigde ontslag. Deze gang van zaken is volgens spreker kenmerkend voor het disfunctioneren van het DB.

Voorts gaat de heer Meijer in op de werkafspraken die zijn gemaakt en vastgelegd in het ‘Reglement van orde’. Naar de mening van Leefbaar Rotterdam is het halverwege een deelraadsvergadering installeren van deelraadsleden strijdig met de overeengekomen werkafspraken. Hier was sprake van op 12 november jl. als gevolg van het weglopen van een tweetal dagelijks bestuurders. De coalitiepartijen lijken hier echter anders over te denken. Spreker wijst op de gang van zaken bij de PvdA-fractie. Hij citeert een e-mail van de heer Choenni aan de griffier de heer Weststrate waarin hij het verzoek doet een extra agendapunt aan de agenda toe te voegen ter beëdiging van een tweetal nieuwe raadsleden. Spreker is hier zeer over verbaasd. Ook tijdens de deelraadsvergadering van 12 november was er geen sprake van debat. In deze vergadering werden slechts standpunten uitgewisseld. Voordat een inhoudelijke discussie plaatsvond, verliet de PvdA-fractie de vergadering, gevolgd door GroenLinks, VVD, SP, Lijst Veenstra en zelfs de CU/SGP. In een bewuste poging om de orde te verstoren en daarmee het ingrijpen van de heer Krul te legitimeren, werd dit met veel ophef uitgevoerd. Dit zorgde ervoor dat opnieuw de programmabegroting 2008 en de Meerjarenraming 2008-2011 niet werden behandeld door de deelraad. Weglopen voor verantwoordelijkheden getuigt naar de mening van Leefbaar Rotterdam niet van voorbeeldgedrag dat van deelraadsleden mag worden verwacht.


Spreker merkt op dat Leefbaar Rotterdam graag inhoudelijke discussies voert. Hiervoor is het wel noodzakelijk dat men elkaar serieus neemt. Helaas moet hij constateren dat Leefbaar Rotterdam door zowel de coalitie als door het DB niet serieus wordt genomen. Hij constateert met de heer Eekhof dat er soms sprake is van openlijke minachting van het DB voor de deelraad. Dit blijkt bijvoorbeeld uit het feit dat de door Leefbaar Rotterdam binnengehaalde moties en amendementen niet in de begroting zijn verwerkt. Hij dient dat ook een motie van treurnis in (deze is als bijlage, motie I toegevoegd aan de notulen).


In het Bestuursprogramma 2006-2010 stelt het DB dat in 2008 structureel 5% (€ 2.000.000) flexibel inzetbaar is voor incidenteel beleid. Deze smart geformuleerde doelstelling is echter niet terug te vinden in de begroting. Dit is extra zorgwekkend wanneer men zich realiseert dat het DB afziet van een dotatie van € 800.000 en een reservering van 1,3 miljoen euro voor de wijk Nesselande. Daarnaast wordt door het DB voor 1,6 miljoen euro uit de algemene reserve gehaald. Het gaat dus in totaal om 3,7 miljoen euro extra budget voor 2008. De Programmabegroting 2008 biedt naar de mening van spreker helaas onvoldoende inzicht om te kunnen achterhalen of de 5% wel behaald is. Hij vermoedt dat dit niet het geval is.


Uit de technische vragen van de fracties blijkt dat Leefbaar Rotterdam niet de enige fractie is die meent dat de Programmabegroting onvoldoende overzicht en inzicht biedt. De vraag van GroenLinks om het verschil tussen de begroting van 2007 en 2008 voor alle programmapunten inzichtelijk te maken, wordt door het DB afgedaan met de reactie dat van een volledige verklaring wordt afgezien omdat het anders te moeilijk wordt voor de deelraadsleden. Spreker is benieuwd of GroenLinks tevreden is met deze beantwoording door het DB.


Anderhalf jaar geleden heeft het DB de deelraad geïnformeerd over aanstaande verhuizing. Met deze verhuizing zou de huur van de ruimten op de 4e en 9e etage worden opgezegd. Daarnaast zou de begane grond van een nieuw gebouw aan het Alexanderplein worden gehuurd ten behoeve van de stadswinkel. Deze veranderingen zorgen voor een structurele lagere huurkosten van € 25.000 per jaar. Uit de begroting blijkt echter dat het DB hiervoor in 2008 niet € 25.000 minder, maar € 75.000 meer nodig heeft. Spreker maant het DB tot een spoedige verhuizing. In 2009 dient deze post niet meer voor te komen.


Voor de personeelskosten wordt een trendcijfer van 2,8% gehanteerd. Leefbaar Rotterdam vindt deze raming aan de lage kant en voorziet hier een knelpunt. Dit is temeer opmerkelijk omdat in de CAO-onderhandelingen wordt gesproken over een loonstijging van 6,4%. Leefbaar Rotterdam gaat ervan uit dat u ervoor zorgt dat deze extra kosten niet zorgen voor een overschrijding van het beschikbare budget.


Leefbaar Rotterdam maakt zich zorgen over de staat van onderhoud van de bestrating in de deelgemeente. Deze staat van onderhoud draagt naar de mening van Leefbaar Rotterdam bij aan de populariteit van ‘Nordic Walking’.


Tot grote vreugde van spreker heeft de heer Paulusma in de laatste commissievergadering aangegeven dat hij 2,5 miljoen euro van de stadsgemeente gaat binnenhalen. Spreker spreekt de wens uit dat dit bedrag in de Jaarrekening van 2008 teruggevonden zal kunnen worden.


De Evaluatiedoorlichting Recreatiecentrum Zevenkampsering is in een besloten vergadering besproken. Toch wil spreker opmerken dat Leefbaar Rotterdam het onacceptabel vindt indien zonder nadere voorwaarden € 160.000 ter beloning van een wanprestatie wordt verstrekt. Het vooraf verstrekken van een premie van € 50.000 voor een nog te leveren wanprestatie is wat Leefbaar Rotterdam betreft onbespreekbaar.


De heer Meijer geeft vervolgens aan dat bewoners naar zijn mening meer zeggenschap moeten krijgen over de inrichting van hun woonomgeving. Initiatieven zoals bewonersbudgetten spreken Leefbaar Rotterdam dan ook zeer aan. Het is echter nog te prematuur om voor de evaluatie reeds te spreken van een succes. Daarnaast vindt Leefbaar Rotterdam het te vroeg om de bewonersbudgetten beschikbaar te stellen voor alle wijken. Dit wordt versterkt door het feit dat op dit moment geen duidelijkheid bestaat over de ‘organisatiekosten’. Voorts gaat het realiseren van bewonersbudgetten ook ten koste van het budget voor de wijkteams. Om de kosten en risico’s bij de bewonersbudgetten te beperken, dient Leefbaar Rotterdam een amendement in (dit is als bijlage, amendement A toegevoegd aan de notulen).


Leefbaar Rotterdam wil dat iedereen zich veilig moet voelen op straat. De veiligheid wordt meetbaar gemaakt met de veiligheidsindex. In de Programmabegroting staat:

  1. dat de veiligheidsindex tenminste een 8,9 moet zijn,

  2. minder dan 5% van de bewoners zich onveilig mag voelen en

  3. 87% van de bewoners tevreden is over de eigen buurt.

Deze doelstellingen lijken ambitieus. Worden deze echter vergeleken met de veiligheidsindex 2007 dan blijken de ambities niet bijzonder hoog te zijn. Daarin staat namelijk:

  1. de wijkveiligheidsindex is 8,7,

  2. minder dan 4% van de bewoners voelt zich onveilig in de eigen buurt,

  3. 87% van de bewoners is tevreden over de eigen buurt.

Kortom, men is tevreden met het consolideren van het huidige niveau.


Volgens spreker moet ook het DB de neerwaartse tendens hebben kunnen constateren. Zo is bijvoorbeeld de veiligheidsbeleving in Oosterflank in twee jaar tijd gedaald van 8,0 naar 7,5. Oosterflank is daarmee gezakt naar het niveau van 2003. Voor vijf van de acht wijken is er een daling te zien in vergelijking van 2005 met 2006.


Leefbaar Rotterdam vindt deze neerwaartse tendens zorgwekkend. Leefbaar Rotterdam dringt er dan ook op aan om niet te streven naar minimale verbeteringen, maar naar een omslag in de neerwaartse tendens. Hij dient daartoe een amendement in (deze is als bijlage B toegevoegd aan de notulen).


Uit de veiligheidsindex blijkt dat overlast door jeugd als grootste buurtprobleem wordt ervaren. Het DB spreekt in dat kader over een persoonsgerichte aanpak en een correctief jongerenbeleid. Daarnaast is er meer geld beschikbaar voor de groepsaanpak. Leefbaar Rotterdam kan zich hierin vinden. Leefbaar Rotterdam heeft echter ook moeten constateren dat de interventies zich kennelijk vooral richten op de individuele ontplooiing en het creëren van maatschappelijke kansen voor deze ‘raddraaiers’. Het DB richt zich kennelijk niet op het stellen van duidelijke grenzen. Dit blijkt volgens de heer Meijer uit de beantwoording van de technische vraag naar het waarom van een kunstgrasveld. Het DB antwoordt dan als volgt: “Voor de aanpak van een jongerenprobleem in de omgeving Dosio-laagbouw is de zogenaamde “groepsaanpak” benut. Daarbij bleek de behoefte om voor de oudere jeugd in de omgeving een trapveldvoorziening te realiseren.”


Leefbaar Rotterdam heeft grote problemen met deze vorm van aanpak van overlastgevende jongeren. Raddraaiers en overlastgevende jongeren moeten duidelijke grenzen ervaren. Zij dienen zeker niet ‘geknuffeld’ te worden met een trapveldje. Spreker noemt het preventief fouilleren, samenscholingsverboden en hinder surveillance als maatregelen die zouden kunnen worden gebruikt om deze groep jongeren aan te pakken. Daarnaast dienen ouders volledig verantwoordelijk te worden gesteld voor de wandaden van hun minderjarige kinderen. De kosten hiervan zouden kunnen worden verhaald door het stopzetten van kinderbijslag gedurende de gehele trajectperiode. Spreker beseft dat dit geen bevoegdheid is van de deelgemeente. Deze boodschap zou echter wel door het DB kunnen worden uitgedragen. Er zou een voorbeeld genomen kunnen worden aan de heer Marcouch uit ‘020’ of de heer Van Heemst alhoewel hij geen man van daden is. Pas op het moment dat overlastgevende jongeren respectvol omgaan met bewoners en publieke ruimte van de straat of wijk, kan er worden bekeken of zij een trapveld verdienen. Jongerenwerk, sport en recreatie moeten er zijn voor de 90% van de jongeren die zich wel correct gedragen.


Leefbaar Rotterdam hecht grote waarde aan organisaties die zich belangeloos inzetten voor de medemens. Spreker is dan ook zeer tevreden met de wijkbus. De wijkbus biedt ouderen en minder valide mensen de mogelijkheid gebruik te maken van de voorzieningen van de deelgemeente. De portefeuillehouder Sociale samenhang en Participatie heeft zelfs gesteld dat met het rijden van de wijkbus een reeks van sociale doelstellingen kan worden bereikt. Het blijkt echter dat de wijkbus niet meer naar Nesselande zal rijden. Dit is zeer opmerkelijk aangezien het DB wel € 22.000 uitgeeft aan een cultuurscout. Leefbaar Rotterdam zou hier een andere keuze hebben gemaakt.


In 2006 is een bedrag van 10,5 miljoen euro gereserveerd voor subsidies. Uit de jaarrekening blijkt dat ruim een half miljoen van deze reservering niet wordt gebruikt. Toch blijkt het DB niet in staat om een paar duizend euro vrij te spelen voor de wijkbus zodat deze ook naar Nesselande kan rijden. Spreker dient daarom een motie in (deze is als bijlage, motie II toegevoegd aan de notulen).


De heer Meijer is van mening dat het programma ‘Sociaal Cultureel werk’ het meest ondoorzichtige programma van de Programmabegroting is. De te bereiken maatschappelijke effecten die in de Programmabegroting en in de Productenraming worden genoemd, kunnen nooit volledig worden getoetst op hun haalbaarheid. Daarnaast hangen deze effecten met zoveel zaken samen dat het eventueel bereiken van gestelde doelen niet alleen door het sociaal en cultureel werk kunnen worden geclaimd. Dit betekent dat organisaties en instellingen ook nooit kunnen worden afgerekend op behaalde resultaten.


Er wordt vooral gekozen voor het doorzetten van ingezet beleid. SBA heeft in deze een zeer grote en invloedrijke rol:

  1. de SBA mag alle sociaal culturele activiteiten in de deelgemeente vormgeven;

  2. de SBA beheerd alle club en buurthuizen;

  3. de SBA verleent het buurtschoolwerk;

  4. de SBA heeft de sociale activering onder haar hoede;

  5. de SBA mag het sociaal cultureel werk in Nesselande ten uitvoering brengen;

  6. de SBA is verantwoordelijk voor de DOSA-aanpak;

  7. de SBA mag het sociaal cultureel werk in kindcluster 1 vormgeven en

  8. de SBA is uitvoerder voor de Rotterdamse aanpak van groepen jongeren die hinderlijk, overlastgevend en/of crimineel zijn.


In de Programmabegroting is een structurele subsidieverhoging van € 836.000 opgenomen voor het Sociaal Cultureel werk. Met de bijstelling van € 370.000 geeft dit een extra kostenpost van € 466.000 per jaar. Spreker beseft dat dit geld voortkomt uit het acres en extra gemeentelijke gelden om ook trajecten van ‘sociale activering’ te intensiveren en om vorm te kunnen geven aan sociaal culturele activiteiten vanuit het nieuwe wijkcentrum Kristal.


Opbouwwerkers ondersteunen buurtbewoners om te zorgen dat hun leefomgeving leefbaar wordt en blijft. Het Opbouwwerk is in PA goed vertegenwoordigd. Ook in Nesselande zal het Opbouwwerk een plaats krijgen. Dit is volgens spreker opmerkelijk. Nesselande is een van de meest vitale wijken van PA. Bewoners hebben aangetoond goed voor hun eigen belangen te kunnen opkomen. De commotie rondom de maatschappelijke opvang aan de Wollefoppeweg en de ‘mediterrane plantanen’ aan de Siciliëboulevard zijn hier voorbeelden van. Leefbaar Rotterdam vraagt zich dan ook af of er wel Opbouwwerk noodzakelijk is in Nesselande. Het Opbouwwerk zou volgens spreker kritisch moeten worden doorgelicht.


