VERSLAG van de openbare vergadering van de deelraad Prins Alexander gehouden op maandag 12 april 2010 in het deelgemeentekantoor aan het Prins Alexanderplein 6
Deelraad: mevrouw G.T.M.E. Brevoort (PvdA), mevrouw S.I. Feenstra-Bruins (VVD, vanaf agendapunt 4), mevrouw S.T. van Houten (LeefbaarRotterdam), mevrouw G.M. Mohanlal (CDA), mevrouw M.S. van Noordt Wieringa (D66), mevrouw M. Schuurman (GroenLinks), mevrouw R. Smelt (VVD) en mevrouw V. Vredeveld (LeefbaarRotterdam) alsmede de heren P.J. van Brenkelen (LeefbaarRotterdam), J. van Binsbergen (LeefbaarRotterdam), A.I.M. Denneman (D66), H. Eimers (VVD), W.P. van Gerdingen (LeefbaarRotterdam), B. Groos (LeefbaarRotterdam), T.F. van den Ham (GroenLinks), L.W.H. Hoff (PvdA), J. Kooijman (PvdA), R. Krul (PvdA, vanaf agendapunt 10), D.J.J. van Lottum (CDA), P.B. van Meerendonk (LeefbaarRotterdam, vanaf agendapunt 4), J. Noeverman (ChristenUnie/SGP), P. Pieterse (PvdA), A. Salhi (PvdA), B. van Schaik (LeefbaarRotterdam) en W. Spuij (LeefbaarRotterdam, vanaf agendapunt 4)
Dagelijks bestuur: de heer R. Krul (voorzitter van het dagelijks bestuur en de deelraad, tot en met agendapunt 10), de heer F. van der Hilst (voorzitter van het dagelijks bestuur en de deelraad, vanaf agendapunt 10), mevrouw S. Rojer (portefeuillehouder, vanaf agendapunt 10) alsmede de heren H.C.G. Koedijk (portefeuillehouder, vanaf agendapunt 10) en P. Meijer (portefeuillehouder, vanaf agendapunt 10)
Griffier: de heer R.D. Weststrate
Notulist: de heer M. Stremler, Alpha Verslaglegging, Waddinxveen
Belangstellenden: circa 50 personen
-
Opening
De voorzitter heet iedereen welkom en opent de vergadering om 19.30 uur.
-
Benoemen commissie tot onderzoek van de geloofsbrieven van de te installeren raadsleden en tot onderzoek naar de benoembaarheid van de te installeren leden van het dagelijks bestuur
De voorzitter stelt voor mevrouw Van Noordt Wieringa en de heren Groos en Van Lottum te benoemen tot leden van de commissie, met als voorzitter de heer Van Lottum. Spreker concludeert dat dit voorstel unaniem wordt aangenomen. Vervolgens schorst spreker de vergadering om de commissie in de gelegenheid te stellen haar werkzaamheden te verrichten.
Schorsing
-
Onderzoek geloofsbrieven van de te installeren raadsleden
De voorzitter heropent de vergadering.
De heer Van Lottum laat weten dat de commissie de geloofsbrieven in orde heeft bevonden.
-
Installeren raadsleden
Mevrouw Feenstra-Bruins evenals de heren Van Meerendonk en Spuij leggen de belofte af.
-
Vaststelling agenda
De voorzitter stelt voor als agendapunt 11a. toe te voegen de benoeming van een vice-voorzitter van de deelraad. Spreker concludeert dat de agenda met inachtneming van deze wijziging wordt goedgekeurd en vastgesteld.
-
Gelegenheid tot het stellen van vragen door het publiek over onderwerpen die niet op de agenda staan
De voorzitter stelt vast dat van deze mogelijkheid geen gebruik wordt gemaakt.
-
Presentatie coalitieakkoord van LeefbaarRotterdam, VVD en D66
Presentatie coalitieakkoord
De heer Van Gerdingen spreekt de volgende tekst uit:
“Op 3 maart 2010 heeft een-derde van de bewoners van de deelgemeente Prins Alexander het vertrouwen uitgesproken in LeefbaarRotterdam. Anders dan vier jaar geleden brachten de negen zetels dit keer bestuurlijke verantwoordelijkheid voor LeefbaarRotterdam.
Voorzitter, wat de deelraad – zowel coalitie als oppositie – de afgelopen vier jaar heeft laten zien op het gebied van samenwerking, verdient niet de schoonheidsprijs. Ondanks het gesteggel in de achterliggende periode hebben verschillende fracties toch het nodige respect en waardering voor elkaar weten op te brengen. LeefbaarRotterdam heeft het voortouw mogen nemen bij de coalitievorming en heeft met nagenoeg alle partijen gesprekken gevoerd.
De eerste verkennende coalitiebesprekingen. LeefbaarRotterdam wilde gehoor geven aan de uitslag van de deelraadsverkiezing in Prins Alexander en geen tijd verspillen. Als eerste is gekeken naar een mogelijke coalitie met de PvdA. Een coalitie van de twee grootste partijen. Graag hadden wij in Rotterdam laten zien, dat de PvdA en LeefbaarRotterdam in staat zijn constructief met elkaar samen te werken. Dit bleek echter niet zo vanzelfsprekend. De afgelopen raadsperiode had zijn sporen achtergelaten. Een gebrek aan chemie en een overvloed aan negatieve emoties zou deze coalitie in de weg staan. Persoonlijk heb ik me ingezet om één en ander vlot te trekken, niet gehinderd door het politieke verleden. De op één na grootste partij zette zich echter buitenspel, door een lange aanloop naar het vervolggesprek te claimen.
Voorzitter, daar tegenover stond de proactieve houding van de andere partijen. De contacten met de VVD verliepen zoals verwacht mocht worden: in zeer goede sfeer en vanaf het begin constructief en coöperatief. Dat de VVD een coalitiepartner zou worden werd al snel duidelijk. De keuze van de derde coalitiepartner viel op de grootste winnaar van de verkiezingen: D66. Al gauw bleek ook dít een goede keuze te zijn.
De verdere coalitieonderhandelingen verliepen vlot en bovenal: met respect voor elkaars ideeën en gedachten. Soms moesten er keuzes worden gemaakt, dan weer een compromis worden gesloten. Maar uiteindelijk is het een coalitieakkoord geworden waarin alle partijen zich kunnen vinden.
Uit de reacties blijkt duidelijk dat “Vanzelfsprekend!” goed gelezen is. De uitwerking van dit coalitieakkoord is over een paar maanden terug te vinden in het bestuursprogramma. Bij de behandeling in de raad van het bestuursprogramma, nodigen wij u, oppositie, (PvdA, CDA, GroenLinks en ChristenUnie/SGP) nadrukkelijk uit met voorstellen te komen. Wij zeggen u toe deze voorstellen op inhoud te beoordelen. Goede en constructieve voorstellen, die in overeenstemming zijn met het coalitieakkoord, en dus door ons gesteund, worden opgenomen in het bestuursprogramma. Samenwerking als “Vanzelfsprekend!”; we staan voor aansluiting en niet voor uitsluiting.
De opgelegde bezuinigingen zijn de rode draad in zowel het coalitieakkoord als in het bestuursprogramma. De hoogte van de bezuinigingen is op dit moment nog niet helemaal duidelijk, maar dát de bezuinigingen fors zullen zijn staat als een paal boven water. Bij het opstellen van “Vanzelfsprekend!” zijn wij uitgegaan van een structurele bezuiniging van 20% op het budget, vanaf 2012. Dit betekent: € 8 miljoen bezuinigen op de deelgemeentelijke uitgaven! Mogelijk pakt de bezuinigingsopgave uiteindelijk iets lager uit. De komende maanden wordt dit ongetwijfeld duidelijk.
Voorzitter, “Vanzelfsprekend!” is het onze intentie, de bezuinigingen zodanig door te voeren, dat de bewoners van onze deelgemeente hier nauwelijks iets van merken. Geen gemakkelijke opgave, maar samen met de oppositie staan we voor de uitdaging, om de bezuinigingen uit te voeren daar waar het hout snijdt. Zakelijk en marktconform. Het behalen van dezelfde resultaten, met 20% minder middelen, is volwaar al een mooi resultaat.
Ook in deze moeilijke periode neemt LeefbaarRotterdam haar verantwoordelijkheid en wil nadrukkelijk een stempel drukken op deze bestuursperiode. Dat, mijnheer de voorzitter, dames en heren, spreekt vanzelf!”
