Direct naar hoofdmenu / zoekveld

2008-02-25 verslag

Verslag van de Openbare vergadering van de deelraad Prins Alexander gehouden op maandag 25 februari 2007 in het deelgemeentekantoor aan het Prins Alexanderplein 6


Verslag van de Openbare vergadering van de deelraad Prins Alexander gehouden op maandag 25 februari 2007 in het deelgemeentekantoor aan het Prins Alexanderplein 6.


Aanwezig: Mevr. L. van Bijsterveld (PvdA), mevr. G.J. Brand (Leefbaar Rotterdam), mevr. M.A. Huisman (VVD), mevr. J.L. Ton (CDA), mevr. A.R. van der Veen (PvdA) en mevr. A.M. Zimmerman-Smit (CDA) evenals de heren R.J. van Asch (SP), H.L.E. Blanck (PvdA), P.J. van Brenkelen (Leefbaar Rotterdam), R. Choenni (PvdA), D. Graafland (SP), H.C.G. Koedijk (VVD), P. Kroon (PvdA), D.J.J. van Lottum (CDA), P. Meijer (Leefbaar Rotterdam), D.J. van Pelt (Leefbaar Rotterdam), A. Salhi (PvdA), B. van Schaik (Leefbaar Rotterdam), J.A. Schippers (CU/SGP), J.C.M. Soijer (Leefbaar Rotterdam), L. Sörensen (Leefbaar Rotterdam), P. Veenstra (Lijst Veenstra) en W. Veldhuijzen (Leefbaar Rotterdam).


Afwezig: A. Siebel (Leefbaar Rotterdam) en E.J.B. Stapelkamp (GroenLinks).


Griffie: R.D. Weststrate (griffier).


Notulist: P.J. Hoepel, Alpha Verslaglegging, Waddinxveen.


Dagelijks bestuur: R. Krul (voorzitter van het dagelijks bestuur en de deelraad), mevr. G. Boekhoudt (portefeuillehouder), E.G. van Duin (portefeuillehouder) en J. Noeverman (portefeuillehouder).


Afwezig dagelijks bestuur: P.C. Paulusma (portefeuillehouder).


Presentatie: de heer Van Schijndel (BMC).


Insprekers: de heer Van Dijken


Belangstellenden: ca. 25 belangstellenden.



1. Opening


De voorzitter opent de vergadering om 19:30 uur. De voorzitter deelt mee dat de heer Stapelkamp en de heer Paulusma afwezig zijn. Ook de heer Siebel is afwezig.


2. Benoemen commissie tot onderzoek van de geloofsbrief


De voorzitter benoemt in de commissie tot onderzoek van de geloofsbrieven de leden Salhi, Van Schaik en Schippers.


3. Onderzoek geloofsbrieven van het te installeren raadslid SP-fractie



4. Commissie tot onderzoek van de geloofsbrieven brengt verslag uit aan de deelraad


De heer Salhi deelt mee dat de commissie geen aanleiding heeft gevonden die de installatie van de heer Van Asch in de weg staat.


5. Installatie raadslid


De voorzitter gaat over tot de installatie van de heer R.J. van Asch. Hij spreekt daartoe de volgende tekst uit:


“Ik zweer dat, om tot lid van de deelraad benoemd te worden, rechtstreeks noch middellijk onder welke naam of welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd.


Ik zweer dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten, rechtstreeks noch middellijk enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of zal aannemen.


Ik zweer dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als lid van de deelraad naar eer en geweten zal vervullen.”


De voorzitter gaat vervolgens over tot het afnemen van de eed.


De heer Van Asch legt de eed af.


De voorzitter verklaart de heer Van Asch als geïnstalleerd en lid van de deelraad, en feliciteert hem met zijn installatie.


6. Vaststelling agenda


De agenda wordt goedgekeurd en vastgesteld.


7. Gelegenheid tot het stellen van vragen door het publiek over onderwerpen die niet op de agenda staan


Van deze gelegenheid wordt geen gebruik gemaakt.


8. Vesterking Planning&Control-cyclus deelgemeente Prins Alexander


Mevrouw Huisman introduceert dit agendapunt. Een tweede mijlpaal in de geschiedenis van de commissie Programmabegroting is bereikt. Zij is verheugd over het bereikte resultaat. Spreekster wijst op het apolitieke karakter van de commissie. Ondanks de politieke verschillen en de vele discussies die in de commissie zijn gevoerd, staan de leden van de commissie unaniem achter het voorliggende resultaat.


Door de heer Van Schijndel wordt vervolgens een presentatie gegeven (deze is als bijlage toegevoegd aan de notulen).