De subsidie en groei van middelen zijn voor een groot deel gestoeld op historische afspraken. Er wordt niet meer kritisch naar deze afspraken gekeken. In het licht van de snel veranderende samenleving is het naar de mening van spreker niet meer dan logisch deze maatschappelijke instellingen te controleren. Ook de deelgemeente dient mee te bewegen met de steeds veranderende vraag die aan de instellingen wordt gesteld. Spreker dient een motie in (deze is als bijlage, motie III toegevoegd aan de notulen).


Vervolgens dient de heer Meijer een amendement in om de financiering van de motie Bewonersinitiatief Ambachtsplein mogelijk te maken. Om de passiviteit van de eigenaar te doorbreken, is de eerste zinsnede onder besluit geamendeerd. (Het amendement C is als bijlage toegevoegd aan de notulen).


Tot slot wijst spreker op de afspraken die door de fractievoorzitters op 15 november 2007 zijn gemaakt. Alle fracties zouden openstaan voor de mening van anderen. Voorts zal er inhoudelijk worden gedebatteerd over ingebrachte meningen, onderwerpen en initiatieven. Spreker wacht het verloop van de vergadering dan ook met spanning af.


Mevrouw Ton maakt duidelijk dat het CDA niet lang wenst te spreken over de bestuurlijke situatie in PA. Er is sprake van ‘veel gedoe en bombarie’. Het CDA zal nooit weglopen voor haar verantwoordelijkheid. Had zij dat wel gedaan dan had de behandeling van de begroting niet kunnen plaatsvinden. Nog steeds is er sprake van een zorgelijke situatie in de deelgemeente. Een belangrijk signaal is in dat kader het feit dat belangrijke stukken voor de behandeling van de begroting pas in de ochtend van de vergadering door de deelraadsleden zijn ontvangen. Daarnaast is het feit dat er met derden over moties wordt gesproken die onder embargo liggen nog zorgelijker. Het kan niet zo zijn dat er met verenigingen wordt gesproken over moties en amendementen die deze verenigingen zelf betreffen. Iedereen in de deelraad kent deze regels. Er dient echter te worden gesproken over de inhoud. De belangen van de bewoners moeten in het oog worden gehouden. Volgens spreekster moet de koppeling tussen emoties en zaken worden losgelaten.


Vervolgens komt spreekster tot haar inhoudelijke inbreng. Deze inbreng is niet gewijzigd sinds de vorige vergadering. Het dient immers om de inhoud te gaan.


Spreekster spreekt haar dank uit aan de ambtelijke organisatie voor de begroting. Deze is strakker, duidelijker en overzichtelijker dan de eerdere begroting. Hierdoor kon er met minder schriftelijke vragen worden volstaan.

Mevrouw Ton constateert dat het DB vraagt om bestuurlijke flexibiliteit omdat de stadsgemeente regelmatig om deelgemeentelijke investeringen vraagt die niet in de begroting zijn opgenomen. Dit behoeft geen probleem te zijn indien dit met de deelraad wordt gecommuniceerd. Met goede argumenten kan de deelraad altijd worden overtuigd. Ze is dan ook teleurgesteld over het feit dat de door het CDA bij de Voorjaarsnota gevraagde € 50.000 om het groenonderhoud van minimaal naar standaard om te zetten, niet uitvoerbaar bleek te zijn. Wanneer dergelijke kleine zaken niet kunnen worden geregeld, maakt het CDA zich grote zorgen over de flexibiliteit.


De opmerking van de heer Paulusma in de vergadering van de Commissie Buitenruimte dat hij ervan overtuigd is dat er twee en een half miljoen van de stadsgemeente zal komen voor de buitenruimte vervult het CDA met grote hoop. Dit geld zou kunnen worden gebruikt voor onverwachte zaken die in de buitenruimte moeten worden gedaan. Het CDA zal zich zondermeer flexibel opstellen bij de invulling van projecten hiervoor. Spreekster heeft nog de motie in gedachten van de PvdA betreffende samenwerking met de stad om meer geld voor PA binnen te halen en gaat ervan uit dat dit dus de invulling wordt. De opmerking in de begroting dat extra geld van de stadsgemeente maar beperkt beschikbaar wordt gesteld, staat in schril contrast met de woorden van de heer Paulusma dat op korte termijn veel geld door de stadsgemeente beschikbaar zal worden gesteld.


Cultuurverandering moet ook binnen de organisatie ontstaan. Opvallend was het feit dat er plotseling handmatig moest worden gewerkt en er vervolgens een grote fout betreffende de groei van de baten voor Nesselande werd ontdekt. Dit baart het CDA zorgen. Het CDA gaat ervan uit dat de mensen uit de organisatie de lijn die door de politiek wordt uitgezet, loyaal en vol enthousiasme volgt.


Het CDA is blij met de vertaling van de keuzes die in de Voorjaarsnota zijn gemaakt om structureel meer geld uit te trekken voor Schoon, Heel en Veilig.


De ontwikkeling van de Stadswinkel is een goede zaak. De binnenkant van het gebouw is echter nog wat saai. Kunst wordt door het CDA als een mooie bijdrage aan de samenleving ervaren. Kunst zou dan ook in het Stadskantoor een plaats kunnen krijgen. Door hier een expositieruimte van te maken helpt de deelgemeente jonge kunstenaars, wordt het gebouw opgefleurd en vermaken bewoners zich wanneer zij moeten wachten. De Stichting Cultureel Alexander heeft zich reeds positief over dit idee uitgelaten. Spreekster dient dan ook een motie in (deze is als bijlage, motie IV toegevoegd aan de notulen).


Spreekster vindt het idee van een kunstijsbaantje zeer geslaagd. Ze herinnert het DB eraan dat bij Gemeentewerken een plan klaar ligt dat – op het moment van de inval van een strenge winter – diverse wijkijsbaantjes snel, eenvoudig en met weinig kosten kunnen worden gerealiseerd.


Het CDA is geschokt over de vermelding onder het kopje Participatie en Sociale Samenhang dat er geen beleidsmatig relevante ontwikkelingen zijn te melden. Het is zorgelijk dat in Het Lage Land de sociale cohesie achteruit gaat. Het Lage Land is in het verleden altijd een sociaal sterke wijk geweest. Daarnaast is het feit dat 76% van de inwoners van deze wijk aangeeft niet actief te willen participeren in de wijk, zeer zorgelijk. De individualisering van de maatschappij wordt pijnlijk zichtbaar. Het is daarom noodzaak om vooral de dank uit te spreken aan al die mensen die wel actief hebben geparticipeerd en participeren. Deze mensen zouden wat het CDA betreft extra in het zonnetje mogen worden gezet. Voorstellen van het DB worden met belangstelling tegemoet gezien. Het CDA hecht dan ook grote waarde aan bewonersorganisaties.


Mevrouw Ton kijkt met belangstelling naar de ontwikkelingen bij groepsaanpak jeugdoverlast. Wie de jeugd heeft, heeft de toekomst. Het grootste deel van de jeugd zit vol creatieve ideeën en is bezig met zijn of haar ontwikkeling. Jongeren die buiten de boot vallen moeten echter worden geholpen. Dit moet worden gedaan door middel van school, sport en werk. Jongeren die overlast veroorzaken moeten met stevige hand worden aangepakt.


Spreekster gaat vervolgens in op de verkeerstuin. De berekeningen die door het DB zijn gemaakt voor de aanleg van een verkeerstuin waren hoog. Door creatief na te denken, moeten deze kosten omlaag kunnen worden gebracht. Dit kan door bijvoorbeeld gebruik te maken van asfalt dat reeds aanwezig is. Spreekster wijst op het asfalt naast de skatebaan in Prinsenpark en de plek aan de Lieve de Keystraat naast de tennisvereniging in Het Lage Land. Deze asfaltvelden kunnen uistekend voor een verkeerstuin worden gebruikt.


Het CDA is verheugd over het feit dat er daadwerkelijk een bijdrage wordt geleverd aan het verbeteren van de buitenruimte. Hier is door het CDA in de afgelopen jaren stevig voor gepleit. Gelet op de uitspraak van de heer Paulusma dat er een forse bijdrage van de stadsgemeente valt te verwachten, kan er een flinke stap vooruit worden gezet. Een punt van zorg is de openbare verlichting. Heel veel bewoners hebben het afgelopen jaar hun straat soms dagen onverlicht gezien. Dit verdient de aandacht van de deelgemeente. Ze is nieuwsgierig naar voorstellen van het Meerjarenprogramma Buitenruimteprojecten en gaat ervan uit dat de deelraad ook hier sturing aan zal kunnen geven.

Voorts kijkt spreekster met belangstelling uit naar voorstellen voor de invulling van het Groenjaar en de Boomfeestdag. Het CDA nodigt het DB uit om een wedstrijd uit te schrijven waarin bewoners voorstellen kunnen doen voor invulling van die Boomfeestdag. Belangrijkste blijft echter de zorgplicht van bomen. Wanneer kan worden geconstateerd dat slechts 25% is gedaan van wat had moeten worden gedaan, dan blijft er voor een Boomfeestdag niet veel meer over.

Het doet het CDA plezier dat de kwestie van privatiseringen van openbaar groen tot een einde gaat komen. Dit project heeft zeer lang gelopen en heel wat ambtenaren aan het werk gezet. Dit is een voorbeeld hoe niet moet worden gehandeld.


Mevrouw Ton maakt zich grote zorgen over het zwembad Zevenkampsering. Het CDA zet zich in voor behoud van dit zwembad. De aansturing door het DB heeft gefaald. Hier kan echter helaas niet over in de openbaarheid worden gesproken. In de volgende vergadering van de commissie Buitenruimte zal dit door het CDA echter aan de orde worden gesteld. Afhankelijk van de beantwoording van het DB zal het CDA over deze kwestie een motie indienen.


Tot slot gaat spreekster in op de grote problemen die zich aan het ontwikkelen zijn bij de accommodatie van tennisvereniging Pharo. Door het DB is hier € 100.000 voor weggezet. Naar de mening van spreekster gaat het echter om een veel groter en complexer probleem. Van het bestuur van de tennisvereniging heeft het CDA begrepen dat men het complex heeft moeten verlaten omdat het te gevaarlijk werd. Door het niet plegen van onderhoud aan het openbaar groen zouden er zelfs bomen op de velden zijn gevallen, banen onbespeelbaar zijn geworden door overwoekering van hoog onkruid en gras. Het bedrijf dat normaliter het onderhoud van de verlichting doet op het complex, wilde dit gezien de gevaarlijke situatie niet langer meer doen. Daarom heeft het bestuur het besluit moeten nemen om de banen te sluiten omdat zij niet de verantwoordelijkheid kon dragen mensen nog langer te laten tennissen. Op dit moment worden de stadsgemeente en de deelgemeente aansprakelijk gesteld. Het CDA is verontrust over dit ‘nieuwe lijk’ dat uit de kast komt. Spreekster vraagt zich af of het DB op de hoogte is gesteld van deze zorgelijke situatie. Voorts vraagt zij het DB wat met de € 100.000 uit de begroting zal worden gedaan.


Ten slotte merkt zij op dat het CDA met tevredenheid kennis heeft genomen van de in de Burap genoteerde en geslaagde evenementen. Hier moet mee worden doorgegaan.


De heer Choenni is van mening dat het met de deelgemeente PA niet slecht gaat. Ook na lezing van de Programmabegroting 2008, de 2e Bestuursrapportage 2007 en de uitvoerige beantwoording van de vragen staat de PvdA op dit standpunt. De deelgemeente zal steeds meer gaan profiteren van het coalitieakkoord ‘Visie en vaart’.


De heer Choenni betreurt het dat zijn fractie de afgelopen tijd heeft nagelaten te wijzen op de positieve ontwikkelingen in de deelgemeente. Zonder volledig te willen en kunnen zijn, geeft hij een aantal voorbeelden van zaken die bereikt of in ontwikkeling is:

  • Een bewonerspanel bracht advies uit over de manier van communiceren via website en deelgemeentelijke Havenloodspagina;

  • Er is een vernieuwde economische visie;

  • De Stadswinkel draait op volle toeren en verleent de bewoners allerlei diensten;

  • Een Cultuurscout is aangesteld om PA meer en nieuw kunstzinnig leven in te blazen;

  • De Brede School krijgt de kans extra (buitenschoolse) activiteiten te ontplooien;

  • De verkeersveiligheid rond scholen, het stokpaardje van de PvdA-fractie, krijgt steeds meer aandacht en wordt verbeterd;

  • Via wijkvisies, wijkteams en investeringen in winkelcentra wordt het woonklimaat van onze bewoners prettiger;

  • Het zogeheten Stoepenplan moet ervoor zorgen dat bewoners veilig over straat kunnen gaan;

  • De bruggen van de minste kwaliteit worden hersteld;

  • De groenvoorzieningen krijgen meer aandacht;

  • Speeltuinen, sociale ontmoetingsplaatsen bij uitstek, zijn opgeknapt.


De heer Choenni brengt in herinnering dat de toenmalige voorzitter van de PvdA-fractie naar voren bracht dat in de Voorjaarsnota van 2007 de woorden ‘kunst’ en ‘cultuur’ niet één keer voorkwamen. Hij geeft aan dat deze woorden nu 23 maal, waarvan 15 maal in de goede zin van het woord, in de Programmabegroting 2008 voorkomen.


De fractie heeft het Programma gecontroleerd op bepaalde veranderingen ten opzichte van de Programmabegroting van 2007. Dit is, zo stelt de heer Choenni, niet uit den treure gedaan. Ze hebben namelijk ook andere taken dan het controleren van de deelraad; bijvoorbeeld het luisteren naar de achterban. Dankzij hen kan de fractie het DB kritisch volgen en bijsturen waar dat nodig is.

De fractie plaatst graag vier kritisch opbouwende kanttekeningen bij het Programma 2008:

  1. Binnenkort behandelt de Gemeente Rotterdam het fietspadenplan. Mogelijk kan de deelgemeente PA daarbij aansluiten. Opgeknapte fietspaden zijn in ieders belang. Oudere bewoners hebben erop gewezen dat zij de kans lopen om, niet alleen met hun fietsen, maar ook met scootmobiels en rollators in de soms brede gleuven terechtkunnen komen. Een voorbeeld hiervan is het fietspad van de Keizershof naar de Rotte, dat bij de fietsersbond in de Top 10 van de slechtste fietspaden van Rotterdam staat. Een vervelende bijkomstigheid is dat ouderen daardoor misschien niet optimaal gebruik kunnen maken van de recreatieve voorzieningen van de deelgemeente.