De heer Eimers spreekt de volgende tekst uit:
“Voorzitter, na een intensief overleg is er een coalitieakkoord gesloten tussen LeefbaarRotterdam, VVD en D66. D66 is opnieuw in de raad gekomen en doet dat gelijk met twee zetels. LeefbaarRotterdam heeft haar negen zetels van vier jaar geleden kunnen consolideren. De VVD heeft haar inzet in de afgelopen jaren en in de campagne nu gehonoreerd gezien met een stijging van het zetelaantal van twee naar drie. Daarmee is de VVD in deze deelgemeente qua grootte gestegen van de vierde naar de derde partij. Voorzitter, een coalitie van deze drie heeft met veertien zetels een goed werkbare meerderheid en wij zien uit naar een goede samenwerking in de komende vier jaar.
Voorzitter, bij het opstellen van het coalitieakkoord moest er uiteraard rekening gehouden worden met bezuinigingen die onvermijdelijk op de deelgemeente af komen. Immers, de te verwachten bezuinigingen van het rijk richting gemeenten – en dus ook naar Rotterdam – zullen hun doorwerking krijgen in de uitkering die de deelgemeente Prins Alexander van de gemeente ontvangt. De rekening van de bezuinigingen moeten niet zomaar een op een doorgeschoven worden naar bewoners en bedrijven; die dan fors verminderde dienstverlening, voorzieningen etc. gaan ervaren. De deelgemeente zal daarom eerst de uitgaven kritisch tegen het licht moeten houden. De gekozen lijn in het coalitieakkoord is helder, namelijk beoordelen wat efficiënter en effectiever kan. Immers, als er bijvoorbeeld gekeken wordt of we slimmer en doelmatiger geld uit kunnen geven, zonder dat de dienstverlening etc. vermindert, is dat de eerste winst en niet in de laatste plaats voor de bewoners.
Daarbij is het goed dat een onafhankelijke deskundige kijkt of de uitgaven in brede zin van de deelgemeente doelmatig verricht worden. Wij stellen het dan ook op prijs als het dagelijks bestuur op zo kort mogelijk termijn de voorbereidingen treft om de Algemene Rekenkamer van Rotterdam in te schakelen om dit onderzoek te verrichten. Het inschakelen van de Algemene Rekenkamer van Rotterdam voor een dergelijk traject is redelijk uniek in een deelgemeente.
Kortom, “Goede dingen doen en dingen goed doen”. Ik voeg daar aan toe: “dit dan VoortVarenD en zeker nu”.
Voor de VVD zijn de volgende onderdelen, waarmee wij ook de verkiezingen in waren gegaan, belangrijk, namelijk veiligheid, economie en buitenruimte. Deze hebben een prominente plek gekregen in het coalitieakkoord. Ik zal enkele punten noemen.
Veiligheid
De deelgemeente scoort op de veiligheidsindex goed, maar dat betekent niet dat wij achterover moeten leunen. Wij moeten structureel aandacht blijven geven aan veroorzakers van onveiligheid en onveiligheidsgevoel. Mocht ergens sprake zijn van onveiligheid of beleving van onveiligheid, dan dient dit snel te worden opgelost. Voorbeelden hiervan zijn vernield straatmeubilair en bekladdingen. Het begrip veiligheid is breed; hieronder vallen dus ook verkeers(on)veilige straten/wegen.
Economie (en ik zeg er maar meteen bij: werkgelegenheid)
Belangrijke punten die voor ons heel herkenbaar zijn zoals het handhaven van koopzondagen, het project “Veilig ondernemen” dat onverkort wordt doorgezet, wijkwinkelcentra die versterkt worden etc.
Buitenruimte
De huidige kwaliteit van de buitenruimte moet behouden blijven, en zo mogelijk verbeterd worden. Dus niet bezuinigen op de uitvoering, maar wel op de kosten door effectiever en efficiënter te werken. Grotere betrokkenheid voor de buitenruimte van bewoners, bedrijven e.d. is belangrijk. Daarnaast heeft ook duurzaam beheer een duidelijke plaats gekregen.
Voorzitter, in de aanloop naar de verkiezingen heeft de VVD toezeggingen gedaan en die komen wij na. Twee voorbeelden. Door de Postiljon werden een aantal weken terug aan alle partijen stellingen voorgelegd. Over de buitenruimte heeft de VVD bij één van de stellingen van de Postiljon aangegeven dat kunstobjecten van belang zijn en goed onderhouden moeten worden. Dit heeft ook in het coalitieakkoord een duidelijke plek gekregen. En goed onderhouden betekent ook: daar waar het nu eventueel minder is onderhouden, dat het dagelijks bestuur ervoor zal zorgen dat dit verbeterd wordt.
Nadat de VVD een enquête over verkeersveiligheid in Prinsenland medio februari dit jaar heeft gehouden, hebben wij aangegeven dat – o.b.v. de uitkomsten van bewoners – het kruispunt Jacques Dutilhweg/Nancy Zeelenbergsingel aangepakt moet worden. Wij gaan er zondermeer vanuit dat dit punt bij de uitwerking van verkeersveiligheid in het bestuursakkoord wordt meegenomen. Diverse herkenbare punten van de VVD, en wat wij beloven komen we na.
Voorzitter, de lijnen zijn door de drie partijen in het coalitieakkoord neergezet. Het is aan het nieuwe dagelijks bestuur om in een bestuursakkoord daar verdere uitwerking en concretisering aan te geven. Voor het komende zomerreces zal het bestuursakkoord worden behandeld in de raad. Een bestuursakkoord en een behandeling in de raad waar wij met belangstelling en vertrouwen naar uitkijken.
Voorzitter, tot slot. Wij zijn uiteraard benieuwd wat de oppositiepartijen van het coalitieakkoord vinden en zeker ook naar de reactie van de oppositiepartijen over het punt om de Algemene Rekenkamer in te schakelen bij het onderzoek naar de inzet van middelen.”
De heer Denneman noemt de verkiezingsresultaten voor D66 fantastisch. D66 wil een stabiel bestuur in Prins Alexander. In de onderhandelingen is het gegaan om de inhoud. Omdat de PvdA de tweede grootste partij is geworden, moest LeefbaarRotterdam eerst met de PvdA onderhandelen. Dat heeft niets opgeleverd. Gelet op de goede verkiezingsresultaten voor LeefbaarRotterdam, kon deze partij niet nog een keer aan de zijlijn blijven. D66 wilde haar dan ook een kans geven. Samen met de VVD durfde D66 dat ook aan. De onderhandelingen verliepen harmonieus. Er is veel over de inhoud gepraat. De ambtelijke ondersteuning was prima. In het coalitieakkoord staat dat er flink moet worden bezuinigd. Net als LeefbaarRotterdam en de VVD vindt ook D66 dat hiervoor meer mogelijkheden liggen bij welzijn dan bij de buitenruimte. Bij de bezuinigingen moet een aantal uitgangspunten worden gehanteerd. De eerste is dat moet worden uitgegaan van de eigen kracht van mensen. De zelfredzaamheid van mensen moet worden gestimuleerd. De deelgemeente moet meer faciliteren. Het tweede punt is dat de kwetsbare groepen niet in de kou mogen worden gezet. Dat is voor D66 geen discussiepunt. Het derde punt is dat bij het bezuinigingsproces vooral moet worden gepraat met de direct betrokkenen. Praten houdt ook in dat er goed wordt geluisterd. D66 hecht veel waarde aan een goede bewonersparticipatie. Ook LeefbaarRotterdam en de VVD vinden het belangrijk dat de deelgemeente de wijk ingaat. D66 staat achter het idee om de Algemene Rekenkamer een onderzoek te laten uitvoeren. Ze is benieuwd naar de reactie van de oppositie hierop.
Eerste termijn oppositie
De heer Pieterse spreekt de volgende tekst uit:
“Voorzitter, ik zal er niet omheen draaien, de PvdA had hier liever een ander coalitieakkoord gezien. Een coalitieakkoord dat naar onze mening socialer was geweest. In onze visie zou er dan een portefeuillehouder Welzijn zijn geweest, en zou er wat minder de nadruk gelegd zijn op eigen verantwoordelijkheid en zelfredzaamheid.