Vragen naar aanleiding van de presentatie


De heer Meijer kan zich in grote lijnen vinden in het conceptraadsbesluit. Het voorstel behelst wel een zeker vertrouwen tussen de deelraad en het DB. De verhouding is op dit moment enigszins verstoord. Hij constateert dat er voor deelraad en DB meer vrijheid komt. Als oppositiepartij maakt Leefbaar Rotterdam graag gebruik van de ruimte die zij krijgt om informatie te ontvangen. Leefbaar Rotterdam mist de mogelijkheid tot een snel inzicht in mogelijke problemen. Op dit moment zijn de programma’s niet evenwichtig verdeeld. Het DB heeft de mogelijkheid om binnen deze programma’s te schuiven zonder dat de deelraad daar invloed op heeft. Zijn conclusie is dan ook dat de nieuwe procedure aanwinst is, maar dat in de aanloop problemen kunnen ontstaan. Hier zou in de overgangsperiode rekening mee moeten worden gehouden.


Hij concludeert dat de nieuwe procedure een aanwinst is. In de aanloop is echter de informatievoorziening een struikelblok. Hier zou in de overgangsperiode rekening mee moeten worden gehouden.


Voorts wijst hij op het belang van evaluatiemomenten. Dit ziet hij graag terugkomen in de nieuwe cyclus.


Mevrouw Ton dankt de commissie voor het gedane werk. Belangrijk is dat de organisatie minder te doen krijgt. Hierdoor kunnen zij hun energie in andere zaken steken. Het geheel kan inzichtelijker worden. Het CDA sluit zich aan bij de suggestie van Leefbaar Rotterdam tot het invoeren van evaluatiemomenten.


Spreekster ondersteunt het voorstel van Leefbaar Rotterdam tot het invoeren van evaluatiemomenten.


De heer Salhi maakt duidelijk dat de PvdA-fractie blij is met het resultaat. Het betreft een vernieuwing en versterking van de control-cyclus. De PvdA-fractie zal de cyclus kritisch blijven volgen. Eventueel zullen tussentijdse evaluaties worden gevraagd. De voorgestelde versterking vraagt een inspanning van zowel de deelraad als het DB. Alle partijen zullen moeten meewerken om daadwerkelijk de versterking gestalte te kunnen geven.


De heer Koedijk is eveneens verheugd met het voorliggende stuk. Hij vraagt naar aanleiding van sheet 12 hoe de commissie invulling wil gaan geven aan de koppeling tussen de programmabegroting en de uitvoeringsbegroting.


De heer Schippers dankt de commissie voor het gedane werk. Belangrijk is het inzicht in de samenhang tussen de stukken van de P&C-cyclus. Het viel spreker dan ook op dat de kadernota als belangrijkste document werd bestempeld. In het licht van de samenhang in de P&C-cyclus wijst spreker op het belang van het jaarverslag als mogelijkheid voor de deelraad het DB te controleren.


Voorts refereert hij aan aanbeveling 8 van de commissie. Hij vindt dit punt van vitaal belang. De deelraad zal met de extra vrijheid die haar wordt geboden, verantwoordelijk moeten omgaan. Hij pleit dan ook voor een bredere taakopvatting van de commissie voor de Jaarrekening. Deze commissie zou ook de halfjaarlijkse Burap apart kunnen doorspreken om de controlerende taak beter tot haar recht te laten komen.


Mevrouw Huisman gaat in op de gestelde vragen. Zij constateert dat er voor zowel het DB als de deelraad meer vrijheid komt. Ze gaat vervolgens in op het door Leefbaar Rotterdam geschetste probleem van het schuiven binnen de programma’s. Deze programma’s moeten nog door de commissie worden gevuld.


De heer Meijer interrumpeert en maakt duidelijk dat veel programma’s dusdanig omvangrijk zijn en veel onderdelen bevat die weinig tot niets met elkaar te maken hebben, dat het DB veel vrijheid heeft om binnen deze onderdelen te schuiven. Met de herijking zal dit probleem worden opgelost, maar in de aanloopfase kunnen problemen ontstaan.


Mevrouw Huisman legt uit dat in de komende periode zal worden gewerkt aan de invulling van de programma’s.


De heer Meijer stelt opnieuw dat het juist de aanloopperiode zal zijn waarin problemen kunnen ontstaan. In mei zijn de programma’s nog niet herijkt.


Mevrouw Huisman vervolgt en gaat in op de suggestie voor een evaluatie. De commissie heeft voor zichzelf afspraken gemaakt over evaluatiemomenten. Ook via de fractiegenoten van de commissieleden dient input te worden geleverd die tot verbetering kan leiden. Het is kortom niet alleen een stuk van de commissie, maar van de gehele deelraad.