  2. De fractie vraagt speciale aandacht voor de ouderen in de deelgemeente. Hoewel zij niet worden aangeduid als speciale groep en onderdeel uitmaken van het algemeen beleid, is het goed om rekening met hen te houden. In sommige wijken vormen zij de meerderheid van de bewoners, zoals in de wijken Ommoord en het Lage Land. Er is een uitdrukkelijk verzoek om in het algemeen beleid voortdurend rekening te houden met deze omvangrijke groep.

  3. De deelgemeente kent slechts twee zwemvoorzieningen voor ruim 90.000 inwoners. De fractie is van mening dat deze voorzieningen in heel Rotterdam op korte termijn niet onder druk staan. Dit is mede te danken aan het ingrijpen van de stadsgemeente. Het DB zou er goed aan doen om beide voorzieningen zowel inhoudelijk als bestuurlijk te herstructureren, om deze te laten voldoen aan de hedendaagse normen.

  4. In het kader van het Armoedebeleid is de PvdA enigszins teleurgesteld in het college van B&W Rotterdam. De reactie van het college op de ‘wapsen en convenanten’ laat erg lang op zich wachten. De fractie zal, afhankelijk van de uitkomsten van het overleg met het college, mogelijk bij de behandeling van de Voorjaarsnota 2009 om aanvullende maatregelen vragen. De heer Choenni wijst erop dat zijn fractie het teleurstellend vindt dat er nog altijd mensen zijn die gebruik moeten maken van de voedselbanken.


De PvdA-fractie luistert niet alleen naar PvdA-stemmers, maar ook naar andere bewoners uit PA. Deze mensen weten de fractie goed te bereiken. Daardoor blijft de fractie goed op de hoogte van bewonerswensen op de korte en lange termijn. Alleen al daarom is de fractie een voorstander van het voortbestaan van de deelgemeenten. Bewoners kunnen immers via politieke vertegenwoordigers op vrijwel directe wijze hun invloed uitoefenen op de dagelijkse gang van zaken.

Een voorbeeld hiervan is het Ommoordse Veld waarbij de PvdA-fractie (samen met het DB) van meet af aan tegen bebouwing is geweest. Door druk op de PvdA in de stad ontstond uiteindelijk ook bij hen het inzicht dat het Ommoordse Veld niet bebouwd moet worden. Alleen de stedelijke portefeuillehouder moet dit standpunt nog delen; de deelgemeente kan daarbij bijvoorbeeld via de portefeuillehouder een belangrijke rol spelen.

Spreker benadrukt dat dit slechts een voorbeeld is van het feit dat de politiek naar bewoners luistert. Hij verwijst daarbij tevens naar zijn eerdere opsomming van bereikte resultaten. Veel van het genoemde is tot stand gekomen door samenwerking met en luisteren naar direct betrokkenen van PA. Die samenwerking kwam mede voort uit een actieve opstelling van het DB en een veranderende deelgemeentelijke organisatie die vraaggericht en resultaatgericht moet handelen richting bewoners. Bewonersinitiatieven en bewonersbudgetten kunnen daarbij een positieve rol spelen.


De heer Choenni herhaalt wat hij tijdens al zijn beschouwingen naar voren brengt: de PvdA is een sociale en democratische partij waar de mensen centraal staan. Hij daagt de bewoners uit om meer contact met hem en de fractiegenoten te zoeken om iets voor hen te kunnen betekenen. Sommige zaken vragen echter geduld. Dan is het beter om te wachten tot alle factoren gunstig zijn om een probleem substantieel op te lossen. Het opknappen van het Ambachtsplein is hiervan een mooi voorbeeld. Door hiermee te wachten tot 2009 kan veel geld worden bespaard.

De werkwijze rond de aanpak van het Wollefoppepark bewijst dat geduld loont. Bewoners, verzameld onder de naam Wollefoppegroen, wonnen met hun plannen de verkiezing van ‘Beste idee van Zevenkamp’. Met de gewonnen € 25.000 werd een plan gemaakt voor de herinrichting. Door deze ontwikkeling kreeg de vrijwel algemeen gedeelde opvatting binnen de deelgemeente dat er geen huizen moeten komen in het Wollefoppepark, extra aandacht. De bewoners zijn zeer te spreken over de samenwerking met de deelgemeente.

De PvdA-fractie hoopt dat de problemen met jongeren in de buurt van het Centraal Wonen op zeer korte termijn worden opgelost. Signalen van overlast zijn doorgegeven aan de betrokken portefeuillehouders. De fractie hoopt dat de in de Programmabegroting aangekondigde uitbreiding van de aanpak van overlastgevende jongeren uitkomst zal bieden aan de betrokken bewoners.


Ter afsluiting benadrukt de heer Choenni dat de PvdA een sociale partij is waarbij het welbevinden van de mensen centraal staat. De begroting speelt daarbij een positieve rol. De omvang van de begroting is sluitend en solide. De voornemens van het coalitieakkoord ‘Visie en vaart’ worden over het algemeen goed uitgevoerd. Op verschillende punten wordt er extra geïnvesteerd. De deelgemeentelijke tarieven op S&R uit het Tarievenboek 2008 worden met gemiddeld 1,7% verhoogd. De algemene reserve ligt boven de 8% van ruim 40 miljoen euro. De fractie vindt dus dat er op verantwoorde wijze met geld wordt omgegaan.


De heer Koedijk concludeert dat de nota een uitstekende uitwerking is van de Voorjaarsnota 2008. De fractie vindt het echter jammer dat de aanbieding sober en zonder ambities is. Er is namelijk genoeg gebeurd wat het vertellen waard is.


In het hoofdstuk over de stand van zaken van de moties en amendementen wordt gemeld dat voor het uitvoeren van motie 3 over het Jongerenjaar 2008 het noodzakelijk is dat er extra middelen moeten worden uitgetrokken. De VVD-fractie is blij dat aan het Jongerenjaar in deze deelgemeente gaat worden gewerkt.


In het programma van de beleidsbegroting wordt gemeld dat de onderhoudsnorm van het openbaar groen verder verhoogd gaat worden, vooral in het Wollefoppepark en Semiramispark. Het gaat daarbij met name om extra onderhoud van de verharding. Het DB stelt voor dat minimaal uitgekomen moet worden op 75% technisch goed of matig. De VVD stelt voor om de lat iets hoger te leggen: van het totale areaal in de deelgemeente moet minimaal 45% als goed en minimaal 30% als matig worden gekwalificeerd eind 2008. Spreker is benieuwd of het DB bereid is deze doelstelling over te nemen.


De VVD brengt de straatverlichting dringend onder de aandacht van het DB. De fractie heeft een aantal schriftelijke vragen gesteld met betrekking tot het niet goed functioneren van de straatverlichting waardoor inmiddels onacceptabele situaties zijn ontstaan en slachtoffers zijn gevallen. Op korte termijn verwacht spreker een reactie van het DB. De heer Koedijk noemt het bedroevend dat het niet mogelijk is om voldoende greep te krijgen op Eneco en/of Citytec om de straatverlichting goed te laten branden. Storingen die hele wijken in het donker zetten zonder dat bewoners daarvan op de hoogte worden gebracht, zijn absoluut onacceptabel. De VVD-fractie dringt er dan ook op aan permanent druk op de verantwoordelijke wethouder, de heer Bolsius, uit te oefenen totdat de verlichting het weer goed doet.


De heer Koedijk heeft met tevredenheid geconstateerd dat het DB de inzet op de groepsaanpak jeugdoverlast gaat verdrievoudigen. De fractie hoopt dat de bewoners in de desbetreffende gebieden snel het resultaat van deze verhoogde inzet gaan merken. Voorts laat hij weten blij te zijn dat de strandwacht op het strand van Nesselande structureel zal worden geregeld. Hij gaat er verder vanuit dat de samenwerking op het winkelcentrum Ambachtsplein binnen het kader van Veilig Ondernemen in 2008 een feit zal zijn. De VVD doet een beroep op alle partijen om zich tot het uiterste in te zetten om deze samenwerking te bewerkstelligen.


Het Groenjaar 2008 komt snel dichterbij. De VVD vraagt wanneer het programma hiervoor aan de commissie Buitenruimte gepresenteerd gaat worden. Omdat het DB in de begroting geen middelen vrij maakt voor het Groenjaar neemt de fractie aan dat de extra kosten door het centrale bestuur gedragen zullen worden. Spreker hoopt dat dit geen consequenties voor de inhoud van de activiteiten in de deelgemeente zal hebben.


De heer Koedijk laat weten blij te zijn dat het DB bereid is om veel werk te gaan maken van het economisch functioneren van onder meer de Hesseplaats. Het doet hem goed dat het DB bereid is krachtig in te zetten op de ontwikkeling van de Alexanderknoop. De VVD pleit er al jaren voor dat de Alexanderknoop een bruisend regionaal centrum moet worden met veel mogelijkheden voor de ontwikkeling van de detailhandel, realisatie van onderwijsvoorzieningen, ontplooiing van het hoger onderwijs en de zakelijke dienstverlening. De fractie is benieuwd hoe de zojuist verschenen economische visie Prins Alexander 2020 uitgewerkt zal worden in 2008. Zij hoopt dat deze ontwikkeling een positieve uitwerking zal hebben op de werkgelegenheid in de deelgemeente. Met betrekking tot de regionale ontwikkeling van de Alexanderknoop is het ook van belang dat de knoop goed bereikbaar is. De VVD-fractie is blij dat het DB bereid is om zich in te zetten voor het verbeteren van de bereikbaarheid ervan.


Op pagina 32 wordt voor het project “Seniorenproof Ommoord” € 10.000 beschikbaar gesteld, wat wordt gefinancierd uit een provinciale subsidie. Het is een goede zaak dat de provincie hierin haar eigen verantwoordelijkheid neemt.

De VVD heeft in het verleden al eerder aandacht gevraagd voor de WZW (Wonen, Zorg en Welzijn). Spreker vraagt zich af wanneer het DB het initiatief neemt om te komen tot WZW-zones. Hiervoor zijn subsidies van de provincie, beleid en uitvoering noodzakelijk om tot realisatie te kunnen komen.Het is in de ogen van de VVD een mooie uitdaging voor de deelgemeente om dit in samenwerking te doen met corporaties, ouderenbonden, SBA-facet, zorginstellingen als Humanitas, e.d. De WZW is van belang voor alle inwoners van PA ongeacht leeftijd.

De VVD is over dit onderwerp in haar gedachtevorming al vrij ver, zo laat de heer Koedijk weten. De VVD zal in het voorjaar, voorafgaand aan of tijdens de behandeling van de Voorjaarsnota 2009 hierop terugkomen.


Op pagina 51 spreekt het DB in het kader van het Peuterspeelzaalwerk over de motie Aartsen/Bos. Deze motie is al een tijdje geleden omgezet in de Wet Buitenschoolse opvang. Tevens spreekt het DB over een tweede ontwikkeling; namelijk het initiatiefwetsvoorstel ‘Basisvoorziening Kinderopvang en ontwikkelingsstimulering’. Na een inhoudelijk niet geheel correcte opsomming van mogelijke effecten van dit initiatiefwetsvoorstel komt het DB tot de constatering dat nog niet duidelijk is wanneer en hoe over dit voorstel door het Parlement gaat worden gestemd. Spreker laat weten dat de fractie ook op dit terrein ver is met haar gedachtevorming. In het voorjaar, voorafgaand aan of tijdens de behandeling van de Voorjaarsnota 2008 zal hij hierop terugkomen. Voor de VVD zal het niet uitmaken welke uitkomst de stemming in Den Haag zal hebben.


Op pagina 58 wordt een korte omschrijving van de hoofdlijnen van het WMO-beleid gegeven, die in het beleidskader Mantelzorg 2007-2010 in maart door de gemeenteraad is vastgesteld. Het DB geeft aan dat de afspraak is gemaakt om voor de deelgemeenten eigen uitvoeringsprogramma’s op te stellen. De heer Koedijk veronderstelt dat vandaag ook het onderwerp ‘mantelzorg’ op de raadsagenda had moeten staan. Het DB schrijft immers dat zij in het 3e kwartaal met een programma komt. De VVD-fractie gaat ervan uit dat dit niet meer voor eind 2007 aan de orde komt. De vergadering van de commissie Welzijn is immers afgelast.


Tot slot wil de VVD-fractie stilstaan bij een probleem van een bijzondere groep: de doven. Van hun belangenvereniging Swedoro heeft de fractie vernomen dat het voor veel doven een groot probleem is om uit hun isolement te komen. Vooral wanneer zij met persoonlijke problemen zitten, is het moeilijk om een vertrouwenspersoon te spreken te krijgen. Steeds vaker krijgen zij van (semi-)overheidsinstellingen te horen dat zij met een tolk terug moeten komen. Hierdoor worden zij nog verder teruggezet met hun problemen. De VVD-fractie gaat ervan uit dat deze bewoners ook volledig aan de maatschappij mee moeten kunnen doen. De fractie wil dan ook een motie indienen om te onderzoeken of het mogelijk is dit probleem op korte termijn te laten verdwijnen (deze is als bijlage, motie V toegevoegd aan de notulen).


De heer Graafland stelt dat de begroting vooral een vertaling is van de Voorjaarsnota 2008. Bij de behandeling van de voorjaarsnota heeft de SP al enige opmerkingen gemaakt over de stedelijke diensten. Het blijkt dat veel inwoners vaak niet begrijpen hoe de diensten functioneren. De SP-fractie is van mening dat het niet zo mag zijn dat de inwoners het vertrouwen in deze diensten verliezen. Hierin ziet de SP vooral een taak voor het DB weggelegd.


Het DB heeft te maken gehad met problemen in de software. Daardoor moest alles handmatig worden verwerkt. In de meerjarenraming van 2005 is daardoor een fout geconstateerd, waardoor de begroting naar beneden moest worden bijgesteld. Mochten er hierdoor alsnog problemen ontstaan, dan vindt de fractie dat de deelraad direct op de hoogte moet worden gesteld.