In dit coalitieakkoord wordt niets gezegd over de rol van de overheid bij de preventie en bestrijding van het armoedeprobleem. Wij missen een passage over de verhouding tussen de Stad en onze deelgemeente. Hoe de coalitie denkt over het deelgemeentebestel is niet duidelijk. De PvdA-fractie is in ieder geval voor sterke deelgemeenten met eigen bevoegdheden binnen het bestuurlijk geheel van de stad Rotterdam.
Hoe de coalitie denkt over gebiedsgericht werken en kanteling van de organisatie wordt ook niet duidelijk. De coalitie heeft gekozen voor een traditionele portefeuilleverdeling die haaks staat op de organisatie. Dit vraagt invulling en uitwerking in bestuursakkoord hoe het bestuur inspeelt op die gewijzigde situatie.
In die zin geeft het coalitieakkoord geen enkel antwoord op de vraagstukken die in de wijken spelen. Men heeft het heel ouderwets over beleidsonderwerpen. Ook dit staat haaks op de nieuwe manier van werken. Daardoor is het coalitieakkoord weinig specifiek voor Alexander. Er had ook Staphorst of Dirksland boven kunnen staan om twee zeer conservatieve gemeenten in ons land te noemen.
Het coalitieakkoord heeft als motto: Vanzelfsprekend! Nergens wordt echter uitgelegd, waarom de inhoud zo vanzelfsprekend is. Is het akkoord eigenlijk wel zo vanzelfsprekend? Voor ons zou het uitroepteken achter vanzelfsprekend net zo goed vervangen kunnen worden door een vraagteken. Een aantal formuleringen spreekt namelijk helemaal niet vanzelf. Zo zetten wij vraagtekens bij:
Blz. 9: "Eigenaren dienen ook een bijdrage te leveren aan het
behoud en waar nodig de verbetering van de kwaliteit van de
buitenruimte, zowel met geld als door een grote mate van directe
betrokkenheid bij het beheer". Wat wordt daarmee bedoeld?
Blz. 10: "Zeker gesubsidieerde voorzieningen dienen inwoners met verschillende achtergronden te bereiken. De activiteiten moeten uitgaan van gezamenlijke interesses, behoeften en belangen, en niet van sociale, religieuze en/of etnische verschillen". Is er dan ook geen plaats meer voor jongeren- of ouderenwerk?
Blz. 11: "Wij vragen het Dagelijks bestuur om toe te zien dat het geld goed besteed wordt, met de gewenste kwaliteit, en of de deelnemers en cliënten tevreden zijn". Is dit anders dan in vorige periodes?
Blz. 12: "Criminaliteitsbestrijding is een verantwoordelijkheid van het gemeentebestuur en wordt uitgevoerd door politie en justitie". Gaan we ons niet meer bezighouden met de veiligheid in winkelgebieden?
Aansluitend op een opmerking van de heer Eimers, blz. 8: “Kunstobjecten dienen goed te worden beheerd en onderhouden”. Gaan we dit zelf doen? De financiering is immers nog stedelijk.
Voorzitter, als ik naar dit programma kijk, zijn er ook wel positieve kanten. In veel gevallen wordt de bestaande lijn van het vorige bestuur doorgezet. Of het nu gaat om de Toekomst- en Gebiedsvisie, de één loketgedachte, het corrigerend jongerenwerk of de Alexanderknoop. Verder lees ik in het akkoord zeer positieve woorden over de werkzaamheden van de oude coalitie, o.a. in het kader van de hoge veiligheidscijfers en de huidige kwaliteit van de buitenruimte en over de kwaliteit van de ambtelijke organisatie en haar werkzaamheden.
Uit het akkoord blijkt verder dat de coalitie ook de lijn van het
vorige DB heeft overgenomen om zorgvuldig het traject van de
bezuinigingen te doorlopen. Was het eerst de bedoeling om heel snel
keuzes te maken, thans wordt de lijn gevolgd van het vorige DB om
samen met bewoners, maatschappelijke organisaties en ondernemers te
onderzoeken wat echt belangrijk is en waar we dus kunnen
bezuinigen.
Hoofdstuk 4 gaat over het bestuur en de organisatie. Voor een deel dus over de deelraad zelf. De PvdA kan zich vinden in de kenmerken van het bestuur van Prins Alexander, zoals beschreven op pagina 17: "Goed luisteren en kijken, duidelijk zijn, op heldere wijze beslissingen nemen, daar verantwoording voor afleggen, afspraken nakomen". Het zijn wat de PvdA betreft echter geen nieuwe dingen. De afgelopen jaren heeft de PvdA zo gefunctioneerd, zowel in het DB als in de Deelraadsfractie. Wij zullen hiermee door blijven gaan. De PvdA-fractie zal op een constructieve manier blijven meedoen in het bestuur van Prins Alexander. Van ons is niet elke raadsvergadering een motie van wantrouwen te verwachten.
Met belangstelling wachten wij de nieuwe visie op participatie af, resulterend in een herziening van de bestaande participatienota. We zijn vooral nieuwsgierig naar wat er zo nieuw zal zijn aan het geheel.
De PvdA zet ook nog vraagtekens bij het gedeelte aangaande het onderdeel "Dynamisch", onderaan pagina 17. Begrijpt mijn fractie nu goed dat er nu al een opdracht aan het dagelijks bestuur wordt gegeven om in overleg met de ambtelijke organisatie en de griffie te komen tot verdere uitwerking van het Dualisme? En dat de deelraad daar niet meer aan te pas komt om de kaders aan te geven? Dit lijkt mij voor de raad een gemiste kans.
Verder wordt voorgesteld, behalve de voorzitter van de deelraad, alle (vice)voorzitters voor de duur van 1 jaar te benoemen met de mogelijkheid van herbenoeming. De PvdA kan zich hierbij niets voorstellen, gezien het reglement van orde voor de commissies en de deelraad altijd uitging van een raadsperiode. Natuurlijk kon een vicevoorzitter van de raad of een voorzitter van een commissie altijd worden vervangen als een meerderheid van de raad dit van mening was. Het lijkt ons dus een overbodig voorstel.
In het toegezonden raadsbesluit betreffende de benoeming van de vice-voorzitter van de raad staat echter aangegeven dat "het functioneren van de deelraad een jaar na datum van dit besluit zal worden geëvalueerd". De Deelraad gaat dus, mag ik hieruit afleiden, over een jaar het functioneren van het totale, politieke bestuur in de duale setting zelf evalueren. De benoeming van de (vice-)voorzitters van de deelraad en commissies voor een periode van 1 jaar zouden dan ook te maken hebben met een bredere evaluatie dan alleen van deze posities. De Deelraad neemt het, door dit besluit, op zich om haar eigen functioneren over een jaar tegen het licht te houden. De PvdA kan gezien dit bredere evaluatiemoment instemmen met de benoeming van voorzitters en vice-voorzitters tot na deze evaluatie die na een jaar zal plaatsvinden.
Met één onderdeel kunnen wij niet instemmen. Het betreft de passage over de Rotterdamse Rekenkamer op pagina 19. De opdracht aan de Rotterdamse Rekenkamer om een onderzoek te doen naar de rechtmatigheid en de doelmatigheid van de inzet van middelen is naar onze mening overbodig. Dit is naar onze mening een taak van de deelraad zelf en de uit haar midden voortkomende commissie voor de Jaarrekening. Een onderzoek door de Rotterdamse Rekenkamer is naar onze mening een rode kaart in de richting van de bestuurlijke en ambtelijke organisatie van onze deelgemeente. Een dergelijk onderzoek is voor de PvdA-fractie daarom beslist niet vanzelfsprekend.”
De heer Van Lottum spreekt de volgende tekst uit:
“Voorzitter, de titel van het voorliggende coalitieakkoord zou de lading moeten dekken. Maar ook na herhaald doorpluizen komen wij tot een andere inschatting. Het vorige coalitieakkoord heette nog zo fraai Visie en Vaart. Die visie lijkt u echter uit gesprekken in buurten en wijken nog te gaan verzamelen. Zijn uw verkiezingsprogramma’s zo maar een praatje geweest? En qua vaart lijken we er ook niet op vooruit te zijn gegaan. Immers, de laatste zin van het akkoord stelt: “de zoekrichtingen voor de bezuinigingen en prioriteiten in relatie tot de kerntaken zijn voor het begin van het nieuwe jaar 2011 bekend”. Is dat tijdens de komende kerstvakantie of al bij de begroting 2011? Gelet op de op ons af komende bezuinigingsgolf is enige vaart o.i. toch wel gewenst. Of gaan we in 2011 nog vrolijk freewheelen en komt de klap in 2012 extra hard aan?