Spreekster sluit zich aan bij de woorden van mevrouw Ton dat de verlichting van het ambtelijk apparaat een goede zaak is.


In reactie op de PvdA-fractie vraagt zij de heer Salhi hoe de PvdA-fractie de commissie kritisch wil gaan volgen.


De heer Salhi legt uit dat de commissie zelf al heeft aangegeven open te staan voor kritische inbreng middels de fractiegenoten van de commissieleden.


Mevrouw Huisman sluit zich aan bij de opmerking van de heer Schippers dat ook het jaarverslag een belangrijk document is in de cyclus. Dit geldt ook voor de bestuursrapportage. In de commissie is veel gesproken over het ‘uit elkaar trekken’ van de verschillende documenten. Het is echter niet goed mogelijk om een besluit te nemen tot het wijzigen van gedrag. In de nieuwe cyclus zullen de deelraadsleden moeten leren hoe te werken met de nieuwe werkwijze. Spreekster maakt duidelijk dat de commissie het voorstel doet om voor de deelraad een training te organiseren om dit handen en voeten te geven.


De heer Veldhuijzen vult aan in reactie op de heer Salhi dat de deelraad zal moeten leren werken met het nieuwe product. De input vanuit de deelraad is dan ook zeer welkom om een breed gedragen en gesteunde werkwijze te bewerkstelligen.


De heer Van Schijndel benadrukt dat het van belang is dat in de begroting wordt aangegeven wat de gemaakte afspraken zijn, zodat bij de jaarrekening een goede verantwoording noodzakelijk is. In de Programmabegroting kan niet alles tot in detail worden vastgelegd. Het is echter wel belangrijk om een goede beginpositie vast te leggen, zodat afwijkingen zichtbaar worden en afrekening van het DB mogelijk is.


De heer Krul reageert op de heer Schippers. Er ligt een voorstel om de jaarrekening en het jaarverslag en de kaderbrief op twee aparte momenten te bespreken om de extra aandacht voor de jaarrekening te genereren. Hij geeft de heer Schippers mee het voorstel om de bestuursrapportage door de commissie van de jaarrekening te laten onderzoeken aan de commissie voor te leggen. Spreker kan zich voorstellen dat behandeling in de deelraad zou moeten plaatsvinden.


2etermijn


De heer Meijer dankt de commissie voor de gedane werkzaamheden. Spreker dient vervolgens een tweetal amendementen in (deze zijn als bijlage 1 en 2 toegevoegd aan de notulen).


Mevrouw Ton vraagt hoeveel evaluatiemomenten Leefbaar Rotterdam wenst.


De heer Meijer antwoordt dat er wat hem betreft minimaal drie in twee jaar worden gehouden met de mogelijkheid tot extra evaluatiemomenten. Het betreft evaluatiemomenten vanuit de deelraad en de commissie.


Voorts vraagt mevrouw Ton hoe Leefbaar Rotterdam een verslag op programmaniveau concreet wil maken. Hier zal veel tijd mee gemoeid zijn.


De heer Meijer reageert dat het Leefbaar Rotterdam gaat om de controlerende taak van de deelraad. Indien een verslag op programmaniveau wordt gemaakt, wordt het mogelijk inzicht te krijgen in het schuiven van middelen tussen de verschillende programma’s. Hij voegt daar aan toe dat het hem niet gaat om tijdsbesparing, maar om de controlerende taak van de deelraad. Leefbaar Rotterdam wil inzicht hebben in het eventuele schuiven van de onderdelen binnen de programma’s.


Mevrouw Ton vraagt het DB wat de voorstellen die door Leefbaar Rotterdam zijn gedaan, betekenen voor de ambtelijke organisatie. Voordat zij zich inhoudelijk uitspreekt wenst zij hier duidelijkheid over te krijgen.


De voorzitter doet het voorstel te schorsen.


Schorsing van 20:45 uur tot 20:55 uur


Mevrouw Huisman gaat in op de amendementen van Leefbaar Rotterdam. Amendement 1 wordt door de commissie ondersteund. Wel vraagt zij zich af hoeveel evaluatiemomenten Leefbaar Rotterdam wil invoeren.


In reactie op amendement 2 deelt mevrouw Huisman mee dat na overleg tussen dagelijks bestuur en commissie het omzetten van vijf naar tien programma’s financieel wordt uitgewerkt. Het overzicht verschijnt in april a.s. voor het behandelen van de kaderbrief.


De heer Meijer reageert dat amendement 1 is aangepast door ‘twee evaluaties’ te vragen.


Voorts deelt hij mee dat, nu de financiële ombouw naar de nieuwe programma voor de kaderbrief beschikbaar komt, amendement 2 wordt ingetrokken.