De heer Graafland heeft over de Voorjaarsnota 2007 de volgende opmerking. Hij gaat ervan uit dat het DB met alle betrokkenen om de tafel gaat zitten en dat het ook de winkeliers, inwoners en organisaties als Stichting Cultureel Centrum om hun mening zal vragen.


De SP deelt de visie van het DB dat kwaliteit en diversiteit van woningen heel belangrijk zijn. Er behoort passende woonruimte te zijn voor alle categorieën bewoners en moet aansluiten bij de hedendaagse woonwensen. De SP ziet juist daar een probleem. Enige tijd geleden heeft spreker over de plannen van de Nieuwe Unie ten aanzien van de Stempels in Oud Prinsenland vernomen. In plaats van het samenvoegen van de woningen heeft men besloten deze galerijflats (en ouderenwoningen) te slopen en er middeldure koopwoningen voor in de plaats te bouwen. De SP-fractie is zich ervan bewust dat bij samenvoeging ook veel van de huidige bewoners zouden moeten verhuizen, maar er zou dan een behoorlijk aantal grote woningen voor terug zijn gekomen. Daardoor zouden ook grotere gezinnen passende huisvesting kunnen krijgen.


Vooral het sociale aspect van deze materie heeft de aandacht van de SP. In de monitor van Prins Alexander 2005 staat aangegeven dat ruim 40% van de huishoudens in het Lage Land valt in de lage inkomensgroep. De SP denkt dat dit percentage onder de groep bewoners waar het nu om gaat, hoger ligt. Deze mensen zijn aangewezen op de categorie betaalbare woningen; een categorie die volgens de SP steeds kleiner wordt.

Het toezeggen van een stadsvernieuwingsurgentie aan bewoners ziet de SP als ‘een doekje voor het bloeden’: er zijn vele duizenden mensen in Rotterdam die deze urgentie hebben voor een beperkt aantal woningen. De mensen die na 4 juni 2004 in deze woningen zijn komen wonen, vielen onder de Leegstandswet. Men had daarmee geen recht op hulp bij het zoeken naar vervangende huisvesting in de toekomst. Dit vindt de SP nu echter erg wrang. Van de 192 woningen worden er ongeveer 60 bewoond in het kader van deze Leegstandswet. Hierbij zijn ook gezinnen met kinderen.


Deze materie kent verschillende aspecten, zoals de gehechtheid van mensen aan hun leefomgeving, de wens om in deze groene deelgemeente te kunnen blijven wonen, etc. Het is zeker dat voor een aanzienlijk aantal van deze mensen geen passende vervangende huisvesting in PA aanwezig is. Uit recente informatie blijkt dat de meeste bewoners niet in PA kunnen blijven wonen, maar dat ze worden doorverwezen naar Honderd en Tien Morgen, Delfshaven en Feyenoord. Ook daar zijn woningen die de komende jaren gesloopt gaan worden waardoor bewoners weer een huurcontract krijgen op basis van de Leegstandswet. De SP vindt het schandalig dat er op deze manier met mensen wordt omgegaan.


De SP spreekt het DB aan op de belofte dat zij de corporaties zal aanspreken op hun verantwoordelijkheid. Die houdt in dat mensen, behorend tot de primaire doelgroep, passende huisvesting krijgen. De SP vindt dat het moment daarvoor nu is aangebroken en verwacht dat het DB hierin zijn verantwoordelijkheid neemt en de deelraad daarover informeert.


Het college heeft 2008 uitgeroepen tot het Groenjaar. Daarom is het voor de SP onbegrijpelijk dat wethouder Karakus de bebouwing bij Ommoordse Veld en Wollefoppepark blijft steunen. De SP is wel content met de landelijke boomfeestdag in maart 2008 en tevreden over de participatie van de deelgemeente. Van de deelgemeente wordt wel verwacht dat ze zelf initiatieven onderneemt voor het Groenjaar.


De SP is verbaasd over de opmerking dat het DB in 2007 alle graskanten wil laten snijden voor 2008. De voorzitter van de SP vraagt zich af of het DB beseft dat het gras ook in 2008 doorgroeit. Daarnaast is er verbazing bij de SP over het gegeven dat het DB een gemiddelde score wil van 3,5 voor ‘heel’. In de tabel op pagina 23 staat echter 3,6; dat is een achteruitgang van 0,1. Hij vraagt zich af hoe het DB deze discrepantie verklaart.


Op bladzijde 28 wordt gesproken over het opstellen van spelregels voor zelfbeheerprojecten. Dat klinkt de SP ‘als muziek in de oren’. De vraag van de SP is wanneer de deelraad over deze spelregels wordt geïnformeerd en of de bewoners bij deze spelregels worden betrokken.


De winkeliersvereniging Hesseplaats heeft met succes een beroep gedaan op de regeling Investeringen in winkelgebieden en de deelgemeente draagt ook eenmalig € 100.000 bij. De SP is van mening dat ook andere winkelcentra niet mogen worden vergeten. De fractie denkt daarbij vooral aan het winkelcentrum het Lage Land dat te kampen heeft met zeer slechte bestrating.


De bewonersinitiatieven zijn een belangrijk punt voor de SP. De fractie is dan ook zeer ingenomen met het besluit dat het DB het initiatief uitbreidt naar de overige wijken binnen de deelgemeente.


De SP juicht het toe dat het DB de fietsers tegemoet wil komen. De fractie wijst erop dat echter de voetgangers niet mogen worden vergeten Als voorbeeld wordt de hoofdweg richting Alexandrium genoemd; hier hebben mensen met een handicap en ouderen onvoldoende de tijd om over te steken.


De voorzitter gaat verder met het onderwerp ‘vrije tijd’. Hij stelt dat het DB aangeeft dat de deelgemeente op dit terrein een voorwaardenscheppende rol heeft, waarbij vooral gedacht wordt aan openingstijden die aansluiten bij de dagindeling van de bewoners. De SP roept op om hierbij ook te denken aan de jongeren; het is voor hen namelijk niet goed wanneer locaties ’s avonds en in het weekend gesloten zijn.


Een andere zaak die de SP aan het hart gaat is de kinderboerderij. Net als de SP vindt het DB dat deze met een 7 of hoger moet worden gewaardeerd. Om deze kwaliteit te behouden, moet er uitbreiding van het personeel komen. De SP vindt dat de deelgemeente hierin zijn verantwoordelijkheid moet nemen. De heer Graafland dient daarom een motie in (deze is als bijlage, motie VI toegevoegd aan de notulen).

Het DB wil de deelgemeente verder verlevendigen en nieuwe en bestaande activiteiten dan wel evenementen bij de inwoners promoten. De SP vindt het daarom belangrijk dat er leuke dingen voor en door de inwoners georganiseerd worden. Daarbij kan gedacht worden aan kunst- en culturele activiteiten, waardoor de sociale samenhang, participatie en integratie kan worden verhoogd. De SP oppert het idee om een culturele pas uit te geven voor jongeren.


In dit kader vraagt de SP aandacht voor het Jongerenjaar dat in 2009 van start gaat. Van belang is dat de jongeren hiervoor daadwerkelijk worden gehoord.


De peuterspeelzaal is een zeer belangrijke start voor jonge kinderen. Het moet voorkomen worden dat laagopgeleide ouders afhaken door bureaucratische procedures. Juist deze kinderen hebben de peuterspeelzaal hard nodig om aansluiting te kunnen maken met de basisschool. Tevens is het een goede manier om op een speelse wijze kennis te maken met andere culturen.


Mantelzorgers zijn uitermate belangrijk voor de samenleving stelt spreker. Er wordt veel van deze mensen gevraagd; zij moeten daarom worden gekoesterd. De heer Graafland is blij te zien dat het DB deze mensen zal helpen met onder andere het uitbreiden van de ondersteuningscapaciteit. Als deze mensen wegvallen, is het leed voor veel mensen niet te overzien.


De fractie vraagt zich af of het verstandig is om door te gaan met uitbreidingen rond het Alexanderknooppunt. Dit met het oog op onder meer de luchtkwaliteit. Een ander aandachtspunt is het helikopterplatform in Kralingen-Crooswijk. De inwoners van Kralingseveer, Prinsenland en Lage Land hebben te maken met ernstige geluidsoverlast en luchtverontreiniging. De SP verwacht dat de deelgemeente achter de bewoners zal gaan staan in de strijd tegen dit helikopterplatform.


Het DB geeft in zijn beantwoording over legionella aan dat zwembad Alexander en Sporthal Alexander een preventief legionella-spoelsysteem hebben. Hij vraagt zich af of dit betekent dat andere accommodaties niet over dit systeem beschikken.


De heer Stapelkamp geeft aan dat het er voor hem niet makkelijker op is geworden om aandacht te schenken aan datgene wat het meeste gewicht heeft, namelijk de Begroting 2008. Door alles wat er is gebeurd in de achterliggende periode heeft hij de tekst al meerdere malen aan moeten passen. De inhoud is echter overeind gebleven. Hij benadrukt dat GroenLinks zich daarvoor wil blijven inzetten.

Hij geeft aan dat hij in zijn reactie het demissionaire DB aan zal duiden als ‘DB’.


Spreker haalt een citaat aan van het DB op pagina 6 ‘dat het zelfs voor de deelgemeenten soms niet te volgen is waar de Gemeente Rotterdam en dan in het bijzonder de stedelijke diensten mee bezig zijn’. Hij vindt dit een zorgelijke kwestie. Verder merkt hij op dat het DB zichzelf belast met een ‘actieve’ opstelling richting de stadsgemeente. GroenLinks gaat ervan uit dat het DB zich dit terdege realiseert en ziet dan ook de bevindingen en brieven van haar kant graag tegemoet. Deelnemen aan overleggen als het IBO blijkt soms onvoldoende te werken; andere actie is dan blijkbaar noodzakelijk. GroenLinks roept het DB ertoe op om hierin het voortouw te nemen.


Met genoegen heeft de heer Stapelkamp de passage op pagina 6 gelezen waar het DB aangeeft dat de algemene reserve van de deelgemeente aangesproken mag worden wanneer incidentele zaken daarom vragen. Naar het oordeel van GroenLinks is de algemene reserve te hoog gelet op de taakstelling op diverse beleidsonderdelen.


In 2007 is een toevoeging van de algemene reserve voorzien van ruim één miljoen euro. Er wordt volgens spreker niet onverantwoord met geld omgesprongen wanneer er substantiële bedragen uit de algemene reserve worden onttrokken. Tot op heden werden overschotten steeds in de algemene reserve gestort en dat de deelraad steeds te horen kreeg dat dit noodzakelijk was om de risico’s af te dekken. De heer Stapelkamp wijst erop dat de 8% norm begin dit jaar zelfs is overschreden. Telkens stelt het DB een discussie voor zich uit over deze norm, zich daarbij beroepend op de mogelijkheid van risico’s. GroenLinks vindt dat de deelgemeente belangrijke taken laat liggen door het geld op te potten. Het geld zou kunnen worden besteed aan de WMO, armoedebestrijding, aanleggen van goede fietsroutes, vrijwilligerswerk, het Europese jongerenjaar en het milieu. De heer Stapelkamp pleit ervoor om het geld verantwoord uit te geven aan datgene waar onze bewoners werkelijk behoefte aan hebben.

De GroenLinks-fractie dient daarom een motie in om de huidige maximale norm van 8% naar beneden bij te stellen tot maximaal 6%, ingaande in het begrotingsjaar 2009 (deze als bijlage, motie VII toegevoegd aan de notulen).


Vervolgens staat GroenLinks stil bij de stand van zaken aangaande motie I ingediend bij de Voorjaarsnota 2006. Deze motie daagt het DB uit om te komen tot concrete voorstellen voor activiteiten gericht op ‘opvoedingsondersteuning’ en/of ‘armoedebestrijding’ in het bijzonder. Spreker vindt de reactie van het DB ‘karig’. Hij geeft een opsomming van datgene dat het DB heeft ondernomen:

  • er is een verkenner voor een op te richten ‘Centrum voor Jeugd en Gezin’

  • er is een dialoog gaande met betrokken organisaties om uitvoering te geven aan opvoedingsondersteunende maatregelen

  • er is een product ‘Administratieve thuisondersteuning’ dat binnenkort door derden wordt gefinancierd.

GroenLinks is van mening dat er meer had moeten gebeuren. De heer Stapelkamp roept het DB op in contact te treden met het stadscollege, dat begin dit jaar een ‘Uitvoeringsprogramma Armoedebestrijding’ heeft opgesteld. Daarmee kan het DB haar zorg aangeven over dit fenomeen.

Vervolgens geeft spreker aan dat kortgeleden in de krant stond vermeld dat de meeste probleemschulden voorkomen bij de middeninkomens. Deze categorie is ruim vertegenwoordigd in PA. In het bestuursakkoord is zelfs aangegeven dat de deelgemeente meer werk wil maken van armoedebestrijding. Er zou een inventarisatie komen van armoede en haar oorzaken en er zou in kaart worden gebracht welke mogelijkheden er zijn op het gebied van hulpverlening. Daarbij wordt aangegeven dat er ‘creatief’ moet worden gezocht naar nieuwe mogelijkheden. GroenLinks geeft het DB een aantal voorbeelden hiervan: het laten opleiden van mensen met een uitkering tot bijvoorbeeld energieadviseur of een andere maatschappelijke participatiebaan. Ook is het mogelijk om met ideeën te komen om de informatie over allerlei subsidies en kortingen toegankelijker te maken voor laaggeletterden.


Wat betreft de motie over ‘de dialoog’ stelt GroenLinks dat het nog steeds ontbreekt aan inzicht hoe concrete activiteiten en maatregelen worden opgepakt. Op pagina 50 wordt aangegeven wat het DB zich heeft voorgenomen, maar het ‘hoe’ wordt onvoldoende belicht. De heer Stapelkamp is dan ook van mening dat de motie niet als afgedaan kan worden beschouwd en verlangt een reactie op dit belangrijke thema.