Voorzitter, het coalitieakkoord moet de basis vormen voor een bestuursprogramma met meetbare en toetsbare doelstellingen. Het CDA is daar erg benieuwd naar. Doelstellingen kunnen eerst meetbaar en toetsbaar worden gemaakt als die doelen in voldoende mate geconcretiseerd zijn. Daarin is nog een lange weg te gaan.
In het coalitieakkoord maakt u melding van uw streven naar een nieuw evenwicht in verantwoordelijkheden. De CDA-fractie vraagt zich af op welke wijze concreet wordt ingegrepen als – particuliere dan wel gesubsidieerde – instellingen hun eigen verantwoordelijkheid niet nemen. In het kader van een Betrouwbare Overheid komen er visie en criteria voor participatie, voorzien van een communicatieonderdeel. Wanneer kunnen wij dit tegemoet zien?
Voorzitter, meer in detail een paar opmerkingen per hoofdstuk.
Gewilde, vitale wijken: onder het kopje diversiteit blijft u “streven naar verscheidenheid in de wijk, zowel qua bevolkingssamenstelling als in de woonmilieus.” Dat vraagt om nadere uitleg. Komt u in het bestuursprogramma met de aankondiging van een woonvisie? En zo nee, hoe denkt u dit anders te kunnen realiseren?
Buitenruimte: u “wilt met alle betrokkenen en belanghebbenden zorg dragen voor een schone, veilige en toegankelijke buitenruimte die uitnodigt tot alledaags gebruik en betrokkenheid en verantwoordelijkheid van bewoners en die onder andere stimuleert tot een opgave die zich richt op fysiek beheer en op sociaal beheer en op handhaven van de veiligheid.” Dat klinkt prachtig, maar hoe gaat u dit doen en betekent dit dat buurtpreventieteams nu ineens wel kunnen? En hoe gaat u “belanghebbenden nadrukkelijker de verantwoordelijkheid geven voor onderhoud en beheer van hun eigen deel van de omgeving”? Zal het bestuursprogramma uitleg bieden?
Kunstobjecten: u stelt “dat deze goed dienen te worden beheerd en onderhouden”. Maar weet u al van wie welk object precies is? In ieder geval komt het onderwerp cultuur als middel van sociale cohesie er in uw akkoord stiefmoederlijk vanaf (denk bijvoorbeeld aan talentontwikkeling). Vooral bij het onderdeel jeugd is dat gemis o.i. storend. En wij vinden dat de huidige 3 bibliotheken en 1 rijdende variant voor Prins Alexander behouden moeten blijven. Is het uw intentie ze voor Prins Alexander te behouden?
Goede dingen goed doen: u wenst de huidige kwaliteit van onderhoud en beheer op zijn minst te behouden. Daar is het CDA als de partij van de buitenruimte het helemaal mee eens. Immers, die buitenruimte is van en voor ons allemaal. U denkt dat u hier aan bezuinigingen kunt ontsnappen door beter en efficiënter opdrachten te verstrekken en uit te voeren. Wij hopen dat u hierin slaagt. En zo niet, dat u ons daarvan tijdig informeert, samen met mogelijke consequenties daarvan.
Voorzitter, het CDA heeft met spanning uitgekeken naar uw voorstellen hoe op de sector welzijn in uw optiek kan worden bezuinigd zonder dat degenen die hulp behoeven daarvan de dupe worden. Helaas blijft uw akkoord nog bij wat gemeenplaatsen. Wellicht vanzelfsprekend om bij de titel van uw akkoord te blijven, maar toch wel teleurstellend. Want het zal u niet zijn ontgaan dat het in welzijnsland gonst van de geruchten over bezuinigingen die op de sector af komen. Het CDA hoopt dan ook van harte dat u niet alleen heel snel met de sector om tafel gaat zitten, maar ook dat u niet tot de begroting van 2012 wacht om de ongetwijfeld waar en indien nodig, onvermijdelijke, slechte, boodschappen over te brengen. Hiermee kunt u er voor zorgen dat de werkelijk noodzakelijke taken (ik noem maar weer eens de prestatievelden 1-5 onder de Wmo) goed blijven behartigd en hobby’s kunnen worden afgebouwd.
De passage dat u “particuliere initiatieven waarmee het armoedeprobleem en/of het probleem van sociaal isolement verlicht kan worden zult ondersteunen”, juicht het CDA toe. Maar wij gaan ervan uit dat een professionele aanpak van bijvoorbeeld sociaal isolement, o.m. bij de doelgroep ouderen, op uw steun kan blijven rekenen. Dat geldt o.i. in ieder geval voor ondersteuning van vrijwilligers en mantelzorgers in onze Polder.
Voorzitter, sport is speerpunt in uw jeugdbeleid. Dat het voor ouderen ook nuttig kan zijn wordt nergens genoemd. Voor sociale cohesie kan sport een bij uitstek goed middel zijn, zeker als in en om het veld agressie binnen de perken blijft. Wij hebben gelukkig nogal wat sportvoorzieningen in Prins Alexander. En omdat met enige regelmaat verzoeken komen voor financiële ondersteuning, lijkt, voor een goede afweging daarvan, o.m. op basis van werkelijke behoeften in het licht van bevolkingssamenstelling en verwachte ontwikkelingen, een sportvisie toch handig. Hoe staat uw DB hier tegenover?
Verder is ons opgevallen dat u alleen extra aandacht heeft voor het tekortschieten van de vrijwillige inzet van jongeren. Maar ook de groep ouderen van 55-65 laat het afweten, dus daar is o.i. ook meer aandacht voor nodig.
Verder voorzitter, wij hebben nergens de problematiek van peuterspeelzalen terug gevonden, al dan niet in relatie tot onderwijs, educatie en kinderopvang, terwijl dit wel op het deelgemeentelijk bord ligt. Wij gaan ervan uit dat uw beleid op dit punt in het bestuursprogramma wel wordt opgenomen.
Meer algemeen, voorzitter, vindt mijn fractie het onderdeel jeugdbeleid teleurstellend. Wij zijn niet zozeer geïnteresseerd in een opsomming van de basisfuncties van het CJG, maar hoe het CJG zijn werk uitvoert. Wanneer komt een evaluatie?
Als mijn fractie het coalitieakkoord serieus moet nemen – en dat willen we zeker – worden ouderen geheel naar een andere planeet verbannen. Geen woord wordt gerept over 55-plussers, terwijl Prins Alexander toch ook met de vergrijzingproblematiek van doen heeft. Laat u deze problematiek maar voor wat het is? Er wordt uitgebreid ingegaan op het kwetsbare deel van onze jeugd en dat is goed. Voorzitter, ook met de meeste ouderen gaat het goed, maar met het kwetsbare deel niet. Ook ouderen willen bij het opstellen van de iWaps’en worden betrokken. Over de uitvoering van de Wmo (uitgangspunt is “meedoen en erbij blijven”), waar de deelgemeente in samenwerking met andere partners, de regie in heeft, laat het coalitieakkoord ons compleet in het ongewisse. Geen woord over de pilot woonzorggebied, een stedelijke opdracht, rond De Prinsenhof, hoe verder met deze pilot, al dan niet uitgebreid naar andere wijken. Wij gaan ervan uit dat u dit in het bestuursprogramma rechtzet.
Het onderwerp veiligheid is wel erg kort door de bocht. Hoewel misschien niet geheel een aangelegenheid van de deelgemeente, maar de zichtbaarheid van de buurtagent en plaatsen waar men de politie kan spreken (vergelijk spreekuur in de Romeijnshof) evenals het hebben van meer dan een plaats voor het doen van aangifte geeft ook een beter gevoel van veiligheid.
Voorzitter, het onderdeel economie komt – en dat verbaast ons wel een beetje – er toch wat bekaaid van af. Ook wij kijken uiteraard uit naar de behandeling van de gebieds- en toekomstvisie, evenals de Alexanderknoop en mogelijke samenwerking met Capelle a/d IJssel. U denkt de wijkwinkelcentra, en de vestiging van speciaalzaken, te gaan stimuleren. Maar is dit een kerntaak en hoe dacht u dit te gaan doen? Verder noemt u “de afnemende bereikbaarheid van het centrum van de deelgemeente een bedreiging”. Maar wat u daaraan denkt te gaan doen blijft in de nevelen der toekomst verborgen. Het bestuursprogramma zal daar hopelijk ook duidelijkheid over bieden.