Mevrouw Ton ondersteunt het voorstel van Leefbaar Rotterdam het aantal evaluatiemomenten terug te brengen van drie naar twee. Verder vraagt zij de commissie wanneer de evaluaties zouden moeten plaatsvinden.


De heer Salhi deelt mee dat de PvdA-fractie akkoord gaat met het gewijzigde amendement.


De heer Koedijk vraagt zich af hoe de programmabegrotingscommissie verder gaat. Er zal veel werk moeten worden verzet voor de kaderbrief van 2009.


De heer Graafland steunt het amendement van Leefbaar Rotterdam en geeft aan veel te hebben geleerd in de commissie.


De heer Schippers sluit zich aan bij de heer Graafland. Hij refereert vervolgens aan de suggestie die door de voorzitter is gedaan betreffende de bestuursrapportage en de commissie voor de jaarrekening. Hij doet de oproep aan de commissie om te zoeken naar een verdieping van de controlerende taak van de deelraad. Daarnaast zou er aandacht moeten worden geschonken aan het opnieuw toekennen van de budgetten van de programmaonderdelen.


Mevrouw Ton steunt de suggestie van de CU/SGP betreffende de jaarrekening.


De heer Meijer benadrukt dat de rechtmatigheid en de doelmatigheid uit elkaar moeten worden gehouden. De rechtmatigheid is een kwestie van de commissie en de doelmatigheid van de deelraad.


De heer Veenstra is blij met het resultaat en steunt het amendement.


Mevrouw Huisman wijst de heer Koedijk op het uitgezette tijdpad. Dit wordt ondersteund door het ambtelijk apparaat. In de deelraad zijn reeds de contouren vastgelegd. Binnen de organisatie zal een tweetal mensen zich intensief hiermee gaan bezighouden.


Het voorstel zoals gedaan door de heer Schippers zal worden meegenomen.


Tot slot deelt zij mee dat er een voorstel zal komen voor een training voor de gehele deelraad.


Mevrouw Ton vraagt een reactie op de door haar gestelde vraag betreffende het moment voor evaluatiemomenten.


Mevrouw Huisman antwoordt dat de commissie in de volgende deelraadsvergadering met een reactie zal komen.


Zowel het amendement als het raadsbesluit worden unaniem aangenomen.


9. Economische Visie Prins Alexander 2020


Mevrouw Ton vindt de visie visionair en complimenteus. De lat wordt hoog gelegd. Met betrekking tot het Alexanderplein in het kader van de economische visie dient zij in aansluiting op de andere politieke partijen, een motie in (deze is als motie A bijgevoegd aan de notulen).


De heer Salhi spreekt zijn steun uit voor de visie en vraagt voorts aandacht voor een viertal punten:


1. Wijkeconomie.

2. Verbetering en modernisering van de bestaande bedrijventerreinen.

3. Metro bovengronds: hij vraagt het DB een onderzoek te doen in het kader van de visie naar mogelijkheden de metro ondergronds te realiseren. Nog steeds vinden er ongelukken plaats en zijn een aantal wijken slecht ontsluitbaar.

4. Auto-ontsluiting in de spitsuren.


De heer Koedijk is blij met het geschetste toekomstbeeld. De VVD is benieuwd naar de uitwerking van de visie. Hij gaat er vanuit dat de toezeggingen zoals gedaan in de commissievergadering gestalte zullen krijgen. Het doet hem deugd dat, op de SP na, alle fracties hun steun hebben gegeven aan de visie.


De heer Graafland is van mening dat de visie weinig visie toont. Het is een gemiste kans. Er heeft veel knip- en plakwerk plaatsgevonden. Voorts is hij teleurgesteld over de schriftelijke beantwoording van zijn vragen. De visie had meer gericht moeten zijn op de belangen van de bewoners. Hij dient daartoe een tweetal amendementen in (deze zijn als bijlagen toegevoegd aan te notulen). De eerste heeft betrekking op het woningbestand rond het Semiramispark. Het tweede amendement betreft het verzoek om op pagina 15 van de visie naast starters ‘kunstenaars’ toe te voegen.


Verder vraagt spreker aandacht voor de problematiek van het fijnstof rond de Alexanderknoop. Daarom zou het gebied van ATV-Ommoord als groengebied moeten worden gehandhaafd.