De heer Stapelkamp behandelt vervolgens de Beleidsbegroting. De deelgemeentelijke buitenruimte staat er slecht voor. Nesselande en Prinsenland zijn positieve uitzonderingen. Bij de behandeling van de Voorjaarsnota heeft de deelraad al gewezen op de noodzaak tot het maken van een inhaalslag op twee fronten, namelijk bezuinigen waar het verantwoord is en investeren waar het noodzakelijk is. De heer Stapelkamp staat graag stil bij de kostenproblematiek van Nesselande. De stadsgemeente wil de hogere inkomens behouden door hen een perfect woonmilieu aan te bieden: dure huizen en een dito woonomgeving. Hij wijst erop dat er in de monitor Prins Alexander 2005 echter te lezen staat dat de wijk Nesselande het minste aantal vierkante meters openbaar groen heeft. Hij geeft aan dat met creatief denken er een hoop zou kunnen worden verbeterd. Zo zijn beheerskosten lager dan het aanleggen van peperdure bruggetjes die naar zijn mening niet altijd noodzakelijk zijn. Er zou een balans moeten worden gezocht tussen de twee positieve uitzonderingen en de gehele deelgemeente. Spreker pleit ervoor om met OBR te overleggen wat de mogelijkheden zijn om de inrichtings- en beheerskosten in de hand te houden.


Vervolgens vraagt de heer Stapelkamp zich af hoeveel middelen het DB inzet voor het Groenjaar. Ook zou hij meer willen weten over de te ondernemen activiteiten. Bewoners zouden bijvoorbeeld mee kunnen denken om te komen tot creatieve ideeën.


GroenLinks spreekt haar waardering uit voor het oppakken van bewonerssignalen door het DB over het Wollefoppepark en het Semiramispark. Ondanks de hoge investeringen is het DB bereid zich hiervoor in te zetten. Ook de reactie richting de stadsgemeente doet de fractie van GroenLinks deugd. Het Ommoordseveld dient zo mooi en rustig als mogelijk te blijven. Het is aan de PvdA-fractie om haar wethouder van dit belang te overtuigen.


Voorts gaat spreker in op het thema veiligheid in relatie tot de jeugdoverlast. Hier wordt door het DB weinig aandacht aan geschonken. De groepsaanpak wordt uitgebreid wat zou kunnen duiden op een verslechtering van de situatie. Meer uitleg hierover was op zijn plaats geweest. Zijdelings merkt hij hierbij op dat de doeluitkering opvoedingsondersteuning structureel naar beneden wordt bijgesteld. Dit is opmerkelijk in het licht van de overlast door de jeugd.


Participatie is een belangrijk item. De participatienota heeft zijn waarde in algemene zin bewezen. De uitwerking richting bewonersorganisaties en het opbouwwerk werpen inmiddels zijn vruchten af. Toch valt er nog veel te verbeteren. Het zou daarom een goede zaak zijn indien het DB onderzoek doet naar de tevredenheid onder haar bewoners betreffende de betrokkenheid met de deelgemeentelijke aangelegenheden. Er wordt naar zijn mening te veel gekeken naar de kwantiteit en te weinig naar de kwaliteit. Volgens spreker vergroot al datgene dat meer is dan informeren de waardering en betrokkenheid van participatie. Zo vraagt hij zich af of de uitkomsten van een bewonersavond nog worden teruggekoppeld naar deze bewoners.


Het bewonerspanel functioneert onvoldoende. Dit baart GroenLinks zorgen. De wijze waarop de deelraad is omgesprongen met het eerste advies van het panel heeft hem gestoord. Indien het DB op dezelfde wijze met het advies van het panel is omgegaan, stelt hen dat teleur. De heer Stapelkamp is verheugd met de voortzetting van de bewonersbudgetten. Hierdoor kan de betrokkenheid van bewoners worden vergroot.


Verder gaat spreker in op de communicatie. GroenLinks is hier zeer kritisch over. Beleid uitleggen in een gesprek met de bewoners is van groot belang. Werkbezoeken zijn voor een DB noodzakelijk. Het kan echter niet zo zijn dat deze bezoeken worden gebruikt om lofuitingen, adhesiebetuigingen en bedankjes in ontvangst te nemen. Steeds is het DB lachend zichtbaar in de Havenloods. Zij dient echter ook de ‘plekken des onheils’ te bezoeken. Hij vraagt het DB om een reactie.


Vervolgens vraagt spreker aandacht voor de fietser in de deelgemeente. De waardering van het autoverkeer ligt hoger dan voor de fiets. Fietsverbindingen moeten worden verbeterd, stelt 23% van de inwoners van PA, zo blijkt uit de Monitor Prins Alexander 2005. In 2005 is dit percentage gestegen tot 36%. Een extra inspanning van het DB is hier gewenst. Bij de wijkveiligheid zijn we tevreden met een acht of negen, terwijl de fietser een mager zesje scoort. Naast het DB dient ook de stadsgemeente en de stadsregio bij deze inspanning te worden betrokken. Het huidige stadscollege is toegankelijker dan het vorige. Daarnaast staan de klimaatdoelstellingen hoog op de agenda. Enkele voordelen van de fiets zijn: minder files, meer recreatieve ontspanning en minder gezondheidsproblemen. Op pagina 35 staan echter slechts enkele maatregelen genoemd. GroenLinks mist de ambitie. PA heeft de potentie om een ‘fietsdeelgemeente’ te zijn.


Het vrijwilligerswerk verdient de volle ondersteuning van de deelgemeente. Het DB zal met een actieplan komen en de heer Krul heeft gesteld dat hij het vrijwilligerswerk belangrijk vindt. Spreker vindt het dan ook zeer merkwaardig dat er € 150.000 op het vrijwilligerswerk wordt bezuinigd.


Voorts stelt spreker dat werkgelegenheid niet alleen zorgt voor inkomen, maar ook dat mensen deelnemen aan de samenleving. Een zinvolle dagbesteding is van groot belang. Er zou meer aandacht moeten komen voor ‘participatiebanen’. Dit zijn banen die mensen aan de onderkant van de arbeidsmarkt het mogelijk maakt om een reguliere baan te vinden. De deelgemeente zou hierin een begeleidende rol moeten spelen. Ondanks het feit dat het DB hierover nadenkt, ontslaat dit haar niet van haar morele verplichting om actie te ondernemen. Hij verwacht op korte termijn een rapportage van het DB.


Tot slot maakt de heer Stapelkamp duidelijk dat hij zich in grote lijnen kan vinden in de voorliggende begroting. GroenLinks zal het DB op een kritische wijze blijven volgen. De bewoners van PA hebben daar recht op.


De heer Schippers van de ChristenUnie/SGP-fractie dankt de deelgemeente voor hun inspanningen om de begroting voor 2008 aan de deelgemeente voor te kunnen leggen.


Het DB stelde in de vragenbeantwoording bij de behandeling van de Voorjaarsnota dat het zich bij zijn bestuurlijk handelen wilde richten op de volgende zaken:

Meer inhoud – minder procedures

Meer externe oriëntatie – minder externe gerichtheid

Meer hoofdlijnen – minder details

Meer zakelijkheid – minder persoonsgericht

Spreker heeft vervolgens aan de overige deelraadsfracties gevraagd of zij tijdens het zomerreces wilden nagaan wat in hun politieke visie in het belang zou zijn van onze deelgemeente. Daarbij hoort de vraag: Wat dient het welzijn van de bewoners van Prins Alexander? En vervolgens: Hoe kan de deelraad hieraan dienstbaar zijn? Bij de behandeling van de begroting kan de heer Schippers hierop terugkomen en een antwoord op deze vragen ontvangen van de fracties.

De CU/SGP-fractie wil haar antwoord op deze vraag ontlenen aan een voorbeeld uit de historie van de Nederlandse Staat. Met de Verklaring uit 1681 zegden de Staten van Holland hun verdrag met vorst Filips II op. De Staten waren van oordeel dat hij geen goede koning was, omdat hij vooral aan zichzelf dacht en niet handelde volgens de richtlijn dat de herder (d.i. de overheid) moet zorgen voor het welzijn van de schapen (d.w.z. de burgers). Deze beeldspraak is ontleend aan de bijbelboeken van de profeten Jeremia en Ezechiël.


Blijkbaar hebben overheden en hun instellingen al eeuwenlang de neiging om in zichzelf te keren en niet primair het belang van burgers of bewoners op het oog te hebben. Het ideaal van de CU/SGP-fractie sluit nauw aan bij het oude inzicht dat de overheid lijkt op een goede herder, en dus opkomt voor het belang van alle burgers. Om hieraan te beantwoorden moet een bestuur niet schuwen om de nodige leiding te geven, een visie te vormen en de hoofdlijnen van beleid uit te zetten. Dit betekent wel dat er door het openbaar bestuur goed moet worden geluisterd naar de bewoners. De spreker vraagt zich af of de andere fracties deze benadering delen. Volgens de CU/SGP-fractie is deze wezenlijk voor het functioneren van onze Nederlandse democratie – ook voor het openbaar bestuur in de deelgemeente. Bij alle politieke meningsverschillen die er zijn, is het de eerste opdracht van deelraadsleden dat zij zich inzetten voor het belang van alle bewoners van deze deelgemeente. Geconstateerd is dat discussies over personen, procedures en fracties totnogtoe de toon zetten. Daarmee zet deze raad van de grootste deelgemeente van Rotterdam zich lelijk te kijk, aldus de heer Schippers. Bewoners krijgen daardoor een verwrongen beeld van de politiek. Hun vertrouwen in het functioneren van de democratie slinkt. Hij stelt dat de deelgemeente schade toebrengt aan positieve betrokkenheid en actief burgerschap. Het eindresultaat is dat de deelraad bij de bewoners een afkeer van de samenleving en cynisme ten opzichte van de democratie bevordert. Niemand wil dit en daarom moeten deelraadsleden hun manieren en inzet veranderen, vindt de heer Schippers. Hij stelt de vraag of de leden dat willen en hoe ze dat gaan aanpakken.


Rotterdam wil een sterke stad zijn met sterke deelgemeenten, met slagvaardige diensten en instellingen. Dat is een vooruitstrevende ambitie. Een doelstelling die de fractie van CU/SGP-fractie in PA kan onderschrijven. Voor de deelgemeente betekent dit dat de deelraad en dagelijks bestuur zichzelf de vraag moeten stellen waarin ze de kracht en de vitaliteit van PA zoeken. Men moet bereid zijn naar zichzelf te kijken en zich op haar functioneren te bevragen: wat gaat goed en wat moet beter? Zulke vragen – en de antwoorden daarop – kunnen hen scherp houden. Het gebiedsgericht werken en de daarbij ingezette kanteling van de organisatie past bij het streven van de deelgemeente om de blik naar buiten te wenden. Ook zal de deelraad met de deelraadscommissies vaker in de wijken moeten gaan vergaderen. Er zal niet alleen op de onmogelijkheden worden gelet, maar er zal gezocht moeten worden naar creatieve oplossingen om dit meer mogelijk te maken.


De realisatie van een Centrum voor Jeugd en Gezin in de deelgemeente PA is van belang voor ouders en opgroeiende jongeren. Spreker hoopt dat hierbij voldoende voortgang is geboekt en ziet uit naar het moment waarop het Centrum in PA zal worden gerealiseerd. Rotterdam doet mee aan het proefproject Veiligheidsindex Risicojongeren.

De heer Schippers hoopt dat dit proefproject in de deelgemeente eveneens tot positieve resultaten zal leiden en dat geen van de jongeren uit de deelgemeente meer tussen wal en schip zal belanden bij de onderscheiden hulpdiensten.


De CU/SGP-fractie verwacht met betrekking tot de ontwikkeling van de kwaliteit van de buitenruimte dat de begroting een keer ten goede zal bewerkstelligen. Toch blijven er zorgen. Hij vindt het een goede suggestie dat de deelgemeente PA de eindverantwoordelijkheid neemt voor de kwaliteit van de buitenruimte in alle wijken en dat partners er concreet op worden aangesproken wanneer publieke of semi-publieke onderdelen van de buitenruimte niet adequaat worden onderhouden. De deelgemeente kan immers werken aan alle publieke onderdelen in de buitenruimte, maar wanneer de niet publieke onderdelen slecht onderhouden zijn, heeft dat een negatieve uitstraling op de rest van de buitenruimte. Spreker wenst dat de deelgemeente hierover afspraken gaat maken met samenwerkende partners in het publieke en semi-publieke terrein.


Voorts ziet de heer Schippers een grote uitdaging voor het DB bij de afstemming tussen de deelgemeentelijke doelstellingen en activiteiten van gemeentelijke diensten. Een mogelijkheid kan zijn dat gemeentelijke diensten niet langer denken vanuit hun aanbod, maar gaan denken vanuit de bewoners en de klanten. Spreker vraagt zich af wat zij gerealiseerd zouden willen zien in de wijken. Hij vindt het van vitaal belang om dit proces van ‘omdenken’ bij de gemeentelijke diensten van de grond te krijgen, zodat met name bewoners hiervan kunnen profiteren. De CU/SGP-fractie meent dat door gezamenlijk het gebiedsgericht werken inhoud te geven hier een belangrijke verbetering kan worden gerealiseerd.


Het antwoord van het bestuur op de vraag over het aantal klachten over de openbare verlichting is duidelijk, maar wel zorgwekkend. De fractie van CU/SGP pleit voor een extra check van de openbare verlichting in de herfst, in de periode direct na het verzetten van de klok van zomer naar wintertijd, vooral op verzamel- en uitvalswegen.


De CU/SGP-fractie krijgt van diverse bewoners te horen dat veel fietsen bij station NS Alexander en bij metrostations in de deelgemeente niet in de daarvoor bestemde fietsenstallingen staan gestald. Spreker vraagt zich af of dit ligt aan capaciteiten of gemakzucht van de fietser een rol speelt. Hij vraagt zich af of dit door de commissie buitenruimte en RO opgepakt kan worden.


Het is naar de mening van de heer Schippers een goede zaak dat burgers worden gemotiveerd voor het verrichten van vrijwilligerswerk. Uit de monitor Prins Alexander in 2005 blijkt dat 10% van de mensen op zoek is naar mogelijkheden voor vrijwilligerswerk. Hij hoopt dat de beleidsvoornemens ertoe leiden dat een behoorlijk deel van deze 10% ook daadwerkelijk als vrijwilliger aan de slag kan.


Wat betreft de tijdige afhandeling van klachten en bezwaarschriften is de CU/SGP-fractie benieuwd naar de actuele stand van zaken. Gelet op de genomen maatregelen lijkt het de heer Schippers sterk als er geen verbetering valt te constateren.