Voorzitter, wel zijn wij aangenaam verrast onder het hoofdstuk “Bestuur en organisatie” over wat u onder het eerste bolletje van dynamisch noemt: “samenwerking en afstemming tussen fracties uit de coalitie en oppositie om zaken voor elkaar te krijgen”. Bij het komende bestuursprogramma zal snel genoeg duidelijk worden of we met een succesformule dan wel met een dode letter te doen krijgen. Vooralsnog zijn wij optimistisch en zullen graag met u afstemmen om voor onze bewoners in de komende moeilijke periode een zo goed mogelijk bestuur te krijgen met een zo breed mogelijke acceptatiegraad.
Over inschakeling van de Rekenkamer sluit ik mij aan bij datgene wat mijn PvdA-collega zojuist heeft opgemerkt.”
De heer Van den Ham spreekt de volgende tekst uit:
“Meneer de voorzitter, collega’s en toehoorders, graag begin ik naar goed gebruik met een compliment, namelijk aan het adres van het vorige college. We lezen veel terug van “ons” beleid: groenvisie, participatie, verbetering dienstverlening, één loket, gebiedgerichte aanpak door wijkteams, enzovoort.
Teleurgesteld zijn we ook: een akkoord zonder keuzes of zelfs de verkeerde, zoals bezuinigen op welzijn en aanstelling van 3,5 FTE dagelijks bestuur, terwijl er toch onomwonden door LeefbaarRotterdam 3 FTE als formatievoorwaarde aan de kiezers is beloofd.
Tja, die bezuinigingen... Niet alleen 20% méér DB-ers, ook de bezuinigingsfocus gesteld op welzijn en dan nog wel door “overleg met het werkveld omtrent hoe die norm te halen”. Dit is hetzelfde als de kalkoen om advies vragen over de kerstmaaltijd.
Welzijn en zelfredzaamheid worden met elkaar in relatie gebracht, ik citeer: “Kortom, welzijn ligt in het verlengde van zelfredzaamheid”. GroenLinks is leergierig. Wikipedia zegt: “Onder welzijn wordt een zekere mate van materiële en immateriële tevredenheid begrepen” en “de mate waarin de bevolking zich in zijn behoeften bevredigd acht”. “Zelfredzaamheid is het vermogen om het leven in te richten zonder hulp van anderen”. Ik hoop dat we niet een toekomst met amateur-sociologische bespiegelingen voor de boeg hebben, we gaan immers goede dingen doen en ze dan ook nog goed doen?
We wensen dit college heel veel kracht en sterkte toe in de dialoog met de welzijnsbesturen, die niet alleen hun eigen 20% korting mogen regisseren, maar ook “moeten uitgaan van gezamenlijke interesses, behoeften en belangen en niet van sociale, religieuze en/of etnische verschillen”. Vergis ik me nou, of zie ik zomaar ineens die afgrijselijke tekeningetjes uit de verkiezingsfolder van LeefbaarRotterdam terug? Hoe moet dat nu met biljarten en bingoën voor 50-plussers, speeltuinen voor 12-minners, de integratieactiviteiten voor allochtone mannen en vrouwen en de disco en breakdance activiteiten?
Overigens is de jeugd alleen weggezet als wel of niet overlastgevend, de groep “van 80% met wie het goed gaat krijgt letterlijk en figuurlijk de ruimte”. Wat een orakeltaal. De jeugd is onze toekomst, we zijn meeverantwoordelijk voor hun ontwikkeling in de meest brede zin van het woord. Juist bij de jeugd kun je bezuinigen door te investeren!
We constateren dat D66 landelijk bezig is met een ruk naar rechts en warm onthaald is door LeefbaarRotterdam en de VVD om “nu eens van de andere kant van de tafel” het welzijnsveld te slachtofferen. We zijn benieuwd naar de invulling van “de nieuwe samenwerking met de oppositie”, daarvan hebben we nu slechts de schone schijn mogen proeven. We nemen graag de uitdaging aan en zullen als oppositie elkaar in elk geval respecteren, waar mogelijk samenwerken en vooral elkaar successen gunnen. Wij zijn klaar voor een nieuwe vorm.
Het dagelijks bestuur gaat naar de mensen toe, belooft ze. Wij van GroenLinks hopen u daar te ontmoeten. Wij zullen zeker “de problemen opzoeken” en ze hier in deze raadzaal ter discussie stellen. GroenLinks heeft zich in haar verkiezingsprogramma duidelijk uitgesproken en zal haar beloftes waarmaken. Wij komen op voor de zwakkeren in de samenleving, voor groen en het milieu, voor participatie en emancipatie in de breedste zin van het woord.”
De heer Noeverman spreekt de volgende tekst uit:
“Geachte voorzitter, raadsleden en belangstellenden,
Het coalitieakkoord van Leefbaar Rotterdam, VVD en D66 bevat veel elementen die de ChristenUnie-SGP van harte onderschrijft. Ik denk bijvoorbeeld aan de aandacht voor communicatie en participatie: betrokkenheid en inbreng van burgers en instellingen zijn cruciaal voor een politieke bestuurslaag als de deelgemeente met de nadruk op burgernabij bestuur. Verder noem ik de nadruk op een goede en efficiënte dienstverlening, aan het verantwoordelijk maken van burgers en instellingen voor hun eigen leefomgeving en welzijn en aan het gebruik willen maken van particuliere initiatieven bij armoedebestrijding, en aan het doorlichten van processen, intern en extern, op efficiency en effectiviteit. Ten slotte ben ik erg verheugd te lezen dat deze coalitie, bij alle bezuinigingen die de komende jaren noodzakelijk zijn, blijft vasthouden aan de Groenvisie: een visie die in de vorige periode ontwikkeld is, mede op initiatief van de ChristenUnie-SGP. Het zijn slechts enkele voorbeelden van positieve elementen uit het coalitieakkoord.
Maar bij al dat positieve zijn – vanzelfsprekend! – ook kanttekeningen te plaatsen bij het coalitieakkoord. Zoals ook in het kader van bezuinigingen duidelijke keuzes gemaakt moeten worden, maak ik vanavond ook een keuze, door mij te beperken tot een vijftal onderwerpen.
In de eerste plaats is het coalitieakkoord weinig concreet, en daardoor nauwelijks sturend voor het bestuursakkoord. Het coalitieakkoord zou kaders moeten geven die, voor wat betreft de concrete uitvoering, uitgewerkt worden in het bestuursakkoord. Wil deze deelraad echt sturen, of wacht het af waarmee het DB komt? Ik ben erg benieuwd naar de visie van de coalitie daarop.
In de tweede plaats valt op dat er geen afspraken zijn gemaakt over de visie op de deelgemeente als politieke bestuurslaag naast andere bestuurslagen in deze stad. Stedelijk is de discussie over de organisatie van de gemeente, inclusief het deelgemeentebestel, net weer afgerond, resulterend in besluiten en afspraken onder de titel “we kunnen zoveel beter”. Maar duidelijk is dat die discussie in het bijzonder voor LeefbaarRotterdam niet bevredigend is afgesloten. Bovendien leert de geschiedenis in onze stad dat de discussie over het deelgemeentebestel telkens weer oplaait. Het is zeker niet denkbeeldig dat die discussie ook de komende periode weer ontstaat, bijvoorbeeld in het kader van de bezuinigingen, landelijk en/of stedelijk.