De heer Schippers geeft aan dat de CU/SGP zich positief kritisch heeft opgesteld ten opzichte van de visie. De visie bevat goede elementen, zoals die van de ontwikkeling van de wijkeconomie. Kritisch is de heer Schippers over de ontwikkeling tot een bruisend regionaal centrum. Zo is het voorstel om aan winkelcentrum Alexandrium een toeristische attractie toe te voegen zodat een openstelling van tweeënvijftig zondagen mogelijk wordt, in strijd met de landelijke wetgeving. Hij gaat er dan ook vanuit dat dit niet in het actieprogramma terugkomt. Spreker betwijfelt het uitgangspunt dat het belang van de bewoners alleen is gediend met het verhogen van de maatschappelijke welvaart. Het toekomstbeeld van de visie is te eenzijdig. Ook het belang van de bewoners moet meewegen naast dat van de ondernemers. Om deze eenzijdigheid bij te stellen dient spreker een aantal amendementen in (deze zijn als bijlagen toegevoegd).


De heer Veenstra is verheugd met de visie en kijkt uit naar de uitwerking.


De heer Meijer legt uit dat hij als laatste spreektijd heeft gevraagd om de inbreng van de andere partijen te kunnen afwachten. De fractie van Leefbaar Rotterdam heeft geen eenduidige mening over de voorliggende visie. Leefbaar Rotterdam is blij met de steun van de PvdA-fractie om de metro ondergronds te realiseren.


Ook hij dient een amendement in (deze is als bijlage toegevoegd aan de notulen).


De heer Van Duin reageert op de inbreng van de politieke partijen. In de eerste plaats gaat hij in op de heer Salhi. Rond het zomerreces zal er een uitgebreid verkeersstudie Noordoost worden uitgebracht. Het DB zal een eerste concept bespreken in de bestuursvergadering. De ondergrondse metro heeft de aandacht van het DB.


Het standpunt t.a.v. luchtkwaliteit, zoals door de heer Graafland onder de aandacht gebracht, is volgens spreker niet consistent. Enerzijds dient het gebied groen te blijven en anderzijds pleit de heer Graafland voor handhaving van ATV-Ommoord. Blijkbaar mogen de volkstuinders wel tussen de rijkswegen in blijven zitten. Uit diverse rapporten waarover de deelraad zich heeft uitgesproken, is een uitspraak gedaan over de ontwikkeling van de Alexanderknoop. Voor de volkstuinders zal eventueel een alternatieve locatie moeten worden gezocht.


De heer Graafland interrumpeert en vraagt of de heer Van Duin een garantie kan geven dat de volkstuinders in het geval zij moeten verhuizen, een alternatief krijgen aangeboden.


De heer Van Duin antwoordt dat in overleg met de gemeente zal moeten worden gezocht naar een alternatieve locatie waar de volkstuinders heen kunnen.


De heer Sörensen vraagt of een alternatief binnen de deelgemeente zal worden gezocht.


De heer Van Duin reageert dat samen met de drie andere noordelijke deelgemeente van Rotterdam een alternatief zou moeten worden gezocht. Hij wijst daarbij op het zogenaamde ‘4 op een rij’.


De heer Meijer dringt er bij de heer Van Duin op aan om duidelijkheid te verschaffen over de vraag of de volkstuinders een alternatief zullen krijgen binnen de deelgemeente. De mogelijke locatie binnen een van de vier noordelijke deelgemeenten is slechts een wens en geen toezegging.


De heer Van Duin antwoordt dat de SP alleen heeft gevraagd waar de volkstuinders naar toe zullen gaan, indien het besluit wordt genomen dat zij niet meer op de huidige locatie kunnen blijven. Dan zal worden bezien of zij elders kunnen worden gehuisvest. Binnen het zogenaamde ‘4 op een rij’ liggen wellicht mogelijkheden om dan tot een oplossing te komen.


De voorzitter interrumpeert en stelt dat er door de deelraad is gevraagd om een adequate oplossing indien de volkstuinders moeten verhuizen.


De heer Van Schaik vraagt eveneens of de heer Van Duin kan toezeggen dat de volkstuinders binnen de deelgemeente een alternatief zullen krijgen.


De heer Van Duin antwoordt dat dit niet de garantie is die door de SP is gevraagd. Een garantie is door vorige deelraden nooit gevraagd en kan ook niet worden gegeven.


Hij gaat vervolgens in op de inbreng van de heer Schippers. Spreker benadrukt dat het gaat om een economische visie. Er wordt gewerkt aan verschillende deelproducten die rond de jaarwisseling van 2009-2010 moet leiden tot een volledige toekomstvisie voor PA voor 2020. Het economische gedeelte valt onder de portefeuille van spreker en omvat dan vooral economische aspecten.


Verder refereert spreker aan de ingediende motie van het CDA. Ook het DB vindt dat er op het plein meer levendigheid zou moeten zijn. Spreker vraagt een concretere invulling van de motie. Hij vraagt zich af wat het CDA met het plein wil: evenementen etc waarvoor het plein kaal dient te blijven, of juist het plaatsen van bomen, straatmeubilair en eettentjes. Het eerstgenoemde zou aansluiten bij de aangenomen pleinenmotie. Steun van het DB zal dan ook afhangen van de concretere invulling van de motie door het CDA.