Tot slot komt de heer Schippers terug op het oude bijbelse beeld van de overheid als herder. In de visie van de politieke partijen die spreker in de deelraad vertegenwoordigt, is de kerntaak van de overheid dat zij in trouw recht doet aan allen en eenieder. Dat wil zeggen: het gaat erom dat onze bewoners tot hun recht komen; dat zij met tevredenheid in deze deelgemeente wonen, dat kinderen hier in een goede omgeving kunnen opgroeien, dat bewoners met een veilig gevoel over straat kunnen gaan. Daarom moet de overheid in de eerste plaats trouw zijn aan haar roeping om zorg te dragen voor orde in de samenleving – een belangrijke randvoorwaarde voor het welzijn van alle bewoners. De orde is geen doel in zichzelf. In de visie van ChristenUnie en SGP gaat het er uiteindelijk om dat mensen in vrijheid God kunnen dienen en eren en ook dat mensen omzien naar de mensen om hen heen, in het bijzonder de medemens in nood. Dit vanuit de overtuiging dat geen mens voor zichzelf leeft, want mensen zijn in relaties geplaatst ten opzichte van elkaar en van God hun Schepper.


Hij wenst alle deelraadsleden en de leden van het demissionaire DB (alsook hun opvolgers) en de medewerkers van de deelgemeente PA bij het uitoefenen van hun taak en het behartigen van een grote verantwoordelijkheid de zegen van God toe.


De heer Veenstra maakt duidelijk dat hij een sociaal democraat is in hart en nieren. Spreker heeft aan het begin van zijn raadsperiode het coalitieakkoord ‘Visie en vaart’ van harte onderschreven. Ook het daaruit voorvloeiende Bestuursprogramma en de Voorjaarsnota. De voorliggende begroting is een evenwichtig uitvloeisel van de Voorjaarsnota. Een drietal zaken wenst hij tot slot aan de orde te stellen:

  1. Door de deelraad is unaniem een motie aangenomen die het DB verzoekt om extra middelen vrij te maken vanuit de stadsgemeente. Er is een aantal keer een bedrag van tweeënhalf miljoen euro genoemd. Volgens spreker zou er meer geld naar de deelgemeente moeten kunnen komen. Hij vraagt het DB wat op korte termijn kan worden verwacht aan extra middelen.

  2. Ten aanzien van het zwembad Alexander vraagt hij het DB om de voorzieningen die moeten worden getroffen in het kader van de Arbowet op korte termijn te laten uitvoeren aangezien het een verantwoordelijkheid is van het DB.

  3. Tot slot vraagt zich af of er actie wordt ondernomen op de controle en het mechanisme tussen het DB en de stedelijke diensten. Hij kan zich voorstellen dat dit aan het nieuwe DB wordt overgelaten.


1etermijn DB


De heer Krul geeft aan dat er sprake is van een bijzondere raadsvergadering. In het verleden is het waarschijnlijk nog nooit voorgekomen dat de begrotingsbehandeling plaatsvond met een demissionair DB. Het DB had in eerste instantie besloten om alleen de voorzitter van het DB aanwezig te laten zijn. Op verzoek van de deelraad zijn er nog drie dagelijks bestuurders aanwezig bij de vergadering van de deelraad. Het DB is van mening dat de begroting primair een document is van de deelraad. Het DB zal zich dan ook niet uitspreken over ingediende moties.


Spreker constateert dat verschillende partijen zijn ingegaan op de bestuurlijke crisis/situatie in de deelgemeente. Hij is met de vice-voorzitter van de deelraad van mening dat er een periode van bezinning in acht dient te worden genomen. De heer Krul is verheugd met de positieve opmerkingen die zijn gemaakt. Hij noemt in het bijzonder het CDA, maar sluit andere partijen daarbij in.


Vervolgens gaat de heer Krul in op de inhoudelijke bijdragen van de verschillende partijen. Op de begroting is € 150.000 minder begroot voor vrijwilligerswerk dan in 2007. Dit betekent echter niet dat er minder aandacht aan het vrijwilligerswerk zal worden besteed. Het valt voor een groot deel te verklaren door het feit dat in 2007 het geld voor de speeltuin in Kralingse Veer apart is gezet. In december zal waarschijnlijk de kadernotitie betreffende het vrijwilligerswerk worden vastgesteld. Op basis daarvan zal het DB met een actieprogramma komen.


Voorts gaat hij in op opvoedings- en armoedeondersteuning. Het DB is zich ervan bewust dat er geen uitputtende lijst is opgenomen. Desalniettemin zijn er ontwikkelingen. Er zijn verschillende opdrachten uitgegaan. Zo is met SoZaWe een contract getekend in het kader van ‘sociale activering’. Ten aanzien van het armoedebeleid is toegezegd dat het DB in 2008 met een actieprogramma zal komen. Daarnaast heeft het DB een verkenner aan het werk gezet die veel afstemmingsoverleg voert met de betrokken partijen en instellingen om te kunnen komen tot de realisatie van een centrum voor Jeugd en Gezin in de deelgemeente. In december 2007 zal het rapport van deze verkenner aan het DB worden aangeboden. Spreker verwacht dat in december 2008 het centrum voor Jeugd en Gezin zal worden gerealiseerd.


Tot slot gaat hij in op de mantelzorg. Het uitvoeringsprogramma van PA is nog niet gereed omdat de stadsgemeente en de deelgemeenten hier nog geen overeenstemming over hebben bereikt. In de commissie Welzijn zal hier verder over worden gesproken.


De heer Noeverman reageert in de eerste plaats op Leefbaar Rotterdam. Met betrekking tot de lonen maakt hij duidelijk dat eerst de CAO-onderhandelingen worden afgewacht en dat vervolgens de lonen worden vastgesteld. Dat geschiedt dan met een begrotingswijziging. Daarnaast legt hij uit dat het DB de deelgemeente op de 1e, 2e, en 3e etage wil vestigen. Doordat een aantal mensen van andere diensten naar het deelgemeentekantoor zal komen, wil het DB zich nu op de 1e, 3e en 4e etage huisvesten. Dit is in de Programmabegroting opgenomen. Dit brengt wel € 75.000 aan extra kosten met zich mee. Het is aan de deelraad om hier een beslissing over te nemen.


Vervolgens gaat de heer Noeverman in op de opmerking van de SP-fractie over een legionellaspoelbak. Hij is niet in staat om informatie te verschaffen over de aanwezigheid van een dergelijke spoelbak bij andere accommodaties. Wel dienen alle accommodaties aan wet- en regelgeving te voldoen. Zij worden daar ook regelmatig op gecontroleerd. Spreker erkent dat het van groot belang is dat legionella wordt tegengegaan. Met name bij sportverenigingen en zwembaden is dit zeer belangrijk.


Spreker deelt niet de negatieve opmerkingen van GroenLinks in het kader van het bewonerspanel. Kwaliteit gaat boven kwantiteit. De participatie is niet erg hoog. De adviezen van het panel zijn echter van goede kwaliteit. Naar aanleiding van het eerste advies heeft het DB een aantal aanbevelingen direct overgenomen. Ook de visie op communicatie en participatie wordt door de heer Noeverman niet gedeeld. Er zijn diverse bijeenkomsten met bewoners die verschillende doelstellingen hebben. De avonden worden dan ook op verschillende manieren ingevuld. Dit wordt door het DB altijd uitgelegd. Er wordt altijd geïnventariseerd wat er speelt in een wijk. Deze informatie wordt door het DB meegenomen bij het opstellen van een wijkvisie. Dit wordt vervolgens teruggekoppeld aan bewoners. Zij kunnen dan opnieuw commentaar geven op de conceptwijkvisie.


De heer Paulusma erkent dat hij tegen de ongeschreven regels van de deelraad in, heeft gehandeld. Hij heeft met derden gesproken over een motie van het CDA die onder embargo lag. Spreker biedt hiervoor zijn verontschuldigingen aan. Hij had dit niet mogen doen en zal het niet opnieuw doen. Hij zegt toe zijn leven op dat punt te beteren.


Vervolgens gaat hij in op de problematiek van de Zevenkampsering. De problematiek is door het DB geconstateerd. In de commissie Buitenruimte is daar uitvoerig verslag van gedaan. Hij betreurt het feit dat het CDA tot een andere uitleg is gekomen. Het vermogen zal moeten worden aangevuld. Er dient een plan van aanpak te komen. Aan de hand van dit plan zal het subsidiebedrag neerwaarts worden bijgesteld. Spreker is gevoelig gebleken voor de suggestie van de deelraad om het bedrag van € 210.000 niet te storten voordat er een plan van aanpak is afgegeven. Het DB heeft tot een versnelling kunnen komen van de afgifte van het plan van aanpak. Om die reden is de deelraad pas in de ochtend van 29 november 2007 hierover op de hoogte gesteld. Het plan van aanpak voorziet in een terugloop van € 100.000 in vier jaar. Het plan is door het bestuur geaccordeerd. Het subsidiebedrag is bijgesteld van ongeveer € 906.000 naar € 820.000. Dit bedrag zal dan over vier jaar zijn terugverdiend.


Voorts gaat hij in op opmerkingen over de bestrating. Vooral de VVD heeft hierop gewezen. Zij heeft het voorgesteld alsof er niets aan de bestrating wordt gedaan. Dit is echter niet correct. Voor extra inspanningen zal er ook extra geld van de stadsgemeente moeten komen. Hij herinnert de deelraad aan haar steun voor het DB om extra middelen te regelen. De inspanningen van het DB hebben geresulteerd in een aangenomen motie van twintig miljoen euro extra voor de buitenruimte van de deelgemeenten (het centrum daarbij niet inbegrepen), er is een toezegging van wethouder Bolsius van tien miljoen euro voor de zettingsproblematiek voor de deelgemeenten en een motie van de VVD uit de stadsgemeente. Dit zou volgens spreker ongeveer twee à tweeënhalf miljoen euro voor PA opleveren. In een brief van IBO-3 is er bij de wethouder op aangedrongen om dit geld spoedig over te maken.


In reactie op de woorden van de heer Meijer over de flexibiliteit van de begroting, stelt de heer Paulusma dat er wordt gewerkt aan de flexibiliteit van de begroting. Bij de voorjaarsnota van 2009 is het de bedoeling dat dit zichtbaar is geworden. Het zit kortom nog in de planning.


Tot slot gaat hij in op de veiligheid. Spreker stelt dat er altijd criminaliteit zal blijven. Hij refereert aan een hoogleraar die heeft gesteld dat er in Rotterdam geen sprake meer is van een oplossing van de criminaliteit, maar dat de overlast en onrust door de wijken heen wordt gejaagd. De wijken die achteruit zijn gegaan, hebben de aandacht van het DB. Er zal een focusnota van het DB komen waarover uitgebreid van gedachten kan worden gewisseld. Spreker is geen voorstander van het verhogen van de doelstellingen. Hierdoor worden extra teleurstellingen gegenereerd.


Ook gaat de heer Paulusma in op de motie van het CDA betreffende de bomen. Hier wordt door het DB uitvoering aan gegeven. Er was echter meer geld noodzakelijk om het beoogde niveau te behalen. Een en ander is gespreid over 2007 en 2008.


Terecht zijn er opmerkingen gemaakt over de verlichting. De klachten bij de Zevenkampsering zijn volgens zijn informatie verholpen. Er wordt direct actie genomen op klachten. Het is echter een stedelijk probleem en de keten is zeer lang. Door het DB is druk uitgeoefend op de wethouder om hier actie op te ondernemen. Wethouder Bolsius heeft in dat kader een brief gestuurd.


In het kader van het groenjaar geeft de stadsgemeente verschillende doeluitkeringen. Het DB is daar niet heel gelukkig mee. Hierdoor bemoeit de stadsgemeente zich direct met de bewoners van de deelgemeente. De deelgemeente dient zo veel als mogelijk te participeren. Dit gebeurt op onder andere scholen. Daarnaast organiseert de deelgemeente ook zelf activiteiten zoals het boomplanten. In februari 2008 kan hier verder over worden gesproken.


Mevrouw Boekhoudt reageert op de opmerkingen van Leefbaar Rotterdam. In de eerste plaats maakt zij duidelijk dat zij de visie van Leefbaar Rotterdam als zou zij geen eigen budget hebben, niet deelt. Daarnaast merkt zij met betrekking tot de wijkbus op dat het DB de inzet heeft om de wijkbus ook in Nesselande te laten rijden. Dat zal zij ook op het overleg op 30 november 2007 naar voren brengen.


In de tweede plaats geeft zij aan verheugd te zijn met de steun van de fracties om de bewonersinitiatieven niet tot twee wijken te beperken zoals Leefbaar Rotterdam dat heeft voorgesteld.


Mevrouw Ton vraagt de heer Paulusma in te gaan op haar opmerkingen over tennisvereniging Pharo.


De heer Paulusma benadrukt dat het DB al tien jaar zorgen heeft over deze vereniging. Doordat het ledenaantal niet groeide heeft het bestuur van de vereniging besloten om de huur van het complex aan de Lieve de Keij op te zeggen. Het DB heeft aan het bestuur laten weten dat een terugkeer niet mogelijk is. Dit zou een te grote investering zijn. Op dit moment speelt de vereniging op Oosterflank. De banen aldaar zijn niet in goede conditie. Daarnaast is de capaciteit te groot voor Pharo. De € 100.000 die het DB uittrekt is bedoeld voor het geschikt maken van de gravelbanen. Het bestuur heeft toegezegd om zich in te zetten voor ledengroei.


2etermijn deelraad


De heer Sörensen stelt voor om de moties en amendementen in een aparte ronde te behandelen zodat de deelraadsfracties in de tweede termijn met elkaar in debat kunnen gaan.


Mevrouw Ton sluit zich hierbij aan.


De heer Meijer is verheugd te horen dat de PvdA-fractie nog steeds een voorstander is van het deelgemeentelijk bestel. Het is daarbij wel opvallend dat zij vervolgens wel uit een raadsvergadering weglopen. Hij is verbaasd over het feit dat de PvdA-fractie het succes van het tegenhouden van de bebouwing op het Ommoordseveld en het Wollefoppenpark claimt terwijl de deelraad unaniem tegen bebouwing heeft gestemd. Op informatieavonden liet juist de PvdA het af en toe afweten. Spreker vindt de ophef over de 8% algemene reserve enigszins overdreven doordat er al een deel is afgehaald. Met belangstelling wacht hij de voorstellen van de VVD af. Voorts reageert hij op de opmerkingen van de SP-fractie over de sloopplannen van de Nieuwe Unie. Leefbaar Rotterdam is vooral geïnteresseerd in de visie van de SP op het feit dat woningcorporaties anders handelen dan is afgesproken. De heer Meijer onderschrijft de kritiek op de bestrating in het Lage Land. Daarnaast steunt hij de woorden van de heer Graafland over de openingstijden van gelegenheden voor jongeren. Deze zouden meer aan de wensen van jongeren moeten worden aangepast. Hij brengt in herinnering het voorstel van Leefbaar Rotterdam in het kader van de openingstijden van Docshop. Voorts is hij van mening dat de SP-fractie een aantal zaken naar voren heeft gebracht die niet in de begroting staat, maar die zij daar wel in had kunnen krijgen wanneer deze door haar echt belangrijk wordt gevonden.