Het lijkt me daarom voor het nog te vormen stedelijke college en voor bewoners, instellingen en ambtenaren in deze deelgemeente van groot belang te weten hoe deze deelraad nu eigenlijk aankijkt tegen de deelgemeente als aparte politieke bestuurslaag. Die duidelijkheid is ook voor de nog te benoemen DB’ers van belang: zij zullen immers de komende bestuursperiode die opvatting binnen en buiten de deelgemeente mogen uitdragen. Daarom zou ik graag van elk van de coalitiefracties willen weten: 1. Of er afspraken zijn gemaakt (in het kader van risicomanagement) over de gezamenlijk door bestuurders en fracties uit te dragen visie op het deelgemeentebestel; 2. Zo ja, welke afspraken zijn dat en waarom zijn die niet opgenomen in het coalitieakkoord?; 3. Zo nee, waarom niet, en wat is dan de visie die uw fractie heeft op het gezamenlijke standpunt dat deze coalitie en de beoogde bestuurders in deze bestuursperiode op dit punt zou moeten uitdragen? Tot slot zou ik graag van elk van de fracties in deze deelraad een duidelijk antwoord willen op de vraag of deze fractie het eens of oneens is met de opvatting uit het stedelijke verkiezingsprogramma van LeefbaarRotterdam dat deelgemeenten als politieke bestuurslaag opgeheven moeten worden en moeten worden omgevormd tot een servicecentrum.
In de derde plaats legt het coalitieakkoord, naar de mening van de ChristenUnie-SGP terecht, veel nadruk op participatie. Het coalitieakkoord vermeldt dat er een nieuwe visie op participatie gevormd zal worden, resulterend in een herziening van de bestaande participatienota. Twee vragen daarover: 1. Kan de coalitie vast kort in twee of drie concrete punten aangeven wat er mis is met de bestaande participatienota? 2. Hoe gaat het proces om tot de herziening te komen precies of ongeveer verlopen? Wat is de beoogde rol van de deelraad en het DB in dit proces? Het lijkt mij dat we de bestaande nota eerst evalueren in een commissie, en op basis daarvan punten (kaders) meegeven aan het DB om de participatienota te herzien, en het DB verzoeken een conceptnota aan de deelraad aan te bieden. Of wil de deelraad op dit punt de regie volledig uit handen geven?
In de vierde plaats roept het coalitieakkoord, en vooral de wijze van totstandkoming daarvan, vragen op over de wijze waarop deze coalitie participatie daadwerkelijk vorm wil geven. Uit de media heb ik vernomen dat deze coalitie met alle partijen een oriënterend eerste gesprek heeft gehad, maar dat de ChristenUnie-SGP bewust van deze gesprekken is uitgesloten. Niet in de eerste plaats omdat de noodzaak ontbrak om met de ChristenUnie-SGP te praten, waar ik mij iets bij kan voorstellen, maar, in de woorden van een beoogd DB’er, “omdat we het over de zondagsopenstelling toch nooit eens zouden worden”.
Vanzelfsprekend! Nou nee, volstrekt niet vanzelfsprekend. Het is eerder vanzelfsprekend dat wanneer deze coalitie echt werk wil maken van participatie, ze bereid zal moeten zijn iedereen te laten participeren. Een democratisch gekozen partij op voorhand uitsluiten van gesprekken over hoe het beleid er in de deelgemeente de komende vier jaar uit zou kunnen zien, is dan een valse start! Blijkbaar neemt deze coalitie de inbreng van de ChristenUnie-SGP op voorhand niet serieus, omdat we – blijkbaar – van mening verschillen over zondagsopenstelling. Alsof de ChristenUnie-SGP een one-issue partij is! Je zou toch van politieke partijen die opereren binnen de democratie, en zich voordoen als voorstander van vrijheid van meningsuiting, participatie en democratische besluitvormingsprocessen echt anders verwachten. Bovendien: blijkbaar is de opvatting over zondagsopenstelling voor deze coalitie zo principieel, fundamenteel en absoluut dat er geen enkele ruimte en wil is om daarover met anderen in gesprek te gaan. Ik wil het – vanzelfsprekend – toch alsnog proberen. Dat brengt mij bij mijn laatste punt.
Want wat is die – ik zou haast zeggen fundamentalistische, ideologisch gekleurde – opvatting over openingstijden van winkels van deze coalitie dan? Het coalitieakkoord meldt dat deze coalitie vindt dat “de ondernemer zelf bepaalt of hij zeven dagen per week open wil zijn”. Interessant. Vooral omdat we op dit punt volgens mij niet van opvatting verschillen. Het zou vreemd zijn als we als politici bepalen wat ondernemers, of wie dan ook in deze deelgemeente, wel of niet moeten willen. Ook de ChristenUnie-SGP vindt dat een ondernemer zelf bepaalt of hij zeven dagen open wìl zijn. Maar waarschijnlijk is deze zinsnede dus anders bedoeld. Wellicht wil deze coalitie graag dat ondernemers zelf bepalen of ze hun winkel zeven dagen per week openen. Dat kan de coalitie vinden en willen. Maar ik zou graag van de coalitiefracties willen weten of zij aan deze uitspraak politieke consequenties of bepaalde acties verbindt, en zo ja, welke? Er gelden namelijk landelijke wetten rond openingstijden van winkel, en een al in 2000 vastgestelde deelgemeentelijke verordening Winkeltijden. Daarom heb ik op dit punt twee vragen aan de coalitiefracties en, in dit specifieke geval, ook aan de beoogde DB’ers. 1. Is deze coalitie en zijn deze bestuurders bereid zich aan de wet en/of de verordening te houden, en deze te handhaven als de wet en/of de verordening wordt overtreden? 2. Kunnen de coalitiefracties en de beoogde bestuurders mij duidelijk uitleggen hoe de wet en de winkeltijdenverordening op dit moment in onze deelgemeente zijn geregeld, wat de bestaande praktijk is en wat u concreet wilt veranderen?
Een tweede opmerking over deze zinsnede is dat het voor veel ondernemers aantrekkelijk zal klinken om zelf te bepalen of zij zeven dagen per week open willen. Maar veel mensen zijn niet in de positie om zelf die keuze te maken. Dat geldt vooral voor winkelpersoneel. Of zij keuzevrijheid hebben om wel/niet op zondag te werken hangt af van goed werkgeverschap van hun baas, de ondernemer. Met het standpunt van deze coalitie breng je dus heel veel mensen in een kwetsbare, afhankelijke positie. Als deelraad kunnen wij op dit punt het goede voorbeeld geven: goed werkgeverschap. Als deelraad stellen wij het DB aan, en het is goed als we als deelraad daarbij aangeven dat wij het DB op geen enkele manier zullen verplichten op zondag te werken. Integendeel: DB’ers verdienen het om zondags vrij te hebben, zodat ze tijd hebben voor gezin, partner, familie en/of vrienden. Is de coalitie bereid uit te spreken dat leden van het DB geen enkele verplichting hebben om op zondag te werken, behalve in het geval van calamiteiten of – eventueel – in het kader van handhavingactiviteiten? Het lijkt me ook voor het thuisfront goed om te weten dat als DB’ers werken op zondag, dat op volstrekt vrijwillige basis is.
Voorzitter, ik ga afronden. Het coalitieakkoord heeft de titel “Vanzelfsprekend” meegekregen. Al te gemakkelijk wordt dat “van zichzelf sprekend”. De ChristenUnie-SGP belijdt dat wij als politici een verantwoordelijkheid hebben om deze samenleving op een goede manier in te richten. Maar boven alles belijdt de ChristenUnie-SGP dat er uiteindelijk maar Eén is die deze wereld, en dus ook deze stad en deze deelgemeente, bestuurt: de Heere God, de Schepper van hemel en aarde. Ook al zullen we het over deze belijdenis niet allemaal eens zijn, ik wens u, vanuit deze belijdenis, van harte Gods zegen toe. Want zonder Zijn zegen zullen al onze plannen en inspanningen als deelgemeenteraad en als dagelijks bestuur tevergeefs zijn.”
De voorzitter geeft aan dat de beoogde leden van het dagelijks bestuur de door de heer Noeverman aan hen gestelde vragen bij dit agendapunt wegens het nog niet geïnstalleerd zijn niet kunnen beantwoorden.
Eerste termijn coalitie
De heer Van Gerdingen merkt op dat de uitwerking van het coalitieakkoord komt met het bestuursprogramma, over een paar maanden. De deelraad gaat niet over het deelgemeentebestel, daar gaat de Coolsingel over. Er was geen principiële reden dat LeefbaarRotterdam niet met de ChristenUnie/SGP heeft gepraat. Dit was een consequentie van de snelheid van de gesprekken.
De heer Eimers geeft aan geen expliciete uitspraken te willen doen over het werken op zondag. Spreker ontkent dat er te weinig aandacht van de coalitie is voor het ouderen- en jongerenwerk. De inzet van de Rekenkamer is geen doel op zich: het is een middel om de deelraad te helpen bij het maken van keuzes voor mogelijke bezuinigingen.