Voorts gaat hij in op de motie van de SP en de CU/SGP betreffende het Semiramispark. De bedoeling van de economische visie is dat meer mensen gebruik zullen gaan maken van het park om daar te wandelen, sporten etc. Het heeft geen betrekking op bebouwing. Om die reden vindt hij de motie overbodig.


De heer Van Duin steunt het voorstel om ‘kunstenaars’ toe te voegen aan de economische visie. Ook de amendementen 5 en 6 worden door het DB gesteund. Hij tekent daarbij aan dat van een economische visie mag worden verwacht dat zij inzet op de verhoging van de welvaart.


Mevrouw Ton is van mening dat met de steun van het DB aan amendement 6 het uitgangspunt van de economische visie wordt ontkracht. De sterke kant van de visie is dat zij inzet op zowel ondernemers als bewoners. Door de motie van de SP en de CU/SGP te steunen wordt deze sterke kant uitgehold.


De heer Van Duin reageert dat naarmate de visie concreter wordt, de spanning tussen de economische kracht van de Alexanderknoop en de druk op de wijken zal toenemen. In een verdere uitwerking zal hier aan gewerkt moeten worden.


Mevrouw Ton is van mening dat er sprake is van een negatieve kijk op de economische visie.


De heer Schippers stelt voor om de betreffende passage niet onder ‘constaterende’ te schrijven, maar onder ‘overwegende’. Hij geeft aan dat de economische visie te eenzijdig inzet op economische ontwikkeling. Een goed rentmeester ziet ook de negatieve kanten van economische ontwikkeling onder ogen. Een nuancering zou daarom moeten worden gemaakt door middel van de door de SP en CU/SGP ingediende amendementen.


De heer Meijer vraagt of de heer Schippers met ‘te weinig’ hetzelfde bedoeld als ‘onvoldoende’.


De heer Schippers antwoordt dat het hem gaat om een relatieve constatering en niet om een absolute vaststelling. ‘Te weinig’ vindt hij te negatief gesteld. Daarom is gekozen voor ‘onvoldoende’.


Mevrouw Ton is van mening dat de heer Schippers in een te vroeg stadium zich negatief uitlaat over de visie terwijl nog niet vaststaat en duidelijk is hoe een en ander in actiepunten gestalte zal krijgen. Om die reden vindt spreekster het onacceptabel dat de heer Schippers de visie als negatief afschildert.


De heer Van Duin constateert dat alle partijen hetzelfde bedoelen.


De heer Schippers reageert dat amendement 7 wordt ingetrokken.


De heer Van Duin vervolgt dat de voorgestelde verandering in amendement 8 wordt ondersteund.


Mevrouw Ton stelt dat met de steun aan amendement 8 amendement 6 overbodig is.


De heer Van Duin vraagt Leefbaar Rotterdam naar de betekenis van amendement 9. Het betreft zijns inziens het amenderen van een samenvatting van een raadsbesluit dat als bijlage is bijgevoegd. De samenvatting is op aandringen van mevrouw Ton bijgevoegd.


De heer Meijer reageert dat de samenvatting onderdeel uitmaakt van het raadsbesluit.


De heer Van Duin stelt dat het geen onderdeel uitmaakt van het raadsbesluit.


Korte schorsing


Mevrouw Ton gaat in op de opmerkingen betreffende de zondagsopenstelling van de winkels. Geloven is niet iets dat tot de zondag beperkt dient te blijven. Het is niet aan één bepaalde dag gerelateerd. Het CDA heeft daarom het standpunt ingenomen dat de zondagsopenstelling niet kan worden tegengehouden en een bestaande werkelijkheid is.


De heer Schippers is van mening dat dit een zeer seculier standpunt is voor een christelijke partij.


Mevrouw Ton reageert dat indien men gelooft, dit men niet alleen op de zondag doet. Daarnaast is Rotterdam een multiculturele stad waar niet langer kan worden vastgehouden aan de zondag als rustdag, maar staat het iedereen vrij om zelf een dag te kiezen als rustdag. Een rustdag is van groot belang, maar de specifieke dag is niet relevant.


De heer Meijer reageert op de heer Schippers. Er zijn verschillende besluiten genomen die betrekking hadden op de zondag. Toen heeft de CU/SGP weinig tegengestribbeld. Hij vindt de reactie van de heer Schippers dan ook hypocriet.


De heer Schippers begrijpt de reactie van de heer Meijer niet. Ook hij ziet de maatschappelijke en economische ontwikkelingen. Zijn partij wenst echter vast te houden aan de zondag als rustdag, zoals dat altijd het geval is geweest.