De heer Graafland interrumpeert dat ook Leefbaar Rotterdam over zaken heeft gesproken die niet in de begroting staan. Hij noemt als voorbeeld het betoog van de heer Meijer over de politieke situatie in PA.


De heer Meijer bevestigt dit, maar stelt dat het hem ging om een beschrijving van datgene dat heeft plaatsgevonden en niet om een lijst met wensen.


Spreker vindt het jammer dat hij de motie van GroenLinks niet heeft ontvangen voorafgaand aan de vergadering. Hierdoor heeft Leefbaar Rotterdam zich hier niet inhoudelijk over kunnen buigen en hem mogelijkerwijs kunnen steunen. Dit was echter wel afgesproken in het presidium. Hij betreurt deze gang van zaken. De heer Meijer is blij met de oproep van GroenLinks aan het DB om meer de wijk in te gaan. Vervolgens vraagt spreker aan de heer Schippers van de CU/SGP-fractie waarom ook hij wegliep uit de vergadering terwijl uit zijn betoog blijkt dat het belang van de bewoners van PA voorop dient te staan. Indien dat het geval is, loop je niet weg uit een vergadering.


Tot slot gaat hij in op de beantwoording van het DB. Hij mist de heer Van Duin achter de tafel. Spreker is verbaasd over de opmerkingen over de huisvesting. Het bedrag van € 75.000 is de huur die wordt betaald voor alle verdiepingen die in de huidige situatie worden gebruikt, inclusief de negende verdieping. De heer Noeverman sprak echter over € 75.000 zonder de huur van de negende verdieping. Dit vindt hij opmerkelijk.


Spreker gaat niet in op de problemen bij de Zevenkampsering en bij tennisvereniging Pharo aangezien hij de stukken hiervoor niet heeft kunnen bestuderen. In het kader van de veiligheid is hij van mening dat er niet naar gemiddelden moet worden gekeken. Het feit dat een bepaalde wijk goed scoort, zegt niets over de score in andere wijken. De lat zou wat hem betreft dan ook hoger moeten worden gelegd. Voorts dringt hij er bij de portefeuillehouder op aan om te zoeken naar middelen om de wijkbus naar Nesselande te kunnen laten rijden. Daarnaast stelt hij dat Leefbaar Rotterdam niet van mening is dat het bewonersinitiatief tot twee wijken moet worden beperkt. Er bestaat echter geen duidelijkheid over de extra kosten die dit met zich meebrengt waardoor Leefbaar Rotterdam, mede gezien de situatie in Zwolle, zich kritisch heeft opgesteld. Indien de bijkomende kosten meevallen, kan er altijd voor worden gekozen om ook de andere wijken erbij te betrekken.


Mevrouw Ton bedankt de dagelijks bestuurders voor hun aanwezigheid. Het is hun werk om op vergaderingen aanwezig te zijn. Spreekster betreurt het dat de heer Van Duin niet aanwezig is. In het presidium is afgesproken dat het volledige DB aanwezig zou zijn. Het is jammer dat één van de dagelijks bestuurders zich aan zijn verantwoordelijkheid ontrekt.


Met betrekking tot de huisvesting is zij van mening dat door het afstoten van de negende verdieping er een voordeliger situatie zal ontstaan dan in de huidige. Spreekster hoopt dat het geld dat de heer Paulusma hoopt te ontvangen van de stadsgemeente voor de buitenruimte ook daadwerkelijk zal worden binnengehaald. Zij wijst op het feit dat de deelgemeente PA niet de prioriteit heeft van de stadsgemeente. Het CDA gaat mee in de visie van GroenLinks in het kader van de reserveringen. Diverse malen heeft de wethouder uit de stad gesteld dat de deelgemeente eerst haar reserves moet aanspreken alvorens extra middelen worden toegekend. Sparen is goed, maar het moet niet worden overdreven omdat te hoge reserves ook in het nadeel van de deelgemeente kunnen uitpakken. Mevrouw Ton kan zich voorstellen dat het CDA de motie van Leefbaar Rotterdam over de vergeten moties, zal steunen. Het is zeer opvallend dat ongeveer vier moties van één partij vergeten zijn. Het CDA steunt de inspanningen van mevrouw Boekhoudt voor de wijkbus. Indien deze inspanningen niet het gewenste resultaat zullen hebben, verzoekt spreekster de portefeuillehouder om dan terug te komen naar de deelraad. Vervolgens legt spreekster uit waarom het CDA de motie van de VVD niet heeft ondertekend. In het licht van de situatie rondom de heer Veenstra, vindt het CDA het geen goed signaal om deze motie die mede door hem is ondertekend, ook te ondertekenen. De motie van de SP over de kinderboerderij vindt mevrouw Ton sympathiek. Er moet echter voor worden gewaakt dat de dienst S&R lui wordt. Spreekster is blij met de excuses van de heer Paulusma. Ze vindt deze overigens ook vanzelfsprekend. De motie van ‘niet te vertrouwen’ zal zij dan ook niet indienen. Het wordt gezien als een foutje en gaat er vanuit dat het niet weer zal gebeuren.


Vervolgens dient spreekster een amendement in betreffende de Zevenkampsering en Pharo. Spreekster doet het voorstel om het geld te reserveren omdat de deelraadsleden zich nog niet voldoende hebben kunnen voorbereiden. Dit geldt zowel voor de Zevenkampsering als voor Pharo. Veel partijen hebben nog niet met Pharo kunnen spreken. Er dient dan ook een pas op de plaats te worden gemaakt omdat ook Pharo het recht heeft op hoor en wederhoor. Ze vraagt de deelraad met klem haar voorstel te ondersteunen om deze pas op de plaats mogelijk te maken.


De heer Choenni stelt dat de PvdA een sociaal democratische partij is. De PvdA-fractie blijft bij de standpunten met betrekking tot de vergaderingen zoals die hebben plaatsgevonden.


De heer Meijer interrumpeert dat de standpunten van de PvdA-fractie niet bekend zijn omdat de fractie wegliep uit de vergadering.


De heer Salhi reageert dat Leefbaar Rotterdam de PvdA-fractie heeft gedwongen om weg te gaan.


De voorzitter kapt de discussie van de heer Salhi af en stelt dat het niet het goede moment is om hierover te discussiëren.


De heer Choenni vervolgt zijn betoog. Hij is verheugd met de kritische bijdragen van alle politieke partijen. De kritiek van Leefbaar Rotterdam en het CDA dient door de coalitie serieus te worden genomen. Spreker is blij met de woorden van de heer Schippers over het belang van het dienen van de bewoners van PA. De PvdA-fractie loopt niet weg voor haar verantwoordelijkheid. Samen met zijn partners wordt er gezorgd voor een zorgvuldige uitgave van veertig miljoen euro.


De heer Koedijk steunt het voorstel van het CDA om het geld voor de Zevenkampsering en Pharo te parkeren. Hij ziet hier geen problemen. Spreker wantrouwt niet datgene dat in de brief wordt gesteld, maar vindt het toch beter om er op een later moment over door te spreken. Vervolgens onderschrijft hij de woorden van mevrouw Ton over de wijkbus. Motie II is dan ook vooralsnog overbodig. Motie VI van de SP vindt de VVD voorbarig. Eerst zullen de gesprekken met S&R moeten plaatsvinden om te voorkomen dat zij geen actie gaan ondernemen.


De heer Graafland onderschrijft deze woorden en geeft aan de motie aan te houden.


Met betrekking tot Motie VII geeft de heer Koedijk aan dat er een betere onderbouwing noodzakelijk is. Hij stelt voor ook deze motie aan te houden.


De heer Graafland is kritisch over het voorstel van Leefbaar Rotterdam om overlastgevende jongeren aan te pakken. Hij vindt het geen goed idee om jongeren te gaan fouilleren, samenscholingsverboden in te voeren, etc. Het beleid van de deelgemeente is prima. De voorstellen van Leefbaar Rotterdam doen hem aan andere tijden denken.


De heer Sörensen vindt dat de heer Graafland een karikatuur maakt van de voorstellen van Leefbaar Rotterdam. Bovendien vindt hij de opmerking over ‘het denken aan andere tijden’ misplaatst.


De heer Graafland maakt vervolgens duidelijk dat de deelgemeente niet bevoegd is ten aanzien van de kinderbijslag.


De heer Meijer reageert dat Leefbaar Rotterdam zich bewust is van het feit dat de deelgemeente in deze zaken niet bevoegd is. Wel kan zij een signaal afgeven.


De heer Graafland geeft aan dat hij in zijn werkomgeving ervaart hoe moeilijk het voor sommige ouders is om hun kinderen in de hand te houden. Door van hen de kinderbijslag af te pakken, worden ze dubbel aangepakt.


Mevrouw Ton reageert dat de heer Graafland de woorden van Leefbaar Rotterdam niet goed heeft begrepen. Deze voorstellen zijn eerder symbolisch bedoeld. Wel is het nuttig om de discussie hierover te voeren. Niet alle ouders hebben de kinderbijslag even hard nodig.


De heer Graafland complimenteert het CDA met het betoog over de achteruitgang van de sociale cohesie in het Lage Land.


Voorts reageert hij op de inbreng van het DB. Hij hoopt dat de mantelzorgers niet de dupe worden van de discussie van de deelgemeente met de stadsgemeente. Het doet hem deugd dat er een Centrum voor Jeugd en Gezin in PA zal worden gerealiseerd. In het kader van de sloop van de Nieuwe Unie is hij van mening dat de deelraad dit niet aan zich voorbij mag laten gaan. In een wijkvisie wordt namelijk niet over het slopen van huizen gesproken.


De heer Stapelkamp reageert op de woorden van het DB. GroenLinks is zeer geïnteresseerd in het stuk over de sociale activering. Hier wordt met belangstelling naar uitgekeken. Spreker kan zich vinden in de woorden van de heer Noeverman met betrekking tot de wijkvisie. In het kader van de communicatie en participatie ziet hij dit echter anders. Zo was bijvoorbeeld in de Havenloods een grote foto te zien van het DB in een scootmobiel. Spreker is van mening dat dit zeker moet worden gedaan, maar diepere bewonerscontacten zijn noodzakelijk. Met betrekking tot het bewonerspanel heeft hij vernomen dat er soms slechts vijf mensen aanwezig zijn. Deze zijn in het algemeen blank en hoog opgeleid. Hierdoor is er geen sprake van een afspiegeling van deelgemeente. Ook de kwaliteit kan dus worden verbeterd.


Het geld dat de heer Paulusma hoopt te ontvangen voor de buitenruimte onderstreept naar zijn mening het belang van zijn ingediende motie. De risico’s lijken niet langer meer aanwezig zodat de algemene reserves naar beneden kunnen worden bijgesteld.


Vervolgens biedt hij zijn excuses aan de andere fracties aan voor het feit dat hij zijn motie niet op tijd had doorgestuurd. Het verhogen van de veiligheidsindex vindt spreker geen goed idee. Het verhogen van het gemiddelde geschiedt namelijk vooral door een verbetering aan de onderkant en niet door een scoreverbetering van bijvoorbeeld een 9,8 naar een 9,9. Hij steunt dan ook het DB in het gebruik van gemiddelden. Spreker heeft zich net als de heer Graafland gestoord aan de voorstellen van Leefbaar Rotterdam om overlastgevende jongeren aan te pakken. GroenLinks stelt ‘preventief als het kan en repressief als het moet’. Een trapveldje kan dus wel degelijk een effect hebben en moet niet als ‘knuffelen’ worden uitgelegd. Tot slot in reactie op Leefbaar Rotterdam stelt spreker dat hij een bijeenkomst heeft bezocht alwaar professor Tops uitleg gaf over zijn rapport. Op deze avond bleek dat het niet moest gaan om minder geld, maar dat de visitekaartjes van het welzijnswerk, de ambulante jongerenwerkers, juist versterkt dienden te worden.


De heer Sörensen reageert dat de uitleg die GroenLinks geeft van de motie niet de juiste is. Het versterken van de ambulante jongerenwerkers is de inzet van Leefbaar Rotterdam.


De heer Stapelkamp begrijpt de stellingname, het niet ondertekenen van de motie van de VVD, van het CDA niet. Ook wanneer de begroting zal worden vastgesteld, zal deze door de heer Veenstra worden ondersteund.


De heer Ton reageert dat deze stellingname voor kennisgeving moet worden aangenomen aangezien het niet het moment is om hierover in discussie te gaan.


De heer Stapelkamp is het van harte eens met de woorden van mevrouw Ton over de voortschrijdende individualisering van de maatschappij. De aanpak van overlastgevende jongeren vindt hij echter niet consequent.


Mevrouw Ton legt uit dat jongeren die diefstal plegen en bewust crimineel gedrag vertonen, na het ‘pamperen’ stevig moeten worden aangepakt. Eerst een preventieve aanpak en vervolgens een repressieve.


De heer Schippers bedankt het DB voor de beantwoording van de vragen. Hij ziet uit naar de rapportage over het Centrum voor Jeugd en Gezin. Ten aanzien van de Zevenkampsering vraagt hij zich af of zijn berekening klopt dat in 2011 het bedrag van € 210.000 zal zijn terugverdiend. Het voorstel van het CDA om een pas op de plaats te maken, steunt hij.


Leefbaar Rotterdam heeft de begroting goed doorgenomen. Ook de heer Schippers stelt vragen bij de aanpak van probleemjongeren. Het mag niet zo zijn dat de groep jongeren die zich correct gedraagt, leidt onder de kleine groep die dat niet doet.


De heer Sörensen interrumpeert en maakt duidelijk dat Leefbaar Rotterdam wil dat de jongeren die het goed doen, worden gestimuleerd en dat er niet grote hoeveelheden geld naar het pappen en nathouden gaat van de kleine groep die het niet goed doet. Deze kleine groep moet stevig worden aangepakt en de grote groep dient te worden beloond.