De heer Denneman benadrukt het belang van een sluitende begroting. D66 is voorstander van het deelgemeentebestel. De discussie hierover hoort echter thuis bij de Stad, niet in de deelraad. Spreker wijst erop dat het aantal FTE voor het dagelijks bestuur is verlaagd van 144 naar 128 per week. Gelet op de hoeveelheid werk is dit zeker niet te veel. Participatie krijgt de volle aandacht van het nieuwe dagelijks bestuur.
Tweede termijn oppositie
De heer Pieterse merkt op dat de PvdA voorstander is van sterke deelgemeenten, met eigen bevoegdheden. De stelling van LeefbaarRotterdam (“we gaan daar niet over”) is te gemakkelijk. De discussie zal wellicht herleven. Als de leden van het dagelijks bestuur zo min mogelijk op zondag werken, dan is dat naar de omgeving een goed signaal. Het onderzoek door rekenkamer is niet direct nodig. Eerst zijn het dagelijks bestuur en de ambtenarij aan zet. Pas als er dan onduidelijkheden blijken te zijn, zou de raad de rekenkamer om een onderzoek kunnen verzoeken.
De heer Van Lottum zegt uit te zien naar het bestuursprogramma.
De heer Van den Ham noemt de inbreng van de fractievoorzitters van de coalitie net zo vaag als het coalitieakkoord zelf.
De heer Noeverman wijst erop dat de rekenkamer een onafhankelijk orgaan is. De deelraad, niet het dagelijks bestuur, is er de opdrachtgever van. Waarschijnlijk heeft het dagelijks bestuur een eigen bevoegdheid (en de verplichting daartoe) om onderzoek te laten doen naar de doelmatigheid en doeltreffendheid. Dit zou moeten worden uitgezocht. Spreker noemt de reacties op zijn opmerkingen over het werken op zondag onbevredigend. Het zou mooi zijn als de deelraad duidelijk uitspreekt dat er, behoudens uitzonderingen, niet op zondag hoeft te worden gewerkt.
De heer Eimers reageert per interruptie door te stellen dat het erom gaat of het werk wordt gedaan en af komt. Wanneer er wordt gewerkt, doet er niet zoveel toe. Dat is een persoonlijke keuze.
De heer Noeverman geeft aan hier anders over te denken. Spreker stelt vast dat de reden die de coalitie nu geeft waarom er niet met de ChristenUnie/SGP is gesproken, een andere is dan de reden die hij aanvankelijk had vernomen. Ook gelet op de participatie en communicatie had dit beter gekund. In ieder geval had contact kunnen worden opgenomen met de fractie. De afwachtende houding bij verschillende fracties ten aanzien van het deelgemeentebestel doet geen recht aan de situatie. Spreker dient daarom onderstaande motie in:
MOTIE 2010-1
De raad van de deelgemeente Prins Alexander, in vergadering bijeen op 12 april 2010, ter behandeling van het coalitieakkoord van LeefbaarRotterdam, VVD en D66,
overwegende
-
dat de discussie over het al dan niet afschaffen van de deelgemeenten in elke bestuursperiode weer oplaait;
-
dat er een reële kans bestaat dat deze discussie zich ook in de komende bestuursperiode in heftige of minder heftige omvang zal voordoen;
-
dat LeefbaarRotterdam stedelijk een fervent tegenstander is van deelgemeenten als aparte politieke bestuurslaag;
-
dat zowel de VVD als D66 in Prins Alexander zich tot nu toe altijd voorstander van het deelgemeentelijk bestel hebben betoond;
-
dat het verkiezingsprogramma van D66 in Prins Alexander expliciet vermeldt dat D66 voorstander is van het deelgemeentelijk bestel;
-
dat er in het coalitieakkoord geen afspraken zijn gemaakt over het intern en extern uit te dragen standpunt over het deelgemeentelijk bestel;
-
dat duidelijkheid op dit punt aan het begin van de bestuursperiode voor bewoners, instellingen, ambtenaren en het nog te vormen stedelijk college van groot belang is;
besluit
-
als standpunt van de deelraad van Prins Alexander vast te leggen:
-
dat de deelgemeente een belangrijke politieke bestuurslaag is die gehandhaafd moet worden;
-
dat de opvatting uit het stedelijke verkiezingsprogramma van LeefbaarRotterdam dat deelgemeenten omgevormd moeten worden tot servicecentra afgewezen wordt;
-
-
het dagelijks bestuur op te dragen in de bestuursperiode van 2010-2014 geen ander standpunt dan het hierboven onder 1 vastgelegde standpunt binnen en/of buiten de deelraad uit te dragen;
en gaat over tot de orde van de dag.
De heer Noeverman vraagt om een hoofdelijke stemming over de motie. Tot slot noemt spreker het jammer dat de coalitie niet heeft gereageerd op zijn opmerkingen over de winkeltijden.
Tweede termijn coalitie
De voorzitter concludeert dat de coalitie geen gebruik wenst te maken van haar tweede termijn. Spreker schorst de vergadering voor de duur van tien minuten.
Schorsing
De voorzitter heropent de vergadering.
De heer Noeverman geeft aan zijn motie te willen splitsen in twee moties. Motie 1A is de oude motie, maar dan zonder het 2e beslispunt. Motie 1B is geheel gelijk aan de oude motie.
De heer Eimers verzoekt uit het eerste beslispunt onder b de verwijzing naar LeefbaarRotterdam te verwijderen.
De heer Noeverman zegt de verwijzing te willen handhaven. Hier gaat juist de discussie over.
Stemming
De voorzitter brengt motie 2010-1A (alleen beslispunt 1) in stemming.
Voor: de leden Brevoort, Van den Ham, Hoff, Kooijman, Krul, Van Lottum, Mohanlal, Noeverman, Pieterse, Salhi en Schuurman
Tegen: de leden Van Brenkelen, Van Binsbergen, Denneman, Eimers, Feenstra-Bruins, Van Gerdingen, Groos, Van Houten, Van Meerendonk, Van Noordt Wieringa, Van Schaik, Smelt, Spuij en Vredeveld
De voorzitter concludeert dat de motie met 11 stemmen voor en 14 stemmen tegen is verworpen.
De voorzitter brengt motie 2010-1B (beslispunten 1 en 2) in stemming.
Voor: PvdA, CDA, GroenLinks, ChristenUnie/SGP
Tegen: LeefbaarRotterdam, VVD, D66
De voorzitter concludeert dat de motie met 11 stemmen voor en 14 stemmen tegen is verworpen.
-
Voorstel van LeefbaarRotterdam, VVD en D66 tot het benoemen van het dagelijks bestuur, inclusief de voorzitter van de deelraad en het dagelijks bestuur
Stemming
De voorzitter brengt het voorstel voor de portefeuilleverdeling in stemming en concludeert dat dit voorstel unaniem wordt aangenomen. Spreker brengt vervolgens het voorstel ten aanzien van de individuele portefeuillehouders in stemming.
De heer Van Lottum laat als voorzitter van de stemcommissie weten dat de uitslag van de stemming als volgt is:
De heer Van der Hilst: 18 stemmen voor, 7 stemmen tegen.
De heer Meijer: 16 stemmen voor, 9 stemmen tegen.
De heer Koedijk: 18 stemmen voor, 7 stemmen tegen.
Mevrouw Rojer: 19 stemmen voor, 6 tegen.
De voorzitter concludeert dat het voorstel is aangenomen.
-
Onderzoek benoembaarheid van de te installeren leden van het dagelijks bestuur
De heer Van Lottum laat weten niets te hebben aangetroffen dat de benoembaarheid van de heren Van der Hilst, Meijer en Koedijk in de weg zou kunnen staan. Ten aanzien van mevrouw Rojer is uit de stukken niet gebleken dat zij haar huidige werkzaamheden stopt.
De voorzitter vraagt mevrouw Rojer om toelichting.
Mevrouw Rojer laat weten per gisteren te zijn gestopt met de betreffende werkzaamheden. Wel zal spreekster de komende drie maanden nog betrokken blijven bij de afronding van een aantal werkzaamheden.
De heer Van Lottum concludeert hieruit dat ook mevrouw Rojer benoembaar is.
-
Installatie leden van het dagelijks bestuur
De heer Van der Hilst legt de belofte af.
De heer Koedijk legt de eed af.