Mevrouw Ton legt vervolgens uit wat met de motie van het CDA wordt beoogd. Ze maakt in de eerste plaats duidelijk dat er een brede werkgroep moet komen van bewoners, kunstenaars, ondernemers etc. Het uitgangspunt met betrekking tot het Alexanderplein is dat het ‘in stijl’ moet, iets definitiefs. Ze denkt hierbij niet aan kleine kiosken en dergelijke. Wel zou er gedacht kunnen worden aan overkappingen. Daarnaast zou er ruimte moeten komen voor terrassen, kleine winkeltjes en kleinschalige evenementen. Spreekster wijst voorts op de Meent waar een soortgelijke situatie bestaat. Tot slot maakt spreekster duidelijk welke amendementen door het CDA worden ondersteund.


De heren Salhi en Koedijk maken duidelijk welke amendementen worden gesteund. De heer Salhi vindt de motie van het CDA veel gelijkenis vertonen met de motie die de PvdA indiende bij de begrotingsbehandeling.


Mevrouw Ton benadrukt echter dat de motie van het CDA concreter is en een datum noemt.


De heer Graafland dankt de heer Van Duin voor steun aan de volkstuinders. Vervolgens maakt hij duidelijk amendement 3 te handhaven. Eventuele herinrichting rond het park mag niet ten koste gaan van het huidige woningbestand.


De heer Schippers maakt duidelijk welke moties en amendementen door hem worden gesteund. Zo ook de heren Veenstra en Meijer.


De heer Van Duin reageert op motie A van het CDA. De uitleg van mevrouw Ton geeft hem meer gevoel bij de motie. Een en ander wordt echter te concreet gemaakt. Binnen Alexander vinden verschillende ontwikkelingen plaats. Zo zijn er verschillende plannen met betrekking tot het plein. De voorstellen van het CDA zouden in deze plannen kunnen worden meegenomen. Hierdoor wordt de kans van slagen groter dan indien het DB zich er mee gaat bemoeien.


Mevrouw Ton vindt dat het DB met een strakkere planning dient te komen. Indien de heer Van Duin in de komende commissievergadering een tijdspad kan toezeggen met daarbij vermeld de inspanningen die worden gepleegd, kan zij instemmen met het voorstel van de heer Van Duin.


De heer Van Duin legt uit dat het in relatie tot het Masterplan Alexanderknoop voor het oostelijk deel mogelijk zou moeten zijn om voor het einde van 2008 een kostenplaatje te geven.


Mevrouw Ton wil dat de ontwikkeling van het Alexanderplein in het eerste gedeelte van het traject wordt meegenomen.


Stemming


LR PvdA CDA VVD SP GL CU/SGP Veenstra

Motie A zwevend

Amendement 3 T V T T V - V T

(verworpen)

Amendement 4 T V V V V - V V

(aangenomen)

Amendement 5 V V V V V - V V

Amendement 6 ingetrokken

Amendement 7 ingetrokken

Amendement 8 V V V V V - V V

(aangenomen)

Amendement 9 ingetrokken

Raadsbesluit V V V V V - V V

(vastgesteld)


10. Afdoening motie Eergerelateerd geweld


De heer Sörensen is verbaasd over de afdoening van de motie. Het is echter door het presidium besloten. Eergerelateerd geweld kan niet aan huiselijk geweld gelijk worden gesteld. De diverse koppelingen die zijn gemaakt met verschillende instellingen zodat een integrale aanpak is gewaarborgd, brengt Leefbaar Rotterdam er toe de motie als afgedaan te beschouwen.


De voorzitter constateert dat de deelraad de motie als afgedaan beschouwd.


11. Benoeming van de heer P. Kroon (PvdA) tot lid van de commissie Buitenruimte en Ruimtelijke Ontwikkeling


De heer Salhi deelt mee dat de heer Kroon met 22 stemmen voor en 1 stem tegen is gekozen in de commissie buitenruimte.