De heer Schippers is ook van mening dat het belangrijk is dat er grenzen worden gesteld. Daarom moeten ook de ouders op het slechte gedrag van hun kinderen worden aangesproken. Spreker steunt het betoog van de VVD over de WZW. De gedachte dat mensen zo lang als mogelijk in hun eigen wijk moeten kunnen blijven wonen, wordt door de CU/SGP-fractie van harte ondersteund. De heer Schippers stelt net als de heer Koedijk in reactie op de SP dat eerst het gesprek van S&R moet worden afgewacht alvorens geld voor de kinderboerderij te reserveren. In reactie op GroenLinks betreffende armoede- en gezinsondersteuning, onderschrijft spreker deze visie. Het DB zal nog meerdere initiatieven moeten ontplooien alvorens de motie als afgedaan kan worden beschouwd.


Tot slot reageert hij op de ingediende moties. Motie I verwerpt hij. Spreker kan zich iets voorstellen bij de eerste twee punten, maar de andere punten dienen door de fractie van Leefbaar Rotterdam zelf te worden opgepakt.


De heer Meijer reageert bevestigend, maar is van mening dat deze punten wel genoemd hadden kunnen worden.


De heer Schippers vervolgt en stelt met betrekking tot motie IV dat de stadwinkel onder het toezicht van de stadsgemeente valt. Het DB zal over het ophangen van kunst in deze winkel eerst moeten overleggen met de stadgemeente. Dit zal moeten worden afgewacht.


Mevrouw Ton is van mening dat de winkel van de deelgemeente is omdat zij hem huurt.


De heer Schippers heeft twijfels bij motie VII. Zo blijkt in de eerste plaats uit de Programmabegroting dat de algemene reserves in 2011 tot 2,2 miljoen euro zijn geslonken. Daarom is de motie overbodig. Daarnaast zijn de percentages van 4% minimum en 8% maximum gebaseerd op een uitgebreide risico-inventarisatie. Eerst zal dus een nieuwe risico-inventarisatie moeten worden afgewacht en vervolgens kan het maximum van 8% worden geschrapt.


De heer Stapelkamp is van mening dat de deelraad een signaal dient af te geven. Uit de cijfers blijkt wellicht dat er een terugloop zichtbaar is, maar het gaat om het principe dat de deelraad niet op haar geld wenst te zitten. De bereidheid om de problemen aan te pakken moet worden getoond aan de bewoners van de deelgemeente. Ten aanzien van de risico-inventarisatie benadrukt hij dat niet opnieuw een onderzoek van het DB moet worden afgewacht, maar dat er een daad gesteld dient te worden. Er zal grote problemen in de deelgemeente die direct aangepakt moeten worden. Er kan nu een signaal worden afgegeven.


De heer Schippers stelt voor om het maximum van 6% uit de motie te schrappen en te vervangen door een ‘passend maximum’. Er dient niet alleen naar het maximum te worden gekeken, maar naar het totale pakket. Ook de stadsgemeente kijkt naar deze percentages.


Mevrouw Ton is van mening dat dat in het voorstel is voorzien. Het percentage wordt niet van 8% naar 4% bijgesteld. Volgens spreekster blijft er voldoende spelingsruimte over. De percentages zijn opgesteld om een bepaalde marge over te houden. De grote algemene reserves wordt de deelgemeente niet in dank afgenomen door de stadsgemeente. Zij begrijpt de problemen van de heer Schippers niet.


De heer Schippers legt uit dat hij de percentages niet wenst te veranderen zonder een deugdelijke onderbouwing.


De heer Stapelkamp is van mening dat hiermee voorbij wordt gegaan aan de ‘absurditeit’ van het percentage van 8%. Andere deelgemeenten hebben een norm van 3%. Een percentage van 6% lijkt hem meer dan redelijk.


De heer Paulusma legt uit dat er geen wettelijke regeling bestaat. De deelraad heeft afgesproken dat het percentage tussen de vier en acht procent dient te liggen. Hij brengt de accountantsverklaring in herinnering waaruit blijkt hoe de deelgemeente omgaat met de reserves en risico’s. Daarnaast blijkt uit de cijfers (p. 82 en 83) dat de algemene reserve in 2008 flink terugloopt en dat het percentage inzakt naar 5,7% (p. 92 en 93). Daarnaast zal er in 2008 twee miljoen aan de algemene reserve worden onttrokken waardoor het percentage in ieder geval zal dalen. Het DB heeft een risicoanalyse toegezegd. De keuze zal op deze analyse moeten worden gebaseerd. Met de voorjaarsnota zal er een beslissing moeten zijn gemaakt.


De heer Stapelkamp benadrukt dat hij het niet verantwoord vindt het geld niet uit te geven en vast te blijven houden aan het percentage van 8% gezien de problemen die er zijn in de deelgemeente.


Tot slot merkt de heer Schippers op dat hij het onverantwoord vindt om van de ene op de andere dag het percentage aan te passen. Eerst dient de risicoanalyse te worden afgewacht.


In het kader van de veiligheidsindex maakt hij duidelijk een aanpassing te willen maken. Er zou voor sommige wijken gestreefd moeten worden naar een 8,9 en voor alle andere wijken naar tenminste het niveau van 2005.


De heer Veenstra steunt het voorstel van het CDA met betrekking tot Zevenkampsering en Pharo. Motie II vindt hij overbodig. Ook over de andere moties en amendementen geeft spreker aan of hij deze steunt of verwerpt.


Er ontstaat verwarring over het amendement van het CDA over de Zevenkampsering en Pharo. De griffier legt uit dat het gaat om twee verschillende zaken. Het bedrag van Pharo van € 100.000 is al bij de eerste Bestuursrapportage vastgesteld. Het DB is daarmee aan de slag gegaan. Indien dit nu geamendeerd zou worden, wordt een eerder besluit teruggedraaid. De Zevenkampsering staat los van dit eerdere besluit.


De heer Meijer reageert namens Leefbaar Rotterdam op de moties en amendementen. Bij motie II merkt spreker op dat hij het mondelinge amendement van het CDA steunt. Motie II wordt aangehouden.


De heer Stapelkamp geeft aan dat hij zijn motie VII wil aanpassen. In plaats van het maximum van 8% moet dit worden ‘een passend maximum’. Daarmee geeft GroenLinks een duidelijk signaal dat het percentage naar beneden moet worden bijgesteld. Welk percentage het dan wordt is minder relevant. De essentie van de motie blijft overeind staan.


Mevrouw Ton vraagt de heer Stapelkamp de motie aan te houden. Hierdoor kan er bijvoorbeeld in een commissie met mensen van de deelgemeente worden gesproken over een nieuw vast te stellen maximum percentage.


23.00-23.10 uur schorsing


De heer Meijer deelt mee dat hij motie II laat zweven.


Mevrouw Ton vraagt een reactie van de heer Paulusma op de Zevenkampsering en Pharo.


De heer Paulusma antwoordt dat hij er geen problemen mee heeft wanneer dit op 10 december 2007 in de commissie Buitenruimte wordt behandeld. Hij gaat akkoord met het gedane voorstel. Er zal geen geld aan de instellingen worden uitgekeerd alvorens er in de commissie over is gesproken.


Mevrouw Ton recapituleert dat er in de commissie Buitenruimte over zal worden gesproken. Indien de deelraad akkoord gaat, zullen de gelden aan de verenigingen worden uitgekeerd indien de commissie niet akkoord gaat, zal het terugkomen in de deelraad.


De heer Meijer brengt naar voren dat Leefbaar Rotterdam motie III intrekt. Hier zal in de commissie Welzijn op worden teruggekomen.


De heer Choenni geeft aan welke moties en amendementen door de PvdA-fractie worden ondersteund. Motie I wordt verworpen omdat de PvdA-fractie vasthoudt aan het coalitieakkoord ‘Visie en vaart’.


De heer Meijer vraagt of het niet opnemen van aangenomen moties in de begroting past in het coalitieakkoord.


De heer Choenni stelt dat de motie overbodig is. Wanneer moties worden aangenomen, is het een verantwoordelijkheid van het DB.


De heer Meijer heeft het idee dat de heer Choenni hem niet begrijpt. Alle aangenomen moties dienen door het DB te worden opgenomen in de begroting. Daar wordt bij vermeld of deze zijn afgehandeld of niet. Het argument van de heer Choenni vindt hij zwak en niet overtuigend.


De heer Choenni vervolgt dat de PvdA-fractie motie VII niet steunt ondanks een mondelinge toelichting van de heer Stapelkamp. Ook het mondelinge amendement van het CDA wordt door de PvdA-fractie ondersteund. De heer Choenni legt uit dat zijn toelichting wellicht wat lang duurt, maar legt uit dat hij bijzonder alert is omdat op 29 oktober 2007 de fractie in de mist is gegaan met de stemmingen.


De heer Koedijk vraagt de heer Stapelkamp nu motie VII is aangepast, hoe het maximum percentage berekend gaat worden.


De heer Stapelkamp maakt duidelijk dat de strekking niet is gewijzigd. De deelraad laat door het aannemen van de motie zien dat de deelraad haar verantwoordelijkheid neemt voor de problemen in de deelgemeente door te beslissen dat het percentage naar beneden moet worden bijgesteld.


De heer Koedijk reageert dat hij in dat geval tegen de motie is. Hij wil duidelijkheid over het niveau waarop het percentage zal worden vastgesteld. Zonder deze onderbouwing is de VVD tegen de motie.


De heer Graafland maakt duidelijk welke moties en amendementen de SP-fractie steunt.


Ook de heer Stapelkamp, de heer Schippers en de heer Veenstra maken duidelijk welke moties en amendementen zij ondersteunen.


Stemming


LR CDA PvdA VVD SP GL CU/ LV

SGP

Amendement A V T T T T T T T

(verworpen)

Amendement B V V T T T T T T

(verworpen)

Amendement C V V T T T T T T

(verworpen)

Amendement CDA V V V V V V V V

(mondeling) over Pharo en Zevenkampsering)

(aangenomen)


2e Bestuursrapportage V V V V V V V V

(aangenomen)

Programmabegroting V V V V V V V V

2008 etc.(aangenomen)


Motie I V V T T T T T T

(verworpen)

Motie II zwevend

Motie III ingetrokken

Motie IV V V V V V V V V

(aangenomen)

Motie V V V V V V V V V

(aangenomen)

Motie VI zwevend

Motie VII V V T T T V V T

(12-11 aangenomen)


De heer Meijer geeft een stemverklaring bij de Programmabegroting 2008. Onder andere op 15 november 2007 hebben de fractievoorzitters met elkaar overlegd. Toen is afgesproken dat moties en amendementen van tevoren worden doorgestuurd aan alle partijen. Op die manier kan er ook fatsoenlijk op worden gereageerd. Tot drie keer toe heeft Leefbaar Rotterdam de moties en amendementen rondgestuurd. Alleen de VVD heeft voor 29 oktober 2007 op de moties van Leefbaar Rotterdam gereageerd. Alle andere fracties hebben niets van zich laten horen. Spreker is hier zeer teleurgesteld over. De heer Meijer voelt zich niet serieus genomen. Toch zal Leefbaar Rotterdam met tegenzin de Programmabegroting ondersteunen.


8a. Wederzijds vertrouwen


De heer Meijer refereert aan de politieke gebeurtenissen die hebben plaatsgehad sinds de deelraadsvergadering van 29 oktober 2007. In die deelraadsvergadering heeft het DB het vertrouwen in de deelraad opgezegd. Nu lijkt het echter alsof er niets is gebeurd. Leefbaar Rotterdam wil echter duidelijk maken dat ook zij het vertrouwen in het DB heeft verloren. Daarom dient de heer Meijer een motie in (deze is als bijlage, motie VIII toegevoegd aan de notulen).


Mevrouw Ton geeft een stemverklaring. De motie van Leefbaar Rotterdam komt volgens spreekster niet onverwacht. Het is het resultaat van twee jaar onplezierig werken in de deelraad. Dit geldt zowel voor Leefbaar Rotterdam alsook voor de coalitiepartijen. Met de motie wil Leefbaar Rotterdam een signaal afgeven aan het demissionaire DB. In de wandelgangen heeft spreekster vernomen dat dezelfde coalitie zal terugkeren met dezelfde dagelijks bestuurders. Dit zal voor grote problemen gaan zorgen. In het presidium is afgesproken dat er met meer respect zal worden omgegaan met andere meningen en andere partijen. Het DB heeft niet bijgedragen aan het verbeteren van het functioneren van de deelraad. Ook in de toekomst zal het huidige DB niet kunnen bijdragen aan het verbeteren van de relatie met de deelraad. Het CDA zal dan ook het voorstel van Leefbaar Rotterdam steunen en daarmee aangeven dat de deelraad geen vertrouwen meer heeft in het DB.


De heer Krul deelt mee dat het demissionaire DB de motie volstrekt overbodig vindt.


De voorzitter benadrukt dat iedere motie serieus moet worden behandeld. De deelraad bepaalt zelf of een motie overbodig is of niet. Een motie kan nooit overbodig zijn omdat deze vaak is gebaseerd op een bepaald gevoel.


De heer Krul reageert dat het DB de motie overbodig vindt.


De heer Meijer maakt duidelijk dat de motie juridisch gezien niet houdbaar is, maar dat er met het indienen wel een signaal wordt afgegeven.


LR CDA PvdA VVD SP GL CU/SGP LV


Motie VIII V V T T T T T T

(13-10 verworpen)


9. Verslagen van de vergadering van de deelraad van 29 oktober en 12 november 2007 alsmede de lijst met toezeggingen


Wordt verdaagd.


10. Lijst van ingekomen stukken


Wordt verdaagd.


11. Mededelingen en rondvraag


Hier wordt geen gebruik van gemaakt.


12. Vragenhalfuur raadsleden en informatieverstrekking voor het DB


Hier wordt geen gebruik van gemaakt.


13. Sluiting


De voorzitter spreekt de hoop uit dat er een betere periode van samenwerking zal aanbreken. De deelraadsleden hebben de taak om het belang van alle inwoners van PA te dienen. Met volwassen mensen dient dit mogelijk te zijn in het komende jaar. Hij wenst de deelraad een goede samenwerking en laat aan alle deelraadsleden een chocoladeletter uitdelen.




Zoeken
Uitgebreid zoeken