De heer Meijer en mevrouw Rojer leggen de belofte af.
De heer Krul richt zich in een kort woord tot het nieuwe dagelijks bestuur en wenst het succes toe. Spreker draagt de leiding van de vergadering over aan de heer Van der Hilst, door hem de vergaderhamer te overhandigen.
De heer Van der Hilst richt zich in een kort woord tot de deelraad. Er ligt veel werk te wachten. Bij dat werk moeten de belangen van de bewoners steeds vooropstaan. De deelraad en het dagelijks bestuur moeten erop gericht zijn elkaars positie en functioneren te versterken, om zo gezamenlijk bij te dragen aan het verbeteren van de kwaliteit van het bestuur. Sprekers advies is: werk met elkaar, niet tegen elkaar. Het is aan spreker, als voorzitter van de deelraad, om dit mogelijk te maken. Spreker schorst de vergadering voor de duur van tien minuten.
Schorsing
De voorzitter heropent de vergadering.
-
Instelling commissies Buitenruimte, Welzijn en Algemene Zaken en Onderzoek Jaarrekening en aanpassing van het Reglement van orde voor de vergaderingen van de raadscommissies van de deelgemeente Prins Alexander 2007
Stemming
De voorzitter concludeert dat het instellingsbesluit en de aanpassing van het reglement ongewijzigd worden goedgekeurd en vastgesteld. Spreker brengt de benoeming van de leden in stemming. Spreker schorst de vergadering om het stembureau in de gelegenheid te stellen haar werkzaamheden te verrichten
Schorsing
De voorzitter heropent de vergadering.
De heer Van Lottum laat als voorzitter van de stemcommissie weten dat de uitslag van de stemming over de commissieleden als volgt is:
Commissie Onderzoek Jaarrekening
De heer Van Binsbergen: 22 stemmen voor, 2 stemmen tegen en 1 stem ongeldig.
De heer Denneman: 22 stemmen voor, 2 stemmen tegen en 1 stem ongeldig.
De heer Eimers: 21 stemmen voor, 3 stemmen tegen en 1 stem ongeldig.
De heer Van den Ham: 22 stemmen voor, 2 stemmen tegen en 1 stem ongeldig.
De heer Van Lottum: 23 stemmen voor, 1 stem tegen en 1 stem ongeldig.
De heer Noeverman: 21 stemmen voor, 3 stemmen tegen en 1 stem ongeldig.
De heer Pieterse: 22 stemmen voor, 2 stemmen tegen en 1 stem ongeldig.
Commissie Buitenruimte
Mevrouw Feenstra-Bruins: 22 stemmen voor, 2 stemmen tegen en 1 stem ongeldig.
Mevrouw Schuurman: 22 stemmen voor, 2 stemmen tegen en 1 stem ongeldig.
De heer Van Binsbergen: 22 stemmen voor, 2 stemmen tegen en 1 stem ongeldig.
De heer Van Brenkelen: 22 stemmen voor, 2 stemmen tegen en 1 stem ongeldig.
De heer Denneman: 22 stemmen voor, 2 stemmen tegen en 1 stem ongeldig.
De heer Eimers: 22 stemmen voor, 2 stemmen tegen en 1 stem ongeldig.
De heer Hoff: 21 stemmen voor, 3 stemmen tegen en 1 stem ongeldig.
De heer Kooijman: 20 stemmen voor, 4 stemmen tegen en 1 stem ongeldig.
De heer Krul: 21 stemmen voor en 3 stemmen tegen.
De heer Van Lottum: 22 stemmen voor, 2 stemmen tegen en 1 stem ongeldig.
De heer Noeverman: 22 stemmen voor, 2 stemmen tegen en 1 stem ongeldig.
De heer Spuij: 22 stemmen voor, 2 stemmen tegen en 1 stem ongeldig.
Commissie Welzijn en Algemene Zaken
Mevrouw Brevoort: 21 stemmen voor, 3 stemmen tegen en 1 stem ongeldig.
Mevrouw Feenstra-Bruins: 22 stemmen voor, 2 stemmen tegen en 1 stem ongeldig.
Mevrouw Mohanlal: 24 stemmen voor en 1 stem ongeldig.
Mevrouw Van Noordt Wieringa: 22 stemmen voor, 2 stemmen tegen en 1 stem ongeldig.
Mevrouw Smelt: 22 stemmen voor, 2 stemmen tegen en 1 stem ongeldig.
Mevrouw Vredeveld: 22 stemmen voor, 2 stemmen tegen en 1 stem ongeldig.
De heer Van den Ham: 22 stemmen voor, 2 stemmen tegen en 1 stem ongeldig.
De heer Van Meerendonk: 22 stemmen voor, 2 stemmen tegen en 1 stem ongeldig.
De heer Noeverman: 22 stemmen voor, 2 stemmen tegen en 1 stem ongeldig.
De heer Pieterse: 22 stemmen voor, 2 stemmen tegen en 1 stem ongeldig.
De heer Salhi: 21 stemmen voor, 3 stemmen tegen en 1 stem ongeldig.
De heer Van Schaik: 22 stemmen voor, 2 stemmen tegen en 1 stem ongeldig.
De voorzitter stelt vast dat voornoemde personen zijn benoemd tot leden van de desbetreffende commissies.
De heer Van Lottum laat als voorzitter van de stemcommissie weten dat de uitslag van de stemming over de (plaatsvervangende) voorzitters als volgt is:
Commissie Onderzoek Jaarrekening
Voorzitter, de heer Van Schaik: 21 stemmen voor en 4 stemmen tegen.
Plaatsvervangend voorzitter, de heer Van Lottum: 24 stemmen voor en 1 stem ongeldig.
Commissie Buitenruimte
Voorzitter, de heer Groos: 18 stemmen voor en 7 stemmen tegen.
Plaatsvervangend voorzitter, mevrouw Van Noordt Wieringa: 21 stemmen voor en 4 stemmen tegen.
Commissie Welzijn en Algemene Zaken
Voorzitter, de heer Hoff: 20 stemmen voor, 4 stemmen tegen, 1 stem ongeldig.
Plaatsvervangend voorzitter, mevrouw Mohanlal: 23 stemmen voor en 2 stemmen tegen.
De voorzitter stelt vast dat voornoemde personen zijn benoemd tot (plaatsvervangend) voorzitters van de desbetreffende commissies.
De voorzitter stelt vast dat iedereen zijn benoeming aanvaart.
11a. Benoeming vice-voorzitter van de deelraad
Stemming
De voorzitter schorst de vergadering om het stembureau in de gelegenheid te stellen haar werkzaamheden te verrichten
Schorsing
De voorzitter heropent de vergadering.
De heer Van Lottum laat als voorzitter van de stemcommissie weten dat de uitslag van de stemming als volgt is:
De heer Van Schaik: 21 stemmen voor, 3 stemmen tegen, 1 stem ongeldig.
De voorzitter stelt vast dat de heer Van Schaik is benoemd tot vice-voorzitter van de deelraad en dat hij zijn benoeming aanvaardt. Spreker ontbindt de commissie tot onderzoek van de geloofsbrieven en het stembureau.
-
Mededelingen en rondvraag
De voorzitter concludeert dat geen van de leden het woord vraagt.
-
Vragenhalfuur raadsleden
De voorzitter concludeert dat geen van de leden het woord vraagt.
-
Vaststelling van de verslagen van de vergaderingen van 1 februari, 8 en 11 maart 2010
De voorzitter concludeert dat de verslagen ongewijzigd worden goedgekeurd en vastgesteld.
-
Lijst van ingekomen stukken
De heer Van den Ham verzoekt de stukken genoemd onder 6 en 9 te behandelen in de betreffende commissies.
De voorzitter concludeert dat dit verzoek wordt ingewilligd.
Mevrouw Mohanlal vraagt ten aanzien van de stukken 1 en 29 waarom het ene stuk wel en het andere stuk niet in de raad wordt behandeld.
De heer Weststrate antwoordt dat het stuk dat in de raad wordt behandeld een begrotingswijziging betreft.
Mevrouw Mohanlal vraagt verder naar de samenhang tussen de stukken 11 en 28.
De heer Weststrate antwoordt dat stuk 28 een correctie betreft op stuk 11.
-
Sluiting
De voorzitter bedankt iedereen voor zijn of haar inbreng en sluit de vergadering om 23.00 uur.