12. Subsidiëring bewonersorganisaties in Prins Alexander


De heer Van Dijken is bestuurslid van het BSA. De organisatie bestaat uit zes vrijwilligers en een drietal bestuurders. Van de deelgemeente ontvangt de organisatie subsidie en voert daarvoor verschillende activiteiten uit, zoals Opzoomeractiviteiten en de uitgave van de krant Het Lage Land. Het doel van de activiteiten is samenlevingsopbouw en het verbeteren van het leefklimaat. De subsidie wordt verantwoord door middel van het maken van een werkplan, een begroting, een jaarverslag en een jaarrekening gecontroleerd door een accountant. Hier wil men op worden afgerekend. BSA ontvangt € 60.000,- subsidie waarvan € 49.000,- wordt besteed aan vaste lasten. Er blijft dan ongeveer € 900,- per maand over voor de bekostiging van alle activiteiten. De deelgemeente heeft echter extra voorwaarden gesteld aan de subsidie. De bewonersorganisaties moeten meetbare prestatieafspraken maken op straffe van korting van subsidie. Wat betreft BSA is de prestatienorm opgelegd van minimaal drie kranten per jaar. Aanvankelijk waren alle bewonersorganisaties tegen de prestatieafspraken. De deelgemeente heeft echter subsidie-inhouding als drukmiddel gebruikt om de bewonersorganisaties te laten instemmen. Alleen de bewonersorganisaties Zevenkamp en BSA hebben niet toegegeven. Prestatieafspraken horen niet thuis in een vrijwilligersorganisatie. Spreker verneemt graag de mening van de politieke partijen en het DB.


De heer Meijer benadrukt dat Leefbaar Rotterdam een voorstander is van smartgeformuleerde prestatieafspraken. In het onderhavige geval is Leefbaar Rotterdam echter niet content met het verloop van het maken van de prestatieafspraken. In december 2006 is formeel besloten tot het invoeren van aanvullende prestatieafspraken. In juli 2007 geeft het DB echter aan dat het niet is gelukt. In december 2007 wordt vervolgens door het DB aangegeven hoe een en ander zal worden aangepakt. Spreker is hier niet over te spreken. De afspraken die vervolgens worden gemaakt missen elke inhoud. Er wordt onder andere een bepaald aantal wijkkrantjes gevraagd. Hier wordt echter niet een inhoudelijke eis aan verbonden. Dit vindt spreker beschamend, mede gezien het verloop van het traject in 2007.


Hij dient vervolgens een motie in (deze is als bijlage toegevoegd aan de notulen).


Tot slot gaat hij in op de notitie van uitgangspunten. Deze notitie zou wat hem betreft in de commissievergadering moeten worden besproken.


Mevrouw Huisman stelt voorop dat ook in het verleden prestatieafspraken werden gemaakt met bewonersorganisaties.


De heer Meijer sluit zich hierbij aan en vindt het opvallend dat men de organisatie niet op die afspraken afrekent. De subsidie zou niet afhankelijk mogen worden gesteld van het uitbrengen van een bepaalde hoeveelheid krantjes.


Mevrouw Huisman vervolgt en legt uit dat bepaalde zaken door de gemeente worden opgelegd. Vrijwilligerswerk brengt op zichzelf geen vrijblijvendheid met zich mee. Smart formuleren is ook mogelijk binnen de afspraken die al zijn gemaakt met de organisaties. Zij doet een oproep aan de deelraad en het DB om de gemeente te attenderen op de inconsistentie die er bestaat met betrekking tot het afrekenen van bewonersorganisaties.


Mevrouw Van der Veen stelt voor het onderwerp te verschuiven naar de commissievergadering Welzijn.


De heer Meijer gaat niet direct akkoord met het zwevend houden van zijn ingediende motie. Bewonersorganisaties mogen niet de dupe worden van de wijze waarop het traject is gelopen.


Er wordt besloten de discussie in tweeën te splitsen. Er zal in de commissie Welzijn worden gesproken over de notitie van uitgangspunten.


Mevrouw Boekhoudt kan zich voorstellen dat Leefbaar Rotterdam de motie heeft ingediend. Ook het DB vindt dat een en ander niet goed is gelopen. Het DB is echter gebonden aan bestaande regelgeving. Op 26 februari zal het DB de zaak bespreken en de bewonersorganisatie middels een brief inlichten. Spreekster stelt voor deze bespreking in het DB af te wachten. Ze kan geen uitspraken doen over besluiten die nog in het DB moeten worden genomen. De motie zou zwevend moeten blijven.


Mevrouw Ton is van mening dat de deelraad beslist of zij al dan niet overgaat tot het in stemming brengen van een motie.


De motie wordt door alle partijen, op de SP na, ondersteund.



13. Verslag van de vergadering van de deelraad van 28 januari 2008, evenals de toezeggingenlijst


Het verslag wordt goedgekeurd en vastgesteld.


14. Lijst van ingekomen stukken


Hier wordt geen gebruik van gemaakt.


15. Mededelingen en rondvraag


Hier wordt geen gebruik van gemaakt.


16. Vragenhalfuur raadsleden en informatieverstrekking door het dagelijks bestuur


Hier wordt geen gebruik van gemaakt.


17. Sluiting


De voorzitter sluit de vergadering om 23:15 uur.




Zoeken
Uitgebreid zoeken